Weekverslag van Stan, Mei 2022

Zaterdag 21 mei 2022

Maandag heb ik gemaaid en die stukken hooien we vandaag. Het maaisel heeft goed kunnen drogen. De regenbuien van donderdag en vrijdag hebben daar weinig aan veranderd. Alleen het allerdiepste stuk van het noordelijke veldje is ondergelopen en daar is het maaisel wel nat. Met het maaisel bij de container, de strook langs de overloop van de grote poel, de top van de heuvel en twee stukjes van het lage noordelijke veldje laden we de hooikruiwagen vier keer vol. Het maaisel gaat naar de westelijke houtwal en de houtstapels in de bosjes.

Hoge cyperzegge ( Carex pseudocyperus)
Blaaszegge ( Carex vesicaria)
Vingerhoedskruid (Digitalis purpurea

App voor vogelgeluiden

Vlak bij de overloop komt een typisch vogelgeluidje uit de rietkraag. Ik probeer een app voor vogelgeluiden uit. Ik open de app, loop voorzichtig naar de rietkraag en wanneer de vogel zingt neem ik het geluid op. De app analyseert het geluid en laat weten dat het 'waarschijnlijk' de Kleine karekiet is. Dat is goed nieuws, maar ik ben niet zo’n vogelkenner en wacht op Onderzoeker Will.

Kleine karekiet terug uit Afrika

Onderzoeker Will praat al weken over de Karekiet en de Bosrietzanger. Wanneer komen die nou eens. Het zijn allebei schuwe rietbroeders die de laatste jaren in de natuurtuin hebben gebroed. Na een tijdje heeft ook Onderzoeker Will het vogeltje gehoord en weten we het zeker. De Kleine karekiet is terug uit Afrika, een enorme prestatie voor zo’n vogeltje. En een opsteker voor ons beheer.

Puzzelwerk

De Kleine karekiet broedt meestal in grote rietmoerassen, maar ook kleine stroken zoals in de natuurtuin blijken in de smaak te vallen. Daarom hebben we de laatste jaren stukken riet niet gemaaid. Ons plan is om de rietkragen uit te laten groeien en het deze vogelsoorten nog beter naar de zin te maken. Dat is puzzelwerk, want we willen niet dat de waardevolle graslandjes in de verdrukking komen.

scouting onderweg door de natuurtuin
drukte op de houten brug
Onderzoeker Will bestudeert de vangsten

Bezoek van de scouting

We krijgen bezoek van Scouting Leonardus. Antoinette heeft met ze afgesproken en Onderzoekers Will helpt mee bij het waterscheppen. De Scouts worden in twee groepen gesplitst. Antoinette leidt ze door de natuurtuin, vertelt over De Robbert en deelt allerlei natuurweetjes. Onderzoeker Will houdt nauwkeurig bij welke waterdieren er vanaf de houten brug worden gevangen en geeft uitgebreide uitleg.

Spikkels tussen het groen

Na twaalven zijn de scouts vertrokken en lopen we een laatste ronde door de natuurtuin. De zwavelzwam zit weer op de wilgenstam langs de container. Groter dan de vorige keren. De Echte koekoeksbloem doet het weer goed. Vorig jaar dachten we dat de plant aan het verdwijnen was, maar dit jaar staan er weer tientallen verspreid over de graslandjes. Ook de andere graslandplanten komen op gang. Vergeet-mij-nietjes, Pinksterbloemen, Boterbloemen, Hoornbloem, Muur enz. Roze, witte, gele, blauwe spikkels tussen het groen.

Echte koekoeksbloem (Silene flos-cuculi)
Zwavelzwam spec. (Laetiporus)
Kale jonker (Cirsium palustre)

Zomerseizoen bestuderen

En er moet nog veel op gang komen. In de bosrand die we vorige winter hebben gesnoeid staan groepen Kale jonkers bijna in bloei en in de overloop komen tientallen Grote wederiken op. Volgende week maaien en hooien we nog een paar laatste stukjes en zit de voorjaarsmaaibeurt er op. We hebben dan weer alle tijd om het zomerseizoen te bestuderen.

Zaterdag 14 mei 2022

Afgelopen dinsdag heb ik een deel van de graslandjes gemaaid. De hele zuidelijke strook had ik zaterdag al gedaan. Nu zijn daar de helling bij de ingang, het driehoekje bij de houten brug en de strook bij de knotwilgen bij gekomen. Door het zonnige weer en lage luchtvochtigheid is het maaisel droog en licht. Dat scheelt enorm en maakt het hooien een stuk makkelijker dan wanneer het maaisel nog nat is.

Bont zandoogje (Pararge aegeria)
Zwartpootsoldaatje (Cantharis fusca)
Felgekleurde insecteneitjes onder zuringblad

Biomaaisel

We krijgen vandaag hulp van Loes en met ons vieren harken we het maaisel bij elkaar, waarna we aan de koffie en de appeltaart gaan. Na de pauze gaat het maaisel in kruiwagens en naar de houtstapels in de bosjes en de houtwal aan de westkant. Ons plan was eigenlijk om het maaisel naar een composteerder te brengen. Het liefst zien we dat iemand het ophaalt, maar we hebben nog niemand gevonden die ons gezonde biomaaisel wil hebben.

Plan B

Al harkend besluiten we om het maaisel van deze kleine maaibeurt toch binnen de natuurtuin te houden. Bovenop de houtwallen dient het als nestmateriaal en Onderzoeker Will verwacht een rijk insectenleven tussen het oude maaisel. Het betekent ook dat we niet helemaal naar buiten hoeven te kruien. Bovendien spaart het ons een ochtend gedoe met een aanhanger uit.

Waarom moet maaisel eigenlijk weg?

Het maaisel gaat van de graslandjes af om het ongezonde overschot aan voedingsstoffen te verkleinen. De graslandjes worden daardoor soortenrijker en bruikbaarder voor verschillende organismen, van kleine insecten tot amfibieën en zoogdieren. Wanneer het maaisel op de houtwallen ligt komen de voedingsstoffen daar in de grond terecht. Een beperkt aantal planten kan daar iets mee. Vooral brandnetels houden van voedselrijke grond. Bij de houtwallen komt dat goed uit omdat dichte begroeiing met brandnetels ongewenst bezoek beter tegen gaat. Een nadeel op de ene plek kan zo een voordeel op een andere plek zijn. Maar eigenlijk is een dierenpark of kinderboerderij de beste bestemming.

Hooiwerk strook bij knotwilgen
bloem Gelderse roos (Viburnum opulus)
hooiwerk heuvel bij de ingang

Insectendrukte

Achteraf lopen Will, Wil en ik nog een stukje door de natuurtuin. We komen niet veel verder dan de zuidelijke strook. Er is teveel te zien. Het grootste deel is kort gemaaid en langs de randen zijn brede stroken met hoog gras en kruiden blijven staan. Daar lijkt het nu extra druk en we zien het ene na het andere insect. Vooral in de strook langs het pad is het druk. Akkerhommel, weidehommel en boomhommel krijgen we op naam. Er vliegen meer hommels, maar die krijgen we niet duidelijk in het vizier. We melden zoveel mogelijk waarnemingen aan Waarneming.nl, maar insecten geven we alleen door wanneer we een goede foto kunnen maken.

Vuurkevers

We zien een Zwartkopvuurkever (Pyrochroa coccinea) en even verderop een Roodkopvuurkever (Pyrochroa serraticornis). Grappig om die twee soorten vlak bij elkaar te vinden. Ik ga niet uitleggen waarom ze verschillende namen hebben. De kevers leven als larve twee tot drie jaar in rottend hout. Ze eten geen hout, maar dieren die in dat hout leven zoals larven van andere insecten. Na hun larvenbestaan verpoppen ze tot vuurkever en leven dan nog een paar weken, net voldoende om zich voort te planten. De vuurkevers zien we elke jaar terug dankzij ons kapbeleid waarmee we het dode hout op peil houden.

Roodkopvuurkever (Pyrochroa serraticornis)
Zwartkopvuurkever (Pyrochroa coccinea)
Zwartkopvuurkever (Pyrochroa coccinea)
Kleine wespenbok (Clytus arietis)

Soldaatje

Weer een paar stappen verder zien we een Zwartpootsoldaatje (Catharsis fusca). Er blijken zo’n vijftig verschillende soorten soldaatjes in Nederland voor te komen. Het Zwartpootsoldaatje is een van de algemene soorten. De larve leeft op de grond en jaagt daar op kleine insecten. Het volwassen soldaatje is een alleseter. Hij jaagt op insecten, maar eet ook van planten.

Gifgroene eitjes

Wil vindt aan de onderkant van een zuringblad twee clusters insecteneitjes. Een met gifgroene eitjes, de andere met goudgele eitjes. Onderzoeker Will denkt dat de goudgele van het zuringhaantje zijn. We hebben geen idee wie de gifgroene eitjes heeft gelegd. Thuis waag ik een poging met Herkenningsapp Obsidentify en die weet zeker dat het een Groene schildwants is. Even lijkt het dat de app zich vergist en de groene eitjes verward met een volwassen Groene schildwants. Wanneer ik verder zoek blijkt de Groene schildwants inderdaad van die gifgroene eitjes te produceren. De Groene schildwants is weer zo’n beest dat profiteert van het groenbeheer. Hij eet plantensappen die hij met zijn steeksnuit opzuigt. Dat kunnen kruidachtige planten zijn zoals Brandnetel, distels of roosachtigen, maar ook houtachtigen zoals Hazelaar en Zwarte els. Allemaal soorten die ruim in de natuurtuin voorkomen. Erg ver komen we niet met dit rondje. Het is al tegen een uur en we houden het voor gezien.

Zaterdag 7 mei 2022

Veel wilgen hebben rijpe zaden en die worden nu massaal losgelaten. Nu en dan lijkt te sneeuwen. De graspaden in de zuidelijke strook zijn bedekt met een wittig laagje en in het hogere gras hangen witte vlokken. Nu en dan zweven wolken wit pluis door de lucht. Een grappig winters gezicht op een warme lenteochtend.

Varens ontrollen hun bladeren
sneeuw in mei?
doorkijkje in de lente

Reeën

De natuurtuin is nog steeds populair bij de reeën. Bij binnenkomst glippen er een paar weg uit de hazelaarstrook. Later in de ochtend zie ik twee reeën op een grasland net buiten de natuurtuin. Ze turen tussen het riet door naar me en houden het grasland achter zich in de gaten. Waarschijnlijk lopen daar wandelaars en willen ze de dekking van de natuurtuin in. Niet zolang ik daar sta. Ik maak een foto en loop verder.

Klussen

Rinus ruimt het maaisel van vorige week op, loopt de paden na en snoeit opdringerige takken weg. Wil gaat de Veelbloemige roos te lijf die zich in het plantsoen buiten de natuurtuin heeft verschanst. We hebben deze invasieve plant overal uit De Robbert verdreven en willen niet dat hij zich opnieuw gaat uitzaaien. Waar we hem tegenkomen knippen we de takken zo diep mogelijk weg. Na een paar jaar volhouden hebben we de Veelbloemige roos er onder, maar waakzaamheid blijft geboden. Hij kan jaren onopvallend uitgroeien en ineens weer opduiken zoals nu in het plantsoen.

Reeën gluren door het riet
Stan achter messenbalkmaaier
Wil repareert lekke band

Voorjaarsmaaibeurt

Ik werk alvast vooruit voor de voorjaarsmaaibeurt. Deze week zijn twee nieuwe plastic hooiharken binnengekomen en op de stelen gemonteerd. Vanaf volgende week gaan we serieus aan de slag met hooien. Vandaag maai ik de hele zuidelijke strook. Halverwege begint de machine moeilijk te lopen en weg te glijden op hellingen: Lekke band. Het ventiel van de binnenband is afgebroken. Gelukkig is Wil aardig geoefend in dit soort klussen want komende weken hebben we de messenbalkmaaier hard nodig. De nieuwe binnenband ligt er snel op en het maaiklusje van vandaag kan worden afgemaakt.

Loslopende honden

Twee keer beklagen wandelaars zich bij ons over loslopende honden. Ze kijken graag naar reeën en dat wordt bedorven door honden die achter het wild aan gaan. We vinden dat er veel vaker gehandhaafd moet worden in dit soort natuurgebieden. Er wordt in Helmond veel tijd en geld gestoken in groenonderhoud en natuurherstel. Zonde om dat kapot te laten maken door onbenullen die hun honden niet bij zich kunnen houden.

Vogelmelk Ornithogalum Umbellatum
Wilde kardinaalsmuts (Euonymus europaeus)
Wilde lijsterbes (Sorbus aucuparia)

Boeiende bloeiers, Kardinaalsmuts

Steeds meer planten staan in bloei. Wilde kardinaalsmuts bijvoorbeeld. Hij bloeit niet zo sensationeel als Meidoorn, Vogelkers of Lijsterbes, maar de vruchten die de struik zijn naam hebben bezorgd vallen des te meer op. Na de zomer hangt de struik vol met oranje besjes, omringd door omgekrulde purperen schutblaadjes. Een prachtige kleurcombinatie en de besjes worden zeer gewaardeerd door de vogels.

Boeiende bloeiers, Vogelkers

Verderop heb ik tijdens het maaien een plukje Gewone vogelmelk ontdekt aan de voet van een boom. Helemaal aan de andere kant van de natuurtuin staat nog een plukje, ook aan de voet van een boom. Het is een van die plantjes waarvan ik weet dat ze vanuit de wijk hierheen zijn ‘gewaaid’. Leuk om in de loop van de jaren zo’n plant door De Robbert te zien trekken. Sommigen groeien maar een (paar) jaar in de natuurtuin, anderen veroveren de hele tuin. Planten bewegen sneller dan je zou denken.