logo natuurtuin

Onderzoeksnieuws

Januari 2022

logo natuurtuin

NATUURJAAR 2022-04, Winter in Natuurtuin De Robbert

Vandaag: In de Wintermaand, voorjaar in de tuin, Het Vogeljaar; de Boomkruiper en Identificatie, Kaartmot in de Natuurtuin, Wintervlinders Natuurtuin 2021, Tuintelling Thuisvogels en Winterwatch 2022

Zaterdag (2022-01-22), Vanmorgen als ik de gordijnen opzijschuif voor de openslaande deuren zie ik het paartje Merels weer. Zoekend en rondhangend al enkele dagen -achter elkaar aan- in de Klimop. De voorjaars balts lijk al opgang gekomen tussen die twee. Even later … in de Natuurtuin zie ik een ander Merel koppel met hetzelfde gedrag. Deze morgen start ik met de Vogeltelling, de 1e -als ik net de wijk in rij- vanaf de rand van de bebouwing tot aan de Natuurtuin. Dan loop ik de Natuurtuin in en zie Stan al bezig met de egaliseren van de paden.

Bruine kikker Rana temporaria foto Will van Berkel
Bruine kikker Rana temporaria foto Will van Berkel

Als ik de fiets wegzet achter de werkschuur is Stan bezig met het gereedschap. Vandaag nog enkele oude dode bomen vellen dit i.v.m. valgevaar de veiligheid verbeteren en inval zonlicht verbeteren. Onderwijl dat ik de 2e telling in de tuin uitvoer hoor ik een Roodborstje zachtjes zingen en een Pimpelmees die ook in het boompje is gaan zitten doet volop mee. Pak mijn mobieltje en neem de zang op. Net als ik opname wil stoppen, hoor ik opeens vanuit het niets, het geraas van de elektrische zaag en valt er een omgezaagde dode boom met razend geluid neer. Geschrokken vliegen de twee solisten weg en is vroege morgen zang gestopt en mijn opname gedwongen ook. Even verderop bij de grote natuurlijke poel hoor ik een zacht zwaar brommend geluid. Vraag nog bevestigend aan de vroege tuinbezoeker of hij het ook gehoord heeft, en knikt bevestigend, …. ja! De eerste vroege voorjaarsgeluiden geproduceerd door verschillende dieren in de tuin -zijn door oplettende bezoekers- onder gunstige weersomstandigheden en rust in de tuin te horen.

De boomkruiper. Certhia brachydactyla
De boomkruiper. Certhia brachydactyla

Het vogeljaar

Het vogeljaar (1904) is een van zijn eerste vogelboeken. Dr. Jac P. Thijsse schreef over de Nederlandsche vogels: in hun leven geschetst. Deze week:

De Boomkruiper Dr. Jac P. Thijsse in het Vogeljaar (‘bruine vogeltjes derde verhaal’)

"De boomkruiper is het muisachtige vogeltje, dat ge 's winters in de stad wel tegen de boomstammen ziet oploopen. Het is een van de allergewoonste diertjes, maar doordat zijn rug, vleugels en staart vlekkig bruingrijs met een beetje in 't rosse geteekend zijn, merkt ge hem niet zoo spoedig op.

Indien ge u evenwel aanwent, op de vogelgeluiden te letten, dan zult ge eens zien, hoe ontzettend veel van deze diertjes in stad en park, langs weg en bosch rondsluipen over de boomen. Evenals de meezen zijn ze gewoon, hardop te denken over 't werk en als de boomzuiveringszaak maar een beetje meevalt, proclameeren zij dat dadelijk met een luid en krachtig ‘siet, siet’ (1/1), veel luider en veel langzamer en beslister dan de meezenroep.

Hoort ge dat geluid, kijk dan maar naar de boomstammen in de buurt en ge ziet het bruine schimmetje meestal schroefsgewijs de hoogte in gaan. Van tijd tot tijd houdt hij even stil, morrelt met het lange, kromme, spitse, dunne snaveltje in een schorsspleet, haalt er wat uit, roept ‘siet, siet’ en gaat dan weer verder. Uit een boom in de buurt klinkt dezelfde kreet, ja soms is een troepje van een half dozijn of meer nog aan het werk.

Nu stel ik u een moeilijke taak, want nu moet ge te weten zien te komen, hoe die boomkruipers aan de buikzijde gekleurd zijn en hoe hun pooten en staart eruitzien. In vroeger tijd nam je daarvoor een buks of een blaasroer of een catapult, je schoot het vogeltje dood en dan kon je alles op je gemak bekijken. Tegenwoordig kan daar niets van inkomen en ik vind het ook niet prettig, om de bestoven en verkleurde opgezette beesten in een museum te raadplegen. Dus hier goed opgelet. Geprofiteerd van het winterzonnetje, stilgestaan, gewacht tot er een dichtbij komt en lukt het vandaag niet, dan lukt het toch morgen. Het is de moeite waard, om te zien, hoe rein atlaswit de veertjes aan de keel van dit vogeltje zijn, hoe precies de puntige staartveeren gelijken op die van de specht en hoe 't dier zich voortwerkt met zijn krachtige teenen, waarvan de éene, achterwaarts gericht, zoo'n flinke scherpe klauw draagt. Dit laatste zie je niet zoo gemakkelijk.

Boomkruipernestkast
Boomkruipernestkast

In Engeland schijnen de boomkruipertjes niet te zingen, maar bij ons hebben ze een alleraardigst liedje, dat ik van Februari tot Juli en ook weer in September en October met het grootste genoegen hoor. Het is een korte, in elkaar gedraaide, zeer heldere strophe, die tamelijk goed weergegeven wordt door de lettergrepen siet-siet, tierelierelier. Het tierelierelier duurt evenlang als het siet-siet en glijdt een kwint op en af. Het zijn rare muziektermen, die ik hier gebruik, maar ik geloof toch wel, dat ge het wijsje er door herkennen kunt en als ge het eenmaal met zekerheid gehoord hebt, dan moogt gij mij gaarne een betere beschrijving leveren. Ik heb er eerst over gedacht, om het wijsje af te beelden door twee rechte streepjes en een spiraaltje en als we allemaal alle vogelwijsjes kennen, dan zouden we wel eens kunnen probeeren ze door een soort van stenographisch figuurschrift af te beelden.

Nesten uithalen mag ook niet meer, maar nesten zoeken wel. Dat van den boomkruiper vindt ge in holten; 't is een groot nest, een opeenhooping van takjes en rommel, maar van binnen heel fijn en zacht bekleed. De eieren lijken verbazend veel op die van meezen. Ook deze boomkruiper begint gebrek te krijgen, aan behoorlijke holten, om er zijn nest te maken, nu zooveel oude bosschen vallen en men overal zieke en holle boomen tijdig opruimt. Gelukkig heeft hij nu hier en daar ontdekt, wat de musschen en spreeuwen al sedert lang weten, n.l. dat een vogel onder de dakpannen veilig kan huizen. In nestkastjes heb ik hem nog niet gehad. Dat hij 's winters graag rondzwerft in gezelschap van meezen en boomklevers is alom bekent.

BoomKruipers ID Frank Neijts

Boomkruipers

Door Frank Neijts : Boomkruiper en Kortsnavelboomkruiper

Aan de hand van de foto's van Boomkruiper (CB) en Kortsnavelboomkruiper (CFM) zal ik proberen in 10 punten de belangrijkste kenmerken te bespreken.

Klik op de link:

https://www.vogelsindekempen.nl/Identificatie/Kenmerken/Boomkruipers.htm

Orchesella villosa
Orchesella villosa

Winter, kaartmot in de natuurtuin

Deze morgen na de vogeltelling nog even opzoek naar insecten in de takkenrillen. Bij de eerste track is het al raak, twee soorten Kaartmotten vind ik: de Roodvlekkaartmot Agonopterix ocellana (Fabricius, 1775) en Bleke kaartmot Agonopterix arenella (Denis & Schiffermüller, 1775) Ook vind ik tijdens dezelfde zoekactie in de ‘witte bak’ een:

Orchesella villosa: (Linnaeus, 1767) is een springstaartensoort uit de familie van de Entomobryidae. De wetenschappelijke naam van de soort is voor het eerst geldig gepubliceerd in 1762 door Geoffroy.

Springstaarten (Collembola) zijn piepkleine beestjes van 0,2 tot 6 mm, met zes poten, maar het zijn geen insecten. De monddelen van springstaarten zijn namelijk verzonken in hun kop, en bij insecten bevinden die zich búiten de kop. Zulke details zijn met het blote oog niet te zien. Maar wie ze van dichtbij bekijkt met bijvoorbeeld een loep, wordt verrast: het zijn variërende bontgekleurde diertjes.

Springstaarten maken deel uit van de fauna die bladafval helpt verwerken tot compost.

Wintervlinders in de natuurtuin 2021

In de Natuurtuin komen we ook regelmatig Nachtvlindersoorten tegen. Soms zien we overdag een opgeschrikte vlinder, maar meestal zijn het de rupsen die we vinden tijdens speuracties naar andere insecten. Afgelopen week is de jaarlijst Nachtvlinders 2021 samengesteld van waarnemingen uitsluiten gezien in de tuin, de soortenteller staat nu op 34 soorten.

In Nederland en België komen dertien nachtvlindersoorten voor waarvan de vrouwtjes sterk gereduceerde vleugels hebben. Deze vrouwtjes steken alle energie in de voortplanting in plaats van vliegen. Hierdoor zijn de vleugels sterk gereduceerd.

Grote wintervlinder Erannis defoliaria
Grote wintervlinder Erannis defoliaria
Grote winterlinder - vrouw
Grote winterlinder - vrouw
Perentak Phigalia pilosaria
Perentak Phigalia pilosaria
Perentak - vrouw
Perentak - vrouw

De wintervlinder is een van de weinige nachtvlinders die bestand is tegen de lage temperaturen van de winter en als volwassen nachtvlinder te zien is van oktober tot januari. De mannetjes en vrouwtjes zien er echter heel anders uit, want in tegenstelling tot het mannetje kunnen de vrouwtjes van de soort niet vliegen, omdat ze alleen stompe vleugels hebben. Om dan een partner aan te trekken, moet het vrouwtje in een boom kruipen, in plaats van vliegen. Ze geven dan feromonen af die de mannetjes naar zich toe trekken.

Weblink: Nachtvlinder vrouwtjes, herkenning vleugelloze nachtvlindervrouwtjes

https://assets.vlinderstichting.nl/docs/4bea7a9b-916d-4295-87fd-8a03343c9543.pdf

poster tuinvogeltelling

Tuinvogeltelling 2022

Nog 4 dagen - een heel weekend lang- de Tuinvogeltelling. Op 28, 29 & 30 januari is het weer zover: de Tuinvogeltelling! Vogelbescherming Nederland en Sovon roepen iedereen op in Nederland om gedurende een half uur alle vogels in de tuin te noteren en door te geven.

Klik op de weblink voor alle info: https://www.vogelbescherming.nl/tuinvogeltelling

cover Thuisvogels
cover Thuisvogels

Thuisvogels

Nog net op de valreep voor de Tuinvogeltelling 2022 is een Boek uitgebracht verhalen over tuinvogels Thuisvogels, 50 verhalen over vogels kijken vanuit huis

Auteur(s): Gerard Ouweneel; met illustraties van Elwin van der Kolk

2022, ISBN: 9789050118484 (Paperback) € 19,95

Samenvatting; Smeuïge verhalen en vermakelijke anekdotes over vogels kijken vanuit (t)huis - Als gevolg van de coronaperikelen veranderde het bestaan van veel landgenoten drastisch. Menigeen ging thuis werken en uitjes in binnen- en buitenland kwamen te vervallen. Hierdoor groeide de belangstelling voor de natuur rond het huis, en in het bijzonder voor tuinvogels en hun gedrag.

Voor deze verhalenbundel ging Gerard Ouweneel het land rond en sprak hij met tuineigenaars over de belevenissen met hun vogels. Ook enkele tuinen in het buitenland komen aan bod, tot een paradijsvogeltuin in Papua toe.

Gerard Ouweneel neemt ons mee naar plekken in binnen- en buitenland waar vanuit huis van vogels valt te genieten, hij gaat letterlijk van balkons tot landgoederen, waar hij sprak met de eigenaars over hun belevenissen met vogels.

De verhalen van zijn collega-tuinbezitters zijn kostelijk. Zoals van AyMei Oei uit hartje Amsterdam die door corona thuis kwam te werken en vanachter haar laptop kijkend geboeid raakte door de vogelactiviteiten op haar balkon. Of de ervaringen van Bram Rijksen die zijn rijtjeshuis inwisselde voor een appartement en op het dak een trektelpost inrichtte waar vanuit hij bijzondere vogelsoorten ziet passeren.

Thuisvogels’ is een feest der herkenning voor liefhebbers van tuinvogels en vogels kijken. Fraai geïllustreerd door Elwin van der Kolk.

BBC Two WinterWatch 2022
BBC Two WinterWatch 2022

Winterwatch

Winterwatch 2022 het Jaarlijkse BBC TV-Natuurprogramma tijdens het Winterseizoen. Nog een week te zien op BBC TWO Dinsdag 25 jan t/m 28 jan. 21.00u – 22.00u. Klik voor meer info op de onderstaande link:

https://www.bbc.co.uk/programmes/p012msk2/episodes/guide

https://www.bbc.co.uk/programmes/articles/3xVYVWXqHRFRpLMlh5M3wDc/winter-watchlist-2022

Kom ook eens op zaterdagmorgen naar de Natuurtuin -dan kunnen we samen opzoek naar natuurfenomenen in de Natuurtuin.

Tot volgende week, we zitten midden in het WINTER seizoen van het Nieuwejaar 2022, dan gaan we ook weer opzoek naar:

Nieuwe ‘natuurontdekkingen’ in de Natuurtuin ‘De Robbert’.

Met ‘gevederde’ groet, Will van Berkel.

NATUURJAAR 2022-03, Winter in Natuurtuin De Robbert

Vandaag: Wintermaand in de tuin, Jaaroverzichten 2021 Vogeltelling, Natuurtuin wandeling observatie, Volg de Merel, Het vogeljaar (boek) Winterkoning, Tuinvogeltelling 2022 en Nieuwe Wantsensoorten 2022.

Zaterdag (2022-01-15), Vanmorgen de eerste vogel die ik zie in de schemer zie is de Merel. Zoekend op zijn vaste voederplek naar voedsel. Het is de ‘Vogel van het Jaar -die in de schijnwerpers staat voor een heel jaar- volg zijn activiteiten in je tuin. Op een meter afstand schuifelt op de grond het Heggenmusje, het kleine ‘bruine’ vogeltje van vorige week.

Het jaaroverzichten Vogels 2021, soortentellen in de Bundertjes- staat op de website. Tevens is er overall lijst van vogelsoorten die zijn waargenomen in het totale Natuurgebied de Bundertjes vanaf 1974 t/m 2021 aan toegevoegd. Ook een beschrijving van het landschap -Beeklandschap met diverse biotopen- en daardoor de leefgebieden van vele vogelsoorten door de jaren heen.

Klik op de link: https://www.derobbert.nl/vogelonderzoek-2021/

poster vogeltelling
Merel_badderend_rick van der Kraats

Natuurtuinwandeling observatie,

Vanmorgen mist in de Natuurtuin met temperatuurwaarden van + 5 C, normaal zoals ze nu zijn en beter bij het huidige winterseizoen passen. Er is bijna een gehele stilte in het gebied, een vogelzang stilte? Op de achtergrond op afstand enkel kort het geluid van enkele Kauwen. Op korte afstand een triller van de Pimpelmees en vlakbij het fietspompje geluid van …. de Koolmees. Het voorjaar geluid bij uitstek dat je over een maand regelmatiger hoort. Onlangs een opleving door de hoge temperatuur zag je aan het gedrag van de twee Mezensoorten al de broeddrang. Paren die samen kijken in de nestkasten, onderzoeken of de woonruimte voldoende is en de plek geschikt en veilig is. Ook de Merels zitten in de Natuurtuin zag er vanmorgen twee.

Volg de Merel, in het Jaar van de Merel.

Dit jaar; onderzoek naar mogelijke redenen voor de afname

We willen graag weten waar deze forse afname door komt. We vermoeden dat het usutu-virus veel slachtoffers heeft gemaakt. Is dat inderdaad zo en maakt het virus nog steeds slachtoffers? Of brengen merels ook minder jongen groot? En zijn er verschillen tussen de aantallen merels binnen en buiten het stedelijke gebied? Hoe algemeen deze soort ook is, we blijken heel veel dingen nog niet te weten. Daarom duiken we in het Jaar van de Merel dieper in de aantalsontwikkeling en het broedsucces van de soort.

Het vogeljaar.

 Het vogeljaar (1904) is een van zijn eerste vogelboeken. Dr. Jac P. Thijsse schreef over de Nederlandsche vogels: in hun leven geschetst. Ook een omschrijving van het begin van een nieuwjaar is te terug te lezen, dat begint zo:

Het Vogeljaar begint, zooals het behoort, in Januari met de nieuwjaarsvisite, die de Roeken brengen aan hun oude broedplaatsen, een bezoek, dat ze bij niet al te guur weer dag aan dag herhalen en voortdurend rekken.

Wel is de winter nog lang niet voorbij, maar het voorjaar zit toch al in de lucht, tegelijk met het lengen der dagen. Het is al niet meer met zekerheid uit te maken, of de troep kramsvogels, die zich te goed doen aan de nog overgebleven meidoornbessen, zich bevinden op de heenreis naar het winterkwartier of op den terugtocht naar de broedplaatsen.

Onder de meeuwen zijn er al verscheidene met een zwarten keelband en als de temperatuur het toelaat, dan vertoeven ze al meer in de weilanden dan in de stad. Uren kunnen ze stil zitten in het groene gras; bij tijd en wijle uiten ze hun welbehagen door hoog in de lucht stil door elkander te zwieren, precies hetzelfde zullen over eenige weken de zwarte roeken ook gaan doen.

De musschen houden soms heele dagen lang vergadering, nu eens in een dakgoot, dan weer in een vlier, in een stoffig, smerig, maar zonnig hoekje aan een slootkant en tegen den avond in enorme troepen in van ouds daarvoor gebruikte iepen en peppels.

soortenfiche-winterkoning
soortenfiche-winterkoning

Herken de winterkoning (Troglodytes troglodytes)

Onze winterkoning heeft een heleboel verre neven en nichten in Amerika, maar is de enige ‘winterkoningsoort’ die in Europa leeft. Eén ding hebben bijna alle leden van de familie met elkaar gemeen: een guitige wipstaart. Het vogeltje begeeft zich meestal laag boven de grond in dicht struikgewas.

Zo herken je de winterkoning uit de duizend: opvallend klapperende vleugels tijdens het vliegen (klinkt als ‘gezoem’) Onze winterkoning heeft een heleboel verre neven en nichten in Amerika, maar is de enige ‘winterkoningsoort’ die in Europa leeft. Eén ding hebben bijna alle leden van de familie met elkaar gemeen: een guitige wipstaart. Het vogeltje begeeft zich meestal laag boven de grond in dicht struikgewas. Zo herken je de winterkoning uit de duizend:

  • ongeveer 10 cm lang (kleiner dan een mus)
  • bruin camouflagepatroon met beige wenkbrauwstreep
  • spitse bek en fijne pootjes
  • korte staart die vaak op en neer wipt, wat een nerveuze indruk geeft
  • luide stem met herkenbaar lied dat eindigt in een indrukwekkende ‘triller’
  • opvallend klapperende vleugels tijdens het vliegen (klinkt als ‘gezoem’)

Ga staan bij een hoop takkenbossen, een dichte haag of wat elzenstronken aan een waterkant. Hoort ge dan na een halve minuut geen uitdagend geroep van: ‘Tèrrrt, tèrrrt’, dan zit daar geen winterkoninkje in de buurt en dan moet ge maar een ander dergelijk plekje opzoeken.

Maar in negen gevallen van de tien hoort ge het geluid wel en ziet ge het parmantige vogeltje te voorschijn komen. Het neemt u eens goed op, scheldt u nog eens uit, duikelt en sluipt over en door zijn takkenbos en gaat dan ook wel op een hoog plekje zitten om een frisch liedje voor u te zingen.

De Winterkoning

Dr. Jac P. Thijsse in het Vogeljaar (‘bruine vogeltje. tweede verhaal’)

Weken achtereen kunt ge hem op dezelfde plaats weervinden en altijd even wakker en monter, nieuwsgierig en zanglustig. Als hij over den grond tusschen de dorre bladeren rondscharrelt, lijkt hij met zijn rossig bruine veertjes zelf wel een blad en zoo hij zichzelf niet altijd aankondigde, zoudt gij den kleinen sluiper in de schemering bijna nooit te zien krijgen. Maar door zijn aanstellerigheid en bovenal door zijn heerlijk gezang is hij de meest bekende der kleine wintervogeltjes geworden.

Hij heeft het altijd druk, niet alleen met zingen of voedsel zoeken, maar ook met bouwstoffen verzamelen en nesten maken, want dat doet hij evenals de musschen ook al midden in den winter, deels uit pure liefhebberij, deels om zich een warme schuilplaats voor den nacht te verzekeren.

In April bouwt hij zijn echte nest, het nest voor de eieren, een groote kogel met een kleine holte er in; meestal in een kuil, in een slootberm of onder een bruggetje, in een hollen boom, een dichte heg of in een hoop takkenrommel. Het is nog al makkelijk te ontdekken, vooral door de luidruchtigheid van het mannetje, dat in dien tijd om zoo te zeggen bandeloos vroolijk is en zingt, dat het davert.

Iedereen verbaast zich erover, dat zoo'n klein dier zoo luid, zoo zuiver en zoo lang kan zingen. Soms is hij zoo blij, dat hij er puur bij staat te dansen, zijn staartje loodrecht in de hoogte, en zeer dikwijls ook zingt hij al vliegende en ik verzeker u, dat het een aardig gezicht is, zoo'n donzig balletje muziek door de lncht te zien zweven. Het lied bestaat bijna geheel uit trillers en is daardoor en door zijn overmoedig karakter gemakkelijk van anderen vogelzang te onderscheiden.

In tegenstelling met andere wintervogels leeft hij 's winters niet in gezelschappen, maar elke winterkoning of elk winterkoningpaar [blijft binnen een bepaald gebied. Dat doen niet alleen zij, die ook 's zomers hier blijven en hier broeden, maar ook de vreempjes, die in October en November uit het Oosten tot ons komen. Deze hebben al gauw ieder hun eigen boschje of erf, waar zij den heelen winter door te vinden zijn, maar in 't voorjaar trekken zij weer weg. Let er maar eens op, hoeveel meer van deze vogels 's winters dan 's zomers in ons land zijn en dat geldt ook voor meezen en boomkruipers en klevers.

Het lijkt wel, of die wintervogeltjes in 't geheel niet bang voor de menschen zijn. Wij hebben 't wel gehad, dat zoo'n klein Jantje in onze schuur kwam overnachten. Ook met hun nesten zijn ze niet erg geheimzinnig en ze kunnen er ook wel tegen, dat men, als er jongen in zijn, er het een of ander aan verandert, wat wel eens noodig kan zijn, als het gebouwd is aan huizen of in schuren.

Een winterkoningenfamilie, pas na 't uitvliegen rondgeleid door de ouders, is een van de alleraardigste dingen, die je in Mei of Juni te zien kunt krijgen. Ze blijven binnen een vrij beperkt gebied en zoo kun je dan dag aan dag zien, hoe de familie het maakt. Maar al te dikwijls lijkt dat op de historie van de tien kleine negertjes en in plaats van den luidruchtigen zang of 't uitdagend ‘tèrrrt, tèrrrt’ hoort men in deze dagen onophoudelijk de alarmkreet: ‘tèk, tèk, tèk’, waardoor de jongen gewaarschuwd worden voor de aanwezigheid van kat, kraai of gaai.

Volgende week: de Boomkruiper (‘bruine vogeltjes. derde verhaal’)

poster Tuinvogeltelling
poster Tuinvogeltelling

tuinvogeltelling

Nog 12 dagen - een heel weekend lang- de Tuinvogeltelling. Op 28, 29 & 30 januari is het weer zover: de Tuinvogeltelling! Vogelbescherming Nederland en Sovon roepen iedereen op in Nederland om gedurende een half uur alle vogels in de tuin te noteren en door te geven.

Klik op de weblink voor alle info: https://www.vogelbescherming.nl/tuinvogeltelling

Nieuwe wantsen ontdekt in Nederland

Het onderzoek naar wantsen staat op dit moment -mede door de Winterse weers omstandigheden- op een laag pitje. Er komt wel informatie binnen over nieuwe wantsen die een tijdje geleden zijn ontdekt en vast gelegd met fotobeelden en soortenlijsten zijn bijgewerkt. Door wantsenwaarnemingen bij waarnemingen.nl in te voeren worden ook nieuwe soorten ‘ontdekt’. Dit jaar worden zes nieuwe soorten die nieuw zijn toegevoegd – te lezen in de laatste uitgave Nederlandse wantsen XI- bijdrage aan de faunistiek van de Nederlandse wantsen.

Het aantal in 2020 bedroeg 661 soorten op de lijst van Nederlandse wantsen is hiermee gestegen tot 668. Van 41 soorten zijn sinds het gereedkomen van de zesde verspreidingsatlas (Aukema & Hermes 2021) een aantal nieuwe provinciewaarnemingen bekend geworden. Deze 59 waarnemingen worden hier beknopt opgesomd.

Wantsen leven specifiek op enkele plantensoorten, een ervan is een Wants die leeft op Christusdoorn (1) en een andere op Muizenoor (2):

Blepharidopterus Chorionis op Cristusdoorn
Blepharidopterus Chorionis op Cristusdoorn
Muizeenoor Gaaswants_ruud Middelkoop
Muizeenoor Gaaswants_ruud Middelkoop
Christusdoorn-spec. Gleditsia spec.
Christusdoorn-spec. Gleditsia spec.
Muizenoor_Hieracium-pilosella
Muizenoor_Hieracium-pilosella
Orthotylus junipericola
Orthotylus junipericola
Tuponia brevirostris
Kortsnuittamarisk-Tuponia brevirostris
Tamarisk spec.
Tamarisk spec.

Bovenstaande 2 wantsensoorten die werden geklopt van een Tamarisk-spec. in 2021 aug. Klik op de weblink;

https://www.naturetoday.com/intl/nl/nature-reports/message/?msg=28029

Waardboom van de Kortsnuitwants Tuponia brevirostris in Tamarisk-spec. Is een mediterrane soort die voorkomt in Europa, Noord-Afrika en het Midden-Oosten.

Kom ook eens op zaterdagmorgen naar de Natuurtuin -dan kunnen we samen

opzoek naar natuurfenomenen in de Natuurtuin.

Tot volgende week, we zitten midden in het WINTER seizoen van het Nieuwejaar 2022,

dan gaan we ook weer opzoek naar: Nieuwe ‘natuurontdekkingen’ in de Natuurtuin ‘De Robbert’.

Met ‘gevederde’ groet, Will van Berkel.

NATUURJAAR 2022-02, Winter in Natuurtuin De Robbert

Vandaag: Wintermaand in de tuin, Havik plukplaats, Jaaroverzichten 2021 Wantsen en Waterroofkevers geplaatst, Tuinvogeltelling 2022, Het heggemuschje Het vogeljaar (boek) en Plantenjacht 2022 telresutaten.

Zaterdag (2022-01-09), Vorige week nog zijn de hoogste buiten- temperaturen gemeten van alle winters ooit. Vanmorgen waren de temperatuur waarden normaal + 5 C, zoals ze nu zijn, beter bij het huidige winterseizoen passen.

Vanmorgen na achten -nog schemerig- fiets ik de woonwijk uit, richting de Natuurtuin. Hoor in de voortuinen enkele huismussen tjilpen, zo'n commuun clubje bij elkaar in een Klimopstruik en vuurdoorn. Gelukkig zie ik deze gezellige vogels sinds een klein jaar weer in een groter aantal. Ze zijn toch niet weg te denken uit een groene woonwijk. Even verder op, overkant van de kruising, een schim van een vogel, zwevend voorbijvliegend. Aan de vlucht zou je zeggen een Uil, maar welke? Zie het onduidelijke beeld van de vogel tussen de boomstammen door, vervagen.

plukplaats havik
plukplaats havik (Will van Berkel)

Plukplaats havik

Een kwartiertje later zet ik mijn fiets weg in de Natuurtuin. Loop Stan tegen het lijf, al druk bezig met de wekelijkse werkzaamheden, egaliseren van molshopen op het tuinpad. Terwijl we langs de rand van het Elzenbosje lopen zien we iets wits op de grond, een plukplaats. Een houtduif geslagen door een roofvogel, vermoed het werk van de Havik. Onlangs 's morgens tijdens een vogeltelronde nog gezien. Keurig uitgeselecteerd liggen de niet eetbare delen ver naar buiten van de corpus. Het bewijs dat vogels ook selectief kunnen zijn. Diersporen zijn overal te vinden waar vogels en zoogdieren leven. Ze laten altijd afdrukken, voedsel resten en pootafdrukken achter. Ook het ruien van hun verenkleed wijst door de kleur, grootte opbouw en vorm veer welke vogelsoort op die plek zijn geweest.

Jaaroverzichten 2021 Wantsen en Waterroofkevers online geplaatst op de Website

Deze week zijn de eerste insectensoortenresultaten gepost onder het tabblad 0nderzoeks- resultaten. Het jaarlijkse overzicht van welke soorten er dit jaar zijn waargenomen in de Natuurtuin. Komende week zal ook het Vogelsoortenoverzicht te vinden zijn onder dit tabblad.

Tuinvogeltelling! 2022

Binnenkort is de Tuinvogeltelling Op 28, 29 & 30 januari is het weer zover: de Tuinvogeltelling! Vogelbescherming Nederland en Sovon roepen iedereen op in Nederland om gedurende een half uur alle vogels in de tuin te noteren en door te geven.

Klik op de weblink voor alle info: https://www.vogelbescherming.nl/tuinvogeltelling

Heggenmus illusratie uit boek

Heggenmus

Vorige week in 01-NATUURJAAR een artikel over de ‘drie bruine vogeltjes’ deze week een verhaal uit Het vogeljaar (1904), Jac. P. Thijsse, Nederlandsche vogels in hun leven geschetst:

Het heggemuschje

Er is een vogeltje, dat ook in den winter zingt en wiens liedje zoowat het midden houdt tusschen dat van roodborst en winterkoning en ook wel herinnert aan 't boomkruipertje. Wie dat liedje voor 't eerst hoort, loopt lang te twijfelen, welke van de drie 't nu geweest is en als hij dan van de plek, waar 't liedje vandaan kwam een musch ziet wegvliegen, dan raakt hij heelemaal de kluts kwijt. Maar die musch was geen musch, al leek hij er nog zoo veel op. Het zangertje is in 't geheel niet schuw en zit een eindje verder alweer zijn zilveren, vlugge liedje te zingen en als we nu naderbij komen, zien we duidelijk het dunne fijne snaveltje, heel wat anders dan die dikke musschensnoet. Ook is 't gevlekte kopje blauwachtig grijs, het bruin van den rug is veel warmer van tint, dan bij de musch en 't dier heeft mooie bruinroode pootjes, meer rood dan bruin. Aan de bovenzijde van 't lichaam is nergens een wit plekje of streepje, noch aan den kop, noch aan de vleugels, wel zijn aan buik en de onderzijde van den staart witte partijtjes, maar die krijg je haast nooit te zien.

Deze vogel nu is het heggemuschje, ook wel bastaardnachtegaal genoemd, een diertje, dat zomer en winter bij ons wordt aangetroffen en op het platteland zich tegenover de menschen al even verdraagzaam houdt, als winterkoning of roodborst. 's Winters komt hij op de voederplaats, even goed als de musschen, ofschoon hij zich niet gaarne beweegt te midden van dat woelige, luidruchtige en onbeschofte gespuis. Daarom komt hij liever wat vroeger in den morgen of laat in den avond, want de musschen zelf zijn 's winters echte langslapers. Als ik op wintermorgens naar mijn trein stap, even na half acht, dan zijn er nog maar weinig musschen op de been, maar 't heggemuschje beweegt zich al vlijtig met vlugge kleine stapjes en sprongetjes op 't voederplekje, onophoudelijk in den grond pikkend; de allerkleinste hapjes zijn hem welkom. Tegelijk loopen ook de vinken mee als schimmetjes tusschen de beuken en de roodborst springt op uit 't pad, waar ik hem door zijn aardkleurigen rug niet had opgemerkt. Het heggemuschje heeft de gewoonte van onder het rondloopen telkens heel even en bliksemsnel zijn vleugeltjes uit te slaan. In Februari en Maart als ze gaan paren, dan vertoonen ze die beweging veel vaker en levendiger, daar komen ook danspasjes bij en dat kan er dan heel kluchtig uitzien. Met 't bouwen van hun nest zijn ze ook heel geheimzinnig en vlug. Twee jaar geleden hadden ze een nest gebouwd in een klimophekje vlak voor mijn studeerkamer op de drukste plek van het erf, drie meter van de voordeur af, vlak aan den tuiningang en slechts een meter boven den beganen grond. We merkten 't pas toen er al jongen waren en de ouden dus wel den heelen dag moesten af en aan vliegen om hun kroost te voeden. Dat was in 't begin van April, de vogeltjes waren dus voòr half Maart al aan 't bouwen van hun nestje begonnen. Geen wonder dus, dat ze een beschut plekje kiezen; heel graag bouwen ze in thuja's, cypressen, taxus, buksboompjes, dichte sparretjes en ook wel in houtmijten en dichte hagen. Het nest is mooi compact, met veel groen mos ingewerkt tusschen takjes en sprietjes; de binnenkant gevoerd met pluisjes, haar of veertjes. De eitjes zijn mooi blauw met een trekje in groenachtig.

boekcover Vogejaar door JP Thijsse

Het heggemuschje heeft behalve zijn aardig liedje nog een mooien luiden lokroep, een helder gefluit, meestal eenige keeren herhaald. Ik zou wel eens willen weten of in onze Oostelijke provinciën dit vogeltje in den winter even talrijk voorkomt als in den zomer. Langs den duinkant is hij ’s winters zeer algemeen, ik vermoed dat ze hier komen overwinteren.

Jac. P. Thijsse, Het vogeljaar, Dit boek, waarvan de eerste druk verscheen in 1903, kan beschouwd worden als het eerste populaire boek over inheemse vogels dat in de Nederlandse taal is verschenen. https://www.dbnl.org/tekst/thij015voge01_01/index.php

Volgende week: de Winterkoning

Eindejaars Plantenjacht 2022 telresutaten

9-JAN-2022 - De FLORON Eindejaars Plantenjacht zit er weer op. Ook in deze achtste editie, met bijzonder zacht weer, stond het madeliefje bovenaan: 1204 waarnemingen, op de voet gevolgd door straatgras dat 1162 keer geteld werd. Hoe teer het madeliefje ook oogt, dit stoepplantje van de week overleeft in gazons, tussen de tegels en onder een flinke laag rijp.

Kijk voor alle telresultaten op deze site van Floron; https://www.floron.nl/plantenjacht

Klik op de link: https://www.naturetoday.com/intl/nl/nature-reports/message/?msg=28639

Kom ook eens op zaterdagmorgen naar de Natuurtuin -dan kunnen we samen opzoek naar natuurfenomenen in de Natuurtuin.

Tot volgende week, we zitten midden in het WINTER seizoen en aan het begin van het Nieuwejaar 2022,  dan gaan we ook weer opzoek naar:

Nieuwe ‘natuurontdekkingen’ in de Natuurtuin ‘De Robbert’.

Met ‘gevederde’ groet, Will van Berkel.

NATUURJAAR 2022-01, Winter in Natuurtuin De Robbert

Vandaag: Wintermaand, Hazelaar bloeit, Natuurtuin Lente? KNMI hoe oud?, Voorjaarsgedrag ‘Bruine’vogels, Laatste LiveAtlas vogeltelling v/h jaar, Nu ga ik er eens op uit, sporenkapsels en Tuinvogeltelling 2022.

Zaterdag (2022-01-01), Het is zacht buiten, bijna aan het begin van Nieuwe (Natuur)jaar 2022. De thermometer wijst zelfs, in de dubbele cijfers, een buitentemperatuur van 15°C aan. Tijdens de afgelopen Kerst, konden sommigen van ons nog schaatsen op natuurijs. Door de hoge temperatuur krijgt de Natuur ook een ‘boost’, de reactie zal niet uitblijven. Hoorde dat de sneeuwklokjes al in bloei staan. Ook een Bosuil heeft -ergens in het midden van het land- eieren in een broedkast met camera gelegd. De eigenaar keek verbaast op dat in zijn kast -zo vroeg of zo laat dit jaar al- eieren waren gelegd. Ook de hazelaar zal binnen kort zijn kleine rode bloempjes tonen. Je denkt al vrij vroeg de Lente komt eraan! Maar we hebben nog bijna drie Wintermaanden te gaan.

Bloeiende hazelaarkatjes
Bloeiende hazelaarkatjes foto: Will van Berkel

Hazelaar

Hazelaar Corylus avellana L. De zeer vroege bloei van de hazelaars wordt veroorzaakt door de ‘natte’ en zeer zachte oktober en zeer zachte november maanden. Ook de eerste weken van december verliepen zacht. Na de zeer warme begin periode volgden koude tussen weken, aan het eind van december volgden dagen ver in de dubbele + cijfers. Die kou kan de struiken ‘gereset’ hebben waardoor de zeer hoge temperaturen tot de zeer vroege bloei leidden.

info: https://braamtuinen.nl/de-bloei-van-de-hazelaar

KNMI gebouw

Zaterdag in de Natuurtuin, Is het Lente?

Zie een prachtige oranje pastelgekleurde lucht door de opkomende zon, op weg naar de Natuurtuin. Buitentemperatuur in de dubbele cijfers. Het KNMI meet de warmste Nieuwjaarswisseling sinds de weertelling. Het landelijke warmterecord voor Oudejaarsdag is gesneuveld. Bij het KNMI in De Bilt steeg de temperatuur vannacht tot 14,4 graden. Dat is 0,7 graden meer dan het oude record uit 2017.

https://nos.nl/artikel/2411564-derde-dag-op-rij-warmterecords-gesneuveld-vandaag-zelfs-drie

Hoe oud is het KNMI?

Het KNMI werd op 31 januari 1854 opgericht bij koninklijk besluit van Koning Willem III. Het initiatief kwam van meteoroloog Buys Ballot. Christophorus Buys Ballot koos de sterrenwacht Sonnenborgh in Utrecht als eerste locatie van het KNMI. In 1897 verhuisde het instituut naar De Bilt, hier is het nu nog gevestigd.

https://hetweermagazine.nl/artikelen/het-meteorologisch-weerstation-van-het-knmi-de-bilt-120-jaar-geschiedenis

Boomkruiper en Kortsnavelboomkruiper
Boomkruiper en Kortsnavelboomkruiper

Vogels vertonen lentegedrag

Gelijk als ik de Natuurtuinpoort van ‘De Robbert’ binnen stap, hoor ik de ‘bruine’ kleine vogels. Vanwaar ‘bruine’ vogels? Vogelaars spreken regelmatig over -de te verwarren met elkaar- KGV- tjes ‘Kleine Groene Vogels’. In de tuin zie ik en hoor ik regelmatig een drietal bruine vogels; zoals vanmorgen de eerste was de:

Boomkruiper; klimt van onder naar boven langs de stam, zijn roepzang is een hoge herhalende riedel.

Heggenmus
Heggenmus

Heggemus; Donkerbruin/blauwgrijs vogeltje zoekt voedsel op de grond b.v. onder de voedertafel al schuifelt bewegend als een veldmuis.

Winterkoning
Winterkoning

Winterkoning; het kleinste vogeltje met een recht opstaand staartje. Heeft een luide zang al vroeg te horen in het ‘winterse’ voorjaar.

Tijdens de koffie pauze zien we voor onze neus dat een paar Pimpelmezen een nestkast komt inspecteren even later zien we een paartje Koolmees dezelfde nestkast inspecteren, er ontstaat enige wrevel tussen de beide Mezenparen. Evenals bij mensen komt ook woning nood in de natuur voor. Op de achtergrond horen we de Grote Bonte specht roffelend op de dode boomstammen. Het geproduceerde timmerende geluid draagt ver en is duidelijk tee horen bij de werkcontainer. Even daarvoor zagen we twee bonte spechten bij elkaar in een Berkenboom, met veel aandacht voor elkaar. Vlak daarna kwam een derde aangevlogen en voegde zich bij het gevormde paar? Een luide roep volgde, op de (aanval) actie!

Wat me ook opvalt deze ‘Lente’morgen -na al dat vuurwerkgeweld- dat de vogels die leven in de woonwijk al snel hun rust en gemak terug hebben gevonden. Je zou verwachtten dat ze door de krachtige knallende geluiden verschrikt en verdreven zouden zijn. Maar ze zijn teruggekeerd naar hun vertrouwde stadse leefomgeving.

Voor alle lezers; De Beste Wensen voor 2022 en een Natuur- en Vogelrijk jaar toegewenst

Er ligt nu nog een geheel blanco Natuurjaar 2022 voor ons.

Zoals bekent bij onze NATUURJAAR lezers is de natuurtuin is al jaren een Bio-divers pareltje in de stadswijk Helmond-Noord. Ook voor het komende jaar zijn er weer diverse natuur activiteiten inpetto. We houden jullie op de hoogte via mededelingen op de site Natuurtuin de ‘Robbert’ en in de (Wijk)kranten.

Waterral
Waterral

De Eindejaarsvogeltelling 2021 in de Natuurtuin.

Op de een na laatste dag van het jaar 2021 heb ik de doorgeschoven laatste Atlasvogeltelling -van vorige week uitgevoerd- in de Natuurtuin. Mede door de zachte weersomstandigheden in tegenstelling tot afgelopen zaterdag -toen was er een handje vol aan vogelsoorten te zien en te horen. Donderdag 30 december liep de teller op naar 23 vogelsoorten, vastgesteld in een uur. Met de LiveAtlas App. zijn 57 tellingen uitgevoerd, ruim 3500 waarnemingen ingevoerd. Dat leverde in een jaar tijd, 73 vogelsoorten op die (gezien/gehoord) in en rondom de Natuurtuin. Binnenkort maak ik de jaarbalans op van 2021, alle getelde vogels en soorten. Ook de waarneming.nl aantallen en vogelsoorten gezien in de Natuurtuin de Robbert en Natuurgebied de Bundertjes nemen we mee in het eind telresultaat.

LiveAtlas Telling voorbeeldpagina
LiveAtlas Telling voorbeeldpagina
Houtsnip vlucht
Houtsnip vlucht
Noordse kauw
Noordse kauw

Nu ga ik er eens op uit

Jac. P. Thijsse: Wandeldagboeken 1884-1898

De laatste Natuurjaar afleveringen -van dit jaar- hebben we regelmatig bericht over het schrijven en de waarde van dagboeken. Terugkijken en lezen in -de geschiedenis- van je Natuurbelevingen en waarnemingen. Onlangs is een boek uitgegeven -het is een prachtig geïllustreerde en verzorgde uitgave- die grotendeels bestaat uit Thijsses wandeldagboeken uit de periode 1884-1898.

pagina dagboek Thijssse
pagina dagboek Thijssse

De natuurkenner Jac. P. Thijsse (1865‒1945) geldt als een fenomeen. Behalve als voorvechter van de natuurbescherming in Nederland werd hij beroemd dankzij de Verkadealbums en vele andere publicaties waarmee hij op originele wijze de aandacht vestigde op de natuur. Dat Thijsse ook een dagboek bijhield is nauwelijks bekend. 'Nu ga ik er eens op uit' bevat de twee oudste en boeiendste dagboekdelen, die de jaren 1884‒1887 en 1894‒1898 beslaan. Thijsse is dan als jonge onderwijzer werkzaam in Amsterdam en vult zijn vrije tijd met lange wandelingen in de wijde omgeving van de stad.

De dagboeken van Thijsse zijn echte natuurdagboeken. Anders dan een ‘gewoon’ dagboek gaan ze niet over de dagelijkse beslommeringen, maar over de planten en dieren die Thijsse op zijn wandelingen waarneemt en waarover hij met smaak en literair talent weet te vertellen. Zijn waarnemingen vult hij aan met opmerkingen over het weer en het omringende landschap.

Met 'Nu ga ik er eens op uit' verschijnen de oudste natuurdagboeken van Nederland voor het eerst in druk. Deze uitgave is zeer rijk geïllustreerd met Thijsses eigen tekeningen, en met het prachtige beeldmateriaal dat we kennen uit de Verkadealbums en andere boeken van Thijsse.

detail uit dagboek
detail uit dagboek

Jac. P. Thijsse is een van de grondleggers van de natuurbescherming in Nederland. Zijn recent gepubliceerde wandeldagboeken uit de periode 1884 – 1898 geven een uniek inkijkje in de wijze waarop hij naar de natuur keek. De vele planten- en diersoorten die hij noteerde, beschreef en tekende bieden een schat aan informatie en zijn een bron van inspiratie.

diagram cyclus-van-het-mosleven
diagram cyclus-van-het-mosleven
Gewoon dikkopmos
Gewoon dikkopmos
tuinvogeltelling poster
tuinvogeltelling poster

Tuinvogeltelling 2022, schrijf je in Info website Vogelbescherming:

https://www.vogelbescherming.nl/tuinvogeltelling

Kom ook eens op zaterdagmorgen naar de Natuurtuin -dan kunnen we samen

opzoek naar natuurfenomenen in de Natuurtuin.

Tot volgende week, we zitten midden in het WINTER seizoen en aan het begin van

het Nieuwejaar 2022,

dan gaan we ook weer opzoek naar:

Nieuwe ‘natuurontdekkingen’ in de Natuurtuin ‘De Robbert’.

Met ‘gevederde’ groet, Will van Berkel.