Natuurtuin deze week


berkenbosje

Zaterdag 10 november 2018: Het is regenachtig maar niet koud. Vandaag graaf ik het laatste stukje weg van de voormalige kruidentuin. De grond gaat in de sloot langs de zuidkant en het dijkje aan de voorkant van de tuin. Wil gaat verder met het snoeiwerk bij de zuidelijke poel. We willen veel meer zon in het zuidelijke stuk van de natuurtuin. Hij begint deze week met de dunnere stammetjes. Alles wordt op elkaar gegooid zodat een wirwar van snoeimateriaal ontstaat. Een effectieve afscheiding waar tegelijk kleine vogels en zoogdieren veel plezier van hebben. Na een paar uurtjes ben ik met het graafwerk klaar. Sinds begin dit jaar hebben we telkens kleine stukjes bemeste tuingrond afgegraven. Nu is een grote cirkel oorspronkelijke bodem vrij gekomen. Die ligt een dus een stukje lager en is daardoor veel natter. In de winter zal dit stukje meestal onder water staan. We gaan kijken hoe de plantengroei zich spontaan ontwikkelt en welke dieren daar op af komen. Het enige wat we hier gaan doen is 2 keer per jaar maaien. De rest van de tijd: kijken!

Buitenhaagproject: Na wat korte miezerbuitjes is het grootste deel van de ochtend droog. Binnenkort gaan we verder met de buitenhaag. We bekijken nog eens waar die gaat lopen en welke stukken minder geschikt zijn. Volgende week meten we alles precies op en bestellen we het plantgoed. Aan de westkant van de tuin ligt een houtwal die opgebouwd is van maaisel en takken van de knotwilgen. De wal ligt langs het grootste deel van de westkant behalve het laatste stukje. Bij het elzenbosje was een brede haag van brandnetels en bramen. Die is tijdens het maaien door de groenaannemer weggemaaid. Nu ligt de tuin aan die kant open en daar wordt regelmatig gebruik van gemaakt door stiekeme bezoekers. We gaan proberen de bramen zo snel mogelijk terug te laten groeien. Wanneer we de knotwilgen snoeien zullen we hier takken neerleggen zodat de bramen beschermd zijn tegen overijverige maaiers.

Wespenraadsel: Tegen twaalf uur vragen 2 mensen of zo nog een rondje door de tuin mogen maken. Wij vinden het best, ruimen onze spullen op en kijken zelf ook wat rond. Wanneer we weggaan nemen we nog een kijkje bij het wespennest vlakbij de ingang. Tot onze verbazing blijkt dat te zijn uitgegraven. Overal verspreid liggen stukken raat. Onder in een kuiltje zien we de resten van het nest met tientallen wespen die er overheen kruipen. Hoe kan dit? Het gras rondom het kuiltje is niet erg platgetrapt en er zijn geen sporen van gereedschap. Het lijkt er op dat het nest door een dier is uitgegraven. Maar welk dier? Een hond? Een vos misschien?

Wespendief?: Thuis googel naar uitgegraven wespennest en krijg meteen veel zoekresultaten over de Wespendief. Dat is een vogel die in de zomer ook in Nederland broedt en vaak bijen en wespen eet (maar ook kleine zoogdieren en amfibieën). De omschrijvingen van nesten waar de wespendief heeft gegeten komen precies overeen met wat wij in de natuurtuin hebben gezien. Maar volgens de deskundigen zijn alle wespendieven uiterlijk eind september vertrokken naar Afrika. Aan de andere kant hebben we extreem lang zomerweer gehad en zij er nog steeds bijen en wespen te vinden. Zou hier een late Wespendief aan het werk zijn geweest of is er toch een andere verklaring?

snoeiwerk bij zuidelijke poelZaterdag 3 november 2018: Het maaisel buiten de poort is door de groenaannemer opgehaald. Dat komt goed uit. Binnenkort beginnen we met het tweede deel van de buitenhaag en de maaiselhoop lag behoorlijk in de weg. We hebben een koude nacht gehad. De brug over de grote poel is wit bevroren. Net als hele stukken van de graslandjes. Het waterpeil in alle drie poelen is weer wat hoger dankzij de regen van afgelopen week. Wil gaat verder met het snoeiwerk aan de zuidelijke poel. We hebben al een opening klaar voor een graafmachine die de poel komt uitbaggeren. Nu we toch bezig zijn gaan we nog een aantal bomen en struiken langs de zuidkant snoeien. Zo komt er meer zonlicht op de poel en dat is veel beter voor het waterleven. Ik graaf nog een stukje af in de insectentuin. De vrijgekomen grond komt op het pad, in de sloot langs de zuidkant en langs de voorkant van de tuin.

Wespen: Het is de eerste zaterdag van de maand en de zwerfafvalgroep verzamelt zich. De groep is aardig aan het groeien. Deze keer zijn ze met zessen. Gewapend met grijpers en zakken trekken ze de wijk in. Ik loop voor de laatste keer dit jaar met de gazonmaaier over de paden. Wanneer dat rondje gedaan is drinken we koffie en testen we of het wespennest bij de ingang er nog is. We willen hier nog steeds een stukje maaien maar een fanatiek wespenvolkje houdt ons telkens tegen. Vroeg of laat sterft zo'n volkje uit. Ik sla met een hark een paar keer tegen een boomstronkje en weet genoeg. Binnen een paar seconden komen de eerste wespen naar buiten en gaan wij iets anders doen.

Zwerfafval: We gaan verder met het snoeiwerk. De dikkere stammen zagen we door met de kettingzaag. Dat gaat supersnel door de nieuwe zaagketting. Wat we omzagen trekken we de bosjes in en laten we daar liggen. Volgende week gaan we hier verder. Aan het eind van de ochtend komt de zwerfafvalgroep terug. Ze hebben weer een flinke “buit” opgehaald die bij de poort wordt gezet en later door de gemeente wordt opgehaald. De zon is tevoorschijn gekomen en het is windstil. Ideaal weer om wat koffie en thee te drinken. Het is flink na twaalven voordat we opstappen.

wesp op bloeiende klimop

Zaterdag 27 oktober 2018: Het is een stuk kouder geworden. Op de klimop is veel minder leven te vinden dan vorige week. Een paar wespen en wat vliegen likken de laatste nectar op. Even daarvoor is de zon opgekomen. Door de temperatuurverschillen en luchtvochtigheid levert dat een mooi gezicht op. Vooral wanneer de nevel boven de grote poel een tijdje geel-oranje licht wordt verlicht. Afgelopen maandag heb ik met de bosmaaier het uitgegraven stuk van de nieuwe insectentuin gemaaid en de ijsvogelwand vrij gemaakt. De bosmaaier maakt veel herrie en die gebruiken we daarom liever niet op zaterdagochtend.

Woekeraar: Nu hoef ik alleen het maaisel op te harken en op een van de plekken te gooien waar we Bonte gele dovenetel hebben afgedekt. Deze Bonte gele dovenetel is een ontsnapte tuinplant die flink is gaan woekeren in de natuurtuin. Het is een schitterende voorjaarsbloeier voor in de tuin die het vooral in de schaduw en halfschaduw goed doet. Hommels vliegen graag op de mooie gele lipbloemen. Maar als die zijn uitgebloeid hebben ze andere planten nodig. Aan één mooie woekeraar hebben bestuivers niets. Sterker nog: die woekeraars zijn compleet overbodig. Gezonde natuur betekent veel inheemse planten- en dierensoorten die elkaar gebruiken en in bedwang houden. Gelukkig gebeurt dat helemaal vanzelf en kun je dat met eenvoudig beheer stimuleren. Woekeraars worden niet in bedwang gehouden en ondermijnen de biodiversiteit. Daarom wordt ook vaak gezegd: tuinplanten horen niet in de natuur. Zonder dat je het in de gaten hebt richten ze grote schade aan.

Stroomuitval: Het afdekken met maaisel werkt erg goed tegen een andere woekeraar, de Late guldenroede. Nu proberen we hetzelfde trucje op deze plant uit. Wil heeft de zaagketting geruild en monteert de nieuwe ketting op de kettingzaag. Weer een apparaat op orde. Het stroomaggregaat werkt weer niet goed. Met moeite weet Wil hem aan de praat te krijgen. We hebben stroom nodig om een reparatie te doen aan de messenbalkmaaier. Halverwege het werk houdt het aggregaat er mee op en wij dus ook. We besluiten gewoon een nieuw onderdeel te kopen. We lopen nog even een rondje en bekijken het waterpeil in de poelen. Dat is overal gestegen. Meer dan je zou verwachten na het beetje tegen dat we hebben gehad. Waarschijnlijk worden de poelen nu vooral gevuld door grondwater dat omhoog wordt gedrukt.

Europees project: Voorzitter Kees komt er bij en we besluiten een project van de gemeente te bekijken verderop in de Bundertjes. Het project is in het afgesloten deel va de Bundertjes tussen het kanaal en de Oude Aa. Ik schat dat het een paar hectares groot is. Kees vertelt dat een Europese subsidie is aangeboord om dit maaiwerk te laten doen. De gedachte is dat het op dit stuk mogelijk is om met maaibeheer een speciaal soort waardevol grasland te krijgen. Dat zou best kunnen lukken als de plek geschikt is en het juiste maaibeheer wordt toegepast. Ik ben benieuwd wie de resultaten controleert. Er is nu wel een brede toegangsweg gemaakt voor de enorme maaimachines. En dat terwijl dit deel van de Bundertjes besloten zou moeten blijven. We vragen ons af hoe lang het duurt voordat het eerste illegale afval wordt gedumpt.

bosrand bij elzenbosje

Zaterdag 20 oktober: Het is koud. De zomer loopt af. Aan de grond heeft het eventjes gevroren. Net genoeg voor een beetje bevroren dauw op de grashalmen. Prima werkweer dus. Ik ruim weer een stuk oud pad op in de nieuwe insectentuin. De betonklinkers gaan op de almaar groeiende stapel. Het gele zand stort ik op het pad langs de insectentuin. Dat is in de loop van de tijd weggezakt. Lastig wanneer je daar met volle hooikruiwagens overheen moet. Met deze nieuwe lading zand kunnen we weer enkele jaren vooruit voordat we weer moeten aanvullen. Wil maakt de kettingzaag schoon die nogal vuil geworden is van de klus bij de zuidelijke poel. De nieuwe zaagketting past niet. Veel te lang. Hij ruilt hem deze week om.

Kapplannen: Intussen is de ochtendkou verdwenen en schijnt de zon. We halen de laatste betonklinkers uit het pad en maken een rondje door de tuin. Her en der bekijken we de begroeiing en bespreken we waar we moeten kappen om de zon terug in de tuin te krijgen. We hebben de laatste jaren al heel wat gekapt en gezaagd en zodoende meer levendigheid in de tuin gehaald. Maar bomen groeien ongemerkt elk jaar verder uit. Om de variatie in de tuin te houden kappen we er elk een paar om. Genoeg werk in het vooruitzicht.

Klimop: We komen nog steeds kikkers tegen in het gras. De zomer is echt voorbij is. Ze moeten op zoek naar een overwinteringsplaats. Wanneer de kou blijft is ook voor de planten het seizoen voorbij. Dieren gaan in winterstand of sterven af. Klimop trekt zich daar niets van aan. Die komt nu pas in bloei. Er vliegt van alles op deze laatste nectar-oase. Wespen, sluipwespen, torretjes, allerlei soorten vliegen en vliegjes. Niet de populairste diersoorten maar dit zijn wel de echte onmisbare bloembestuivers.

Pyjamawants: Middenin zit een opvallend rood-zwart gestreept insect. Het blijkt een Pyjamawants. Een toepasselijke naam voor zo'n beestje. Op Wikipedia lees ik dat het diertje erg vies smaakt en daarom geen moeite hoeft te doen om zich te verstoppen. Hij kan rustig in zijn pyjama nectar drinken. Met een beetje geluk bloeit de klimop volgende week nog en kunnen we nog meer insecten bekijken.

kat bij wildcamera

Zaterdag 13 oktober 2018: We hebben raar weer gehad dit jaar en vandaag krijgen we er nog een zomerse dag bij. Het warme weer van de laatste dagen heeft veel mensen naar buiten gelokt. Ook de verkeerde. De deur van het materiaalhok is beschadigd. Iemand heeft er tegenaan geslagen, waarschijnlijk met een hamer en geprobeerd een plaat af te breken. Dat is niet gelukt. Het ziet er prutserig uit. Het lijkt mij sowieso geen doorgewinterde inbreker. Die zou geen tijd verspillen om binnen te komen bij schoppen en kruiwagens. Hoe dan ook, wij hebben weer een deur om te repareren.

 

Paadje opgeruimd: Ik ga verder met de inrichting van de insectentuin. Dat werk hebben we gepauzeerd om het maaiwerk te kunnen doen. Nu kunnen we hier weer verder mee. Het opruimen van een paadje levert een stuk of zes kruiwagens met betonklinkers op. Die gaan op de grote stapel bij de stenen muur. Terwijl ik een stuk of vijf kruiwagens grond weg krui maakt Wil de kettingzaag klaar voor gebruik. We hebben een strook langs de zuidelijke poel vrijgemaakt zodat er een graafmachine bij kan. Die machine gaat binnenkort de poel uitbaggeren. Het heeft ons weken gekost om door de wirwar van bramen, meidoorns en rozen heen te worstelen. Nu staan alleen nog een stuk of zes boompjes in de weg die we nu gaan omzagen.


Weer een klus geklaard: We zagen de stompen zo kort mogelijk bij de grond af zodat de graafmachine er makkelijk overheen kan rijden. Voor de zaagketting is dat niet goed. Die komt al draaiend regelmatig in de grond terecht. Zand en zaagketting gaan niet goed samen en daarom gebruiken we een oude half versleten ketting. Wanneer de boompjes om liggen en in stukken zijn afgevoerd is de zaagketting helemaal op en kunnen we hem weggooien. We hebben afgelopen week een nieuwe gekocht. Die komt er op wanneer we de motorzaag helemaal schoon hebben gemaakt. Het komt goed uit dat de poel droog staat. De stukken stam zijn makkelijk af te voeren en aan het eind van de ochtend kunnen we weer een klus afvinken. De graafmachine kan komen.


Raar jaar: Het lijkt alsof er iets meer water in de grote poel staat. Dat is raar want er is nauwelijks regen gevallen. Het water is helder en er vliegen libellen rond. We weten niet welke soort het is en vragen ons af hoe alle libellensoorten het gaan doen na de extreme droogte van dit jaar. Afwachten. Normaal zouden de poelen in oktober al aardig vol zitten. De kleine noordelijke poel staat helemaal droog en de zuidelijke poel is een vochtige vlakte met een plasje groenig water. Het is warm aan het worden. De zomerse zon schijnt op de verkleurende herfstbladeren aan de bomen. Het rare jaar is nog niet voorbij

 

bosrand elzenbosje 


Zaterdag 6 oktober 2018: Afgelopen week heb ik wat geëxperimenteerd met de bosmaaier. Dit apparaat gebruiken we liever niet op zaterdagochtend omdat het nogal een herrie maakt. Maar we hebben hem nodig om ruigtes te maaien en op plekken waar de messenbalkmaaier moeilijk bij kan. Dinsdagmiddag werk ik eerst de strook bij de container bij waar we zaterdag met de messenbalkmaaier hebben gewerkt. Daarna verwissel ik de maaikop. Vorig jaar hebben we een kop met maaidraad gekocht en die probeer ik uit op de heuvel en in een rietstrook langs de houten brug. De extra dikke en gedraaide draad werkt bij gras en riet veel beter dan de metalen maaikop. Die metalen maaikop gebruiken we voortaan alleen als de draadkop het niet aan kan. Braamstruiken en dunne houtige stengels bijvoorbeeld.


Vandaag ruimen we het maaisel van dinsdag op. Riet is niet zwaar maar neemt nogal wat plek in en we hebben 5 ritjes met de hooikruiwagen nodig om alles weg te krijgen. Intussen komt oud-vrijwilliger Wim nog een praatje maken en vraagt iemand die op zoek is naar een plant voor in de kruidenthee of we hem kunnen helpen. We ruimen onze spullen op en bespreken welke klussen we de rest van dit jaar nog aanpakken. We bekijken meteen wat we nog nodig hebben aan gereedschap. Volgende week willen we een accu heggenschaar bestellen voor het onderhoud aan de nieuwe buitenhaag en om de paden vrij te houden. We willen dan ook ons handgereedschap compleet maken. Uiteindelijk blijken we alleen een nieuwe schopsteel nodig te hebben en wat toebehoren voor de kettingzaag. Intussen is de zwerfafvalgroep weer gearriveerd. Het is de eerste zaterdag van de maand en deze keer hebben ze een grote hoeveelheid zwerfvuil opgehaald. Goed werk maar ook slecht dat dit nodig is. De rest van de ochtend wordt er bijgekletst en koffie gedronken

 

herfstgezicht natuurtuin


Zaterdag 29 september 2018: Bijna oktober. De lucht is helder lichtblauw. Boven de graslandjes hangen weer nevelflarden. De zon schijnt er doorheen. Graslandjes die nog in de schaduw liggen zijn zien er wittig uit. De dauwdruppels zijn vannacht bevroren. Wat later wordt de grote poel direct door de zon beschenen en stijgen nevelwolken op vanaf het water. Na een half uurtje is de hele ochtendvoorstelling alweer voorbij. Wie mooie dingen wil zien kan beter niet uitslapen. Ik ga verder waar we vorige week gebleven waren. Het laatste maaisel ligt klaar op het pad bij de lage veldjes. Het gaat in drie ladingen met de hooikruiwagen naar buiten. De nazomer-maaibeurt is weer voorbij.

Komende weken: Elk jaar na het maaien werken we een paar ruigtes bij. Komende weken maaien we een paar stukken riet langs de grote poel en maken we de overgroeide ijsvogelwand weer vrij. In de bosrand van het elzenbosje zijn veel wilgen en elzen aan het uitlopen. In deze zone willen we hooguit een paar uitgroeiende wilgen. Hier gaan we dus flink snoeien. Vandaag werken we de voorkant van de tuin bij. Ik maai de eerste paar meters aan de buitenkant. Wil snoeit struiken in de houtwal die het zicht op de tuin beperken. Vorig jaar hebben we alle struiken langs de voorkant weggehaald zodat wandelaars naar binnen kunnen kijken. Een paar struiken staan met hun wortels in de houtwal en krijgen we nog niet weg. Die moeten we dus regelmatig blijven terugsnoeien.

Experimenten: Na de buitenkant probeer ik of de messenbalkmaaier de strook bij de container aan kan. Vorig jaar hebben we enkele zaterdagen werk gehad om alle struiken tot op de grond weg te snoeien. Begin deze zomer kostte het nog anderhalf uur werk met de bosmaaier om alles wat uitlopen was weer kort te krijgen. Er steken nog veel stammetjes uit de grond waar de messenbalkmaaier niet doorheen kan maar nu is de onderhoudsklus in een half uur klaar. Vanmorgen heb ik bij wijze van experiment ook de paden gemaaid met de messenbalkmaaier. Het resultaat is boven verwachting goed. Met de messenbalk in de laagste stand zijn de paden goed kort te maaien. Met de gazonmaaier duurt dat 30 minuten. Nu 45 minuten. Dat kwartiertje extra is niet belangrijk. De messenbalkmaaier gebruikt veel minder benzine en de gazonmaaier maait naast het gras ook alle dieren aan flarden die toevallig in de weg kruipen. Met de messenbalkmaaier hebben we nauwelijks “bijvangsten”. Zo blijven we experimenteren en verbeteren.

 

voorkant natuurtuin

Zaterdag 22 september 2018: Midden op het pad in het berkenbosje ligt een dode mol. Elk jaar vinden we er een of twee en altijd midden op het pad. Het lijkt mij sterk dat stervende mollen voor het dramatische effect midden op paden gaan liggen. Tussen struiken zullen ze ook dood gaan maar daar vinden wij ze natuurlijk niet. Toch is het raar om een dode mol midden op een pad te zien liggen. Ze zien er altijd gezond en ongeschonden uit. Soms zijn ze gewond aan hun snuit. Het lijkt er op dat ze een gevecht met een soortgenoot hebben verloren. Mollen zijn zeer territoriaal en bevechten elkaar tot op de dood. Volgens mij slaan ze met hun enorme klauwen makkelijk een soortgenoot dood. Deze lijkt niet gewond of ziek. Hij/zij ziet er niet mager of zwak uit en de vacht is helemaal intact. Toch is hij dood en al een beetje stijf. Ik leg hem op Tinekes bankje en maak wat foto's. Interessant om het mollenlijkje ergens neer te leggen met de wildcamera erbij. Eens kijken wat er op af komt. Later vergeet ik dat idee en de mol blijft op het bankje liggen. Hij zal inmiddels wel door een mollenliefhebber gevonden zijn.

mollenklauwGevlekte gele dovenetel: Ook afgelopen maandag en dinsdag hebben we 's morgens maaisel opgeruimd. De maaibeurt schiet daardoor goed op. We hoeven nu alleen nog de lage veldjes aan de noordkant op te ruimen. Met zijn drieën harken we het maaisel bijeen. Twee ladingen van de hooikruiwagen gaan naar de insectentuin. Dit maaisel gebruiken we voor het afdekken van stukken die begroeid zijn met de Gevlekte gele dovenetel. Dat is een tuinplant met mooi zilver-groen gevlekt blad die in het voorjaar uitbundig geel bloeit. Ooit is hij uit een tuin ontsnapt en in de natuurtuin terecht gekomen. Hij bezet nu steeds grotere oppervlaktes waar weinig anders kan groeien. Wij willen juist geen eenzijdige begroeiing. Ook niet van mooie planten. Ons beheerdoel is afwisselende begroeiing van inheemse planten die elkaar van nature in bedwang houden.

Bestrijding invasieve soorten: Exotische sierplanten zijn leuk voor in de tuin maar veroorzaken daar buiten vaak schade aan de plaatselijke natuur. Natuurbeheerders en waterschappen maken hoge kosten voor de bestrijding van die invasieve soorten. Vorig jaar zijn we begonnen een andere woekeraar, de Late guldenroede, te bestrijden. De plant had grote plekken bezet die we tijdelijk hebben afgedekt met maaisel. Dat heeft boven verwachting goed geholpen. Na 1 seizoen afdekken blijkt de Late guldenroede voor 99% van die plekken verdwenen. Die laatste procent ruimen we op door regelmatig controlerondjes te lopen en ze uit te trekken naast het gewone maaibeheer. Wanneer ook dat goed lukt hebben we dit probleem binnen een paar jaar helemaal opgelost. We gaan nu kijken of dat tijdelijk afdekken ook bij de Gevlekte gele dovenetel goed werkt.

Maaibeurt weer snel klaar: Het merendeel van het maaisel gooien we op een hoop buiten de poort waar het later wordt opgehaald. We krijgen niet alle maaisel weg vandaag. Tegen twaalven harken we de laatste resten vanaf de veldjes op de paden. Daar kan het blijven liggen tot volgende week. Als ook dat weg is is de maaibeurt van de graslandjes weer voorbij. Binnen iets meer dan 2 weken. Super.

Aziatisch lieveheersbeestjeZaterdag 15 september 2015: Vandaag begin ik extra vroeg met maaien. Eens kijken of het lukt om vandaag alle maaiwerk af te krijgen. De lage noordelijke veldjes eerst. Het lange gras is door regen en wind min of meer naar één richting gaan hangen. De truc is dan om dwars op die “slag” heen en weer te rijden. Zo voorkom je dat de maaibalk het gras plat drukt en er overheen gaat glijden. Ik werk daarom diagonaal over de veldjes, loop met de maaier van het ene einde naar het andere en van daaruit werk ik naar de zijkanten. Het schiet lekker op en de maaibalk snijdt nog steeds goed. Zoals altijd valt tijdens het maaien op hoeveel leven er in de graslandjes zit. Dikke kikkers en kleine eenjarige exemplaren maken dat ze uit de weg komen. Vlak voor de maaibalk is constant een wolkje minieme insecten te zien die wegspringen en opvliegen. Een paar keer komt een hoornaar in de buurt die de rondspringende hapjes ook heeft gezien. Tegen negen uur zijn de noordelijke veldjes en de strook langs de wilgen klaar Ik begin aan de overloop van de grote poel. Een zwart-witte kat scharrelt rond op het gemaaide stuk. Ze is druk met kijken, besluipen en bespringen van de graslandbeestjes die ineens hun dekking kwijt zijn.


Vroeger werkten we alleen op zaterdagen en kon de maaibeurt een of zelfs twee maanden duren. Deze keer verwachten we in iets meer dan 2 weken klaar te zijn. Tijdens de maaiklus werken we ook op maandag- en dinsdagochtend. We zien dat de graslandjes het gevarieerder en bloemrijker worden nu we de maaibeurten sneller afwerken. De helling bij de ingang is nu helemaal klaar. Het maaisel van de insectentuin en de ruigtestrook bij de houten brug is op hoopjes geharkt. Tot nu toe zijn er weinig mensen komen helpen met hooien. Vorige keren kwamen er tussen de 6 en 8 mensen extra. Nu komt Rinus regelmatig helpen en heeft een persoon zich afgemeld. Met een hele club is het werk natuurlijk veel gezelliger maar we weten dat de meeste mensen niet altijd kunnen. Door ons tijdelijk opgevoerde werkschema schiet het ook goed op. Wil begint het maaisel bij de houten brug weg te kruien terwijl ik het laatste stuk van de overloop bij de grote poel te lijf ga. Die overloop is afgelopen maanden flink dichtgegroeid. We gaan hem volgend jaar weer 2 keer per seizoen maaien. Ruim voor 12 uur zijn alle graslandjes gemaaid. Het maaiwerk heeft inclusief pauzes en kletsen 10 uren gekost en daarbij zijn ongeveer 5 liter benzine verbruikt. Een mooie efficiënte score. Ik denk dat we volgende week ook het maaisel hebben opgeruimd.


Een jongen en meisje struinen door de tuin en en bestuderen vanaf de de brug het water in de poel. Ze hebben zin om waterbeestjes te scheppen. Er staat sinds 2 weken weer een laagje water en wij zijn ook wel benieuwd wat er zoal in zit. Wil haalt wat spulletjes en al gauw zit de eerste vangst in het bakje. De twee vissertjes vangen verschillende waterschorpioenen. Die hebben we dit jaar niet veel gezien. Verder een grote hoeveelheid watervlooitjes, torretjes, kokerjuffers en een pad. Veel van de beestjes en larven zijn erg klein en lijken pas uitgekomen. Deze waterbeestjes herstellen zich blijkbaar razendsnel. Afwachten wat de andere soorten gaan doen. De pad in het bakje houdt zich dood en we besluiten hem terug in het water te zetten. Ondersteboven blijft hij minutenlang volhouden dat hij dood en is en beter met rust kan worden gelaten. Dan vindt hij het veilig genoeg en gaat verderop tussen de drijvende waterplanten zitten. De zwart-witte kat heb ik niet meer gezien maar het is een vaste bezoeker en zal wanneer wij weg zijn zeker terugkomen.

 

werk bij de zuidelijke poel


Zaterdag 8 september 2018: Het gras voor de poort en op de graspaden heeft een groeispurt getrokken. Alsof het de zomerschade nog even wil inhalen. Op de graslandjes lijken planten op hetzelfde idee gekomen. Berenklauwen, Dagkoekoeksbloemen, Kattenstaarten, van allerlei soorten staan korte gedrongen exemplaren in bloei. Het zijn er niet veel maar ze vallen extra op omdat je nu geen frisse bloemen meer verwacht. Langs het pad tussen de lage veldjes staat zelfs een Echte koekoeksbloem, een voorjaarsbloeier. Eerst de graspaden maar eens bijwerken. Die hebben we nodig als werkpad en moeten nu dus gemaaid worden. Het mes van de gazonmaaier is geslepen en dat is te merken. Het gras op de paden is op sommige plekken erg dicht maar de machine loopt niet meer vast en snijdt overal doorheen. Na een half uur zijn de paden gemaaid en weer bruikbaar voor kruiwagens of een wandelingetje met gewone schoenen.

Maaien insectentuin: Ik heb de messenbalkmaaier nog eens extra strak afgesteld. Het slijpen van de messen heeft ook deze machine goed gedaan. Ik maai in korte tijd de hele insectentuin van voor tot achter. Het afgegraven stuk sla ik over. Daar staat zo veel in bloei dat het zonde is om dat nu te maaien. Bloembezoekende insecten kunnen wel zo'n meevallertje gebruiken. Later, maar in ieder geval voor de winter, zullen we dit stukje ook maaien. Voorzitter Kees komt nog even langs voordat hij enkele weken met vakantie gaat. Wil gaat intussen verder met de houtwal bij de zuidelijke poel.


Boze wespen: Na het overlegje stuur ik de messenbalkmaaier over de helling bij de ingang. Hij loopt geweldig. Dat spaart tijd en benzine en de kwaliteit van het maaiwerk is beter. Halverwege de helling botst de maaibalk tegen een groepje wilgenstronken en ik moet het maaien onderbreken. Een zwerm woedende wespen maakt me duidelijk dat ik te dicht bij hun nest ben gekomen. Het zijn opvallend kleine wespen (misschien zijn het geen wespen) maar ze menen het en ik moet de machine met draaiende motor achterlaten. Met een lange steel uit het materiaalhok schakel ik de motor uit. Ik moet weer een sprintje trekken want de wespjes vinden nog steeds dat ik daar niks te zoeken heb. Een goede reden om koffie te gaan drinken. Op naar Wil bij de zuidelijke poel. Hij is goed opgeschoten met opruimen. We nemen een kijkje bij de wespjes. Die zijn nog steeds niet gekalmeerd dus koffie met koek voor ons. Rinus komt binnen. Hij is een paar weken op vakantie geweest.


We schieten goed op: Na de koffie en vakantieverhalen gaan Rinus en Wil verder bij de zuidelijke poel. Ze zijn nu met zijn tweeën dus kan de kettingzaag ingezet worden. De wespjes zijn niet meer op oorlogspad. Ik maai de helling bij de ingang inclusief een flink stuk van de rietkraag. Na de helling nog een stuk bij de houten brug. Een brede ruigtestrook voor de bosrand blijft staan. Veel mensen vinden ruigtes vies en rommelig maar ze zijn van groot belang voor veel grote en kleine dieren. De tijd vliegt en het is alweer na twaalven wanneer we opruimen. Een groot deel van het maaiwerk is al klaar en de houtwal bij de zuidelijke poel is bijna open.

 

geelrode naaldaar

Zaterdag 1 september 2018: Er hangt nevel. Het waait niet. Een metertje boven de graslandjes botst vochtige bodemlucht op de afgekoelde nachtlucht. Een van de mooie natuurverschijnselen van herfst en voorjaar. Wanneer de zon opkomt wordt het nog mooier. Het berkenbosje wordt van achteren belicht en het zonlicht prikt door de neveldruppels in de lucht. Ik krijg het sprookjesachtige verschijnsel niet goed op de foto. De zachte roodachtige kleuren vallen weg. Net als de schaduwen. Een mooie zonsopgang, ook nog met nevel, is alleen in het echt op zijn mooist.

Klussen: Het is de eerste zaterdag van de maand. Voorzitter Kees en mensen van de zwerfafvalgroep trekken vanaf de natuurtuin de wijk in. Wil en ik gaan verder met de houtwal aan de zuidelijke poel. Vorige week hebben we het grootste deel van wirwar aan takken en doornen losgezaagd en gekapt. Nu ruimen we het laatste deel op zodat we uiteindelijk een tiental boomstammetjes over hebben. We halen het prikkeldraad weg en rollen het op. Na het baggeren kunnen we het dan weer makkelijk terughangen.

Messenbalkmaaier: We gaan aan de koffie. Daarna willen we met de kettingzaag de boompjes omhalen. Terwijl Wil koffie zet probeer ik de messenbalkmaaier uit. Ik heb hem thuis schoongemaakt en afgesteld. De maaibalk heeft op verschillende punten flink wat slijtage maar hij werkt nog goed. Ik wandel met de machine naar de poort en weer terug. Dat ziet er goed uit. Daarna doe ik een stuk van de insectentuin. De machine is klaar voor het komende maaiwerk. Volgende week beginnen we met de tweede maaibeurt. We proberen in 2 zaterdagen alles te maaien. Ook nu roepen we extra hulp in om het maaisel bijeen te harken en buiten de poort te kruien. We zijn wat laat met het versturen van de uitnodiging. Afwachten hoeveel helpers deze keer komen opdagen.

Koffie: De zwerfafvalgroep komt binnen. We hebben er niet aan om een hele pot koffie te zetten. Iemand komt op het idee om die thuis te gaan halen. Thuis is vlakbij en wat later zitten we met zijn allen gezellig bij de container. Van ons werk bij de zuidelijke poel komt vandaag niet veel meer terecht. Het is lekker weer en de discussies over zwerfafval, zonnepanelen, elektrische auto's, vakanties en alles wat daartussen zit hebben tijd nodig. We ruimen nog wel een paar takkenbossen op en dan blijkt het al ruim na twaalven. Kees, Wil en ik ruimen de gereedschappen op en sluiten tevreden af.

lijsterbessenZaterdag 26 augustus 2018: Er scheren een paar buitjes over. Da's lang geleden. We moeten een paar keer 5 minuten schuilen. Daar blijft het bij. Het is lekker fris. Heerlijk na al die weken met woestijntemperaturen. Ik graaf een paar kruiwagens grond uit de insectentuin en dump die in de zuidelijke sloot. Die is nu over ongeveer driekwart van de lengte ondiep gemaakt.

Messenbalkmaaier: Wil heeft wat gereedschap meegebracht. Een van de messen van de messenbalkmaaier zit los. Er is speling rond de klinknagels ontstaan. Wij hadden op YouTube een filmpje gezien waarin werd voorgedaan hoe zo'n losse klinknagel weer is vast te slaan. We besluiten het er op te wagen. Wil bouwt een geïmproviseerd aambeeld en begint de klinknagel te bewerken. Het YouTube filmpje had gelijk. Na een paar minuten zit het mes weer vast op zijn plek. Ik neem de hele maaibalk mee naar huis en ga hem schoonmaken en opnieuw afstellen. Volgende week gaan we hem testen. In september beginnen we aan de nazomer-maaibeurt. We gaan goed ook onderhoudsgereedschap kopen. We kunnen meer dan we dachten.


Doornroosje: Na deze overwinning gaan we de houtwal bij de zuidelijke poel snoeien. Afgelopen weken heeft Wil hier een paar doorgangen geknipt en gehakt. Van daaruit ga ik de wirwar van rozen, bramen, sleedoorn, meidoorn te lijf met de bosmaaier. Ik dacht in een uurtje klaar te zijn maar dat valt vies tegen. De bosmaaier hakt zonder moeite door een stevige doornentak heen maar dan moet hij hem wel te pakken krijgen. De dichte massa takken en slierten blijkt zeer flexibel en het roterende hakmes zit aan het einde van een anderhalve meter lange stok. Het uurtje snoeien wordt een worstelpartij die een groot deel van de ochtend duurt. Deze houtwal is zo'n 10 jaar geleden tot op de grond teruggesnoeid. Ik begin te begrijpen waarom het 100 jaar heeft geduurd voordat een prins door de rozenstruiken van het Doornroosje-kasteel wist te komen.


Droogte: De natuurtuin is weer wat natter geworden. De grote poel begint zich langzaam maar zeker voller te worden. In de zuidelijke poel staat net zoveel water als vorige week en de kleine noordelijke poel staat tot onze verrassing opnieuw droog. We zijn er nog steeds niet achter hoe de grond- en regenwaterstromen in de natuurtuin precies werken. Tegen het elzenbosje buigen de takken van de lijsterbessen onder het gewicht van de rijpe bessen. Die hebben het dus goed gedaan. Struiken die wat droger staan hebben het druk met alleen al overleven. Verschillende vlieren die er compleet verdort uitzagen schieten opnieuw uit. Her en der piepen tussen het gras weer kleurige bloemen op. Ik zie vooral veel nieuwe dagkoekoeksbloemen. Langs de knotwilgen valt ineens een mooie gele bloem op. Even opzoeken leert dat de plant Heelblaadjes heet. Een nieuweling in de natuurtuin. We zullen zien of het een blijvertje is.

 

schermbloem

Zaterdag 19 augustus 2018: Er staat weer water in de poelen. Niet veel maar toch. In de grote poel staat een dun laagje tot onder de brug. De zuidelijke poel heeft twee plasjes en zelfs de kleine noordelijke poel heeft wat natte plekken. De stukken die we bij de eerste maaibeurt hebben overgeslagen zijn door de regen en wind platgeslagen. Het ziet er wat triest uit maar biodiversiteit gaat niet over mooi of lelijk. In de stukken die wel zijn gemaaid is minder kleur dan anders. Er staan wel Kattenstaarten in bloei maar minder en minder uitbundig dan vorig jaar. Vergeet-mij-nietjes en walstro zijn nauwelijks te vinden. Egelboterbloemen zijn er ook niet veel. De meeste Kale jonkers, Berenklauwen, Moerasspirea's en Wederiken zijn al uitgebloeid. Paddenstoelen zijn er ineens wel. De namen ken ik niet maar in het berkenbosje staat een groep van tientallen beige/witte paddenstoelen. Ook in het wilgenbosje staat een groepje op de bodem. Krijgen we na een extreme droogte een vroege herfst?


Klusjes: Wil gaat verder met het wegsnoeien van bramen en dunne struiken bij de zuidelijke poel. Die moeten weg voordat we de dikkere stammen om kunnen zagen. Ik ruim een paar kruiwagens stenen op. Nog een paar kruiwagens gele grond gebruik ik om de schuine rand van het moerasje bij te werken. De rest gaat in de sloot langs de zuidkant. Die is nu over driekwart van de lengte ondieper gemaakt. Met voorzitter Kees bespreek ik de voortgang van het project. Het stuk dat we nu afgraven is genoeg om de sloot helemaal te vullen. We houden dan een ondiepe greppel over. Met de rest van de grond vullen we het hellinkje aan de voorkant aan.


Open dag: Ik beloof een lijstje te maken van planten die in het nieuwe moerasje groeien voor de open dag morgen. Het is op dit moment het kleurigste stuk natuurtuin. Kees heeft de sleutels van de oude bijenstal bij zich. Ik sorteer de rommel die de imker heeft achtergelaten en veeg zoveel mogelijk de slakkenkorrels op die over de grond zijn uitgestrooid. Het is lekker weer en er komen regelmatig mensen een rondje door de tuin maken. Ik ben benieuwd hoeveel er op de open dag komen.

 

graafwerk insectentuin

Zaterdag 11 augustus 2018: Het heeft geregend. Afgelopen week zijn er eindelijke een aantal millimeters water bijgekomen. In de grote poel staat weer een dun laagje water. Dat is niet veel maar in ieder geval beter dan vorige week. Ook de zuidelijke en noordelijke poel zijn niet meer helemaal droog. Ik weet niet of ik het mij inbeeld maar het lijkt alsof er meer vogelactiviteit is. Een bonte specht (ik weet niet welke precies) is een dode boomstam aan het inspecteren. Elke paar seconden een zacht geklop om te horen of het naar voedsel klinkt. Het gelach van een groene specht is de hele ochtend horen en kauwtjes en kraaien zijn aan het kibbelen. De dierenwereld lijkt langzaam weer tot leven te komen.

Klusjes: Ik breek een aantal meters pad open in de insectentuin en krui de betonklinkers naar de stenen muur. Wil knipt takken weg van een pad en gaat dan beginnen met het snoeien van de houtwal bij de zuidelijke poel. Komende weken gaan we die houtwal helemaal plat snoeien zodat in de nazomer de graafmachine bij de zuidelijke poel kan komen. Die gaat uitgebaggerd worden. Wanneer ik klaar ben met het stuk pad in de insectentuin maai ik de graspaden met de gazonmaaier. Op de meeste stukken is het niet hard gegroeid en op de hoge delen zelfs helemaal verdroogd. Alleen op het pad langs het elzenbosje staat het gras wat dichter.

Horzels: Na de maaironde ga ik Rinus helpen. De gele grond die onder de stenen lag gebruiken we om langs de buitenkant van het afgegraven stuk een schuine wand te maken. Zo kunnen we later makkelijk met de maaimachines door de insectentuin. Iemand komt langs gewandeld en vertelt ons dat langs het Begijnenpad (een pad achterlangs de natuurtuin) een horzelnest zit waar kinderen wel eens met stokken in steken. Dat lijkt ons niet ongevaarlijk en ik beloof het door te geven aan voorzitter Kees zodat zijn melding bij de gemeente terecht komt.

Nieuwe insectentuin: Oud bestuurslid Agnes komt een kijkje nemen om te zien hoe de natuurtuin de droogte heeft doorstaan. Wat later komt voorzitter Kees er bij. We zijn klaar met het werk van vandaag en het laatste deel van de ochtend wordt door iedereen besteed aan het bekijken en bespreken van de tuin. Vooral het stuk insectentuin dat al is afgegraven trekt onze aandacht. Het stukje dat vóór de lente al is afgegraven staat nu vol met een grote variatie planten. Een mengsel van wilde planten die al langer in de tuin groeiden en andere die dankbaar gebruik hebben gemaakt van de open liggende grond. Her en der staan eigenwijze overlevers van de voormalige kruidentuin. Een ijzerhart, enkele vrouwenmantels, zilverschoon. Het stuk heeft door de verdiepte ligging nauwelijks geleden onder de droogte en rond de frisse moerasplantjes fladderen verschillende vlinders en hommels. Het is alweer bijna 1 uur voordat we afsluiten.



 

zonsopgang insectentuin

Zaterdag 4 augustus 2018: Het kan nog even duren voordat het weer regent. Dan zal er nog een tijd overheen gaan voordat het waterpeil weer een beetje op normaal is. Een dame uit de buurt komt langs om te kijken hoeveel water er nog in de poelen staat. Wil en ik lopen intussen naar de zuidelijke poel. Die staat al weken droog maar wanneer ik door het midden loop zakken mijn laarzen in de modder. Toch vochtiger dan gedacht. Wie weet hoeveel dieren zich in deze modderlaag in leven houden. Via de randen komen we toch aan de overkant. Hier groeit een dichte haag van struiken en kleine boompjes. Alles aan elkaar gebreid door de lange stengels van Veelbloemige roos en Braam. Een goede afscheiding en een mooie vogelschuilplaats. Toch moeten we hem tot op de grond terugsnoeien.

MoerasrolklaverBaggeren zuidelijke poel: Afgelopen week hebben we goed nieuws gekregen. De gemeente laat na de bouwvakantie bodemmonsters nemen van de zuidelijke poel. Als de tests goed gaan wordt de zuidelijke poel in september of oktober uitgebaggerd. Dat sluit perfect aan op onze nieuwe insectentuin. Wanneer alles af is hebben we dit stuk natuurtuin enorm opgeknapt. Van een tegennatuurlijke kruidentuin met grote aantallen honingbijen naar moeras met gebiedseigen planten en insecten. We moeten zorgen dat de graafmachine makkelijk bij de poel kan. We willen hier niet tot het laatst mee wachten en moeten rekening houden met de tweede maaibeurt. Die is ook in september. We besluiten om volgende week op ons gemak aan het snoeien beginnen. Het graafwerk in de insectentuin kan uitgesteld worden. Dit snoeiwerk niet.

Klussen van vandaag: Intussen is voorzitter Kees met de zwerfafvalgroep door de wijk getrokken. Het is weer de eerste zaterdag van de maand. Naderhand wordt de buit bij de poort van de natuurtuin gelegd en opgehaald door de gemeente. Wil werkt het pad langs de insectentuin bij. Er zijn veel struiken over het pad gegroeid en die moeten worden teruggeknipt. Ik graaf nog wat grond af die ik in de zuidelijke sloot dump. De buitenring van deze afgraving is klaar. Moeilijk voor te stellen dat deze hete en stoffige plek straks een moerasje zal zijn. Toch groeien er al spontaan verschillende planten die van nattigheid houden. Dat belooft wat! Met de gele grond die ik tegenkom maak ik een schuine rand langs de buitenkant van de afgegraven cirkel. Zo kan straks de maaimachine er makkelijk door.

Effecten van de droogte: In de insectentuin komen we de dame weer tegen die naar het waterpeil kwam kijken. Ook de grote poel blijkt op een klein plasje na droog te staan. Tussen de een en anderhalve meter lager dan normaal rond deze tijd. We bespreken de effecten van de verdroging. Die lijken in de natuurtuin wel mee te vallen. De nabloei op de graslandjes die we in mei hebben gemaaid valt wat tegen. En we hebben het idee dat sommige plantensoorten eerder uitgebloeid zijn. De poelen kunnen juist opknappen van de droogte. De stekelbaarsjes die er ingekomen zijn (bijvoorbeeld via eitjes aan vogelpoten) gaan nu dood en dat is goed voor het andere waterleven. De planten, insecten en allerlei larven krijgen ook een flinke klap. Maar zij kunnen zich hier goed van herstellen. Zeker wanneer er een tijdje geen vissen zijn. Het zal interessant worden om volgend jaar en daarna te zien hoe alles zich ontwikkelt.



 

droogte in de grote poel

Zaterdag 28 juli 2018: We gaan ons niet moe maken. Gisteren was de heetste dag van het jaar. Nu is het 10 graden koeler en straks valt er misschien wat regen. Maar vandaag gaan we eerst eens even bijkomen van de hitte. De eerste afgraaf-klus in de insectentuin is toch ruim over de helft. Voor de andere stukken gaan we machines regelen. Daar zitten nog veel wortels in de grond van alle haagjes en heggetjes die er gestaan hebben. Ik heb vier kruiwagenwielen mee naar huis genomen en met de compressor opgepompt. Twee wielen met een binnenband zijn hard gebleven en zet ik weer op de kruiwagens. De andere twee zijn bouwmarktwielen zonder binnenband. Wanneer die eenmaal leeg lopen zijn ze niet meer hard te houden. Wil vindt nog een binnenband en zet hem in een van de bouwmarktwielen. Ik ga dat thuis oppompen. Als dat lukt hebben we weer 3 werkende kruiwagens.

Klussen vandaag: Ik graaf nog een paar meter grond weg en Wil gaat aan het werk om de buitenhaag bij te snoeien. Daarna loopt hij met de heggenschaar rond en knipt braamstruiken af die de paden telkens opnieuw overwoekeren. Vandaag gebruik ik de afgegraven grond om de sloot langs de zuidkant van de tuin ondieper te maken. Zo wordt de waterafvoer verminderd en de insectentuin nog moerassiger.

Droogte-effecten: Het grootste deel van de tuin is opvallend frisgroent. Gras op de hogere stukken en lange uitgebloeide grasstengels steken geel af tegen de rest. Ik zie nieuwe Kattenstaarten die nog in bloei moeten komen tussen het gras. Ik heb wel het idee dat de meesten kleiner van stuk zijn dan vorig jaar. Misschien toch een droogte-effect? Ook de bodem van het berkenbosje is uitgedroogd terwijl dat niet hoog ligt. We moeten eens goed nadenken wat we met dit bosje willen. Geleidelijk minder berken en eiken? Waarschijnlijk zullen de vlierstruiken en de bodembegroeiing er dan op vooruit gaan. Maar misschien raken we dan ook dingen kwijt. Er staan twee hulststruiken en die kunnen niet goed tegen natte voeten. We hebben nooit een echt plan gemaakt voor dit bosje. Daar zullen we aan moeten werken.

zweefvlieg op Grote klisZaterdag 21 juli 2018: Alweer een stralende zomerdag, de zoveelste op een rij. Het is vakantietijd, rustig op straat en ook de vogels gaan zich vandaag niet druk maken. Vogels zijn bijna altijd de eerste wilde dieren die je waarneemt buiten maar het is al weken vrij stil in de natuurtuin. Het broedseizoen voor de meeste vogels is allang afgelopen en daarna maken ze stukken minder kabaal. De droogte en hitte zorgen er voor dat alles en iedereen zich extra rustig houdt. Zelfs in de grote poel wordt het water nu krap. De twee kleinere poelen staan allang droog. We hebben een stop op het waterbeestjes scheppen gezet om het waterleven niet nog meer onder druk te zetten. De bodem van het berkenbosje is opgedroogd. Vorig jaar kon ik om deze tijd nog bloeiend Robertskruid noteren. Nu is alles uitgebloeid en verdroogd. Ik zie wel veel plantjes met rijp zaad dus met het Robertskruid zal het wel goed komen.

Droogte is interessant: Ook de vlierstruiken blijken niet goed tegen de droogte te kunnen. Afwachten welke het zullen overleven. Het gras bovenop de heuvel bij de ingang is aan het verdorren. Er zal de komende weken nog meer verdrogen. Voor boeren en tuiniers een ramp. Voor ons is het juist interessant om te zien hoe alles reageert op dit extreme weer. Als iets dood gaat wordt de plek vanzelf ingenomen door nieuw leven. Misschien meer van hetzelfde, misschien iets heel anders.


begroeiing in de insectentuinKlussen vandaag: Ik graaf de helft af waar Rinus vorige week de bovenste laag heeft weggehaald. De meeste grond krui ik naar de sloot langs de zuidkant. Die maken we ondieper zodat wanneer het weer gaat regenen (ooit) de insectentuin zo moerassig mogelijk wordt. Een dame komt binnengelopen. Ze is vaker langs de tuin gekomen en nieuwsgierig naar wat we hier doen. We babbelen wat over natuurbeheer en ons werk. Daarna loopt ze nog een rondje. Ik graaf verder en wanneer Wil komt maken we het laatste deel van de oude bijenstal dicht. Vorige week werden we nog gehinderd door achtergebleven honingbijen maar die zijn weg. We zetten het laatste stuk betongaas terug en schroeven het vast. Daar hebben we geen omkijken naar totdat we aan het nieuwe insectenhotel beginnen.


 

Drukte in insectentuin: Deze zomer zijn we begonnen met het eerste deel dat wordt afgeplagd in de insectentuin. Het stuk aan de voorkant van de tuin. Elke zaterdag werken we daar 2 uurtjes aan en langzaam maar zeker wordt de uiteindelijke vorm zichtbaar. Het stuk dat we het eerst hebben gedaan wordt al druk gebruikt. Er groeien allerlei moerasachtige pioniersplanten zoals lidrus, moeraskers, knopkruid, viltig knopkruid, kattenstaart, zilverschoon, basterdwederik, enz. Over de kale stukken leemgrond fladdert en vliegt van alles. Bijtjes kruipen in en uit holletjes. Overal vinden we torretjes en kevers en springen jonge kikkers rond die daar op jagen. We zijn nog maar net begonnen met dit insectenproject en nu al is er meer te beleven dan ooit in de tijd dat dit een kruidentuin was.

 

werk aan insectentuin

Zaterdag 14 juli 2018: Afgelopen maandag heb ik het laatste plukje weggemaaid van de voormalige kruidentuin. Een klein klusje. Maar vanwege de herrie van de bosmaaier gebruiken we die niet graag vlak langs de huizen op zaterdagochtend. De zomer weet niet van ophouden. Vandaag wordt het alweer warm en zonnig. Als het nog lang duurt zal zelfs de grote poel droogvallen. Voor het waterleven is dat niet fataal. De meeste waterdieren leven op het land wanneer ze volwassen zijn en kunnen volgend jaar weer jonkies maken. Andere waterinsecten kunnen wegvliegen en een deel houdt zich in leven in de modder of een laatste vochtige plek. Alleen de vissen zullen het niet overleven. We hebben veel stekelbaarsjes in de grote poel. Misschien bewust uitgezet door iemand of door een watervogel die de eitjes aan de poten had zitten. Vissen in een poel zijn een flinke belasting voor de rest van het waterleven. Ze eten nogal wat op. Het moet niet elk jaar gebeuren en geen maanden lang duren. Maar een poel die nu en dan droog valt is naderhand zo weer gevuld met waterleven. En omdat de grootste eters, de vissen, weg zijn doen alle andere organismen het weer extra goed.


Rinus werkt verder langs de binnenkant van het ronde pad. Hij steekt de bovenste laag met gras en wortels weg en kruit die naar het dijkje aan de voorkant. Ik diep het stuk verder uit. Zodat we ruim een spade diepte afgraven. Later werken Wil en ik aan de bijenstal. Er is een cilinderslot uit een van de deuren verdwenen en het gaas aan de voorkant moet weer dicht. Ook dat is zo gepiept. Alleen het linker stuk gaas maken we nog niet vast. In een hoekje hangt nog een restant honingbijen. Werksters die de verhuizing hebben gemist. Ze hebben geen overlevingskans en weten niks beter te verzinnen dan in een hoek van een houten frame te zitten. Het bevalt ze niet dat wij daar komen klussen en laten dat merken ook. We zetten het gaas er los tegenaan en stellen het vastschroeven uit totdat de honingbijen vanzelf weg zijn. Na de koffie gaat Rinus verder met het grondverzet. Morgen is het open zondag Ik pak de gazonmaaier en maai de graspaden. Wil gaat de paden langs met een heggenschaar om alle overhangende takken weg te knippen.


Wanneer we klaar zijn met de paden heeft Rinus de hele buitenste rand van de af te graven cirkel klaar. Wil en ik lopen nog een rondje. Ondanks de droogte ligt het grootste deel van de natuurtuin er fris en groen bij. De tuin ligt laag en de bosjes geven veel schaduw. Op de hoge stuken begint het gras uit te drogen . Het insectenleven lijkt nergens last van te hebben. Vooral rondom de bloeiende Kale jonkers zoemt en fladdert van alles. Op andere plekken is nu de Gewone berenklauw in bloei gekomen. Weer zo'n insectenmagneet. Ze zitten boordevol soldaatjes en allerlei ander spul. Boven de graslandjes en de poel is druk verkeer van insecten die hun eitjes afzetten. We zullen morgen uitgebreid de tijd nemen om alles te bestuderen.

 

berkenbomen

Zaterdag 7 juli 2018: De natuurtuin wordt droger. Het graspad bij de ingang is geel en de twee kleine poelen staan droog. Her en der zijn Vlieren aan het verdorren. Het blijft nog lang droog en warm dus misschien sterven er een aantal struiken af. Het effect van de droogte op de graslandjes valt moeilijk in te schatten. Alles lijkt goed te gaan. Er staat nu veel in bloei. De Kale jonkers doen het super. Tegen het berkenbosje staat veel Moerasspirea en overal komt het geel van Wederik en Egelboterbloem door het gras heen. Allemaal planten die van nattigheid houden. Er komen zelfs steeds meer Kattenstaarten in bloei. De bloembezoekende insecten profiteren volop. Er vliegen meer vlinders over de ruigtes en de graslandjes dan ik hier ooit bij elkaar heb gezien. We komen veel wilde bijen tegen die we nog niet kennen. Dus dat ziet er goed uit. Maar een paar jaar geleden stond de natuurtuin wekenlang onder water na hevige regenval. Het jaar daarna hadden alle moerasplanten zich explosief uitgebreid. Ik vraag me af of we volgend jaar na deze droogte minder bloeiers zullen hebben.


zomereikEerste deel insectentuin krijgt vorm: Voorzitter Kees brengt materiaal om morgen te gebruiken. Wil en ik bemannen dan een kraampje namens de natuurtuin op een wijkmarktje bij de Pannenhoeve. Het is de eerste zaterdag van de maand dus komt de zwerfafvalgroep bijeen in de natuurtuin. Van hieruit vertrekt de groep met Kees op de maandelijkse tocht door de wijk. Wil ruimt vandaag de rest van het maaisel bij de containerstrook op. Rinus en ik werken nog een stukje in de insectentuin. Het eerste deel dat we afplaggen begint vorm te krijgen. Het is een grote cirkel met een klinkerpaadje aan de buitenkant. De paden en stoepjes binnen die cirkel ruimen we op en de tuingrond graven we af. Inmiddels is er een aardige voorraad betonklinkers en kleiklinkers langs de stenen muur gestapeld.


Nieuwe bestemming bijenstal: Wil en ik inspecteren de bijenstal. Tot onze verbazing is het voorste gedeelte helemaal opgeruimd. Bij nadere beschouwing blijkt de achtergang nog vol troep te liggen. We moeten binnenkort toch een keer naar de milieustraat. Dan zal deze rommel mee moeten.. We klimmen op de bijenstal om het sedumdak op te meten. We gaan dat er af halen en op de container “overplanten”. Later gebruiken we het materiaal van de stal om verderop het educatieve insectenhotel te maken. Intussen lopen er wat mensen door de tuin en druppelt de zwerfafvalgroep weer binnen. Rinus heeft de smaak te pakken gekregen. We moeten hem een paar keer oproepen om te stoppen. Er ligt weer een hoop extra grond bij de voorkant. Na wat geregel en geklets sluiten we af.

 

strook bij de container gemaaid

Zaterdag 30 juni 2018: Bloedheet. Door de droogte van afgelopen weken is het waterpeil flink aan het dalen. De zuidelijke en noordelijke poel staan bijna droog. In de grote poel staat nog genoeg water maar hij is een stuk kleiner geworden. Sinds enige tijd experimenteren we met wildcamera's. Die cameraatjes kunnen een tijd buiten blijven en wanneer iets beweegt nemen ze dat op. We proberen zo wat meer te leren over de (grotere) dieren die de natuurtuin bezoeken wanneer wij er niet zijn. Belangrijk daarbij is om de goede plek te vinden. Nadat de camera opgehangen is moet je maar afwachten wat er voor de lens komt. We proberen telkens andere plekken uit. Werken met wildcamera's is een kwestie van geduld. We hebben veel filmpjes bekeken van waaiende bomen, langpootmuggen en menselijk bezoek buiten openingstijden. Deze keer hebben we een paar dikke houtduiven en een Vlaamse gaai die (natuurlijk net half buiten beeld) zit te zonnen.

Waterbeestjes scheppen: Afgelopen week heb ik de strook bij de container gemaaid met de bosmaaier. De bosmaaier maakt nogal herrie dus die gebruiken we liever niet vlakbij de huizen op zaterdagochtend. De strook ligt 10 meter van de eerste buren. Vandaar dat we dit klusje een doordeweekse dag hebben geklaard. Een van de jongetjes is met de school op excursie in de tuin geweest en wil graag nog een keer beestjes scheppen. Ik help de spulletjes naar de brug dragen en meteen bij de eerst schep hebben we een stekelbaarsje, salamanderlarve en een bootsmannetje.

Veel te warm om hard te werken: De scheppers gaan hun eigen gang en ik krui nog wat grond vanuit de insectentuin naar de voorkant. Daar is inmiddels een aardig dijkje aan het ontstaan. Ik zorg er voor dat de gestorte grond gelijkmatig afloopt. Later zullen we hier makkelijk met een maaimachine overheen moeten. Daarna houdt ik ermee op. Veel te warm om hard te werken.

hommel op Kale jonkerWe drinken koffie. Wil bestudeert met een verrekijker tientallen vlindertjes die zenuwachtig over en tussen het gras bij de ingang vliegen. We kijken er een tijdje naar maar ze zijn te beweeglijk om te zien welke soort het is. Bloemen bezoeken ze niet en ze jagen ook niet achter elkaar aan. Alle vlindertjes vliegen op zichzelf en duiken nu en dan kort het gras in. We denken dat ze eitjes aan het afzetten zijn. De rupsen van veel vlinders leven op allerlei grassoorten. Daarom is het belangrijk bij het maaiwerk niet te kort te maaien en altijd stukken te laten staan.

Vlinderfestival: Voorzitter Kees is inmiddels ook binnen. We bespreken wat praktische zaken en lopen een rondje. De imker heeft zijn spullen verhuisd. Per 1 juli (morgen) moet de stal leeg worden opgeleverd. Het enige wat er nu nog ligt is een hoop rotzooi. In principe heeft hij tot vanavond de tijd om die op te ruimen maar dat zal wel niet gebeuren. Vorige week viel het leven tussen het gras op. Nu trekt de drukte rond de Kale Jonkers de aandacht. Bij de brug staat een groepje van deze distelsoort. Wanneer we er langs lopen fladdert een wolk van vlinders op. Vlinders vallen natuurlijk altijd al op maar dit zijn er enkele tientallen bij elkaar. Voornamelijk witjes en zandoogjes. En dan zitten er nog ik weet niet hoeveel hommels, zweefvliegen en ander spul. Niet iedereen vindt de Kale jonker een mooie plant maar hij is duidelijk belangrijk voor de plaatselijke insectenbevolking. Ik vind ons idee om in de nieuwe insectentuin niets te zaaien of te planten steeds beter. Deze Kale jonker is een inheemse plant die hier vanzelf groeit. Met simpel en goedkoop beheer bereik je het beste natuurherstel.

 

Fraaie schijnboktorZaterdag 23 juni 2018: De zomer heeft een paar dagen vakantie. Vandaag wordt het nog geen 20 graden en dat is best lekker om te werken. Vorige week hebben we het maaisel van de veldjes op hopen geharkt en vandaag gaan we die opruimen. Eerst hark ik nog het laatste maaisel van de insectentuin weg. Ook daar zijn we begonnen met maaibeheer: 2 of 3 keer per seizoen maaien en het maaisel afvoeren. Bemesten doen we sowieso niet. Door dit simpele verschralingsbeheer verbeteren we de omstandigheden voor de wilde planten. Binnen een paar jaar ontstaat een natuurlijke begroeiing die vanzelf aangepast is aan de insecten en andere dieren die hier in de buurt (kunnen) leven. Daar kunnen wonderlijk uitziende exemplaren tussen zitten.


Schijnboktor: Tijdens de open dag afgelopen zondag kwam ik ineens een groenblauwe metallic gekleurde kever tegen op een haagwinde. Hij stak mooi af tegen het wit en ik zette hem snel op de foto. Jammer genoeg niet zo scherp als ik wilde maar toch een mooi plaatje. Thuis heb ik opgezocht welk beestje dit is en het blijkt een Fraaie schijnboktor te zijn. Het is geen toeval dat het beestje in de natuurtuin te vinden is. Als larve leeft deze kever in plantensoorten van het geslacht Cirsium. En we hebben een Cirsium soort die zich de laatste jaren goed uitbreidt: Een grote distel, de Kale jonker (Cirsium arvense).


gevlekte smalboktorHooien en plaggen: Na het maaisel uit de insectentuin sjouw ik nog vlug een stel klinkers naar de grote hoop tegen de muur. We zoeken nog iemand die betonklinkers kan gebruiken. Wil en ik werken het pad af en kruien de ene na de andere maaiselhoop naar de houtwal in het berkenbosje en de houtwal aan de westkant van de natuurtuin. Rinus is intussen verder gegaan met het afplaggen in de insectentuin. Een deel van de voedselrijke grond graven we af en gooien we op een dijkje tegen de voorkant. Daar zullen we nog een hele tijd mee bezig zijn maar Rinus brengt vandaag de zaak weer een stuk verder. We drinken koffie met oud bestuurslid Agnes en even later komt ook voorzitter Kees er bij.


Levend gras: Na de koffie wil Rinus nog een stukje plaggen. Ik loop met Kees en Wil een rondje door de tuin. Weer verbazen we ons over de levendigheid van de graslandjes. Kleine kikkertjes, spinnetjes, torretjes, sprinkhanen, vlinders en vliegen en bijtjes. Van alles springt en vliegt er rond. En dan is het nog vrij koud en houden veel koudbloedige beestjes zich rustig. Verschillende keren zien we hommels die bevangen door de kou traag over een bloem bewegen.


koevinkjeSmalbok en koevinkje: Ik zie een mooie zwartgeel gestreepte kever. Er blijken een paar van deze keversoorten te zijn die erg op elkaar lijken maar volgens mij is dit een Gevlekte smalbok. De larve van deze kever leeft een paar jaar in loofhoutstobben. Elk jaar rond deze tijd zien we er wel een in de natuurtuin. Ook dat is geen toeval. Dood hout is belangrijk voor veel insecten en naast jonge en gezonde bomen zorgen we ook dat er veel dode en afstervende bomen zijn. En door ons kapwerk zijn er genoeg oude boomstobben voor de Gevlekte smalbok. In de insectentuin zit een koevinkje. Een vlinder die vaak te vinden is bij bospaden met struweel en halfnatuurlijke graslanden waar hij zijn eitjes afzet en Kropaar en Witbol groeit. Grassoorten waar de rups van leeft en die ook in en rond de natuurtuin staan.

 

hoooibergjes

Zaterdag 16 juni 2018: Mooi zomerweer. Achter de heuvel en bij de ingang ligt nog maaisel op de veldjes. Vandaag harken we dat bij elkaar. Ik begin vroeg. Niks lekkerder dan met mooi weer 's morgens vroeg in het groen rond te scharrelen. De meeste mensen slapen nog maar in de vogelwereld is spitsuur. Ik hoor veel geluiden hoewel ik meestal niet weet welke vogel ze maakt. Het duurt niet lang of er meldt zich een roodborstje. Zo gauw wij in de tuin klussen zijn roodborstjes er bij om voedsel te zoeken tussen ons gerommel. De laatste dagen is het droog gebleven en daardoor gaat het harken makkelijk. Tegen 9 uur ligt alle maaisel op een rij hooibergjes langs het pad. Rinus komt vandaag helpen maar omdat het hooien al klaar is gaat hij met Wil de nieuwe buitenhaag bijwerken. Hoog opgeschoten brandnetels worden uitgetrokken en de struiken van de haag waar nodig teruggesnoeid. Intussen ga ik met de gazonmaaier over de graspaden en door de insectentuin. Het maaisel in de insectentuin harken we volgende week bij elkaar. Dat kunnen we dan weer op de bodem tussen de struikjes van de buitenhaag leggen. We kunnen goed doorwerken en aan het eind van de ochtend is de hele klussenlijst afgewerkt. Maaisel op hopen geharkt, paden gemaaid, overhangende takken en brandnetels weggesnoeid, insectentuin gemaaid en de buitenhaag vrijgemaakt.


Betrapte buizerd: Rinus heeft afgelopen week een excursie van een basisschool in de natuurtuin begeleid. Bij het klaarzetten van de spullen betrapte hij een buizerd die een waterhoen aan het eten was. De buizerd vloog weg en de resten van het hoen bleven achter. Hij heeft ze aan de kinderen laten zien en dat bleek een groot succes. Er verdwijnen vaker kleine watervogels uit de poel. Tot nu toe dacht ik daarbij aan reigers, katten of een snelle jager als de sperwer als dader. Maar blijkbaar kan een lompgrote buizerd het ook.


Vlinders: Buiten ons drieën is het rustig vandaag. Ondanks het mooie weer. Oud vrijwilliger Wim maakt een rondje door de tuin en wat later komt een vlinderliefhebber binnen. Wij verbaasden ons net over het grote aantal verschillende vlinders dat nu rondfladdert. Vooral de bloeiende Kale Jonkers worden druk bezocht. Na de vroege voorjaarsvlinders waren er een paar weken nauwelijks vlinders te zien. Ik heb gelezen dat dat kwam door het gunstige voorjaarsweer. De vroege vlinders hebben op hun best gevlogen en waren daardoor ook eerder versleten. De latere vlindersoorten lieten nog op zich wachten maar maken het nu meer dan goed. Hopelijk zijn ze er morgen ook nog tijdens de open dag.



 

slootjesdag 2018

Zaterdag 9 juni 2018: Het hooien is mislukt. Vorige zaterdag is het natgeregende maaisel gekeerd. Het leek deze keer goed te gaan want meestentijds was het droog en warm. Maar, net als vorige week kwam de regen vrijdag met bakken naar beneden. Alles opnieuw doorweekt. Niks aan te doen. Werken met de natuur blijft onvoorspelbaar. Het maaisel moet wel van de graslandjes af. Wanneer het te lang blijft liggen trekken alle voedingsstoffen weer in de grond. Bovendien verstikt het maaisel de planten die nu opnieuw moeten uitgroeien. Wil kan vandaag niet komen maar Rinus komt een handje helpen. Iedereen opgeteld hebben 7 tijdelijke klussers bij deze maaibeurt geholpen en dat was. Voorzitter Kees is jarig geweest en komt snel een stuk vlaai afgeven. Vandaag gaat hij klussen bij Natuurmonumenten.

Slootjesdag: Wij beginnen achteraan bij de overloop en het veldje langs de knotwilgen. Dan verder naar de lage veldjes aan de noordkant. Het maaisel kruien we naar achteren en gooien het op de houtwal. Dan hebben er toch nog veel beestjes plezier van. Het is geen zwaar werk maar de zon komt door en het wordt snel warmer. We passen het tempo aan en nemen de tijd. Intussen is het jeugd-IVN binnen gekomen. De hele ochtend komen er groepjes om waterbeestjes te scheppen. Het is vandaag slootjesdag. Er is dan extra aandacht voor het waterleven in de buurt. Halverwege de ochtend wordt het echt warm. Eigenlijk hadden we de partytent op moeten zetten bij de brug. Da hadden de beestjesscheppers wat schaduw gehad. Maar de stemming blijft goed en de brug is de hele ochtend gevuld met enthousiaste onderzoekers.

Welbestede ochtend: Pas na twaalven wordt het rustiger en wat later kunnen de schepnetjes worden opgeruimd. Rinus en ik vinden het ook mooi geweest. Het meeste hooiwerk is gedaan. Volgende keer hoeven we alleen nog een stuk achter de heuvel en de helling bij de ingang op te ruimen. We scharrelen de harken en rieken bij elkaar en ruimen op. Kees is terug van Natuurmonumenten en in de schaduw bij de bij de container kletsen we nog wat na met de IVNers. Het laatste stukje vlaai vindt nog een liefhebber en dan is het echt genoeg geweest. We sluiten een welbestede ochtend af.



 

gemaaide veldjes


Zondag 3 juni 2018: Gisteren kon ik er niet bij zijn. Ik heb soms iets anders te doen op zaterdagochtend. Het was een spannende week. Vorig weekend hebben we alle graslandjes gemaaid die we met deze eerste maaibeurt wilden doen. De drie dagen daarna, zondag, maandag en dinsdag zijn we met een klein clubje helpers met rieken en hooiharken over de gemaaide stukken gewandeld. Door het maaisel een paar keer te keren droogt dat beter. Telkens waren we na een uur klaar. Ook het weer werkte goed mee. De meeste buien gingen Helmond voorbij en verder was het droog en warm. Tot vrijdag. Van de ochtend tot diep in de middag heeft het geregend. Een buitje op het droge hooi kan geen kwaad maar nu was alles helemaal opnieuw doorweekt. Hooiproject weer mislukt?

Noodplan: Het plan was om alle hooi vandaag buiten de poort te kruien en op te laten halen door de Helmondse Dierenparken. Gisteren stonden Wil, Wim en Alexander voor de vraag: kunnen we het maaisel niet beter nog een week op de veldjes laten liggen? Als het verder stabiel zomerweer blijft hebben we volgende week droog hooi. De weersverwachtingen zijn positief dus is het vochtige hooi nog eens gekeerd en niet naar buiten gebracht. Met zulke klussen blijf je afhankelijk van de natuur. En die werkt niet altijd mee.

Gezellige drukte: De afgelopen dagen is het gezellig druk geweest. Na het maaien is het hooi nu dus vier keer gekeerd en daarbij hebben we hulp gekregen van 6 tijdelijke helpers. Mensen die geen tijd hebben om vaak op zaterdagochtend te komen maar zo nu en dan een handje helpen. Sinds vorig jaar groeit rondom de natuurtuin een kringetje aardige natuurliefhebbers en dat is te merken aan het resultaat. De maaibeurten zijn tegenwoordig binnen een paar weken afgerond. En dat terwijl er relaxed wordt gewerkt. Geen gestres. Vlotte maaibeurten zijn betere maaibeurten. Het is ook dit jaar te merken dat de graslandjes hierdoor beter ontwikkelen. Meer variatie, meer kleur van bloemen en meer levendigheid van dieren die op al dat gegroei en gebloei afkomen.

Bijenstal: De purschuim is netjes verwijderd van de bijenkasten en ik zie weer kasten open staan. De imker heeft blijkbaar wat moeite om zijn vermeende privileges los te laten. Inmiddels is het warm en zonnig aan het worden. Een mooie zondag voor de boeg. Hopelijk blijft dat zo tot volgend weekend.

 

scouting leonardus

Zaterdag 26 mei 2018: Het wordt heet en de komende dagen zal het niet regenen. Mooier kunnen we niet hebben. Vandaag maaien we de graslandjes. De drie dagen harken we het maaisel elke dag heen en weer om het extra snel te laten drogen. Volgende week kruien we het hooi naar buiten. Het gaat dan naar de Helmondse Dierenparken. Tot nu toe hebben vijf mensen toegezegd om met het hooiwerk te komen helpen dus dat zal waarschijnlijk vlot verlopen.


Triest: De bijenkasten de wij vorige week met doekjes en spons hadden afgesloten zijn allemaal weer open gemaakt. In een van de kasten zit nog steeds een bijenvolkje. De imker weet dat we ook deze week open kasten afsluiten. Alleen gebruiken we deze keer geen makkelijk te verwijderen doekjes maar spuiten we de vliegopeningen dicht met purschuim. Dat is natuurlijk ook te verwijderen maar kost meer moeite en de kasten zullen er voor moeten worden verplaatst. Triest dat een volwassene op zo'n manier gedwongen moet worden zich aan de regels te houden. Er mogen geen honingbijen meer worden gehouden in de natuurtuin. Wij geven ruim baan aan de wilde bestuivers.


donker soldaatjeMaaien: De messenbalkmaaier werkte vorige week goed en vandaag is het plan om de hele maaibeurt in een keer klaar te krijgen. Wil gaat hoog opgeschoten planten tussen de nieuwe buitenhaag weghalen. Daarna probeert hij de generator weer aan de praat te krijgen. Als dat lukt kunnen we de compressor gebruiken om de machine na het maaien schoon te blazen. Ik maai eerst de drie lage veldjes aan de noordkant. Bloemrijke graslandjes maaien blijft schipperen. Aan de ene kant willen we met maaien zoveel mogelijk voedingstoffen weghalen. Dus veel maaien. Het klinkt gek maar, hoe armer de grond hoe rijker de variatie en bloei van inheemse planten. Aan de andere kant willen we niet de hele leefomgeving van de insecten en kleine dieren die in de graslandjes leven weghalen. Ook willen de planten die nu in bloei staan zich laten uitzaaien. Dus minder maaien. We kiezen er voor om toch op tijd te maaien en plekken waar veel planten bloeien slaan we over.


Scouting Leonardus: Rond 10 uur stroomt de natuurtuin vol met kleine scouts. De welpen van scouting Leonardus hebben een excursie die begeleid wordt door het IVN. De groep splitst zich en een deel gaat waterbeestjes scheppen. Het andere deel krijgt een rondleiding en moet her en der educatieve opdrachten uitvoeren. Later wordt er gewisseld. Wij stoppen met maaien. De machine maakt nogal lawaai en dat is niet leuk voor de tuinbezoekers. Morgen gaan we hooien en ik kan van tevoren de laatste stukken nog wel gemaaid krijgen. Dat is een paar meter langs de overloop en de helling bij de ingang. Wil heeft de generator draaiend gekregen en de messenbalk is snel schoon.


Terwijl de scouts de natuur bestuderen gaan wij met zoekkaart en camera door de tuin. We proberen elke zaterdag een uurtje te besteden aan monitoring van planten en insecten. En vooral dat laatste betekent oefenen.


Monitoring: We zijn nog niet echt bekend met alles wat er rondvliegt op en rond de bloemen. We zijn al blij wanneer we een boomhommel, een honingbij en een aardhommel zeker op naam hebben. Het is verbazend hoeveel verschillende hommels, bijen, wespen en zweefvliegen er te zien zijn. Grote, kleine, superkleine, allerlei rare vormen en kleuren en zelfs een heuse rupsendoder (jammer genoeg een vage foto, dus we weten niet welke soort). Een kwartiertje bij een bloeiende gele waterkers is een duizelingwekkende biodiversiteitsshow. We gaan nog veel leerplezier hebben.


Terug bij de container komen we in een gezellige drukte. Scouts hebben zich verzameld en maken zich op om te vertrekken. Voorzitter Kees staat te praten met iemand die zijn tuin aan het opruimen is. Hij heeft maaskeien over en brengt die in etappes met zijn fiets naar de tuin. Op de grond hebben we er niets aan maar als we ze in de poel gooien zullen ze waarschijnlijk door een of ander waterorganisme in gebruik worden genomen. Wanneer iedereen vertrokken is en alle spullen opgeruimd sluiten we af.

 

bloemrijke graslandjes 

Zaterdag 19 mei 2018: Er wordt warm weer verwacht maar vandaag is het bewolkt en niet echt warm. Wel goed weer om buiten te klussen. Eerst controleer ik de bijenkasten. Er mogen geen honingbijen meer worden gehouden in de natuurtuin. Dat is in strijd met het natuurherstel. De imker is de laatste tijd wekelijks hier geweest maar niet om zijn spullen te verhuizen. Hij heeft twee oude kasten die flink naar de was en honing ruiken wijd open gezet. Daarnaast staat een hele batterij lege bijenkasten met open vliegopeningen. Niet toevallig dus dat daar bijenzwermen van andere imkers in terecht kwamen. Langzaam maar zeker zagen we steeds meer kasten opnieuw in gebruik komen. Maandag hebben we hem opdracht gegeven om alle bijen vóór vandaag weg te halen. Hij weet dat we vanaf nu alle bijenkasten die openstaan afsluiten. De imker is gisteren geweest maar er staan nog steeds 7 kasten open. Ik stop de vliegopeningen dicht. Repen oude poetslap en spons blijken prima te werken. Het klusje is binnen 10 minuten klaar. Ik ben benieuwd hoe lang de imker zijn afgesloten kasten laat staan.

Bloemrijke graslandjes: Morgen hebben we open zondagmiddag. Het zal mooi weer worden en de tuin laat zich ook nu weer van zijn beste kant zien. De lage veldjes zijn gevuld met roze spikkels: koekoeksbloemen. De witte pinksterbloemen zijn er ook nog en daarbij komen nu de goudgele boterbloemen en hemelsblauwe vergeet-mij-nietjes. Die kleurige bloeiers zijn onregelmatig verdeeld tussen de verschillende groentinten van de grassoorten. Soms staan ze dicht opeen, het is maar net zoals het ze uitkomt. Vlakbij de heuvel doen je ogen bijna pijn door de grote bos felgekleurde gele waterkers.

weidebeekjuffer vrouwtjeBeschadigde messenbalkmaaier: Ik graaf nog een stukje pad weg in de insectentuin. De vrijgekomen gele grond gebruik ik om de randen glooiend af te werken. Uiteindelijk hark ik het geheel netjes bij. Het oog wil ook wat. Komende weken kunnen we hier niet verder omdat we nu aan de eerste maaibeurt gaan werken. Daarna graven we weer verder. Vandaag maaien we het eerste stuk: de insectentuin. Ik heb de beschadigde messenbalk weer in elkaar gezet, schoongemaakt en gesmeerd. De monteur die hem zou repareren heeft hem weken laten liggen zonder iets te doen en wij kunnen het maaiwerk niet uitstellen. Vandaag is dus ook een test of hij wel goed werkt. Het gras achter de bijenstal is extreem dicht en hoog opgeschoten. Echt netjes werkt de maaier niet maar dat hoeft ook niet. Er komt een flinke massa maaisel van de kleine oppervlakte. Wil en ik harken het bij elkaar en voeren het af met de kruiwagen en de hooikruiwagen.

weidebeekjuffer mannetjeWeidebeekjuffers: Vlak langs de zuidelijke poel stop ik de machine. Ik zie een mooie metallic blauwe weidebeekjuffer tussen het riet zitten en wil die op de foto zetten. Dan zie ik er nog een en nog een. Ruim meer dan tien, misschien wel twintig. Zoveel heb ik er nog nooit bij elkaar gezien. Tussendoor zie ik een paar olijfgroene exemplaren zitten. Een andere soort denken we eerst. Maar later blijken dat vrouwtjes te zijn. Weidebeekjuffers zijn gebonden aan zuurstofrijk stromend water. Het enige stromende water in de buurt is de gulden Aa, 200 meter verderop. Wat al die beekjuffers hier in het riet langs de zuidelijke poel doen is mij een raadsel. Wel een mooi raadsel. We laten de rietkraag verder maar met rust. Het maaisel uit de insectentuin leggen we tussen de nieuwe buitenhaag en de oude houtwal. Daarna trappelen we het nog eens extra plat. De bedoeling is om de struikjes van de nieuwe haag ruimte te geven en de brandnetels en het kleefkruid er onder te houden. Met een tapijt van maaisel en een paar keer maaien met de bosmaaier moet dat lukken.

Hoe meer je kijkt hoe meer je ziet: We verwonderen ons weer over de wilde metselbijen die op de verse afgeplagde leemgrond af komen. Ze bewegen snel en telkens denken we verschillende soorten te zien. Ik probeer foto's te maken. Alleen met een goede scherpe foto kunnen we naderhand vaststellen welke soort bij het is. Het wil niet echt lukken. Er zit wel ineens een wesp tussen de metselbijen. Wat doet die daar? Het is geen gewone wesp. Misschien een metselwesp. Die blijken ook te bestaan. Of misschien een parasitaire wesp die eitjes afzet in de nesten van de metselbijen. De larven van die wesp voeden zich met de nakomelingen van de metselbijen. We hebben te weinig tijd en te weinig scherpe foto's. Dus voorlopig weten we het niet. Verderop trekt alweer een onbekend goudgeel insect de aandacht. Die heeft er geen probleem mee om even te poseren voor de foto. Zo kan ik achteraf thuis aan de weet komen dat het een bladwesp is, waarschijnlijk een Athalia maar welke soort precies weet ik niet. Verderop in een rotte boomstam zie ik weer een ander bizar uitziend beestje. Hier heb ik tot nu toe nog niets over kunnen vinden. Hoe meer je kijkt hoe meer je ziet en hoe meer je ziet hoe minder je blijkt te weten.

resten van libellenlarves in het rietZaterdag 12 mei 2018: Het wordt mooi weer vandaag. Ik maai de graspaden. Dat is al een paar weken niet gebeurd en nu wordt het gras te hoog om nog comfortabel over te lopen. Na een half uurtje zijn de paden klaar en stuur ik de gazonmaaier de insectentuin in. Binnenkort maaien we hier alles met de messenbalkmaaier. Nu ik hier toch met de gazonmaaier loop maak ik het en der een strookje plat, vooral de stukken met Late guldenroede. Late guldenroede is een mooie tuinplant maar ook een woekeraar die je niet in een natuurgebied wil hebben We gaan hem wegwerken door regelmatig te maaien.

Na de insectentuin maai ik een strookje voor langs de nieuwe buitenhaag. Ik tref voorzitter Kees die vandaag naar Natuurmonumenten gaat. Ik wijs hem er op dat ik vorige week gezien heb dat er opnieuw een bijenvolk in de voormalige bijenstal zit. Dat is tegen de afspraken die we met de imker en de gemeente hebben gemaakt. Niet de eerste keer dat hij de afspraken niet nakomt. Maandag neemt hij contact op met de gemeente.

Klussen en kletsen: Wil en ik gaan nog wat afplaggen. We halen de klinkers uit een pad en gebruiken de gele grond daaronder om de rand van het afgegraven stuk glooiend te maken. Oud bestuurslid Agnes komt een kijkje nemen. We maken een praatje en zij maakt een rondje door de tuin. Wat later komen nog twee dames de tuin ingewandeld. Weer blijkt het nieuwe bordje bij de poort een goed idee. Mensen worden uitgenodigd een kijkje te komen nemen wanneer we aan het werk zijn. Sindsdien krijgen we elke zaterdag nieuwsgierige bezoekers die anders niet binnen waren gekomen.

Onbetrouwbare imker: Tussen het klussen en de praatjes door bekijk ik de bijenstal eens van dichtbij. Tot mijn verbazing tel ik nu maar liefst 4 kasten waar bijen in en uit gaan. Daarnaast staan nog twee oude bijenkasten die flink naar de honing en was ruiken helemaal open. Volgens mij is dat een methode om zwermende bijen te lokken. Wij hebben de samenwerking met deze imker opgezegd omdat er niet mee is samen te werken, wat nu weer blijkt. Hij weet dat hier geen honingbijen meer gehouden mogen worden. Wij willen ruim baan voor wilde bijen en andere bestuivers. Die hebben het al moeilijk genoeg. Blijkbaar is zijn honinghandel belangrijker dan zijn afspraken of natuurherstel. Ik ben benieuwd wat de gemeente hier van vindt.


Elke week is anders: Ook vandaag krijgen we bezoek van wilde bijen tijdens ons graafwerk. Het zij Rosse metselbijen die afkomen op de leem die vrij komt. Die gebruiken ze om hun nestgangen dicht te metselen. Daarnaast zien we ook nog kleinere bijen in en uit een gaatje kruipen. We vragen ons af of ze ook leem opgraven of dat ze er een gezamenlijk nest hebben. Agnes is inmiddels terug van haar tocht door de tuin en is enthousiast over de bloemrijke graslandjes. Telkens komen nieuwe planten in bloei. Nu de Pinksterbloemen minder worden komen er steeds meer Echte koekoeksbloemen. In de rietstengels naast de houten brug zitten de resten van libellenlarven. Kort geleden zwommen ze nog rond in de grote poel. Ze zijn in de stengels geklommen en tegelijk uit geslopen zoals dat heet. Nu vliegen ze als volwassen libelle rond. Elke week is anders.

 

Bloeiende MeidoornZaterdag 5 mei 2018: Het wordt warm vandaag. Na het rondje voor de watermonsters snel aan het werk in de insectentuin. Ik wil een flink stuk afplaggen voordat het echt warm wordt. Met de grond die we nu afgraven maken we aan de voorkant een kleine helling. Er ligt al een onopvallend dijkje en dat maken we stukje hoger en steiler. De helling sluit straks aan op het afgeplagde stuk waardoor we mooie hoogteverschillen krijgen. De wilde bijen die we vorige week al in de insectentuin zagen hebben pech gehad. Daar lijkt het ten minste wel op. We zagen ze toen rondscharrelen op de leemgrond en in een gaatje inkruipen. Om te nestelen dachten wij. Nu staat dat stuk onder water. We hebben niet kunnen zien welke bijensoort het was. Daar zullen we nu dus ook niet achter komen. Ik weet eigenlijk niet of bijen die in de grond nestelen hun gangen waterdicht kunnen afsluiten.

Nieuwe gebruikers insectentuin:

Rosse metselbijenWil is intussen begonnen de stenen in het midden van het af te plaggen stuk op te ruimen. Ik ga verder waar ik vorige week werkte en bouw in een moeite door de nieuwe helling op. Ook vandaag weten de wilde bijen ons, of eigenlijk ons graafwerk te vinden. Ik ben nog geen uur bezig en ik zie langzaam maar zeker steeds vaker kleine bijen rondvliegen. Vlak boven de bodem. Vooral de recht rand waar ik net grond heb afgestoken blijkt ze te interesseren. We stoppen even met werken om het gebeuren eens goed te bekijken. Het lijkt alsof de bijtjes water van de bodem oplikken. Maar al snel is duidelijk dat zede leemgrond zelf willen hebben. Het zijn van die bijtjes die in gaatjes en kieren hun nesten maken en die dan met bijvoorbeeld leem dichtmaken. Metselbijen dus. We proberen de drukke beestjes op de foto te zetten en vergelijken de plaatjes met die op een van onze zoekkaarten. Volgens ons zijn het Rosse metselbijen. Een algemene soort die nu volop actief is. En een soort die in no time van ons graafwerk weet te profiteren. Natuurbeheer geeft soms razendsnel resultaat.

Kikkervisjes en reeën in de natuurtuin:

Voorzitter Kees is met het zwerfafvalgroepje de wijk ingetrokken. Er komt een fotograaf binnen die foto's wil maken voor een ledenblad van de Rabobank. We kletsen wat en hij maakt zijn foto's terwijl wij aan het graven zijn. Een gezinnetje is neergestreken op de houten brug en wanneer wij stoppen met het graafwerk is de zwerfafvalgroep ook weer terug. We drinken eerst maar eens koffie. Daarna maken Wil en ik nog een rondje door de tuin. Er zitten nog steeds waanzinnig veel kikkervisjes in de grote poel. Ze zijn weer een stuk dikker geworden en wat minder beweeglijk dan eerst. Voor langs het elzenbosje zien we twee reeën stilletjes maken dat ze weg komen. De laatste tijd vinden we veel sporen van ze, pootafdrukken, slaapplekken en boombast die afgeschraapt is. Ze zijn veel te snel om de camera te pakken. Toch mooi om ze weer eens in levende lijve te zien.

 

bloeiende meidoorn

Zaterdag 28 april 2018: De Meidoorns bloeien. Er staan elke week nieuwe planten en struiken in bloei maar vandaag steelt Meidoorn de show. Sprookjesachtig mooi, maar net als alle bloesem van korte duur. Als je niet elke week naar buiten gaat mis je veel natuurverschijnselen. Twee weken geleden kon ik amper 2 Pinksterbloemen tellen. Nu lijkt het alsof iemand honderden van die witte bloeiers over de lage veldjes heeft uitgestrooid. En daartussen zag ik alweer de eerste Echte koekoeksbloemen.

Afplaggen of niet:

Vandaag eerst maar eens een nieuw stuk insectentuin afplaggen. Het liefst zouden we de hele insectentuin afplaggen maar op sommige plekken zitten veel boomwortels in de grond. Het is onbegonnen werk om daar alles af te graven. Bij de aanleg van de buitenhaag hebben we gemerkt hoeveel extra werk het kost om door die wortels heen te worstelen. In plaats van eerst afplaggen beginnen we hier meteen met het maaibeheer. Dat betekent een paar keer per jaar met de maaimachine er overheen en dan het maaisel afvoeren. Zo proberen we de bodem natuurlijker en minder voedselrijk te krijgen. Op “rijke” bemeste cultuurgrond doen veel inheemse wilde planten het niet goed. Op voedselrijke grond moet je continu schoffelen en wieden om te voorkomen dat Brandnetel en een paar grassoorten alles overgroeien. Op een gezonde natuurlijke bodem ontwikkelt zich wanneer je geen gekke beheerfouten maakt vanzelf de natuurlijke begroeiing die daar thuishoort. Dieren die bij die planten horen komen ook vanzelf. Als ze tenminste nog ergens in de buurt leven.

Graslandjes worden kleurrijker:

Op onze graslandjes zien we hoe goed dat werkt. Sinds enkele jaren maaien wij die 2 keer per jaar en voeren het maaisel af. Verder doen we niets. In korte tijd hebben we gezien dat er tussen het gras steeds meer andere planten het goed zijn gaan doen. Veel van die plantensoorten zoals Zeggen en Russen zijn niet sensationeel om te zien. Je moet goed kijken en vaak een boekje erbij hebben om ze te herkennen. De variatie aan planten valt vooral op wanneer zoals nu elke week andere planten in bloei komen die geel, rose, wit en paars of blauw kleuren. Ons maaibeheer hebben wij niet zelf verzonnen maar uit de Veldgids Graslandbeheer gehaald.

Eerste onverwachte succes insectentuin:

We dumpen de afgegraven tuingrond dus op een strook langs de voorkant die we niet kunnen plaggen. We zijn de grond kwijt en in een moeite door zorgen we voor wat hoogteverschil. Het maaibeheer blijft hetzelfde. Wil gaat een stuk plastic verwijderen. Een van de tests die we hebben gedaan om de Late guldenroede op te ruimen is een stuk insectentuin afdekken met zwart plastic. We hebben ontdekt dat we in onze situatie deze woekeraar beter kunnen bestrijden door iets vaker te maaien. Wanneer ik een stuk of tien kruiwagens heb weggebracht maai ik de begroeiing weg rondom de nieuwe buitenhaag. Die moeten we de vrij houden totdat de haag voldoende is uitgegroeid. Later zien we dat ons werk aan de nieuwe insectentuin een onverwacht succes oplevert. Een stuk waar vorige week pas wat leemgrond is komen bloot te liggen blijkt nu al ontdekt te zijn door wilde bijen. Ze vallen op omdat ze zenuwachtig boven de leemgrond vliegen. Eerst denken we nog dat ze water op de vochtige grond zoeken. Maar dan zien we dat ze in en uit een gaatje in bodem kruipen. Blijkbaar hebben ze daar in die korte tijd al een nest gemaakt. We weten niet welke bijensoort dit is. Volgende week zullen we nog eens kijken met een goede zoekkaart erbij.

Bezoekers:

Intussen krijgen we weer wat bezoekers. Twee duo's komen een rondje doen en Tom en Marijke komen met kinderen Chris en Liz langs. Ze willen de natuurtuin zien en we gaan waterbeestjes scheppen. We zijn benieuwd wat er te vangen is. In ieder geval Kikkervisjes. We hebben dit jaar een record aantal nakomelingen van de Bruine kikker in de poel. Overal kun je een hand in het water steken en de kikkervisjes zo uit het water scheppen. Dieren die graag kikkervisjes eten hebben een goed jaar. Na flink wat scheppen krijgen we ook Bootsmannetjes, een Schaatsenrijder, Waterschorpioenen, Kokerjuffers, Stekelbaarsjes, allerlei kleine torretjes en een prachtig exemplaar van de Alpenwatersalamander te pakken. We vermaken ons prima en de tijd vliegt voorbij. Het is alweer na twaalven wanneer we onze spullen opruimen en afsluiten.

 

pinksterbloemen op nat grasland


Zaterdag 22 april 2018: Wil is er vandaag niet en ook voorzitter Kees heeft bezigheden elders. Ik begin rustig aan mijn rondje voor de watermonsters. Een grapjas heeft de tuit van de oude waterpomp volgestopt met mos. Wanneer dat er uit is stroomt het water weer door. Eigenlijk raar. Er zijn maar weinig mensen die weten dat deze pomp werkt. Voordat het grondwater opgepompt kan worden moet van bovenaf wat water in de pomp gegoten worden om het droge leertje soepel te krijgen. Pas wanneer dit zuigertje nat en soepel is werkt de pomp. Als je dat niet weet kun je pompen wat je wil maar zal er geen water komen. De pomp lijkt het niet te doen. Raar om een niet werkende pomp dicht te stoppen. De natuur staat in turbostand. Kort geleden was het ijzig koud en kaal. Nu schijnt de zon, hoor ik aan alle kanten verschillende vogels en loop ik in mijn shirt tussen het groen dat met centimeters tegelijk uit de grond knalt. De lage veldjes raken gevuld met bloeiende Pinksterbloemen en de bosranden worden opgefleurd door de bloesems van de Vogelkers. De Zoete kersen zijn alweer uitgebloeid. Overal op de bodem komt kleur. Witte Veldkersen, gele en witte Dovenetels, blauwe Hondsdraf , gele Paardenbloemen en de eerste roze dagkoekoeksbloemen laten zich zien.

De eerste Koekoek: Vorige week zag ik 2 bloeiende Pinksterbloemen op de lage veldjes. Vandaag staan er honderden. En, terwijl ik water schep op het dammetje langs de wijksloot, hoor ik hem voor het eerst dit jaar: de Koekoek. Hij is net als tientallen andere vogels bezig met aandacht te trekken en maakt het voorjaarsplaatje compleet. Het is de bedoeling om vandaag ook nog wat te klussen. Ik werk een dik uur aan het stuk insectentuin dat al afgeplagd is. Een klein stuk zwarte grond verdwijnt in de sloot. De gele grond krui ik naar de paden bij de houten brug. Dit is prima materiaal om de paden op te hogen en egaal bij te werken. Ik ga door tot het afgeplagde stuk helemaal leeg is. Volgende week beginnen we aan het stuk er naast.

Bijen tellen: Het is nationaal bijentelweekend. Ook wij doen mee. Vooral om zelf wat oefening te krijgen in het herkennen van wilde bijen, hommels en zweefvliegen. Want dat blijkt niet mee te vallen. Vorige week waren we nogal optimistisch. We vonden toen een paar makkelijk op naam te brengen hommels. Een dikke tuinhommel is met een zoekkaart zo herkend. Uitgerekend nu komen er geen opvallende hommels voorbij maar wel allerlei bijtjes en vliegen die maar niet stil blijven zitten. Bewegend lijken ze allemaal op elkaar. Uiteindelijk weet ik vandaag een scherpe foto te maken van 1 bijvliegsoort (welke weet ik niet) te maken. Verder herken ik een akkerhommel, honingbijen en een steenhommel. Een magere oogst maar alle begin is moeilijk. En eigenlijk is het best leuk om een uurtje rond te speuren en gewoon af te wachten wat je tegenkomt. Als “bijvangst” noteer ik Klein koolwitje, Oranjetipje en een Bont zandoogje. Die zijn een stuk makkelijker te herkennen.

Bezoekers: Verschillende mensen komen de tuin in. Een dame komt honing kopen. Ik leg uit dat de imker verhuist is en verwijs haar naar de bijenhal in de Warande. Later komt iemand binnen die vaker in de buurt wandelt maar er nu achterkomt dat de tuin op zaterdagochtend open is. Buiten de poort heb ik een bordje neergezet en dat blijkt te werken. Weer wat later komt een moeder met kind binnen. Ze is van de Dierdonkschool. De school houdt elk jaar een sponsorloop en de Natuurtuin is dit jaar uitgekozen als een van de sponsordoelen. Mooi nieuws! Misschien kunnen we het sponsorgeld besteden aan ons nieuwe educatieve insectenhotel. De Dierdonkschool komt elk jaar op excursie in de Natuurtuin. Leuk om ze dan het insectenhotel te laten zien waar ze zelf voor gelopen hebben. Wanneer ik afsluit komt nog een vader met 2 kinderen op fietsjes de tuin in. Ik laat ze een rondje lopen en kijk of ik nog bijen scherp op de foto krijg. Niet dus. Wanneer de wandelaars weg zijn sluit ik af. Genoeg ontdekkingen voor een ochtend.

 

voortgang afplagwerk

Zaterdag 14 april 2018: Lekker weer vandaag. Droog, een zonnetje en het gaat zo'n graad of 20 worden. Een eekhoorn probeert mijn aandacht te trekken. Hij zit op de stam van de grote wilg bij de container en maakt rare geluidjes. Korte stotende blafjes terwijl hij met zijn voorpootjes op de stam slaat. Het ziet er speels uit maar het zou ook kunnen dat hij mij wil wegjagen. Wanneer ik dichterbij kom geeft hij het op en verdwijnt de boom in. Er zijn weer kleine vernielingen. Iemand heeft de moeite genomen om de schors van boomstomp bij de ingang af te trekken. Een stukje van het stapelmuurtje in de insectentuin is omgeduwd. Zielig gedrag.

kevertjes op Gele lisOpen middag: Morgen is de eerste open zondagmiddag van het seizoen. We organiseren die weer samen met de vogelwerkgroep van het IVN. Het lijkt een mooie vogeldag te worden. Prima voorjaarsweer en de vogels zijn nu druk bezig met nestelen, ruziën en territoria afbakenen. Ik hoor en zie veel kleine en grotere vogels. Roodborstjes en pimpelmezen tussen de lage takken, een boomklever tegen een boomstam. Wat verderop krast een fazant en bovenin een dode es roffelt een specht. Ik ben benieuwd wat de vogelkenners morgen allemaal nog meer ontdekken.

Insectentuin: We werken nog wat in de insectentuin. Afplaggen dus. Wil haalt de klinkers uit het pad dat we opruimen. De stapel tegen de stenen muur begint al aardig te groeien. Hopelijk vinden we iemand die ze kan gebruiken. Ik steek een paar kruiwagens zwarte grond weg en dump die in de sloot. De gele grond onder die onder klinkers tevoorschijn komt gebruik ik om de randen van het afgeplagde stuk glooiend te maken. Zo kunnen we er straks makkelijk met de maaimachine overheen. Dit stukje natuurtuin wordt erg interessant. Het afgeplagde stuk zal een groot deel van het jaar onder water staan. Net als de overloop van de grote poel zal het later in het seizoen meestal droog vallen. Dat gaat aparte begroeiing opleveren.

Rondkijken: Erg lang gaan we niet door met werken. Het is te mooi weer en we lopen liever een rondje door de tuin. Er komen steeds meer planten in bloei. Op de lage noordelijke veldjes zijn al een paar pinksterbloemen te zien. Aan de zuidrand van de grote poel ontdekken we ineens een dotterbloem. Jaren geleden stond er hier ook een. We hebben in die tijd de hele strook langs het water weg gekapt om de poel vrij te maken. We verwachtten toen dat de dotterbloem het ook beter zou gaan doen met alle extra licht en ruimte. Maar hij was verdwenen. Jaren hebben we hem niet gezien en nu staat hij weer op bijna precies dezelfde plek als toen. Zaad van de dotterbloem overleeft minder dan 1 jaar, lees ik op verspreidingsatlas.nl. Dus een restant zaad van de oude plant kan het niet zijn. Misschien heeft een deel van de wortelstok al die tijd overleeft en bloeit hij nu weer voor het eerst. Zou kunnen. Een dotterbloem kan behoorlijk fors uitgroeien maar dit is een klein exemplaar. Misschien zijn de bloemen ons gewoon niet opgevallen. Wie weet zaait de plant zich weer verder uit. Zaad van de dotterbloem drijft op water dus nu de natuurtuin natter is dan een aantal jaren geleden zit dat er best in.

welpen vol aandacht

Zaterdag 7 april 2018: De eerste echte lentedag van het jaar en hij valt op deze zaterdagochtend. Ik maak een rondje om watermonsters te nemen en ga daarna verder met het afplaggen van de insectentuin. Er liggen verschillende paden met betonklinkers in dit stuk tuin. Een paar stukken blijven liggen en de rest ruimen we op. De klinkers komen op een stapel tegen de stenen muur. Wanneer ik een paar kruiwagens met klinkers heb weg gereden komt Antoinette van het IVN binnen.

Zwerfafval: Vandaag begeleidt ze een excursie met welpen in de natuurtuin. Voordat de welpen komen gaat ze een kikkerroute uitzetten waar de kinderen uitleg krijgen over deze amfibieën. Intussen is ook voorzitter Kees gearriveerd. Hij gaat vandaag op pad met een paar andere vrijwilligers om zwerfafval op te ruimen. Wanneer het zwerfafvalgroepje compleet is trekken ze de wijk in. Ik maak van de gelegenheid gebruik om weer stenen en grond weg te kruien. Niet lang daarna komt Wil aan. Hij hengelt nog een paar palen uit het water en werkt weer door aan onze generator die maar niet goed wil werken.

IVN tuincursus: Het is een drukke dag in de natuurtuin. De welpen en hun begeleiders zijn aangekomen en trekken naar de brug. De ene helft gaat waterbeestjes scheppen terwijl de andere helft de informatieroute loopt. Naast de welpjes komt er ook een rondleiding van het IVN door Anne. Hij geeft een cursus natuurvriendelijk tuinieren en bezoekt met zijn cursisten verschillende zogeheten tuinreservaten. Vandaag bezoeken ze de natuurtuin en al snel trekt ook deze groep op ontdekkingstocht.

Eekhoorns lusten eieren: Een paar kruiwagens later heeft Wil de generator eindelijk aan de praat gekregen. We drinken koffie en laten het apparaat een tijdje stationair lopen om zeker te weten dat hij het blijft doe. Alle moeite blijkt niet voor niets geweest want hij blijft keurig stabiel draaien.

Het wordt steeds warmer. De vogels doen hun best en twee eekhoorns zijn een vogelkastje aan het inspecteren. De opening is te klein voor de eekhoorns, maar Antoinette weet te vertellen dat ze uit zijn op de vogeleieren. Die vinden ze lekker. Het lijkt mij sterk dat er al eieren in het vogelkastje zitten en de eekhoorns houden het na een tijdje ook voor gezien. Achter elkaar jagen ze soepel door het wilgenbosje.

Na verloop van tijd vertrekken de IVN-tuincursisten weer. De zwerfafvalgroep keert terug met een grote verzameling afval en een onderweg gekochte vlaai. We drinken dus nog maar eens koffie en verorberen de vlaai. Weer iets later zijn ook de welpjes weer vertrokken. We kletsen nog wat met Antoinette en sluiten dan de zaak af. Door alle drukte hebben we niet echt veel kunnen doen maar gezellig was het wel.

bruine kikkers

Zaterdag 24 maart 2018: Het voorjaar begint door te zetten. Vandaag begint koud maar later wordt het dik 10 graden met een zonnetje dat door de wolken breekt. Niet alleen de vogels hebben het voorjaar in de kop. Ik kom boompjes tegen met kale plekken en de schors ligt in slierten op de grond. Eerst denk ik aan iemand die zijn zakmes heeft uitgeprobeerd. Maar dan zie ik dunne hoefsporen en weg geschraapte bladeren. Het lijkt er op dat de boompjes zijn bewerkt door een mannetjes ree. Reeën verliezen elk jaar hun gewei en tijdens de winter groeit dat opnieuw aan. Ik kijk het na op Wikipedia. Inderdaad proberen de mannetjes rond deze tijd de opgedroogde huid rondom het nieuwe gewei weg te schuren.

Voorzitter Kees met hesjeKlusjes: Ik ga vandaag weer een stuk afplaggen in de insectentuin. De grond komt voor een deel in de sloot langs de zuidkant. De rest krui ik naar een pad vlakbij de grote poel dat iets te laag ligt. Wil harkt de bergjes grond tot een beloopbaar pad. Voorzitter Kees gaat vandaag op pad met de zwerfafvalgroep. Hij ruimt eerst een paar stapeltjes huis aan huis krantjes op die naast de natuurtuin zijn gedumpt. Daarna krijgt hij gezelschap van een andere vrijwilligster en gaan ze de wijk in. Wil neemt de generator weer onder handen die nog steeds problemen blijft geven. Wanneer hij de carburateur uit elkaar haalt blijkt die vol roest en vuiligheid te zitten.

Kikkers: Tegen het eind van de ochtend wordt het wat warmer en ga ik kijken of er al planten zijn te noteren die in bloei staan. Ik verwacht er nog niet veel van. Onderweg springt een dikke kikker over het pad. De eerste dit jaar. De hoge temperatuur heeft een eind aan de winterslaap gemaakt en de kikker trekt richting de grote poel op zoek naar een voortplantingspartner. Dit jaar zal hij geen moeite hebben om die te vinden. De overloop van de grote poel zit vol kikkers en er ligt al een enorm pakket kikkerdril. Zodra ik over de houten brug dichterbij kom duiken de kikkers onder water. Ik ga een paar meter verderop op de heuvel zitten en wacht af. Na een minuut of tien komen steeds meer kikkerkopjes opnieuw boven. Het zijn bruine kikkers. Groene kikkers komen pas later in het seizoen in actie. Maar het aantal is verbazend. Er komen steeds weer meer kopjes boven water. Ik heb nog nooit zoveel kikkers tegelijk in de poel gezien. Een tijdje denk ik tussen de vogel en verre verkeersgeluiden een trein te horen. Niet raar, want de wind komt uit het zuiden. Zo'n geluid is het. Het verwaaide geluid van een trein in de verte. Maar de trein verdwijnt niet. Het geluid blijft op de zelfde plek hangen. Opeens dringt het door dat ik helemaal geen verre trein hoor maar het zachte gekwaak van de kudde bruine kikkers in de poel voor mij. In andere jaren is op deze plek wat zacht gekwaak heen en weer te horen maar deze massa flirtende amfibieën maakt er iets speciaals van. Het weer kan doen wat het wil maar het voorjaar is begonnen.

Zwerfafval: Het is na twaalven en de compressor wil nog steeds niet goed lopen. We ruimen de spullen op en zullen volgende week een nieuwe poging wagen. De zwerfafvalgroep heeft de vangst van de dag bij de ingang gezet. Waarschijnlijk is het de bedoeling dat die nog wordt opgehaald. Ik maak er een foto van. Het is een flinke stapel van vooral snack- en drankverpakkingen. Ook een lenteverschijnsel. Alleen minder leuk dan de kikkers.

voortgang insectentuin

Zaterdag 17 maart 2018: Maart roert met zijn staart en april doet wat hij wil. Ik heb het vaak gehoord de laatste dagen . En terecht. Vorige week zaten we in lentestemming. Vandaag is het onder nul en jaagt een koude oostenwind de sneeuw door de lucht. Geen weer om lang buiten rond te hangen. Aan de deur van het materiaalhok hangt een kleine fuik. Een leefnetje dat vissers gebruiken om de gevangen vis in leven te houden. Wat doet dat hier. Mij lijken stekelbaarsjes niet interessant voor vissers en andere vis zit hier niet. Bovendien mag hier helemaal niet gevist worden. Blijkbaar heeft een visser het toch geprobeerd en is daarbij dit netje vergeten. Op de grond staat ook nog een van de IVN nestkastjes. Zo te zien heeft iemand in de tuin rondgeneusd en daarbij deze spulletjes gevonden. Ik leg het nestkastje in het materiaalhok, bij de andere die in de loop der tijd naar beneden zijn gevallen. Het leefnetje gaat in de vuilnisbak.

Ik besluit om toch maar een paar meter in de insectentuin af te plaggen. Een stukje langs de sloot en wanneer dat klaar is ga ik naar huis. Kees belt op dat hij vanwege het slechte weer niet komt. Even later komt Wil binnen. Hij ruimt wat palen op die door spelende kinderen door de tuin zijn gesleept en ik maak het stukje af dat ik wilde doen. We lopen een rondje buitenom de natuurtuin en verbazen ons over het grote aantal bomen dat is omgewaaid in de storm van enkele weken geleden. Veel mensen zullen het maar een slordig gezicht vinden maar wij zijn er blij mee. Een van de vele dingen waar de natuur in Nederland gebrek aan heeft is dood hout. Losse takken en dode boomstammen zijn een basisvoorwaarde voor veel kleine organismen waar grotere dieren van afhankelijk zijn. Na deze ronde hebben we genoeg kou geleden. We ruimen de spullen op en hopen volgende week op beter weer.

afplagwerk in de insectentuin

Zaterdag 10 maart 2017: Vorige week was het winter, vandaag 16 graden. De vogelwereld zit vol in de lentestemming. Twee wild krijsende meeuwen vechten dreigend en duikelend een ruzie uit. Lager bij de grond zijn koolmeesjes en andere kleine vogels zenuwachtig in de weer. Met wat? Zo te zien met vooral heen en weer vliegen en druk doen. Boven in een van de hoge schietwilgen zit net als vorige week een bonte specht. Hij trekt zich niks aan van het gedoe om hem heen. Op zijn gemak maakt hij een roffel op zijn favoriete tak. Soms kort na elkaar. Dan is het langere tijd stil. Hij lijkt weg. En dan weer een roffel. Verbazend hoeveel volume zo'n vogel uit een boomtak krijgt. De groene specht is er ook. Hij lijkt veel beweeglijker dan de bonte. De typische lachende roep komt dan uit de ene en dan uit de andere hoek

KrokussenVoorzitter Kees gaat vandaag naar De Stippelberg om voor Natuurmonumenten te klussen. Wil duikt op de machines. Het aggregaat blijft problemen geven. Na veel monteren en proberen lijkt het apparaat goed te blijven lopen. In ieder geval kunnen we de compressor aandrijven en de band van de tweede kruiwagen oppompen. Intussen heb ik het stapelmuurtje van halve stoeptegels in de insectentuin klaar. De laatste tegels heb ik alvast weggehaald bij het stoepje waar de bijenstal nu nog op staat. Wanneer die afgebroken is mag de rest van dat stoepje van mij blijven liggen. Er zijn wilde bijen en wespen die tussen de klinkers in het droge zand kunnen nestelen. We hebben nog 15 sleedoornstruikjes over van het buitenhaagproject. Die zetten we in de buurt van het groepje sleedoorns vlakbij de bijenstal.

Daarna ga ik aan de afplagklus beginnen. Een groot deel van de insectentuin wordt afgeplagd. De toplaag is door alle tuiniersactiviteiten niet bepaald natuurlijk meer. We zouden jaren moeten maaien en afvoeren voordat dat weer een beetje in orde is. Door de toplaag weg te halen geven we de natuurontwikkeling hier een kickstart. De tuingrond waar de wilde planten geen raad mee weten zijn we straks kwijt. En het gebied heeft door het afgraven iets van zijn moerassige karakter terug. Niet alles wordt afgeplagd. Hierdoor krijgen we in één moeite door kleine hoogteverschillen en variatie in vochtigheid. Daarna gaan we stukken 1 keer, 2 keer of 3 keer per jaar maaien. Andere stukken pas om de paar jaar. Met heel weinig werk krijgen we zo heel veel variatie in plantengroei en dat trekt weer verschillende dieren en andere organismen aan.

Maar voor we zo ver zijn is er dit jaar en volgend jaar nog veel werk met de schop te doen. Een klein stukje is al gedaan omdat we extra grond nodig hadden voor de buitenhaag. De eerste kruiwagens gaan naar de paden in de buurt van de brug over de grote poel. De rest gaat vandaag in de sloot langs de zuidkant. We willen hier zoveel grond in gooien tot er een ondiepe greppel overblijft. Op het eind van de ochtend is een aardig stuk afgegraven en probeer ik met een hark de kanten glooiend te maken. We moeten hier immers later met maaimachines overheen kunnen. Dat lukt beter dan verwacht. Het ziet er nu al veelbelovend uit. Drie jongens komen binnen en vragen of ze mogen rondlopen. Dat mag. Volgende week willen ze wat vroeger terug komen om waterbeestjes te scheppen. Wij ruimen op en lopen nog een rondje. Vandaag was een mooie start van het voorjaar.

winterlandschap

Zaterdag 3 maart 2017: Het is winter. Nou ja, afgelopen week heeft het een paar keer flink gevroren en vanmiddag gaat het al dooien. Eigenlijk een flitswinter dus, maar wel een mooie want vannacht heeft het licht gesneeuwd. Eerst maar eens wat foto's maken want morgen is het mooie sneeuwlandschap waarschijnlijk weg. Het plan om vandaag een stuk af te plaggen in de insectentuin gaat letterlijk in de ijskast. De grond is stijf bevroren en er komt geen schop in.

Klusjes: Wil kon vandaag niet komen maar er liggen nog een paar kleine klusjes. Ik hak met een schop bevroren hoopjes maaisel uit elkaar en hark het tegen de struikjes van de buitenhaag. Daarna krui ik de twee boomstammen die al tijden bij de ingang liggen liggen naar binnen. Een paar jaar geleden hadden wij die juist naar buiten gebracht om daar als bankje te dienen. Dat is nooit een succes geworden en nu gaan we de strook aan de voorkant vaker maaien. Dan liggen de stammen juist in de weg. Ze gaan naar een droge plek op een muurtje in de nieuwe insectentuin.

buurman en buurmanBuurman en buurman: Op het dammetje aan de noordkant ligt een slordige stapel palen. Een overblijfsel van ons experiment met hooiruiters afgelopen zomer. Ik pak ze per twee of drie op en loop een paar keer op en neer naar de takkenhoop in het berkenbosje. Ook weer opgeruimd. Wanneer ik terugloop tref ik op de heuvel bij de ingang een moeder en haar zoontje die bezig zijn met fotocamera's. Ze hebben buurman en buurman meegebracht. De poppetjes staan naast elkaar in de sneeuw en laten zich gewillig op de foto zetten. Ook Buurman en buurman weten dat de sneeuw morgen weg is. Na de natuurtuin willen ze ook nog op de foto op de ijsbaan van boer Kuypers. De moeder en het jongetje hebben het er maar druk mee.

Zwerfafval: De bospoel in het wilgenbosje gaan we vrij maken. Rondom de poel halen we de bomen en struiken weg zodat de middagzon er op kan schijnen. We mogen niet met de kettingzaag werken als we alleen zijn dus ruim ik met een handzaag wat dunnere wilgenstammen op. De dikkere stammen doen we later met een kettingzaag. Dat zal volgend najaar zijn want het is nu maart en wij hebben de regel dat er vanaf maart niet meer gezaagd wordt. Op een koude dag als deze lijkt het raar maar vanaf nu moeten we rekening houden met vogels die gaan broeden. Intussen komt een dame aangelopen die dacht dat de zwerfafvalgroep vandaag zou werken. Ik weet van niks. We kletsen wat en komen tot de conclusie dat het met dit sneeuwdek weinig zin heeft om zwerfafval te zoeken.

dode koolmeesDood vogeltje: Een jongen en een meisje komen de tuin binnen en rennen rond. Misschien dezelfden als vorige week. Even later komen ze melden dat ze in de bijenstal een dood vogeltje hebben gezien. Ik loop met ze mee en inderdaad ligt er een koolmeesje op een van de bijenkasten. Een slachtoffertje van de kou lijkt mij. Ik stop met het zaagwerk en snoei bij de ingang een paar takken weg uit de houtwal.

Diersporen: Voorzitter Kees komt een kijkje nemen. We profiteren van de sneeuw en zoeken diersporen. Een spoor loopt vanaf de poort, langs de container en dwars door de insectentuin. Bij een paar duidelijke afdrukken op de sloot zien we dat het een kat is geweest. Er zijn verschillende buurtkatten die regelmatig de natuurtuin komen inspecteren. De sporen van konijnen en vogels brengen ons bij de zuidelijke poel.

 

Warmwaterbronnen”: Het is opvallend hoe onregelmatig het ijs is terwijl het toch stevig heeft gevroren. Ook in de andere poelen zijn veel wakken en zwakke plekken in het ijs. Een hoek in de zuidelijke poel is zelfs helemaal niet bevroren. Hier komt relatief warm grondwater aan de oppervlakte. Bij de andere poelen speelt dat ook. We weten dat het grondwater onder de natuurtuin het hele jaar door ongeveer 10° C is. Water met die temperatuur komt ook uit de oude handpomp in de insectentuin. Wanneer dit water in de winter naar boven sijpelt (kwelwater heet dat) zorgt dat voor onbetrouwbaar ijs. In de zomer is het effect van kwelwater ook te merken. Het grondwater is niet alleen 10° C. Er zitten andere stoffen in dan in regenwater. Daarom voelen aparte planten als wateraarbei, waterviolier en holpijp zich zo goed thuis in de natuurtuin.

water op de lage veldjes

Zaterdag 24 februari 2018: Het is koud en komende week zal het nog kouder worden. Het lijkt er op dat we een late winter krijgen. We gaan verder met de klusjes die zijn blijven liggen tijdens het werken aan de buitenhaag. De laatste restjes oud maaisel gaan vanuit de achterkant van de tuin naar de haag. Het is niet veel. Vijf kruiwagens. Niet genoeg om de bodem onder de haag helemaal af te dekken. Dat is niet erg want komend voorjaar maaien we de strook aan de voorkant en komt er genoeg maaisel om tussen de struikjes te werken. Dat moet voorkomen dat de kleine struikjes worden overwoekert door gras en brandnetels. Daarna steek ik met een schop alle gras en mos van de ijsvogelwand af. Hopelijk is hij zo aantrekkelijk genoeg voor de ijsvogels om er weer een nest in te maken.

Vrij zicht op de natuurtuin: Het laatste stuk van de “groene muur” aan de voorkant van de tuin gaat vandaag ook weg. Bij de poort staan nog enkele meters Rode kornoeljestruiken die ik met zaag en snoeitang weg haal. Tussen de wirwar van kornoeljetakken kom ik twee aalbessen, twee sleedoorns en een paar vlierstruiken tegen. Die laat ik staan. Hiermee is weer een winterklus afgerond. Vanaf de zuidpunt tot aan de poort loopt de nieuwe haag. Over dezelfde lengte, aan de binnenkant van het houtwalletje, zijn alle hoge struiken weg gesnoeid. Alleen meidoorns, sleedoorns e.d. zijn blijven staan. Vanaf het wandelpad kijk je in de zomer niet meer tegen een groene muur maar is er vrije inkijk in de natuurtuin.

Machines repareren: Wil is druk doende het aggregaat aan de praat te krijgen. Uiteindelijk lukt dat wanneer hij wat oude benzine heeft laten weglopen en er nieuwe in heeft gedaan. Hij gaat verder met het schoonpoetsen van het bovenmes van de messenbalkmaaier. Een van de mesjes zit los en dat moet met klinknagels weer worden vastgezet. Dat kunnen we niet zelf en we zoeken iemand die dat kan repareren. We besluiten om vanmiddag met het defecte onderdeel naar een dealer in Deurne te rijden en te kijken of het daar gemaakt kan worden.

Bezoekertjes: Ondanks de kou hebben we weer aanloop van spelende kinderen. Broertje en zusje parkeren hun skelter buiten de poort. Mama had gezegd dat ze moesten kijken of de natuurtuin open was. Blijkbaar bevalt hen die tip. Nadat ze gevraagd hebben waarom ik de struiken snoei stappen ze vol ondernemingslust verder. Ik waarschuw ze om niet op het ijs te gaan. Natuurtuinwater zit vol biologische activiteit en relatief warm grondwater. Het moet lang vriezen voordat het ijs betrouwbaar is. Even later rennen ze achter elkaar aan over de brug. Er komt nog een jongetje binnen. Hij kent de andere twee en rent met ze mee. Ook een vader met kind komt een kijkje nemen.

Stoeptegels voor biodiversiteit: Terwijl Wil aan de messenbalkmaaier werkt graaf ik een rij stoeptegels uit de insectentuin. De stoeptegels dienden als opsluitrandje in de voormalige kruidentuin. Nu hebben ze geen nut meer en vormen een gevaar voor de maaimachines. Met een schop zijn de tegels makkelijk uit de grond te wippen. Wanneer dat klaar is sla ik ze doormidden en bouw verder aan het stapelmuurtje vlakbij de stenen muur. De tegels zijn opgeruimd en vormen nu een decoratief muurtje vol kieren en holtes waar van alles in gaat gebeuren. Ze zullen begroeid raken met mossen en gebruikt worden door allerlei kleine diersoorten. Betonafval kan soms prima dienen voor de biodiversiteit.

wintersfeer in de natuurtuin

Zaterdag 17 februari 2018: Gelukkig zijn we klaar met de buitenhaag want het heeft vannacht weer flink gevroren. De struikjes die we nog over hebben staan vastgevroren in de insectentuin. Die kunnen we niet verplaatsen. Eigenlijk komt dat goed uit omdat we nog niet weten waar we ze precies gaan zetten. Vandaag wordt een restklusjesdag. Er moet nog wat grond worden bijgevuld in de nieuwe buitenhaag. Drie kruiwagens blijken voldoende te zijn. Het laatste restje maaisel uit de insectentuin werken we ook tussen de nieuwe struiken. Wil is intussen de kettingzaag aan het schoonmaken. Het aggregaat wil niet starten dus kunnen we met de compressor geen perslucht gebruiken. Dan alles maar met de hand en wat doekjes schoonmaken. Dat neemt veel tijd in beslag.

Rommel opruimen: Ik steek grond weg uit de insectentuin. Die krui ik naar het pad langs het elzenbosje dat her en der moet worden bijgewerkt. De voormalige kruidentuin ligt vol met overbodig geworden tegelpaadjes. De betonklinkers stapelen we voorlopig tegen de stenen muur. Als iemand ze wil gebruiken kan die ze meenemen. Stoeptegels gebruiken we om een keermuurtje te maken. Ook achter de container liggen nog klinkers en restanten van de haardhoutopslag. Een paar plastic golfplaatjes neem ik mee om thuis in de vuilnisbak te gooien. Drie schotjes van onbewerkt hout gaan we nog uit elkaar halen en ergens offeren aan de paddenstoelen.

Wilde bijen: Voorzitter Kees komt langs en we nemen een kijkje in het achterste deel van de bijenstal. Over enkele maanden wordt de bijenstal afgebroken en overgedragen aan de imkersvereniging. De honingbijen in de natuurtuin maken plaats voor wilde bijen (hier meer info). Daarvoor moet de stal op tijd leeg worden gemaakt. In het achterste deel staat nog een voorraadje lege bijenkasten en vier grote stukken boomstam. De boomstammen zijn snel opgeruimd en liggen nu in het elzenbosje. De rest moet de imker nog verhuizen. In de sloot naast de bijenstal liggen de resten van een bijenkast. Ik scharrel ze met een hark bij elkaar en leg ze op een plank.

Bezoekers: Een jongetje is met zijn vader de tuin af aan het speuren naar dingen die ze thuis onder de microscoop kunnen bekijken. Even later komt nog een man met twee kleine kinderen de natuurtuin in voor een wandelingetje. Verder met het stapelmuurtje. Stoeptegels komen van nature veel voor in een stadsomgeving en dus is het niet raar om ze in de natuurtuin te hergebruiken. De gebroken en los gestapelde tegels hebben veel spleten en gaten waar van alles in gaat gebeuren. En het ziet er beter uit dan het gemetselde muurtje er achter. Wil komt me waarschuwen dat het al half een is. Alle wandelaars zijn de tuin uit en wij gaan volgende week verder met de klussen.

vrijwilligers op kettingzaagcursus

Zaterdag 10 februari 2018: De schop gaat zonder problemen de grond in. Raar is dat, de hele week is er nachtvorst geweest en overdag werd het niet warmer dan een paar graden. Je zou verwachten dat de grond hard bevroren was. Het plan voor vandaag was daarom snoeiwerk te doen en een stuk in de insectentuin af te plaggen. Toch maar verder met de buitenhaag. Ik begin te graven en net als bij de eerste sleuf gaat dit laatste stuk prettig snel. Er zitten nauwelijks boomwortels en de bodem is zacht.

Klein natuurverschijnsel: Uiteindelijk komt de sleuf tot aan de poort, het einddoel voor deze winter. Met Wil graaf ik de laatste struiken uit die we in de insectentuin hadden ingekuild. Gek genoeg is de bodem hier wel bevroren. Een opvallend verschil. Langs de hele voorkant van de tuin (10 meter verderop) is de bodem zacht. Hier en vlakbij de poort zijn de bovenste centimeters wel bevroren. Waarschijnlijk spelen kleine hoogteverschillen een rol bij dit verschijnsel. Voorlangs de tuin ligt de bodem een stuk lager en dus iets dichter bij het relatief warme grondwater. Bovendien ligt de strook voor de tuin beschut tegen de wind. Gelukkig zit de vorst niet diep dus met wat wrikken krijgen we de struiken toch los.

84 nieuwe struiken: We zetten het plantmateriaal in de geul, schuiven de grond aan en blijken nog een twintigtal sleedoorns over te hebben. Die gaan weer terug naar de insectentuin. Volgende week zoeken we uit waar we die gaan planten. Onverwacht en dus extra leuk dat dit project nu is afgerond. Vandaag hbben we 84 nieuwe struiken gezet. Her en der moet nog een extra kruiwagen grond komen en er ligt nog oud maaisel in de tuin dat tussen de stammetjes komt. Dat is volgende week zo gebeurd en dan kunnen we ons weer met andere klusjes bezig houden.

verzameld zwerfafvalZaterdag 3 februari 2018: De lage delen van de natuurtuin staan nog steeds mooi blank. Ook een deel van de nieuwe buitenhaag staat in een plas water. Ik ben benieuwd of alle soorten struiken daar tegen kunnen. Misschien moeten we volgend jaar een deel vervangen. Sleedoorns kunnen goed tegen nattigheid. Van Meidoorns en Hondsrozen weet ik dat niet zeker. We zullen het vanzelf merken. Ik begin met het verlengen van de tweede rij struiken. De eerste rij is helemaal klaar en deze tweede halverwege. Vandaag doen we een lastig stuk met veel boomwortels. Verderop naar de poort ga je door de grond als door boter maar hier moeten we regelmatig met de takkenzaag werken om voorbij een dikke wortel te komen.

Na een tijdje komt een dame de tuin ingelopen en vraagt naar het opruimen. Ik snap het niet meteen en leg uit dat we de stormschade al aan de kant hebben. Dan schiet me te binnen dat voorzitter Kees vandaag met een nieuw groepje zwerfafval gaat opruimen. Kees is er nog niet, we drinken een bekertje koffie en babbelen wat over zwerfafval en natuurbeheer. Haar man heeft in de begintijd van de natuurtuin nog gemetseld aan de muur bij de insectentuin. Kees komt aan en niet veel later nog twee andere deelnemers. Met hun vieren trekken ze de wijk in. Ik graaf verder aan de geul en Wil begint de nodige struiken te verzamelen in de insectentuin.

Een moeder met zoontje en een kinderwagen gaan de tuin in. Ze vragen of ze waterbeestjes mogen scheppen. Het jongetje heeft dat vaker gedaan en dat is hem blijkbaar goed bevallen. Wil geeft hen de spullen en strooit wat scherp zand over de brug tegen de gladheid. Ze gaan dapper aan de slag. Of eigenlijk vooral het jongetje dat ijverig met het netje heen en weer loopt over de brug om zijn vangsten aan moeder te laten zien. Wil heeft alle struiken in de geul gezet en we beginnen met aanaarden. Na een tijdje komen de beestjesscheppers weer naar buiten. Veel hebben ze niet gevangen, Wat slakjes een waterschorpioen en andere kleine dingetjes. Ze hebben het koud gekregen en gaan naar huis. Intussen komt de zwerfafvalgroep binnengedruppelt. Ze hebben verschillende vuilniszakken vol gekregen en hebben wel zin in een kop koffie. Wij doen mee. Na de koffie werken Wil en ik de sleuf verder af. Vandaag zijn we een dikke 16 meter verder gekomen en hebben 48 struiken geplant. Volgende week wordt vorst verwacht en kunnen we waarschijnlijk niets aan de haag doen. We bekijken welke klusjes we als alternatief zouden kunnen doen en sluiten af.

graslandjes lijken rijstvelden

Zaterdag 27 januari 2018: Het wil maar geen winter worden. Ook vandaag is het zacht en gelukkig droog. Er staat nog steeds veel water in en rond de natuurtuin. Doordat het iets is gezakt zijn de graspaden weer boven water. De lage graslandjes zelf staan nog blank en het geheel heeft wel wat van ondergelopen rijstvelden. Net als voorgaande jaren trekt al dat water wilde eenden aan. Een stuk of vijf dobberen op de grote poel en een ander groepje heeft de zuidelijke poel ontdekt. Wanneer je in de buurt komt laten ze weten dat zeer zijn. Met veel kabaal en gekwaak vliegt het hele gezelschap op van het water. Een veel grotere reiger vliegt verderop geluidloos weg.

74 nieuwe struiken: We kunnen weer verder met de buitenhaag. Vandaag wil ik de eerste rij doortrekken tot aan de poort. Het graven van dit laatste stuk gaat makkelijk. Ik kom weinig boomwortels tegen, de bodem wordt steeds zachter en na een dik uur heb ik bijna de hele geul klaar. Wil meet de afstand op en gaat de benodigde struiken uitgraven. Voorzitter Kees komt langs en we gaan aan de koffie. Wil en ik zijn drie dagen naar een kettingzaagcursus geweest. Een zeer leerzame onderneming. We bespreken wat dingen die we moeten kopen om helemaal bij te zijn met de uitrusting. Intussen komen twee jongedames met indrukwekkende camera's de tuin ingelopen. Ze willen rondkijken en foto's maken. Aan laarzen hebben ze niet gedacht maar een groot deel van de tuin is begaanbaar dus vertrekken de twee op half uurtje fotosafari. Intussen hebben wij de koffie op en gaan weer aan de slag. We planten de stuiken, kruien extra grond en maaisel vanuit de insectentuin en krijgen volop aandacht van nieuwsgierige peuters en speelse honden. Uiteindelijk hebben we vandaag 74 struiken geplant. De eerste rij is nu klaar. De tweede rij struiken is ongeveer halverwege. Wanneer we geluk blijven houden met het weer dan hebben we nog twee zaterdagochtenden nodig om deze klus af te ronden.

omgevallen wilgomgevallen wilg opgeruimd

Zaterdag 20 januari 2017: Het heeft een beetje gevroren en er is wat sneeuw gevallen vannacht. Ik vraag mij af of het verstandig is om vandaag aan de buitenhaag te werken. Wanneer de struikjes samen met bevroren grond en sneeuw de grond in gaan is de kans te groot dat ze kapot gaan. Bij de ingang van de natuurtuin zie ik dat we vandaag geen struiken planten. Afgelopen donderdag hebben we een flinke storm gehad. Een enorme schietwilg die pal naast de container stond ligt plat. Hij is vlak langs de container over de houtwal aan de voorkant gevallen. In zijn val heeft hij een es meegenomen. Beide stammen en een wirwar van takken liggen dwars over het wandelpad en tussen de struiken aan de andere kant. De stam van de dikke wilg balanceert op de stomp van de afgebroken es en hangt zo'n anderhalve meter boven het pad. Het ziet er riskant uit. Buiten de wilg is er eigenlijk weinig sensationeels naar beneden gekomen in de natuurtuin. Wat rotte takken en dode stammetjes.

Stiekeme zager: In de insectentuin ligt een meidoornboompje plat. Onwaarschijnlijk dat dat door de storm gebeurd is. Wanneer ik het van dichtbij bekijk zie ik dat de stam voor driekwart is ingezaagd. Een tijd terug hebben we een reeks vernielingen ontdekt rondom de bijenstal. Een stiekeme zager heeft toen allerlei boompjes die wij hadden laten staan vernield. Ook een oude gemetselde bank en een plantenbak moesten het ontgelden. Blijkbaar is de meidoorn toen ook ingezaagd en heeft de harde wind de rest gedaan. De bast is tot op de bodem ingescheurd dus het boompje zal waarschijnlijk niet meer uitgroeien.

Kettingzaag: Wil is er nog niet en ik kan niet in mijn eentje met de kettingzaag werken. Met een handzaag ga ik de kleinere takken te lijf en sleep ze naar de kant van het wandelpad. Wanneer ik daar zo'n beetje mee klaar ben arriveert Wil en kunnen we met de dikkere stukken beginnen. De kettingzaag start probleemloos en in een paar minuten tijd liggen de stammen die boven het pad hangen op de grond. Het onderste en dikste deel van de wilg ligt binnen de natuurtuin. Dat laten we liggen. We zullen nog jaren plezier van de kolos, die langzaam bewoond zal worden en in de loop der tijd zal vergaan. Alleen het stuk wat over de houtwal buiten de tuin steekt zaag ik af. Ik zie vonken. De ketting komt tegen prikkeldraad aan dat in de houtwal is verwerkt. Zaag bot.

Een maatje te groot: Tijd voor koffie en het slijpen van de kettingzaag. Voorzitter Kees is er ook en we bespreken de stormschade. Het heeft weinig gescheeld of de grote wilg was op het materiaalhok gevallen. Wanneer we de breuk nader bekijken zien we dat de binnenkant vermolmd is. Er staan veel van deze grote wilgen bij de container. Eigenlijk zouden we ze moeten omzagen maar ze zijn een maatje te groot voor ons. We zullen de gemeente vragen om ze weg te halen. Wil heeft de kettingzaag geslepen en hij zaagt in geen tijd de stammen door die nog over het pad liggen. We wrikken de lompe blokken naar de kant en aan het eind van de ochtend is het pad vrij. Volgende week is de buitenhaag weer aan de beurt.

bloeiende HazelaarZaterdag 13 januari 2018: Wil is geveld door de griep en voorzitter Kees gaat vandaag werken bij Natuurmonumenten in natuurgebied de Stippelberg. Ik heb de natuurtuin voor mijzelf. Het waterpeil is iets gezakt. Grote stukken tuin staan nog steeds blank en zijn moeilijk toegankelijk. Ik ga verder met de buitenhaag en na een lastig begin kom ik eindelijk bij een lang stuk met weinig boomwortels. Het graven schiet daardoor lekker op. Halverwege de ochtend heb 22 meter sleuf gegraven en begin ik struikjes te verzamelen in de insectentuin. 22 meidoorns, 22 sleedoorns en 22 hondsrozen.

Bezoekers: Intussen komt Theo binnengelopen. Hij heeft een appje van de imker gekregen dat er nog hout voor hem in de bijenstal ligt. Maar Theo heeft geen sleutel. Ik ook niet. We kletsen wat en Theo gaat naar de markt. Ik zet de struikjes in de sleuf. Het is droog en koel weer. Lekker om buiten te werken. Na een tijdje komen een paar vaste bezoekertjes aan lopen. Mehmet en Jakoep heten ze geloof ik. Ze komen op de open dagen in de zomer wel eens in de tuin. Ze zijn een hondje aan het uitlaten en vragen of de tuin open is. Dat is zo en ze gaan het hondje wegbrengen. Keurig, want honden mogen niet de tuin in. Er zijn vanmorgen verschillende honden langs gekomen en er ligt al weer een drol op het pad bij de ingang.

72 nieuwe struikjes: Ik heb de struikjes iets te dicht op elkaar gezet en moet er nog 6 bij doen om de 22 meter vol te krijgen. Toch mooi 72 struikjes gezet vandaag. Mehmet en Jakoep zijn intussen terug en wandelen door de tuin. Ik haal een paar kruiwagens grond uit de insectentuin om het plantgoed aan te aarden. Op een of andere manier komen we altijd grond tekort wanneer we een sleuf weer dicht gooien. Ik kom Mehmet en Jakoep weer tegen wanneer ik de laatste kruiwagen grond naar de sleuf krui. Mogen we beestjes scheppen? Nee dat kan nu niet, het is winter en dan zijn de beestjes in winterslaap. OK, ze snappen het maar lopen toch nog een rondje door de tuin. Ik gooi de laatste grond tussen de struikjes en ruim het gereedschap op.

noordelijke veldjes staan blank

Zaterdag 6 januari 2018: Het heeft flink geregend. Ik zie bij binnenkomst dat het water van de grote poel tegen de houten brug aan staat. De kleine bospoel in het wilgenbosje is niet meer te ontdekken. Het hele bosje is een poel geworden. Wanneer ik een rondje loop ben ik blij dat ik mijn rubber laarzen heb aangetrokken. De meeste graslandjes staan blank. Het pad langs de noordelijke veldjes ligt nu 20 centimeter onder water. Zelfs met laarzen moet ik voorzichtig lopen omdat het water anders naar binnen klotst. Een reiger breekt zijn landing af zodra hij mij ziet en maakt een doorstart. Ik weet niet of het door het zachte weer van de laatste dagen komt maar er is druk vogelverkeer vandaag. Een troep ganzen vliegt richting het westen. Twee zwanen zwoegen naar de stad en vanaf de zuidelijke poel vliegen twee eenden op. Een stuk of tien staartmezen fladderen tussen de takken van een grote schietwilg en aan de rand van het wilgenbosje is een hele groep koolmezen druk met elkaar achterna jagen. Het lijkt alsof ze de lente in de kop hebben maar daarvoor is het nog te vroeg. Komende week gaat de temperatuur naar beneden.

Wil is er vandaag niet. Ik plant een klein stukje buitenhaag erbij. De haag bestaat uit twee rijen struikjes. De buitenste rij is nu nog een aantal meters korter dan de binnenrij. Ik verleng de buitenste sleuf zodat ze nu weer gelijk liggen . Een meter of 7. Daarna haal ik plantgoed op uit de insectentuin plus wat grond en oud maaisel om de stammetjes af te dekken. De grond is doordrenkt. Op sommige plekken staat een laagje water in de sleuf. Hopelijk kunnen deze struikjes daar tegen want het is hier elke winter en soms ook in de zomer flink nat.

Ik ga niet verder met graven vandaag. In de insectentuin ligt veel straatwerk van de voormalige kruidentuin. Een deel daarvan halen we weg. Ik ga op zoek naar een plek om die stenen voorlopig op te slaan voordat ze worden afgevoerd. Een cirkelvormig muurtje waar ooit een pergola op stond is een geschikte plek. Ik breng er meteen een paar losliggende klinkers heen. Intussen is een jong stel met twee peuters de tuin ingetrokken. Erg ver komen ze niet want achter het berkenbosje staan de veldjes onder water. Ze proberen het nog eens via een andere route door de insectentuin en het elzenbosje. Voorzitter Kees komt binnen. Hij heeft met de imker afgesproken dat we een kruiwagen buiten laten staan zodat hij dit weekend kan beginnen met het ontruimen van de bijenstal. Dit jaar wordt de bijenstal afgebroken en verplaatst naar een andere plek. Door de kruidentuin op te ruimen en te stoppen met honingbijen kunnen wij ons nu volledig richten op natuurherstel en voorlichting daarover. Het stel is klaar met wandelen en we maken een praatje. Daarna sluiten we af. Voorzitter Kees maakt nog een rondje op de fiets om te zoeken naar zwerfvuil. In ga richting huis.

grondmonster nemen in insectentuinZaterdag 30 december 2017: De laatste zaterdagochtend van het jaar. En extreem zacht. Vandaag kan het tot wel 12 graden worden. Ik weet niet of we veel kunnen doen want het regent tot na negenen. Ik begin met het nemen van een serie bodemmonsters in de insectentuin. We hebben de voormalige kruidentuin opgeruimd en een nieuw beheerplan voor dit stuk natuurtuin gemaakt. Nu we onze handen vol hebben aan de nieuwe buitenhaag kunnen we de insectentuin eens nader onderzoeken en eventueel ons beheerplan bijstellen. Dat bijstellen gebeurt regelmatig. De oorspronkelijke indeling is al twee keer veranderd. Zo zijn er meer verbeteringen. We hadden eerst het plan om een hele lijst inheemse moerasplanten uit te zetten. Vanuit de gemeente kwam het advies daar voorzichtig mee te zijn. Goed beheer is belangrijker voor natuurherstel dan nieuwe planten uitzetten. Met de bodemmonsters die ik nu willen we achterhalen hoe natuurlijk de voormalige kruidentuin nog is. Kort geleden heb ik al wat testjes gedaan en daar kwamen hoge pH waardes uit. Waarschijnlijk is er veel kalk gestrooid voor de kruiden. Voor de moerasplanten die hier thuishoren is dat minder goed nieuws. Wanneer uit de nieuwe metingen weer abnormale waardes komen, sturen we een monster naar een laboratorium om het nader te onderzoeken.

zwammen op een boomstamAlweer 40 nieuwe struikjes: Ik graaf weer een stukje sleuf en ontdek dat een handzaagje makkelijker is om door dikke boomwortels te komen dan kappen met de schop. Wil haalt plantmateriaal op en zet de sleuf weer vol. Voorzitter Kees komt langs en we bespreken de insectentuin en het insectenhotel dat we willen bouwen. Komend voorjaar vertrekt de imker. De bijenstal wordt ook verhuisd zodat wij de handen vrij hebben om een nieuw insectenhotel te maken. Wil gaat het hotel voorbereiden. Na de koffie gaat Kees met een kruiwagen een stapel gedumpte folders opruimen. Wij werken het nieuwe stukje haag af.. Achter in de tuin lgt nog wat oud maaisel van afgelopen voorjaar. Dit komt op de bodem tussen de nieuwe struikjes. We zijn weer een kleine 40 struikjes verder en de haag is nu bijna ter hoogte van de container gekomen. Na nog een rondje genieten van de paddenstoelen in de natuurtuin gaan we naar huis om ons op de jaarwisseling voor te bereiden.

water op de noordelijke veldjes

Zaterdag 23 december 2017: Lekker zacht en droog vandaag. Afgelopen week is er flink wat regen gevallen. Het water in de poelen komt steeds hoger en de lage noordelijke veldjes staan gedeeltelijk blank. Een enorme zwerm vogels trekt over. Het zijn er honderden. Ongeveer zo groot als kauwen. Misschien zijn het wel kauwen maar die maken altijd een hoop kabaal. Gek genoeg houden al deze vogels zich stil. Ik hoor alleen het geruis van een paar honderd vleugels. De optocht trekt met ruime slingers naar het zuiden, richting centrum. Ik ga weer verder met de buitenhaag.

Buurt denkt mee: Verschillende hondenuitlaters zijn geïnteresseerd in wat we aan het doen zijn. Wanneer ik een van hen vertel dat de houtwal uiteindelijk zal verdwijnen is hij het daar niet mee eens. Hij vindt de haag met de houtwal juist een goede combinatie en een soort corridor voor allerlei beestjes. Daar hebben wij eigenlijk nog niet aan gedacht. Wanneer de haag goed aanslaat is de houtwal niet meer nodig als afscheiding en hoeven we hem ook niet meer bij te vullen. Na een paar jaar is hij dan verdwenen. Maar misschien is zo'n dubbele wal inderdaad nuttig als veilige doorgang voor allerlei kleine dieren. Wanneer we zo nu en dan wat takken op de houtwal gooien blijft zo'n groene tunnel ook in stand. De man moet verder en wij hebben er weer een idee bij.

50 nieuwe struikjes: Intussen is Wil begonnen de sleuf die ik heb gegraven vol te zetten met struiken. Ik graaf er nog een paar meter bij en ga dan maaisel ophalen waar we de stammetjes van het plantgoed mee afdekken. Voorzitter Kees en penningmeester Ton komen langs en we drinken koffie. Vanuit het niets komt een nieuwsgierige eekhoorn zich met onze gesprekken bemoeien. Vanaf de dikke wilg bij de container kijkt hij bij ons naar binnen. Wanneer we buiten komen is hij snel tussen de takken verdwenen. Ton en Kees vertrekken weer en ik haal nog twee kruiwagens grond uit de insectentuin waar we het nieuwe stuk haag mee aanaarden. Door alle geklets is er veel werktijd verloren gegaan maar de haag is vandaag toch met 50 struiken gegroeid.

winter bij de grote poel

Zondag 17 december 2017: Gisteren had ik maar even tijd voor de natuurtuin. Voorzitter Kees en Wil bleven langer en hebben onder ijzige omstandigheden snoeiwerk gedaan aan de voorkant. Vandaag loop ik mijn wekelijkse rondje om watermonsters te nemen. We hebben 14 plekken in de natuurtuin waar we de waterkwaliteit meten. We hebben allerlei sloten, greppels, poelen en veldjes die snel onderlopen wanneer het geregend heeft. Op sommige plekken blijft water lang staan, op andere plekken stroomt het weer snel weg. Het water in de natuurtuin komt niet Foto Frank Schulkes: Koolmeesallemaal uit de lucht vallen. Ook vanuit de bodem komt kwelwater naar boven. Al die zaken beïnvloeden de waterkwaliteit. Door elke week op zo veel mogelijk plekken te meten leren we stukje bij beetje meer over de verborgen processen die bepalen wat er in de natuurtuin gebeurt.

Stormschade? Langzaam maar zeker begint de winter de natuurtuin in zijn greep te krijgen. Komende week zullen de temperaturen weer wat omhoog gaan maar steeds vaker duiken we 's nachts een paar graden onder nul. Het is oppassen op de gladde bruggetjes en op de poelen ligt een dun laagje ijs. De laatste niet winterharde planten storten nu in. De harde wind van afgelopen week heeft een paar rotte boomstammetjes omgeduwd. Achterin liggen de half omgewaaide vogelkersen nu helemaal plat. Van de klimop op de muur langs de insectentuin is een flinke tak afgebroken. Ik betwijfel of dat door de wind is gekomen. Rond de bijenstal is de laatste tijd van alles vernield en een klimop die niet tegen de wind kan heb ik niet eerder gezien.

temperaturen grote poelInteressant natuurverschijnsel: Nu het winter wordt daalt de watertemperatuur. Ook de grote poel is nu koud genoeg om een laagje ijs te krijgen bij een paar graden vorst. Door de temperaturen van de oppervlakte en de bodem van de poel te vergelijken wordt een interessant natuurverschijnsel zichtbaar. Wekenlang zijn de temperaturen van de oppervlakte en de bodem bijna gelijk geweest. Wanneer de buitentemperatuur daalt wordt ook de poel kouder. Op de grafiek hiernaast zijn de temperaturen van de poel sinds week 34 te zien. De watertemperatuur boven en onder gaan de eerste tijd gelijk op naar beneden. Tot de laatste paar weken. De temperatuur bij de oppervlakte daalt steeds verder richting 0° Celsius. Bovenop ontstaat dus zelfs een laagje ijs. Maar de watertemperatuur bij de bodem blijft al weken hangen op 4º Celsius. Water heeft de merkwaardige eigenschap dat het op 4º Celsius de grootste dichtheid heeft. Een liter water van 4º is zwaarder dan een liter water van (bijna) 0º. Water van 4º blijft daarom op de bodem liggen. De bovenste waterlaag koelt steeds verder af en bevriest uiteindelijk. Organismen die onder in de poel overwinteren zullen niet bevriezen zolang die “warme” laag water over de bodem blijft liggen.

Gaat het slecht met de vogels? Bij het weggaan loop ik vogelfotograaf Frank tegen het lijf. Hij komt zo nu en dan in de natuurtuin om vogels te fotograferen. Hij is pas terug uit Bulgarije en heeft de indruk dat het overal, ook in Nederland, slecht gaat met de vogels. Hij schat dat hij er 50% minder heeft gezien dan in voorgaande jaren. De komende weken houdt hij het vogelleven in de natuurtuin in de gaten. Ik ben benieuwd en ook wat ongerust. 's Avonds krijg ik toch een paar foto's van Frank met vogels die hij vandaag in de natuurtuin heeft gezien.

zuidelijke poel

Zaterdag 9 december 2017: Er ligt sneeuw. Een laagje dikke plaksneeuw. De temperatuur is boven nul dus lang kunnen we er niet van genieten. Vandaag planten we geen haagstruiken. We willen geen sneeuw bij de wortels van het plantgoed krijgen. De struiken blijven vandaag veilig op hun parkeerplaats in de insectentuin staan. Ik loop een rondje en maak foto's van het sneeuwlandschap. Daarna begin ik met snoeiwerk. Vóór de houtwal,buiten de tuin, leggen we de haag aan. Aan de binnenkant van de houtwal staan veel Rode kornoeljes en brandnetels. Die zorgen er in de zomer voor dat de tuin verborgen is achter een groene muur. Net als bij de nieuwe insectentuin gaan we hier die ongezellige muur opruimen. Dat betekent afsnoeien tot op de grond en de komende jaren 2 of 3 keer per seizoen maaien.

Bosmaaier of heggenschaar: Ik loop met de heggenschaar heen en weer om brandnetels en dunne takjes af te knippen. Ik heb geen zin om zo vroeg al met de lawaaiige bosmaaier te gaan werken. Wil komt er bij en al zagend en knippend hebben we snel een flink deel van de voorkant gedaan. Er staan in deze strook een paar meidoorns, kardinaalsmutsen en vlieren. Die laten we staan. Daar kunnen we omheen maaien. Enkele bessenstruiken laten we nu staan maar gaan we komend voorjaar verplaatsen. De relatief kleine bessenstruiken sneuvelen nog al eens als ze in een van de maaizones staan.

Kinderen en sneeuw: Er zijn weinig mensen op de been. Zelfs de honden worden minder uitgelaten vandaag. Ik zie wel meer kleine kinderen die samen met hun ouders kennis maken met sneeuw en koude voeten. Een dame waagt een wandelrondje door de besneeuwde natuurtuin. Wat later komen twee meisjes met een slee. Om de beurt trekken ze elkaar door de sneeuw. In de tuin worden wat hellinkjes getest. Ondanks dat de smeltende sneeuw niet goed helpt bij het sleeën houden ze de moed er in. Na een tijdje houden ze het voor gezien en vertrekken weer.

Natuur opruimen is natuur vernielen: Wij houden er ook mee op. We drinken koffie en lopen nog een rondje. Gisteren zijn we met voorzitter Kees naar een symposium over biodiversiteit geweest. Een ecoloog had het over dood hout en dat ook daarbij variatie belangrijk is. Dus niet alleen gezonde bomen met daarnaast gekapte. Ook afstervende, zieke en kwijnende bomen zijn van belang voor biodiversiteit. Rommel is goed. Het zijn allemaal nieuwe kansen voor verschillende organismen. We hebben in onze kleine bosjes niet veel mogelijkheden om te variëren. Toch hebben we een aardige verzameling gekapte stammen, takkenhopen, gezonde bomen, jonge zaailingen, afstervende stammen en dood hout dat meer of minder afgebroken is. Zelfs oppervlakkig bekeken is te zien dat niets ongebruikt blijft. Spechten hebben gaten gehakt, paddenstoelen bezetten halve bomen en sommige stammen zijn verkleurd door het stof uit de boorgaten van insecten. We doen het zo gek nog niet in de natuurtuin.

zonsopkomst

Zaterdag 2 november 2017: Grijs en mistig. We hebben een beetje nachtvorst gehad. Het heeft niet hard gevroren. De vorst zit niet in de grond. We kunnen gewoon verder met de buitenhaag. Vorige week hebben we een proefsleuf gegraven en volgezet met struiken (meidoorn, sleedoorn en hondsroos). Het is de bedoeling om een dubbele haag te zetten. Dus 2 rijen met 3 struiken per meter. In totaal 6 struiken per meter. Ik graaf parallel aan de proefsleuf een tweede sleuf. Daarna ga ik verder met de eerste sleuf en graaf er nog een meter of tien bij. Ook vandaag kom ik veel wortels tegen van de bomen langs het wandelpad maar ze zijn makkelijk door te kappen met de steekschop. Verderop zullen we dichter bij de bomen komen en dan worden de wortels dikker. Misschien moeten we daar de haag dichter richting container aanleggen. We zullen het tegen die tijd wel zien.

Voorzitter Kees komt even langs. Hij gaat vandaag zwerfafval opruimen in de wijk. Wil en ik zetten struiken in de sleuven en gooien ze dicht. Extra grond die we nodig hebben halen we uit de insectentuin. In de nieuwe insectentuin moeten we nog flinke stukken afplaggen. Wat we er nu al uithalen is spaart later weer werk. De restjes maaisel die nog her en der in de tuin liggen gebruiken we om de bodem onder het nieuwe haagje af te dekken. Wanneer we klaar zijn hebben we een dikke 60 struikjes geplant.

ijslaagje boven waterAfgelopen jaar is droog geweest. Het waterniveau in de poelen is laag geweest. De laatste weken is het natter geworden. Het niveau in de poelen stijgt en er staat weer water in de drooggevallen bospoel en sommige greppels. Er ligt een dun vliesje ijs over een deel van de grote poel. Ook op het plasje water op het noordelijke veldje is vannacht een ijslaagje ontstaan. Het water op dat veldje is de afgelopen uren een centimeter of twee gedaald. Zo snel gaat dat dus. Stukjes ijs die op het water zijn ontstaan hangen netjes horizontaal in de grassprieten die boven het wateroppervlak uit steken.

Frank van de IVN-vogelwerkgroep is terug uit Bulgarije en heeft afgelopen weken een paar keer in de tuin vogels geobserveerd. Het viel hem weer op dat hij er weinig zag. Hij heeft dat eerder dit jaar ook al eens eerder gezegd. Hij vermoedt dat het een wijdverbreid verschijnsel is. Aan de andere kant bleek dat het merendeel van de nestkastjes die de vogelwerkgroep in de natuurtuin heeft nagekeken wel waren gebruikt. Frank heeft een paar vetbollen opgehangen om te kijken wat daar op af komt. Vandaag zie ik een reiger, wat overvliegende kraaien, een ekster en natuurlijk onze vaste werkbegeleider, het roodborstje. In het elzenbosje zie ik een boomklever of boomkruiper, ik haal die altijd door elkaar. We zien veel sporen van spechten. Veel meer dan in vorige jaren lijkt mij. Dode stammen zijn bezaaid met putjes die de specht er in heeft gehakt en veel stukken schors zijn losgetrokken. Blijkbaar zitten er veel lekkere hapjes in het dode hout. We krijgen koude voeten en sluiten af.

Opgekuild plantgoed

Zaterdag 25 november 2017: Het rijtje trieste vernielingen in de natuurtuin is weer wat langer geworden. Een bakstenen bank en plantenbak zijn kapot getrapt. Beide objecten staan al zo lang ik weet in de Natuurtuin. Een week of twee geleden waren ze weer tevoorschijn gekomen bij ons opruimwerk in de insectentuin. Ze waren overwoekerd door brandnetels en wilgjes. Ik vond ze wel aardig om te zien en het poreuze metselwerk is begroeid met allerlei mossen en plantjes. De spleten tussen de stenen worden vaak als overwinteringsplek gebruikt. In de sloot langs de insectentuin ontdekken we ook nog een afgezaagde Hulst. Die hadden we vorige week over het hoofd gezien en kan nu ook op het schadelijstje.

Aanvoer plantgoed: We verkwisten geen tijd aan het losergedrag want er is genoeg te doen vandaag. De struikjes die we hadden besteld voor het eerste deel van de buitenhaag waren deze week aangekomen bij de groenaannemer. Ik had donderdag 2 ritjes met ons kleine autootje nodig om alle 19 in mijn nek prikkende bundels plantgoed naar huis te rijden. Daarna heb ik tuinaarde gehaald en de kale wortels afgedekt en luchtig ingepakt in plastic. Vrijdag heb ik samen met mijn broer en zijn aanhanger alles naar de natuurtuin gereden. Bij de container liggen nu 475 struikjes te wachten om verwerkt te worden.

Proefsleuf: Ik graaf een proefsleuf van een paar meter op de plek waar de haag moet beginnen. Dat valt enigszins tegen. De wortels van de bomen langs het wandelpad blijken verder door te lopen dan ik had verwacht. Ik krijg ze met de schop makkelijk doorgehakt maar verderop zullen we dichter bij de bomenrij komen en verwacht ik problemen met dikkere wortels. Wil komt er bij en we zetten de proefsleuf vol met struiken. Drie per meter en afwisselend een meidoorn, sleedoorn en hondsroos. De een houdt de struiken op zijn plek, de ander gooit de sleuf dicht. Op een of andere manier zijn we grond kwijtgeraakt en is de sleuf niet goed vol. Terwijl Wil de sleuf bijvult begin ik met het opkuilen van de andere struiken. In de lege insectentuin is plek genoeg. We graven sleuf na sleuf en vullen die met rijen plantgoed. Het zijn er nog steeds bijna 475 en dat is veel.

Overwerken: Om twaalf uur twijfelen we. Zullen we de laatste bundels onder een stapel grond afdekken of alles toch netjes opkuilen? Het laatste dus. Het wordt na tweeën voordat we klaar zijn. Maar dan hebben we ook een goede basis gelegd voor het haagproject. De struiken zullen zo niet bevriezen of uitdrogen. We kunnen telkens zoveel struiken er uit halen als we nodig hebben en de rest blijft veilig geparkeerd. In het berkenbosje hangt een geringde eik half om. Hij wordt tegen gehouden door een vlierstruik. Het is geen dik boompje, hooguit 15 centimeter doorsnede maar we besluiten hem op de grond te laten zakken. Na een paar minuten zagen en trekken is dat geregeld. Verder door de tuin wandelend zien we een vuilniszak in de bomen langs de noordkant hangen. We trekken hem uit de boom en zien restanten van een stuk of tien hennepplanten. Blijkbaar een kwekertje dat klaar was met oogsten. We leggen de zak naast de container en gaan nu toch maar eens naar huis.

voorkant voor het maaienvoorkant na het maaien

 

Zaterdag 18 november 2018: Fris vandaag, dus meteen aan de slag. Ik hark het maaisel dat nog verspreid in de insectentuin ligt op rillen bij elkaar. Het is niet heel erg veel dus snel gedaan. Dat kunnen we later opruimen. Nu loop ik met de messenbalkmaaier een paar keer heen en weer langs de voorkant van de tuin. We hebben besloten de strook tussen de tuin en het wandelpad vaker te maaien en te zorgen dat hij er minder rommelig uit ziet. Ook daarom planten binnenkort de haag aan deze kant van de tuin. Bijkomend voordeel van zelf maaien is dat de hovenier die het plantsoen maait niet meer vlak langs ons infobord hoeft te rijden. Zijn maaimachine smijt gras, grond een steentjes in het rond en dus ook tegen het mooie bord. Voordat ik ga maaien sjouw ik de stammen bij de ingang die dienst doen als bankjes opzij. Het dode hout wordt intensief gebruikt door overwinteraars. Pissenbedden, wormen, duizendpoten, kevers, allerlei kleine kruipers en sluipers dachten hier de kou te ontwijken. Pech gehad, er moet gemaaid worden. Wil komt helpen en terwijl we de laatste uitstekende takken wegknippen komt oud-bestuurslid Agnes aangelopen. We babbelen wat en Agnes loopt een rondje door de tuin terwijl wij ons bezig houden met koffie en muffins.

?250 nieuwe bosanemonen: We gaan bosanemonen planten. Bosanemoon is de eerste plantensoort die wij in de insectentuin uitzetten. We verwachten dat hij zich hier thuis zal voelen. Maar hij groeit hier nog niet dus we weten het niet zeker. Om dat uit te vinden hebben we 250 wortelstokken besteld. Die planten we niet allemaal in de insectentuin. We willen de kans dat de plant aanslaat zo groot mogelijk maken. Daarom gaat een deel van de wortelstokken naar andere plekken in de tuin. Voedselrijke insectentuin: De bodem van de insectentuin is door jarenlang tuinieren overhoop gegooid. De bosanemonen zouden daar zeker worden overwoekerd door gras en brandnetels. Er zal hier eerst flink geplagd moeten worden. Aan de buitenrand van de insectentuin hebben we toch al een paar geschikte plekjes gevonden. Een deel van de bosanemonen komt aan het einde van de stenen muur en een deel aan de noordkant van de bospoel. De rest van de wortelstokken planten we op verschillende plekken in het berkenbosje. Op alle locaties wisselen we zoveel mogelijk af: drogere plekken en nattere plekken, schrale grond en humusrijke bodem. We willen zoveel mogelijk verschillende locaties vergelijken.

Nog meer experimenten: Intussen is ook voorzitter Kees aangekomen. Hij heeft een paar thuis voorgetrokken wortelstokken meegenomen. Zijn idee is om die te vergelijken met de wortelstokken die wij gekocht hebben. Nog meer experiment erbij dus. Kom maar op. We graven ze in op een natte humusrijke plek in het Berkenbosje en besluiten die te markeren met een ijzeren staaf. De rest van de bosanemonen planten we langs en in de greppel vlakbij de Mutsert. Agnes neemt afscheid en wij lopen nog een rondje.

Vernielingen: Tijdens het wandelen vallen ons ineens allerlei vernielingen op. Bij de stenen muur was ons al een bundeltje gesnoeide takken opgevallen. Het leek mij Sporkehout. Flinke takken ook. Raar want die hebben wij niet gesnoeid. De twee fruitboompjes die 2 weken geleden waren omgetrokken zijn nu ook nog bij de voet afgezaagd. Vlakbij de bijenstal ligt een Gelderse roos in de sloot. Ook afgezaagd en ook dit is niet door iemand van ons gedaan.

Door het geplant en gepraat is het laat geworden. We blazen vlug de messenbalkmaaier schoon met de compressor. We smeren de messen in met plantaardige frietolie. Een tip van de fabrikant van de machine. Het is een raar idee maar de frietolie smeert, beschermt tegen roest en is volledig biologisch afbreekbaar. Bij de poort rollen we nog snel de boomstammen van het pad af naar de houtwal. Volgende week zoeken we een nieuwe plek voor ze. Dan kunnen de overwinteraars weer hun intrek nemen.

uitzicht over insectentuin

 

 


 

 

 

 

 

 

 

 



 


 
Stichting Natuurtuin Helmond

Cookies helpen ons onze services te leveren. Door onze services te gebruiken, geeft u aan akkoord te gaan met ons gebruik van cookies. OK