Natuurtuin deze week

 

werk aan insectentuin

Zaterdag 14 juli 2018: Afgelopen maandag heb ik het laatste plukje weggemaaid van de voormalige kruidentuin. Een klein klusje. Maar vanwege de herrie van de bosmaaier gebruiken we die niet graag vlak langs de huizen op zaterdagochtend. De zomer weet niet van ophouden. Vandaag wordt het alweer warm en zonnig. Als het nog lang duurt zal zelfs de grote poel droogvallen. Voor het waterleven is dat niet fataal. De meeste waterdieren leven op het land wanneer ze volwassen zijn en kunnen volgend jaar weer jonkies maken. Andere waterinsecten kunnen wegvliegen en een deel houdt zich in leven in de modder of een laatste vochtige plek. Alleen de vissen zullen het niet overleven. We hebben veel stekelbaarsjes in de grote poel. Misschien bewust uitgezet door iemand of door een watervogel die de eitjes aan de poten had zitten. Vissen in een poel zijn een flinke belasting voor de rest van het waterleven. Ze eten nogal wat op. Het moet niet elk jaar gebeuren en geen maanden lang duren. Maar een poel die nu en dan droog valt is naderhand zo weer gevuld met waterleven. En omdat de grootste eters, de vissen, weg zijn doen alle andere organismen het weer extra goed.


Rinus werkt verder langs de binnenkant van het ronde pad. Hij steekt de bovenste laag met gras en wortels weg en kruit die naar het dijkje aan de voorkant. Ik diep het stuk verder uit. Zodat we ruim een spade diepte afgraven. Later werken Wil en ik aan de bijenstal. Er is een cilinderslot uit een van de deuren verdwenen en het gaas aan de voorkant moet weer dicht. Ook dat is zo gepiept. Alleen het linker stuk gaas maken we nog niet vast. In een hoekje hangt nog een restant honingbijen. Werksters die de verhuizing hebben gemist. Ze hebben geen overlevingskans en weten niks beter te verzinnen dan in een hoek van een houten frame te zitten. Het bevalt ze niet dat wij daar komen klussen en laten dat merken ook. We zetten het gaas er los tegenaan en stellen het vastschroeven uit totdat de honingbijen vanzelf weg zijn. Na de koffie gaat Rinus verder met het grondverzet. Morgen is het open zondag Ik pak de gazonmaaier en maai de graspaden. Wil gaat de paden langs met een heggenschaar om alle overhangende takken weg te knippen.


Wanneer we klaar zijn met de paden heeft Rinus de hele buitenste rand van de af te graven cirkel klaar. Wil en ik lopen nog een rondje. Ondanks de droogte ligt het grootste deel van de natuurtuin er fris en groen bij. De tuin ligt laag en de bosjes geven veel schaduw. Op de hoge stuken begint het gras uit te drogen . Het insectenleven lijkt nergens last van te hebben. Vooral rondom de bloeiende Kale jonkers zoemt en fladdert van alles. Op andere plekken is nu de Gewone berenklauw in bloei gekomen. Weer zo'n insectenmagneet. Ze zitten boordevol soldaatjes en allerlei ander spul. Boven de graslandjes en de poel is druk verkeer van insecten die hun eitjes afzetten. We zullen morgen uitgebreid de tijd nemen om alles te bestuderen.

 

berkenbomen

Zaterdag 7 juli 2018: De natuurtuin wordt droger. Het graspad bij de ingang is geel en de twee kleine poelen staan droog. Her en der zijn Vlieren aan het verdorren. Het blijft nog lang droog en warm dus misschien sterven er een aantal struiken af. Het effect van de droogte op de graslandjes valt moeilijk in te schatten. Alles lijkt goed te gaan. Er staat nu veel in bloei. De Kale jonkers doen het super. Tegen het berkenbosje staat veel Moerasspirea en overal komt het geel van Wederik en Egelboterbloem door het gras heen. Allemaal planten die van nattigheid houden. Er komen zelfs steeds meer Kattenstaarten in bloei. De bloembezoekende insecten profiteren volop. Er vliegen meer vlinders over de ruigtes en de graslandjes dan ik hier ooit bij elkaar heb gezien. We komen veel wilde bijen tegen die we nog niet kennen. Dus dat ziet er goed uit. Maar een paar jaar geleden stond de natuurtuin wekenlang onder water na hevige regenval. Het jaar daarna hadden alle moerasplanten zich explosief uitgebreid. Ik vraag me af of we volgend jaar na deze droogte minder bloeiers zullen hebben.


zomereikEerste deel insectentuin krijgt vorm: Voorzitter Kees brengt materiaal om morgen te gebruiken. Wil en ik bemannen dan een kraampje namens de natuurtuin op een wijkmarktje bij de Pannenhoeve. Het is de eerste zaterdag van de maand dus komt de zwerfafvalgroep bijeen in de natuurtuin. Van hieruit vertrekt de groep met Kees op de maandelijkse tocht door de wijk. Wil ruimt vandaag de rest van het maaisel bij de containerstrook op. Rinus en ik werken nog een stukje in de insectentuin. Het eerste deel dat we afplaggen begint vorm te krijgen. Het is een grote cirkel met een klinkerpaadje aan de buitenkant. De paden en stoepjes binnen die cirkel ruimen we op en de tuingrond graven we af. Inmiddels is er een aardige voorraad betonklinkers en kleiklinkers langs de stenen muur gestapeld.


Nieuwe bestemming bijenstal: Wil en ik inspecteren de bijenstal. Tot onze verbazing is het voorste gedeelte helemaal opgeruimd. Bij nadere beschouwing blijkt de achtergang nog vol troep te liggen. We moeten binnenkort toch een keer naar de milieustraat. Dan zal deze rommel mee moeten.. We klimmen op de bijenstal om het sedumdak op te meten. We gaan dat er af halen en op de container “overplanten”. Later gebruiken we het materiaal van de stal om verderop het educatieve insectenhotel te maken. Intussen lopen er wat mensen door de tuin en druppelt de zwerfafvalgroep weer binnen. Rinus heeft de smaak te pakken gekregen. We moeten hem een paar keer oproepen om te stoppen. Er ligt weer een hoop extra grond bij de voorkant. Na wat geregel en geklets sluiten we af.

 

strook bij de container gemaaid

Zaterdag 30 juni 2018: Bloedheet. Door de droogte van afgelopen weken is het waterpeil flink aan het dalen. De zuidelijke en noordelijke poel staan bijna droog. In de grote poel staat nog genoeg water maar hij is een stuk kleiner geworden. Sinds enige tijd experimenteren we met wildcamera's. Die cameraatjes kunnen een tijd buiten blijven en wanneer iets beweegt nemen ze dat op. We proberen zo wat meer te leren over de (grotere) dieren die de natuurtuin bezoeken wanneer wij er niet zijn. Belangrijk daarbij is om de goede plek te vinden. Nadat de camera opgehangen is moet je maar afwachten wat er voor de lens komt. We proberen telkens andere plekken uit. Werken met wildcamera's is een kwestie van geduld. We hebben veel filmpjes bekeken van waaiende bomen, langpootmuggen en menselijk bezoek buiten openingstijden. Deze keer hebben we een paar dikke houtduiven en een Vlaamse gaai die (natuurlijk net half buiten beeld) zit te zonnen.

Waterbeestjes scheppen: Afgelopen week heb ik de strook bij de container gemaaid met de bosmaaier. De bosmaaier maakt nogal herrie dus die gebruiken we liever niet vlakbij de huizen op zaterdagochtend. De strook ligt 10 meter van de eerste buren. Vandaar dat we dit klusje een doordeweekse dag hebben geklaard. Een van de jongetjes is met de school op excursie in de tuin geweest en wil graag nog een keer beestjes scheppen. Ik help de spulletjes naar de brug dragen en meteen bij de eerst schep hebben we een stekelbaarsje, salamanderlarve en een bootsmannetje.

Veel te warm om hard te werken: De scheppers gaan hun eigen gang en ik krui nog wat grond vanuit de insectentuin naar de voorkant. Daar is inmiddels een aardig dijkje aan het ontstaan. Ik zorg er voor dat de gestorte grond gelijkmatig afloopt. Later zullen we hier makkelijk met een maaimachine overheen moeten. Daarna houdt ik ermee op. Veel te warm om hard te werken.

hommel op Kale jonkerWe drinken koffie. Wil bestudeert met een verrekijker tientallen vlindertjes die zenuwachtig over en tussen het gras bij de ingang vliegen. We kijken er een tijdje naar maar ze zijn te beweeglijk om te zien welke soort het is. Bloemen bezoeken ze niet en ze jagen ook niet achter elkaar aan. Alle vlindertjes vliegen op zichzelf en duiken nu en dan kort het gras in. We denken dat ze eitjes aan het afzetten zijn. De rupsen van veel vlinders leven op allerlei grassoorten. Daarom is het belangrijk bij het maaiwerk niet te kort te maaien en altijd stukken te laten staan.

Vlinderfestival: Voorzitter Kees is inmiddels ook binnen. We bespreken wat praktische zaken en lopen een rondje. De imker heeft zijn spullen verhuisd. Per 1 juli (morgen) moet de stal leeg worden opgeleverd. Het enige wat er nu nog ligt is een hoop rotzooi. In principe heeft hij tot vanavond de tijd om die op te ruimen maar dat zal wel niet gebeuren. Vorige week viel het leven tussen het gras op. Nu trekt de drukte rond de Kale Jonkers de aandacht. Bij de brug staat een groepje van deze distelsoort. Wanneer we er langs lopen fladdert een wolk van vlinders op. Vlinders vallen natuurlijk altijd al op maar dit zijn er enkele tientallen bij elkaar. Voornamelijk witjes en zandoogjes. En dan zitten er nog ik weet niet hoeveel hommels, zweefvliegen en ander spul. Niet iedereen vindt de Kale jonker een mooie plant maar hij is duidelijk belangrijk voor de plaatselijke insectenbevolking. Ik vind ons idee om in de nieuwe insectentuin niets te zaaien of te planten steeds beter. Deze Kale jonker is een inheemse plant die hier vanzelf groeit. Met simpel en goedkoop beheer bereik je het beste natuurherstel.

 

Fraaie schijnboktorZaterdag 23 juni 2018: De zomer heeft een paar dagen vakantie. Vandaag wordt het nog geen 20 graden en dat is best lekker om te werken. Vorige week hebben we het maaisel van de veldjes op hopen geharkt en vandaag gaan we die opruimen. Eerst hark ik nog het laatste maaisel van de insectentuin weg. Ook daar zijn we begonnen met maaibeheer: 2 of 3 keer per seizoen maaien en het maaisel afvoeren. Bemesten doen we sowieso niet. Door dit simpele verschralingsbeheer verbeteren we de omstandigheden voor de wilde planten. Binnen een paar jaar ontstaat een natuurlijke begroeiing die vanzelf aangepast is aan de insecten en andere dieren die hier in de buurt (kunnen) leven. Daar kunnen wonderlijk uitziende exemplaren tussen zitten.


Schijnboktor: Tijdens de open dag afgelopen zondag kwam ik ineens een groenblauwe metallic gekleurde kever tegen op een haagwinde. Hij stak mooi af tegen het wit en ik zette hem snel op de foto. Jammer genoeg niet zo scherp als ik wilde maar toch een mooi plaatje. Thuis heb ik opgezocht welk beestje dit is en het blijkt een Fraaie schijnboktor te zijn. Het is geen toeval dat het beestje in de natuurtuin te vinden is. Als larve leeft deze kever in plantensoorten van het geslacht Cirsium. En we hebben een Cirsium soort die zich de laatste jaren goed uitbreidt: Een grote distel, de Kale jonker (Cirsium arvense).


gevlekte smalboktorHooien en plaggen: Na het maaisel uit de insectentuin sjouw ik nog vlug een stel klinkers naar de grote hoop tegen de muur. We zoeken nog iemand die betonklinkers kan gebruiken. Wil en ik werken het pad af en kruien de ene na de andere maaiselhoop naar de houtwal in het berkenbosje en de houtwal aan de westkant van de natuurtuin. Rinus is intussen verder gegaan met het afplaggen in de insectentuin. Een deel van de voedselrijke grond graven we af en gooien we op een dijkje tegen de voorkant. Daar zullen we nog een hele tijd mee bezig zijn maar Rinus brengt vandaag de zaak weer een stuk verder. We drinken koffie met oud bestuurslid Agnes en even later komt ook voorzitter Kees er bij.


Levend gras: Na de koffie wil Rinus nog een stukje plaggen. Ik loop met Kees en Wil een rondje door de tuin. Weer verbazen we ons over de levendigheid van de graslandjes. Kleine kikkertjes, spinnetjes, torretjes, sprinkhanen, vlinders en vliegen en bijtjes. Van alles springt en vliegt er rond. En dan is het nog vrij koud en houden veel koudbloedige beestjes zich rustig. Verschillende keren zien we hommels die bevangen door de kou traag over een bloem bewegen.


koevinkjeSmalbok en koevinkje: Ik zie een mooie zwartgeel gestreepte kever. Er blijken een paar van deze keversoorten te zijn die erg op elkaar lijken maar volgens mij is dit een Gevlekte smalbok. De larve van deze kever leeft een paar jaar in loofhoutstobben. Elk jaar rond deze tijd zien we er wel een in de natuurtuin. Ook dat is geen toeval. Dood hout is belangrijk voor veel insecten en naast jonge en gezonde bomen zorgen we ook dat er veel dode en afstervende bomen zijn. En door ons kapwerk zijn er genoeg oude boomstobben voor de Gevlekte smalbok. In de insectentuin zit een koevinkje. Een vlinder die vaak te vinden is bij bospaden met struweel en halfnatuurlijke graslanden waar hij zijn eitjes afzet en Kropaar en Witbol groeit. Grassoorten waar de rups van leeft en die ook in en rond de natuurtuin staan.

 

hoooibergjes

Zaterdag 16 juni 2018: Mooi zomerweer. Achter de heuvel en bij de ingang ligt nog maaisel op de veldjes. Vandaag harken we dat bij elkaar. Ik begin vroeg. Niks lekkerder dan met mooi weer 's morgens vroeg in het groen rond te scharrelen. De meeste mensen slapen nog maar in de vogelwereld is spitsuur. Ik hoor veel geluiden hoewel ik meestal niet weet welke vogel ze maakt. Het duurt niet lang of er meldt zich een roodborstje. Zo gauw wij in de tuin klussen zijn roodborstjes er bij om voedsel te zoeken tussen ons gerommel. De laatste dagen is het droog gebleven en daardoor gaat het harken makkelijk. Tegen 9 uur ligt alle maaisel op een rij hooibergjes langs het pad. Rinus komt vandaag helpen maar omdat het hooien al klaar is gaat hij met Wil de nieuwe buitenhaag bijwerken. Hoog opgeschoten brandnetels worden uitgetrokken en de struiken van de haag waar nodig teruggesnoeid. Intussen ga ik met de gazonmaaier over de graspaden en door de insectentuin. Het maaisel in de insectentuin harken we volgende week bij elkaar. Dat kunnen we dan weer op de bodem tussen de struikjes van de buitenhaag leggen. We kunnen goed doorwerken en aan het eind van de ochtend is de hele klussenlijst afgewerkt. Maaisel op hopen geharkt, paden gemaaid, overhangende takken en brandnetels weggesnoeid, insectentuin gemaaid en de buitenhaag vrijgemaakt.


Betrapte buizerd: Rinus heeft afgelopen week een excursie van een basisschool in de natuurtuin begeleid. Bij het klaarzetten van de spullen betrapte hij een buizerd die een waterhoen aan het eten was. De buizerd vloog weg en de resten van het hoen bleven achter. Hij heeft ze aan de kinderen laten zien en dat bleek een groot succes. Er verdwijnen vaker kleine watervogels uit de poel. Tot nu toe dacht ik daarbij aan reigers, katten of een snelle jager als de sperwer als dader. Maar blijkbaar kan een lompgrote buizerd het ook.


Vlinders: Buiten ons drieën is het rustig vandaag. Ondanks het mooie weer. Oud vrijwilliger Wim maakt een rondje door de tuin en wat later komt een vlinderliefhebber binnen. Wij verbaasden ons net over het grote aantal verschillende vlinders dat nu rondfladdert. Vooral de bloeiende Kale Jonkers worden druk bezocht. Na de vroege voorjaarsvlinders waren er een paar weken nauwelijks vlinders te zien. Ik heb gelezen dat dat kwam door het gunstige voorjaarsweer. De vroege vlinders hebben op hun best gevlogen en waren daardoor ook eerder versleten. De latere vlindersoorten lieten nog op zich wachten maar maken het nu meer dan goed. Hopelijk zijn ze er morgen ook nog tijdens de open dag.



 

slootjesdag 2018

Zaterdag 9 juni 2018: Het hooien is mislukt. Vorige zaterdag is het natgeregende maaisel gekeerd. Het leek deze keer goed te gaan want meestentijds was het droog en warm. Maar, net als vorige week kwam de regen vrijdag met bakken naar beneden. Alles opnieuw doorweekt. Niks aan te doen. Werken met de natuur blijft onvoorspelbaar. Het maaisel moet wel van de graslandjes af. Wanneer het te lang blijft liggen trekken alle voedingsstoffen weer in de grond. Bovendien verstikt het maaisel de planten die nu opnieuw moeten uitgroeien. Wil kan vandaag niet komen maar Rinus komt een handje helpen. Iedereen opgeteld hebben 7 tijdelijke klussers bij deze maaibeurt geholpen en dat was. Voorzitter Kees is jarig geweest en komt snel een stuk vlaai afgeven. Vandaag gaat hij klussen bij Natuurmonumenten.

Slootjesdag: Wij beginnen achteraan bij de overloop en het veldje langs de knotwilgen. Dan verder naar de lage veldjes aan de noordkant. Het maaisel kruien we naar achteren en gooien het op de houtwal. Dan hebben er toch nog veel beestjes plezier van. Het is geen zwaar werk maar de zon komt door en het wordt snel warmer. We passen het tempo aan en nemen de tijd. Intussen is het jeugd-IVN binnen gekomen. De hele ochtend komen er groepjes om waterbeestjes te scheppen. Het is vandaag slootjesdag. Er is dan extra aandacht voor het waterleven in de buurt. Halverwege de ochtend wordt het echt warm. Eigenlijk hadden we de partytent op moeten zetten bij de brug. Da hadden de beestjesscheppers wat schaduw gehad. Maar de stemming blijft goed en de brug is de hele ochtend gevuld met enthousiaste onderzoekers.

Welbestede ochtend: Pas na twaalven wordt het rustiger en wat later kunnen de schepnetjes worden opgeruimd. Rinus en ik vinden het ook mooi geweest. Het meeste hooiwerk is gedaan. Volgende keer hoeven we alleen nog een stuk achter de heuvel en de helling bij de ingang op te ruimen. We scharrelen de harken en rieken bij elkaar en ruimen op. Kees is terug van Natuurmonumenten en in de schaduw bij de bij de container kletsen we nog wat na met de IVNers. Het laatste stukje vlaai vindt nog een liefhebber en dan is het echt genoeg geweest. We sluiten een welbestede ochtend af.



 

gemaaide veldjes


Zondag 3 juni 2018: Gisteren kon ik er niet bij zijn. Ik heb soms iets anders te doen op zaterdagochtend. Het was een spannende week. Vorig weekend hebben we alle graslandjes gemaaid die we met deze eerste maaibeurt wilden doen. De drie dagen daarna, zondag, maandag en dinsdag zijn we met een klein clubje helpers met rieken en hooiharken over de gemaaide stukken gewandeld. Door het maaisel een paar keer te keren droogt dat beter. Telkens waren we na een uur klaar. Ook het weer werkte goed mee. De meeste buien gingen Helmond voorbij en verder was het droog en warm. Tot vrijdag. Van de ochtend tot diep in de middag heeft het geregend. Een buitje op het droge hooi kan geen kwaad maar nu was alles helemaal opnieuw doorweekt. Hooiproject weer mislukt?

Noodplan: Het plan was om alle hooi vandaag buiten de poort te kruien en op te laten halen door de Helmondse Dierenparken. Gisteren stonden Wil, Wim en Alexander voor de vraag: kunnen we het maaisel niet beter nog een week op de veldjes laten liggen? Als het verder stabiel zomerweer blijft hebben we volgende week droog hooi. De weersverwachtingen zijn positief dus is het vochtige hooi nog eens gekeerd en niet naar buiten gebracht. Met zulke klussen blijf je afhankelijk van de natuur. En die werkt niet altijd mee.

Gezellige drukte: De afgelopen dagen is het gezellig druk geweest. Na het maaien is het hooi nu dus vier keer gekeerd en daarbij hebben we hulp gekregen van 6 tijdelijke helpers. Mensen die geen tijd hebben om vaak op zaterdagochtend te komen maar zo nu en dan een handje helpen. Sinds vorig jaar groeit rondom de natuurtuin een kringetje aardige natuurliefhebbers en dat is te merken aan het resultaat. De maaibeurten zijn tegenwoordig binnen een paar weken afgerond. En dat terwijl er relaxed wordt gewerkt. Geen gestres. Vlotte maaibeurten zijn betere maaibeurten. Het is ook dit jaar te merken dat de graslandjes hierdoor beter ontwikkelen. Meer variatie, meer kleur van bloemen en meer levendigheid van dieren die op al dat gegroei en gebloei afkomen.

Bijenstal: De purschuim is netjes verwijderd van de bijenkasten en ik zie weer kasten open staan. De imker heeft blijkbaar wat moeite om zijn vermeende privileges los te laten. Inmiddels is het warm en zonnig aan het worden. Een mooie zondag voor de boeg. Hopelijk blijft dat zo tot volgend weekend.

 

scouting leonardus

Zaterdag 26 mei 2018: Het wordt heet en de komende dagen zal het niet regenen. Mooier kunnen we niet hebben. Vandaag maaien we de graslandjes. De drie dagen harken we het maaisel elke dag heen en weer om het extra snel te laten drogen. Volgende week kruien we het hooi naar buiten. Het gaat dan naar de Helmondse Dierenparken. Tot nu toe hebben vijf mensen toegezegd om met het hooiwerk te komen helpen dus dat zal waarschijnlijk vlot verlopen.


Triest: De bijenkasten de wij vorige week met doekjes en spons hadden afgesloten zijn allemaal weer open gemaakt. In een van de kasten zit nog steeds een bijenvolkje. De imker weet dat we ook deze week open kasten afsluiten. Alleen gebruiken we deze keer geen makkelijk te verwijderen doekjes maar spuiten we de vliegopeningen dicht met purschuim. Dat is natuurlijk ook te verwijderen maar kost meer moeite en de kasten zullen er voor moeten worden verplaatst. Triest dat een volwassene op zo'n manier gedwongen moet worden zich aan de regels te houden. Er mogen geen honingbijen meer worden gehouden in de natuurtuin. Wij geven ruim baan aan de wilde bestuivers.


donker soldaatjeMaaien: De messenbalkmaaier werkte vorige week goed en vandaag is het plan om de hele maaibeurt in een keer klaar te krijgen. Wil gaat hoog opgeschoten planten tussen de nieuwe buitenhaag weghalen. Daarna probeert hij de generator weer aan de praat te krijgen. Als dat lukt kunnen we de compressor gebruiken om de machine na het maaien schoon te blazen. Ik maai eerst de drie lage veldjes aan de noordkant. Bloemrijke graslandjes maaien blijft schipperen. Aan de ene kant willen we met maaien zoveel mogelijk voedingstoffen weghalen. Dus veel maaien. Het klinkt gek maar, hoe armer de grond hoe rijker de variatie en bloei van inheemse planten. Aan de andere kant willen we niet de hele leefomgeving van de insecten en kleine dieren die in de graslandjes leven weghalen. Ook willen de planten die nu in bloei staan zich laten uitzaaien. Dus minder maaien. We kiezen er voor om toch op tijd te maaien en plekken waar veel planten bloeien slaan we over.


Scouting Leonardus: Rond 10 uur stroomt de natuurtuin vol met kleine scouts. De welpen van scouting Leonardus hebben een excursie die begeleid wordt door het IVN. De groep splitst zich en een deel gaat waterbeestjes scheppen. Het andere deel krijgt een rondleiding en moet her en der educatieve opdrachten uitvoeren. Later wordt er gewisseld. Wij stoppen met maaien. De machine maakt nogal lawaai en dat is niet leuk voor de tuinbezoekers. Morgen gaan we hooien en ik kan van tevoren de laatste stukken nog wel gemaaid krijgen. Dat is een paar meter langs de overloop en de helling bij de ingang. Wil heeft de generator draaiend gekregen en de messenbalk is snel schoon.


Terwijl de scouts de natuur bestuderen gaan wij met zoekkaart en camera door de tuin. We proberen elke zaterdag een uurtje te besteden aan monitoring van planten en insecten. En vooral dat laatste betekent oefenen.


Monitoring: We zijn nog niet echt bekend met alles wat er rondvliegt op en rond de bloemen. We zijn al blij wanneer we een boomhommel, een honingbij en een aardhommel zeker op naam hebben. Het is verbazend hoeveel verschillende hommels, bijen, wespen en zweefvliegen er te zien zijn. Grote, kleine, superkleine, allerlei rare vormen en kleuren en zelfs een heuse rupsendoder (jammer genoeg een vage foto, dus we weten niet welke soort). Een kwartiertje bij een bloeiende gele waterkers is een duizelingwekkende biodiversiteitsshow. We gaan nog veel leerplezier hebben.


Terug bij de container komen we in een gezellige drukte. Scouts hebben zich verzameld en maken zich op om te vertrekken. Voorzitter Kees staat te praten met iemand die zijn tuin aan het opruimen is. Hij heeft maaskeien over en brengt die in etappes met zijn fiets naar de tuin. Op de grond hebben we er niets aan maar als we ze in de poel gooien zullen ze waarschijnlijk door een of ander waterorganisme in gebruik worden genomen. Wanneer iedereen vertrokken is en alle spullen opgeruimd sluiten we af.

 

bloemrijke graslandjes 

Zaterdag 19 mei 2018: Er wordt warm weer verwacht maar vandaag is het bewolkt en niet echt warm. Wel goed weer om buiten te klussen. Eerst controleer ik de bijenkasten. Er mogen geen honingbijen meer worden gehouden in de natuurtuin. Dat is in strijd met het natuurherstel. De imker is de laatste tijd wekelijks hier geweest maar niet om zijn spullen te verhuizen. Hij heeft twee oude kasten die flink naar de was en honing ruiken wijd open gezet. Daarnaast staat een hele batterij lege bijenkasten met open vliegopeningen. Niet toevallig dus dat daar bijenzwermen van andere imkers in terecht kwamen. Langzaam maar zeker zagen we steeds meer kasten opnieuw in gebruik komen. Maandag hebben we hem opdracht gegeven om alle bijen vóór vandaag weg te halen. Hij weet dat we vanaf nu alle bijenkasten die openstaan afsluiten. De imker is gisteren geweest maar er staan nog steeds 7 kasten open. Ik stop de vliegopeningen dicht. Repen oude poetslap en spons blijken prima te werken. Het klusje is binnen 10 minuten klaar. Ik ben benieuwd hoe lang de imker zijn afgesloten kasten laat staan.

Bloemrijke graslandjes: Morgen hebben we open zondagmiddag. Het zal mooi weer worden en de tuin laat zich ook nu weer van zijn beste kant zien. De lage veldjes zijn gevuld met roze spikkels: koekoeksbloemen. De witte pinksterbloemen zijn er ook nog en daarbij komen nu de goudgele boterbloemen en hemelsblauwe vergeet-mij-nietjes. Die kleurige bloeiers zijn onregelmatig verdeeld tussen de verschillende groentinten van de grassoorten. Soms staan ze dicht opeen, het is maar net zoals het ze uitkomt. Vlakbij de heuvel doen je ogen bijna pijn door de grote bos felgekleurde gele waterkers.

weidebeekjuffer vrouwtjeBeschadigde messenbalkmaaier: Ik graaf nog een stukje pad weg in de insectentuin. De vrijgekomen gele grond gebruik ik om de randen glooiend af te werken. Uiteindelijk hark ik het geheel netjes bij. Het oog wil ook wat. Komende weken kunnen we hier niet verder omdat we nu aan de eerste maaibeurt gaan werken. Daarna graven we weer verder. Vandaag maaien we het eerste stuk: de insectentuin. Ik heb de beschadigde messenbalk weer in elkaar gezet, schoongemaakt en gesmeerd. De monteur die hem zou repareren heeft hem weken laten liggen zonder iets te doen en wij kunnen het maaiwerk niet uitstellen. Vandaag is dus ook een test of hij wel goed werkt. Het gras achter de bijenstal is extreem dicht en hoog opgeschoten. Echt netjes werkt de maaier niet maar dat hoeft ook niet. Er komt een flinke massa maaisel van de kleine oppervlakte. Wil en ik harken het bij elkaar en voeren het af met de kruiwagen en de hooikruiwagen.

weidebeekjuffer mannetjeWeidebeekjuffers: Vlak langs de zuidelijke poel stop ik de machine. Ik zie een mooie metallic blauwe weidebeekjuffer tussen het riet zitten en wil die op de foto zetten. Dan zie ik er nog een en nog een. Ruim meer dan tien, misschien wel twintig. Zoveel heb ik er nog nooit bij elkaar gezien. Tussendoor zie ik een paar olijfgroene exemplaren zitten. Een andere soort denken we eerst. Maar later blijken dat vrouwtjes te zijn. Weidebeekjuffers zijn gebonden aan zuurstofrijk stromend water. Het enige stromende water in de buurt is de gulden Aa, 200 meter verderop. Wat al die beekjuffers hier in het riet langs de zuidelijke poel doen is mij een raadsel. Wel een mooi raadsel. We laten de rietkraag verder maar met rust. Het maaisel uit de insectentuin leggen we tussen de nieuwe buitenhaag en de oude houtwal. Daarna trappelen we het nog eens extra plat. De bedoeling is om de struikjes van de nieuwe haag ruimte te geven en de brandnetels en het kleefkruid er onder te houden. Met een tapijt van maaisel en een paar keer maaien met de bosmaaier moet dat lukken.

Hoe meer je kijkt hoe meer je ziet: We verwonderen ons weer over de wilde metselbijen die op de verse afgeplagde leemgrond af komen. Ze bewegen snel en telkens denken we verschillende soorten te zien. Ik probeer foto's te maken. Alleen met een goede scherpe foto kunnen we naderhand vaststellen welke soort bij het is. Het wil niet echt lukken. Er zit wel ineens een wesp tussen de metselbijen. Wat doet die daar? Het is geen gewone wesp. Misschien een metselwesp. Die blijken ook te bestaan. Of misschien een parasitaire wesp die eitjes afzet in de nesten van de metselbijen. De larven van die wesp voeden zich met de nakomelingen van de metselbijen. We hebben te weinig tijd en te weinig scherpe foto's. Dus voorlopig weten we het niet. Verderop trekt alweer een onbekend goudgeel insect de aandacht. Die heeft er geen probleem mee om even te poseren voor de foto. Zo kan ik achteraf thuis aan de weet komen dat het een bladwesp is, waarschijnlijk een Athalia maar welke soort precies weet ik niet. Verderop in een rotte boomstam zie ik weer een ander bizar uitziend beestje. Hier heb ik tot nu toe nog niets over kunnen vinden. Hoe meer je kijkt hoe meer je ziet en hoe meer je ziet hoe minder je blijkt te weten.

resten van libellenlarves in het rietZaterdag 12 mei 2018: Het wordt mooi weer vandaag. Ik maai de graspaden. Dat is al een paar weken niet gebeurd en nu wordt het gras te hoog om nog comfortabel over te lopen. Na een half uurtje zijn de paden klaar en stuur ik de gazonmaaier de insectentuin in. Binnenkort maaien we hier alles met de messenbalkmaaier. Nu ik hier toch met de gazonmaaier loop maak ik het en der een strookje plat, vooral de stukken met Late guldenroede. Late guldenroede is een mooie tuinplant maar ook een woekeraar die je niet in een natuurgebied wil hebben We gaan hem wegwerken door regelmatig te maaien.

Na de insectentuin maai ik een strookje voor langs de nieuwe buitenhaag. Ik tref voorzitter Kees die vandaag naar Natuurmonumenten gaat. Ik wijs hem er op dat ik vorige week gezien heb dat er opnieuw een bijenvolk in de voormalige bijenstal zit. Dat is tegen de afspraken die we met de imker en de gemeente hebben gemaakt. Niet de eerste keer dat hij de afspraken niet nakomt. Maandag neemt hij contact op met de gemeente.

Klussen en kletsen: Wil en ik gaan nog wat afplaggen. We halen de klinkers uit een pad en gebruiken de gele grond daaronder om de rand van het afgegraven stuk glooiend te maken. Oud bestuurslid Agnes komt een kijkje nemen. We maken een praatje en zij maakt een rondje door de tuin. Wat later komen nog twee dames de tuin ingewandeld. Weer blijkt het nieuwe bordje bij de poort een goed idee. Mensen worden uitgenodigd een kijkje te komen nemen wanneer we aan het werk zijn. Sindsdien krijgen we elke zaterdag nieuwsgierige bezoekers die anders niet binnen waren gekomen.

Onbetrouwbare imker: Tussen het klussen en de praatjes door bekijk ik de bijenstal eens van dichtbij. Tot mijn verbazing tel ik nu maar liefst 4 kasten waar bijen in en uit gaan. Daarnaast staan nog twee oude bijenkasten die flink naar de honing en was ruiken helemaal open. Volgens mij is dat een methode om zwermende bijen te lokken. Wij hebben de samenwerking met deze imker opgezegd omdat er niet mee is samen te werken, wat nu weer blijkt. Hij weet dat hier geen honingbijen meer gehouden mogen worden. Wij willen ruim baan voor wilde bijen en andere bestuivers. Die hebben het al moeilijk genoeg. Blijkbaar is zijn honinghandel belangrijker dan zijn afspraken of natuurherstel. Ik ben benieuwd wat de gemeente hier van vindt.


Elke week is anders: Ook vandaag krijgen we bezoek van wilde bijen tijdens ons graafwerk. Het zij Rosse metselbijen die afkomen op de leem die vrij komt. Die gebruiken ze om hun nestgangen dicht te metselen. Daarnaast zien we ook nog kleinere bijen in en uit een gaatje kruipen. We vragen ons af of ze ook leem opgraven of dat ze er een gezamenlijk nest hebben. Agnes is inmiddels terug van haar tocht door de tuin en is enthousiast over de bloemrijke graslandjes. Telkens komen nieuwe planten in bloei. Nu de Pinksterbloemen minder worden komen er steeds meer Echte koekoeksbloemen. In de rietstengels naast de houten brug zitten de resten van libellenlarven. Kort geleden zwommen ze nog rond in de grote poel. Ze zijn in de stengels geklommen en tegelijk uit geslopen zoals dat heet. Nu vliegen ze als volwassen libelle rond. Elke week is anders.

 

Bloeiende MeidoornZaterdag 5 mei 2018: Het wordt warm vandaag. Na het rondje voor de watermonsters snel aan het werk in de insectentuin. Ik wil een flink stuk afplaggen voordat het echt warm wordt. Met de grond die we nu afgraven maken we aan de voorkant een kleine helling. Er ligt al een onopvallend dijkje en dat maken we stukje hoger en steiler. De helling sluit straks aan op het afgeplagde stuk waardoor we mooie hoogteverschillen krijgen. De wilde bijen die we vorige week al in de insectentuin zagen hebben pech gehad. Daar lijkt het ten minste wel op. We zagen ze toen rondscharrelen op de leemgrond en in een gaatje inkruipen. Om te nestelen dachten wij. Nu staat dat stuk onder water. We hebben niet kunnen zien welke bijensoort het was. Daar zullen we nu dus ook niet achter komen. Ik weet eigenlijk niet of bijen die in de grond nestelen hun gangen waterdicht kunnen afsluiten.

Nieuwe gebruikers insectentuin:

Rosse metselbijenWil is intussen begonnen de stenen in het midden van het af te plaggen stuk op te ruimen. Ik ga verder waar ik vorige week werkte en bouw in een moeite door de nieuwe helling op. Ook vandaag weten de wilde bijen ons, of eigenlijk ons graafwerk te vinden. Ik ben nog geen uur bezig en ik zie langzaam maar zeker steeds vaker kleine bijen rondvliegen. Vlak boven de bodem. Vooral de recht rand waar ik net grond heb afgestoken blijkt ze te interesseren. We stoppen even met werken om het gebeuren eens goed te bekijken. Het lijkt alsof de bijtjes water van de bodem oplikken. Maar al snel is duidelijk dat zede leemgrond zelf willen hebben. Het zijn van die bijtjes die in gaatjes en kieren hun nesten maken en die dan met bijvoorbeeld leem dichtmaken. Metselbijen dus. We proberen de drukke beestjes op de foto te zetten en vergelijken de plaatjes met die op een van onze zoekkaarten. Volgens ons zijn het Rosse metselbijen. Een algemene soort die nu volop actief is. En een soort die in no time van ons graafwerk weet te profiteren. Natuurbeheer geeft soms razendsnel resultaat.

Kikkervisjes en reeën in de natuurtuin:

Voorzitter Kees is met het zwerfafvalgroepje de wijk ingetrokken. Er komt een fotograaf binnen die foto's wil maken voor een ledenblad van de Rabobank. We kletsen wat en hij maakt zijn foto's terwijl wij aan het graven zijn. Een gezinnetje is neergestreken op de houten brug en wanneer wij stoppen met het graafwerk is de zwerfafvalgroep ook weer terug. We drinken eerst maar eens koffie. Daarna maken Wil en ik nog een rondje door de tuin. Er zitten nog steeds waanzinnig veel kikkervisjes in de grote poel. Ze zijn weer een stuk dikker geworden en wat minder beweeglijk dan eerst. Voor langs het elzenbosje zien we twee reeën stilletjes maken dat ze weg komen. De laatste tijd vinden we veel sporen van ze, pootafdrukken, slaapplekken en boombast die afgeschraapt is. Ze zijn veel te snel om de camera te pakken. Toch mooi om ze weer eens in levende lijve te zien.

 

bloeiende meidoorn

Zaterdag 28 april 2018: De Meidoorns bloeien. Er staan elke week nieuwe planten en struiken in bloei maar vandaag steelt Meidoorn de show. Sprookjesachtig mooi, maar net als alle bloesem van korte duur. Als je niet elke week naar buiten gaat mis je veel natuurverschijnselen. Twee weken geleden kon ik amper 2 Pinksterbloemen tellen. Nu lijkt het alsof iemand honderden van die witte bloeiers over de lage veldjes heeft uitgestrooid. En daartussen zag ik alweer de eerste Echte koekoeksbloemen.

Afplaggen of niet:

Vandaag eerst maar eens een nieuw stuk insectentuin afplaggen. Het liefst zouden we de hele insectentuin afplaggen maar op sommige plekken zitten veel boomwortels in de grond. Het is onbegonnen werk om daar alles af te graven. Bij de aanleg van de buitenhaag hebben we gemerkt hoeveel extra werk het kost om door die wortels heen te worstelen. In plaats van eerst afplaggen beginnen we hier meteen met het maaibeheer. Dat betekent een paar keer per jaar met de maaimachine er overheen en dan het maaisel afvoeren. Zo proberen we de bodem natuurlijker en minder voedselrijk te krijgen. Op “rijke” bemeste cultuurgrond doen veel inheemse wilde planten het niet goed. Op voedselrijke grond moet je continu schoffelen en wieden om te voorkomen dat Brandnetel en een paar grassoorten alles overgroeien. Op een gezonde natuurlijke bodem ontwikkelt zich wanneer je geen gekke beheerfouten maakt vanzelf de natuurlijke begroeiing die daar thuishoort. Dieren die bij die planten horen komen ook vanzelf. Als ze tenminste nog ergens in de buurt leven.

Graslandjes worden kleurrijker:

Op onze graslandjes zien we hoe goed dat werkt. Sinds enkele jaren maaien wij die 2 keer per jaar en voeren het maaisel af. Verder doen we niets. In korte tijd hebben we gezien dat er tussen het gras steeds meer andere planten het goed zijn gaan doen. Veel van die plantensoorten zoals Zeggen en Russen zijn niet sensationeel om te zien. Je moet goed kijken en vaak een boekje erbij hebben om ze te herkennen. De variatie aan planten valt vooral op wanneer zoals nu elke week andere planten in bloei komen die geel, rose, wit en paars of blauw kleuren. Ons maaibeheer hebben wij niet zelf verzonnen maar uit de Veldgids Graslandbeheer gehaald.

Eerste onverwachte succes insectentuin:

We dumpen de afgegraven tuingrond dus op een strook langs de voorkant die we niet kunnen plaggen. We zijn de grond kwijt en in een moeite door zorgen we voor wat hoogteverschil. Het maaibeheer blijft hetzelfde. Wil gaat een stuk plastic verwijderen. Een van de tests die we hebben gedaan om de Late guldenroede op te ruimen is een stuk insectentuin afdekken met zwart plastic. We hebben ontdekt dat we in onze situatie deze woekeraar beter kunnen bestrijden door iets vaker te maaien. Wanneer ik een stuk of tien kruiwagens heb weggebracht maai ik de begroeiing weg rondom de nieuwe buitenhaag. Die moeten we de vrij houden totdat de haag voldoende is uitgegroeid. Later zien we dat ons werk aan de nieuwe insectentuin een onverwacht succes oplevert. Een stuk waar vorige week pas wat leemgrond is komen bloot te liggen blijkt nu al ontdekt te zijn door wilde bijen. Ze vallen op omdat ze zenuwachtig boven de leemgrond vliegen. Eerst denken we nog dat ze water op de vochtige grond zoeken. Maar dan zien we dat ze in en uit een gaatje in bodem kruipen. Blijkbaar hebben ze daar in die korte tijd al een nest gemaakt. We weten niet welke bijensoort dit is. Volgende week zullen we nog eens kijken met een goede zoekkaart erbij.

Bezoekers:

Intussen krijgen we weer wat bezoekers. Twee duo's komen een rondje doen en Tom en Marijke komen met kinderen Chris en Liz langs. Ze willen de natuurtuin zien en we gaan waterbeestjes scheppen. We zijn benieuwd wat er te vangen is. In ieder geval Kikkervisjes. We hebben dit jaar een record aantal nakomelingen van de Bruine kikker in de poel. Overal kun je een hand in het water steken en de kikkervisjes zo uit het water scheppen. Dieren die graag kikkervisjes eten hebben een goed jaar. Na flink wat scheppen krijgen we ook Bootsmannetjes, een Schaatsenrijder, Waterschorpioenen, Kokerjuffers, Stekelbaarsjes, allerlei kleine torretjes en een prachtig exemplaar van de Alpenwatersalamander te pakken. We vermaken ons prima en de tijd vliegt voorbij. Het is alweer na twaalven wanneer we onze spullen opruimen en afsluiten.

 

pinksterbloemen op nat grasland


Zaterdag 22 april 2018: Wil is er vandaag niet en ook voorzitter Kees heeft bezigheden elders. Ik begin rustig aan mijn rondje voor de watermonsters. Een grapjas heeft de tuit van de oude waterpomp volgestopt met mos. Wanneer dat er uit is stroomt het water weer door. Eigenlijk raar. Er zijn maar weinig mensen die weten dat deze pomp werkt. Voordat het grondwater opgepompt kan worden moet van bovenaf wat water in de pomp gegoten worden om het droge leertje soepel te krijgen. Pas wanneer dit zuigertje nat en soepel is werkt de pomp. Als je dat niet weet kun je pompen wat je wil maar zal er geen water komen. De pomp lijkt het niet te doen. Raar om een niet werkende pomp dicht te stoppen. De natuur staat in turbostand. Kort geleden was het ijzig koud en kaal. Nu schijnt de zon, hoor ik aan alle kanten verschillende vogels en loop ik in mijn shirt tussen het groen dat met centimeters tegelijk uit de grond knalt. De lage veldjes raken gevuld met bloeiende Pinksterbloemen en de bosranden worden opgefleurd door de bloesems van de Vogelkers. De Zoete kersen zijn alweer uitgebloeid. Overal op de bodem komt kleur. Witte Veldkersen, gele en witte Dovenetels, blauwe Hondsdraf , gele Paardenbloemen en de eerste roze dagkoekoeksbloemen laten zich zien.

De eerste Koekoek: Vorige week zag ik 2 bloeiende Pinksterbloemen op de lage veldjes. Vandaag staan er honderden. En, terwijl ik water schep op het dammetje langs de wijksloot, hoor ik hem voor het eerst dit jaar: de Koekoek. Hij is net als tientallen andere vogels bezig met aandacht te trekken en maakt het voorjaarsplaatje compleet. Het is de bedoeling om vandaag ook nog wat te klussen. Ik werk een dik uur aan het stuk insectentuin dat al afgeplagd is. Een klein stuk zwarte grond verdwijnt in de sloot. De gele grond krui ik naar de paden bij de houten brug. Dit is prima materiaal om de paden op te hogen en egaal bij te werken. Ik ga door tot het afgeplagde stuk helemaal leeg is. Volgende week beginnen we aan het stuk er naast.

Bijen tellen: Het is nationaal bijentelweekend. Ook wij doen mee. Vooral om zelf wat oefening te krijgen in het herkennen van wilde bijen, hommels en zweefvliegen. Want dat blijkt niet mee te vallen. Vorige week waren we nogal optimistisch. We vonden toen een paar makkelijk op naam te brengen hommels. Een dikke tuinhommel is met een zoekkaart zo herkend. Uitgerekend nu komen er geen opvallende hommels voorbij maar wel allerlei bijtjes en vliegen die maar niet stil blijven zitten. Bewegend lijken ze allemaal op elkaar. Uiteindelijk weet ik vandaag een scherpe foto te maken van 1 bijvliegsoort (welke weet ik niet) te maken. Verder herken ik een akkerhommel, honingbijen en een steenhommel. Een magere oogst maar alle begin is moeilijk. En eigenlijk is het best leuk om een uurtje rond te speuren en gewoon af te wachten wat je tegenkomt. Als “bijvangst” noteer ik Klein koolwitje, Oranjetipje en een Bont zandoogje. Die zijn een stuk makkelijker te herkennen.

Bezoekers: Verschillende mensen komen de tuin in. Een dame komt honing kopen. Ik leg uit dat de imker verhuist is en verwijs haar naar de bijenhal in de Warande. Later komt iemand binnen die vaker in de buurt wandelt maar er nu achterkomt dat de tuin op zaterdagochtend open is. Buiten de poort heb ik een bordje neergezet en dat blijkt te werken. Weer wat later komt een moeder met kind binnen. Ze is van de Dierdonkschool. De school houdt elk jaar een sponsorloop en de Natuurtuin is dit jaar uitgekozen als een van de sponsordoelen. Mooi nieuws! Misschien kunnen we het sponsorgeld besteden aan ons nieuwe educatieve insectenhotel. De Dierdonkschool komt elk jaar op excursie in de Natuurtuin. Leuk om ze dan het insectenhotel te laten zien waar ze zelf voor gelopen hebben. Wanneer ik afsluit komt nog een vader met 2 kinderen op fietsjes de tuin in. Ik laat ze een rondje lopen en kijk of ik nog bijen scherp op de foto krijg. Niet dus. Wanneer de wandelaars weg zijn sluit ik af. Genoeg ontdekkingen voor een ochtend.

 

voortgang afplagwerk

Zaterdag 14 april 2018: Lekker weer vandaag. Droog, een zonnetje en het gaat zo'n graad of 20 worden. Een eekhoorn probeert mijn aandacht te trekken. Hij zit op de stam van de grote wilg bij de container en maakt rare geluidjes. Korte stotende blafjes terwijl hij met zijn voorpootjes op de stam slaat. Het ziet er speels uit maar het zou ook kunnen dat hij mij wil wegjagen. Wanneer ik dichterbij kom geeft hij het op en verdwijnt de boom in. Er zijn weer kleine vernielingen. Iemand heeft de moeite genomen om de schors van boomstomp bij de ingang af te trekken. Een stukje van het stapelmuurtje in de insectentuin is omgeduwd. Zielig gedrag.

kevertjes op Gele lisOpen middag: Morgen is de eerste open zondagmiddag van het seizoen. We organiseren die weer samen met de vogelwerkgroep van het IVN. Het lijkt een mooie vogeldag te worden. Prima voorjaarsweer en de vogels zijn nu druk bezig met nestelen, ruziën en territoria afbakenen. Ik hoor en zie veel kleine en grotere vogels. Roodborstjes en pimpelmezen tussen de lage takken, een boomklever tegen een boomstam. Wat verderop krast een fazant en bovenin een dode es roffelt een specht. Ik ben benieuwd wat de vogelkenners morgen allemaal nog meer ontdekken.

Insectentuin: We werken nog wat in de insectentuin. Afplaggen dus. Wil haalt de klinkers uit het pad dat we opruimen. De stapel tegen de stenen muur begint al aardig te groeien. Hopelijk vinden we iemand die ze kan gebruiken. Ik steek een paar kruiwagens zwarte grond weg en dump die in de sloot. De gele grond onder die onder klinkers tevoorschijn komt gebruik ik om de randen van het afgeplagde stuk glooiend te maken. Zo kunnen we er straks makkelijk met de maaimachine overheen. Dit stukje natuurtuin wordt erg interessant. Het afgeplagde stuk zal een groot deel van het jaar onder water staan. Net als de overloop van de grote poel zal het later in het seizoen meestal droog vallen. Dat gaat aparte begroeiing opleveren.

Rondkijken: Erg lang gaan we niet door met werken. Het is te mooi weer en we lopen liever een rondje door de tuin. Er komen steeds meer planten in bloei. Op de lage noordelijke veldjes zijn al een paar pinksterbloemen te zien. Aan de zuidrand van de grote poel ontdekken we ineens een dotterbloem. Jaren geleden stond er hier ook een. We hebben in die tijd de hele strook langs het water weg gekapt om de poel vrij te maken. We verwachtten toen dat de dotterbloem het ook beter zou gaan doen met alle extra licht en ruimte. Maar hij was verdwenen. Jaren hebben we hem niet gezien en nu staat hij weer op bijna precies dezelfde plek als toen. Zaad van de dotterbloem overleeft minder dan 1 jaar, lees ik op verspreidingsatlas.nl. Dus een restant zaad van de oude plant kan het niet zijn. Misschien heeft een deel van de wortelstok al die tijd overleeft en bloeit hij nu weer voor het eerst. Zou kunnen. Een dotterbloem kan behoorlijk fors uitgroeien maar dit is een klein exemplaar. Misschien zijn de bloemen ons gewoon niet opgevallen. Wie weet zaait de plant zich weer verder uit. Zaad van de dotterbloem drijft op water dus nu de natuurtuin natter is dan een aantal jaren geleden zit dat er best in.

welpen vol aandacht

Zaterdag 7 april 2018: De eerste echte lentedag van het jaar en hij valt op deze zaterdagochtend. Ik maak een rondje om watermonsters te nemen en ga daarna verder met het afplaggen van de insectentuin. Er liggen verschillende paden met betonklinkers in dit stuk tuin. Een paar stukken blijven liggen en de rest ruimen we op. De klinkers komen op een stapel tegen de stenen muur. Wanneer ik een paar kruiwagens met klinkers heb weg gereden komt Antoinette van het IVN binnen.

Zwerfafval: Vandaag begeleidt ze een excursie met welpen in de natuurtuin. Voordat de welpen komen gaat ze een kikkerroute uitzetten waar de kinderen uitleg krijgen over deze amfibieën. Intussen is ook voorzitter Kees gearriveerd. Hij gaat vandaag op pad met een paar andere vrijwilligers om zwerfafval op te ruimen. Wanneer het zwerfafvalgroepje compleet is trekken ze de wijk in. Ik maak van de gelegenheid gebruik om weer stenen en grond weg te kruien. Niet lang daarna komt Wil aan. Hij hengelt nog een paar palen uit het water en werkt weer door aan onze generator die maar niet goed wil werken.

IVN tuincursus: Het is een drukke dag in de natuurtuin. De welpen en hun begeleiders zijn aangekomen en trekken naar de brug. De ene helft gaat waterbeestjes scheppen terwijl de andere helft de informatieroute loopt. Naast de welpjes komt er ook een rondleiding van het IVN door Anne. Hij geeft een cursus natuurvriendelijk tuinieren en bezoekt met zijn cursisten verschillende zogeheten tuinreservaten. Vandaag bezoeken ze de natuurtuin en al snel trekt ook deze groep op ontdekkingstocht.

Eekhoorns lusten eieren: Een paar kruiwagens later heeft Wil de generator eindelijk aan de praat gekregen. We drinken koffie en laten het apparaat een tijdje stationair lopen om zeker te weten dat hij het blijft doe. Alle moeite blijkt niet voor niets geweest want hij blijft keurig stabiel draaien.

Het wordt steeds warmer. De vogels doen hun best en twee eekhoorns zijn een vogelkastje aan het inspecteren. De opening is te klein voor de eekhoorns, maar Antoinette weet te vertellen dat ze uit zijn op de vogeleieren. Die vinden ze lekker. Het lijkt mij sterk dat er al eieren in het vogelkastje zitten en de eekhoorns houden het na een tijdje ook voor gezien. Achter elkaar jagen ze soepel door het wilgenbosje.

Na verloop van tijd vertrekken de IVN-tuincursisten weer. De zwerfafvalgroep keert terug met een grote verzameling afval en een onderweg gekochte vlaai. We drinken dus nog maar eens koffie en verorberen de vlaai. Weer iets later zijn ook de welpjes weer vertrokken. We kletsen nog wat met Antoinette en sluiten dan de zaak af. Door alle drukte hebben we niet echt veel kunnen doen maar gezellig was het wel.

bruine kikkers

Zaterdag 24 maart 2018: Het voorjaar begint door te zetten. Vandaag begint koud maar later wordt het dik 10 graden met een zonnetje dat door de wolken breekt. Niet alleen de vogels hebben het voorjaar in de kop. Ik kom boompjes tegen met kale plekken en de schors ligt in slierten op de grond. Eerst denk ik aan iemand die zijn zakmes heeft uitgeprobeerd. Maar dan zie ik dunne hoefsporen en weg geschraapte bladeren. Het lijkt er op dat de boompjes zijn bewerkt door een mannetjes ree. Reeën verliezen elk jaar hun gewei en tijdens de winter groeit dat opnieuw aan. Ik kijk het na op Wikipedia. Inderdaad proberen de mannetjes rond deze tijd de opgedroogde huid rondom het nieuwe gewei weg te schuren.

Voorzitter Kees met hesjeKlusjes: Ik ga vandaag weer een stuk afplaggen in de insectentuin. De grond komt voor een deel in de sloot langs de zuidkant. De rest krui ik naar een pad vlakbij de grote poel dat iets te laag ligt. Wil harkt de bergjes grond tot een beloopbaar pad. Voorzitter Kees gaat vandaag op pad met de zwerfafvalgroep. Hij ruimt eerst een paar stapeltjes huis aan huis krantjes op die naast de natuurtuin zijn gedumpt. Daarna krijgt hij gezelschap van een andere vrijwilligster en gaan ze de wijk in. Wil neemt de generator weer onder handen die nog steeds problemen blijft geven. Wanneer hij de carburateur uit elkaar haalt blijkt die vol roest en vuiligheid te zitten.

Kikkers: Tegen het eind van de ochtend wordt het wat warmer en ga ik kijken of er al planten zijn te noteren die in bloei staan. Ik verwacht er nog niet veel van. Onderweg springt een dikke kikker over het pad. De eerste dit jaar. De hoge temperatuur heeft een eind aan de winterslaap gemaakt en de kikker trekt richting de grote poel op zoek naar een voortplantingspartner. Dit jaar zal hij geen moeite hebben om die te vinden. De overloop van de grote poel zit vol kikkers en er ligt al een enorm pakket kikkerdril. Zodra ik over de houten brug dichterbij kom duiken de kikkers onder water. Ik ga een paar meter verderop op de heuvel zitten en wacht af. Na een minuut of tien komen steeds meer kikkerkopjes opnieuw boven. Het zijn bruine kikkers. Groene kikkers komen pas later in het seizoen in actie. Maar het aantal is verbazend. Er komen steeds weer meer kopjes boven water. Ik heb nog nooit zoveel kikkers tegelijk in de poel gezien. Een tijdje denk ik tussen de vogel en verre verkeersgeluiden een trein te horen. Niet raar, want de wind komt uit het zuiden. Zo'n geluid is het. Het verwaaide geluid van een trein in de verte. Maar de trein verdwijnt niet. Het geluid blijft op de zelfde plek hangen. Opeens dringt het door dat ik helemaal geen verre trein hoor maar het zachte gekwaak van de kudde bruine kikkers in de poel voor mij. In andere jaren is op deze plek wat zacht gekwaak heen en weer te horen maar deze massa flirtende amfibieën maakt er iets speciaals van. Het weer kan doen wat het wil maar het voorjaar is begonnen.

Zwerfafval: Het is na twaalven en de compressor wil nog steeds niet goed lopen. We ruimen de spullen op en zullen volgende week een nieuwe poging wagen. De zwerfafvalgroep heeft de vangst van de dag bij de ingang gezet. Waarschijnlijk is het de bedoeling dat die nog wordt opgehaald. Ik maak er een foto van. Het is een flinke stapel van vooral snack- en drankverpakkingen. Ook een lenteverschijnsel. Alleen minder leuk dan de kikkers.

voortgang insectentuin

Zaterdag 17 maart 2018: Maart roert met zijn staart en april doet wat hij wil. Ik heb het vaak gehoord de laatste dagen . En terecht. Vorige week zaten we in lentestemming. Vandaag is het onder nul en jaagt een koude oostenwind de sneeuw door de lucht. Geen weer om lang buiten rond te hangen. Aan de deur van het materiaalhok hangt een kleine fuik. Een leefnetje dat vissers gebruiken om de gevangen vis in leven te houden. Wat doet dat hier. Mij lijken stekelbaarsjes niet interessant voor vissers en andere vis zit hier niet. Bovendien mag hier helemaal niet gevist worden. Blijkbaar heeft een visser het toch geprobeerd en is daarbij dit netje vergeten. Op de grond staat ook nog een van de IVN nestkastjes. Zo te zien heeft iemand in de tuin rondgeneusd en daarbij deze spulletjes gevonden. Ik leg het nestkastje in het materiaalhok, bij de andere die in de loop der tijd naar beneden zijn gevallen. Het leefnetje gaat in de vuilnisbak.

Ik besluit om toch maar een paar meter in de insectentuin af te plaggen. Een stukje langs de sloot en wanneer dat klaar is ga ik naar huis. Kees belt op dat hij vanwege het slechte weer niet komt. Even later komt Wil binnen. Hij ruimt wat palen op die door spelende kinderen door de tuin zijn gesleept en ik maak het stukje af dat ik wilde doen. We lopen een rondje buitenom de natuurtuin en verbazen ons over het grote aantal bomen dat is omgewaaid in de storm van enkele weken geleden. Veel mensen zullen het maar een slordig gezicht vinden maar wij zijn er blij mee. Een van de vele dingen waar de natuur in Nederland gebrek aan heeft is dood hout. Losse takken en dode boomstammen zijn een basisvoorwaarde voor veel kleine organismen waar grotere dieren van afhankelijk zijn. Na deze ronde hebben we genoeg kou geleden. We ruimen de spullen op en hopen volgende week op beter weer.

afplagwerk in de insectentuin

Zaterdag 10 maart 2017: Vorige week was het winter, vandaag 16 graden. De vogelwereld zit vol in de lentestemming. Twee wild krijsende meeuwen vechten dreigend en duikelend een ruzie uit. Lager bij de grond zijn koolmeesjes en andere kleine vogels zenuwachtig in de weer. Met wat? Zo te zien met vooral heen en weer vliegen en druk doen. Boven in een van de hoge schietwilgen zit net als vorige week een bonte specht. Hij trekt zich niks aan van het gedoe om hem heen. Op zijn gemak maakt hij een roffel op zijn favoriete tak. Soms kort na elkaar. Dan is het langere tijd stil. Hij lijkt weg. En dan weer een roffel. Verbazend hoeveel volume zo'n vogel uit een boomtak krijgt. De groene specht is er ook. Hij lijkt veel beweeglijker dan de bonte. De typische lachende roep komt dan uit de ene en dan uit de andere hoek

KrokussenVoorzitter Kees gaat vandaag naar De Stippelberg om voor Natuurmonumenten te klussen. Wil duikt op de machines. Het aggregaat blijft problemen geven. Na veel monteren en proberen lijkt het apparaat goed te blijven lopen. In ieder geval kunnen we de compressor aandrijven en de band van de tweede kruiwagen oppompen. Intussen heb ik het stapelmuurtje van halve stoeptegels in de insectentuin klaar. De laatste tegels heb ik alvast weggehaald bij het stoepje waar de bijenstal nu nog op staat. Wanneer die afgebroken is mag de rest van dat stoepje van mij blijven liggen. Er zijn wilde bijen en wespen die tussen de klinkers in het droge zand kunnen nestelen. We hebben nog 15 sleedoornstruikjes over van het buitenhaagproject. Die zetten we in de buurt van het groepje sleedoorns vlakbij de bijenstal.

Daarna ga ik aan de afplagklus beginnen. Een groot deel van de insectentuin wordt afgeplagd. De toplaag is door alle tuiniersactiviteiten niet bepaald natuurlijk meer. We zouden jaren moeten maaien en afvoeren voordat dat weer een beetje in orde is. Door de toplaag weg te halen geven we de natuurontwikkeling hier een kickstart. De tuingrond waar de wilde planten geen raad mee weten zijn we straks kwijt. En het gebied heeft door het afgraven iets van zijn moerassige karakter terug. Niet alles wordt afgeplagd. Hierdoor krijgen we in één moeite door kleine hoogteverschillen en variatie in vochtigheid. Daarna gaan we stukken 1 keer, 2 keer of 3 keer per jaar maaien. Andere stukken pas om de paar jaar. Met heel weinig werk krijgen we zo heel veel variatie in plantengroei en dat trekt weer verschillende dieren en andere organismen aan.

Maar voor we zo ver zijn is er dit jaar en volgend jaar nog veel werk met de schop te doen. Een klein stukje is al gedaan omdat we extra grond nodig hadden voor de buitenhaag. De eerste kruiwagens gaan naar de paden in de buurt van de brug over de grote poel. De rest gaat vandaag in de sloot langs de zuidkant. We willen hier zoveel grond in gooien tot er een ondiepe greppel overblijft. Op het eind van de ochtend is een aardig stuk afgegraven en probeer ik met een hark de kanten glooiend te maken. We moeten hier immers later met maaimachines overheen kunnen. Dat lukt beter dan verwacht. Het ziet er nu al veelbelovend uit. Drie jongens komen binnen en vragen of ze mogen rondlopen. Dat mag. Volgende week willen ze wat vroeger terug komen om waterbeestjes te scheppen. Wij ruimen op en lopen nog een rondje. Vandaag was een mooie start van het voorjaar.

winterlandschap

Zaterdag 3 maart 2017: Het is winter. Nou ja, afgelopen week heeft het een paar keer flink gevroren en vanmiddag gaat het al dooien. Eigenlijk een flitswinter dus, maar wel een mooie want vannacht heeft het licht gesneeuwd. Eerst maar eens wat foto's maken want morgen is het mooie sneeuwlandschap waarschijnlijk weg. Het plan om vandaag een stuk af te plaggen in de insectentuin gaat letterlijk in de ijskast. De grond is stijf bevroren en er komt geen schop in.

Klusjes: Wil kon vandaag niet komen maar er liggen nog een paar kleine klusjes. Ik hak met een schop bevroren hoopjes maaisel uit elkaar en hark het tegen de struikjes van de buitenhaag. Daarna krui ik de twee boomstammen die al tijden bij de ingang liggen liggen naar binnen. Een paar jaar geleden hadden wij die juist naar buiten gebracht om daar als bankje te dienen. Dat is nooit een succes geworden en nu gaan we de strook aan de voorkant vaker maaien. Dan liggen de stammen juist in de weg. Ze gaan naar een droge plek op een muurtje in de nieuwe insectentuin.

buurman en buurmanBuurman en buurman: Op het dammetje aan de noordkant ligt een slordige stapel palen. Een overblijfsel van ons experiment met hooiruiters afgelopen zomer. Ik pak ze per twee of drie op en loop een paar keer op en neer naar de takkenhoop in het berkenbosje. Ook weer opgeruimd. Wanneer ik terugloop tref ik op de heuvel bij de ingang een moeder en haar zoontje die bezig zijn met fotocamera's. Ze hebben buurman en buurman meegebracht. De poppetjes staan naast elkaar in de sneeuw en laten zich gewillig op de foto zetten. Ook Buurman en buurman weten dat de sneeuw morgen weg is. Na de natuurtuin willen ze ook nog op de foto op de ijsbaan van boer Kuypers. De moeder en het jongetje hebben het er maar druk mee.

Zwerfafval: De bospoel in het wilgenbosje gaan we vrij maken. Rondom de poel halen we de bomen en struiken weg zodat de middagzon er op kan schijnen. We mogen niet met de kettingzaag werken als we alleen zijn dus ruim ik met een handzaag wat dunnere wilgenstammen op. De dikkere stammen doen we later met een kettingzaag. Dat zal volgend najaar zijn want het is nu maart en wij hebben de regel dat er vanaf maart niet meer gezaagd wordt. Op een koude dag als deze lijkt het raar maar vanaf nu moeten we rekening houden met vogels die gaan broeden. Intussen komt een dame aangelopen die dacht dat de zwerfafvalgroep vandaag zou werken. Ik weet van niks. We kletsen wat en komen tot de conclusie dat het met dit sneeuwdek weinig zin heeft om zwerfafval te zoeken.

dode koolmeesDood vogeltje: Een jongen en een meisje komen de tuin binnen en rennen rond. Misschien dezelfden als vorige week. Even later komen ze melden dat ze in de bijenstal een dood vogeltje hebben gezien. Ik loop met ze mee en inderdaad ligt er een koolmeesje op een van de bijenkasten. Een slachtoffertje van de kou lijkt mij. Ik stop met het zaagwerk en snoei bij de ingang een paar takken weg uit de houtwal.

Diersporen: Voorzitter Kees komt een kijkje nemen. We profiteren van de sneeuw en zoeken diersporen. Een spoor loopt vanaf de poort, langs de container en dwars door de insectentuin. Bij een paar duidelijke afdrukken op de sloot zien we dat het een kat is geweest. Er zijn verschillende buurtkatten die regelmatig de natuurtuin komen inspecteren. De sporen van konijnen en vogels brengen ons bij de zuidelijke poel.

 

Warmwaterbronnen”: Het is opvallend hoe onregelmatig het ijs is terwijl het toch stevig heeft gevroren. Ook in de andere poelen zijn veel wakken en zwakke plekken in het ijs. Een hoek in de zuidelijke poel is zelfs helemaal niet bevroren. Hier komt relatief warm grondwater aan de oppervlakte. Bij de andere poelen speelt dat ook. We weten dat het grondwater onder de natuurtuin het hele jaar door ongeveer 10° C is. Water met die temperatuur komt ook uit de oude handpomp in de insectentuin. Wanneer dit water in de winter naar boven sijpelt (kwelwater heet dat) zorgt dat voor onbetrouwbaar ijs. In de zomer is het effect van kwelwater ook te merken. Het grondwater is niet alleen 10° C. Er zitten andere stoffen in dan in regenwater. Daarom voelen aparte planten als wateraarbei, waterviolier en holpijp zich zo goed thuis in de natuurtuin.

water op de lage veldjes

Zaterdag 24 februari 2018: Het is koud en komende week zal het nog kouder worden. Het lijkt er op dat we een late winter krijgen. We gaan verder met de klusjes die zijn blijven liggen tijdens het werken aan de buitenhaag. De laatste restjes oud maaisel gaan vanuit de achterkant van de tuin naar de haag. Het is niet veel. Vijf kruiwagens. Niet genoeg om de bodem onder de haag helemaal af te dekken. Dat is niet erg want komend voorjaar maaien we de strook aan de voorkant en komt er genoeg maaisel om tussen de struikjes te werken. Dat moet voorkomen dat de kleine struikjes worden overwoekert door gras en brandnetels. Daarna steek ik met een schop alle gras en mos van de ijsvogelwand af. Hopelijk is hij zo aantrekkelijk genoeg voor de ijsvogels om er weer een nest in te maken.

Vrij zicht op de natuurtuin: Het laatste stuk van de “groene muur” aan de voorkant van de tuin gaat vandaag ook weg. Bij de poort staan nog enkele meters Rode kornoeljestruiken die ik met zaag en snoeitang weg haal. Tussen de wirwar van kornoeljetakken kom ik twee aalbessen, twee sleedoorns en een paar vlierstruiken tegen. Die laat ik staan. Hiermee is weer een winterklus afgerond. Vanaf de zuidpunt tot aan de poort loopt de nieuwe haag. Over dezelfde lengte, aan de binnenkant van het houtwalletje, zijn alle hoge struiken weg gesnoeid. Alleen meidoorns, sleedoorns e.d. zijn blijven staan. Vanaf het wandelpad kijk je in de zomer niet meer tegen een groene muur maar is er vrije inkijk in de natuurtuin.

Machines repareren: Wil is druk doende het aggregaat aan de praat te krijgen. Uiteindelijk lukt dat wanneer hij wat oude benzine heeft laten weglopen en er nieuwe in heeft gedaan. Hij gaat verder met het schoonpoetsen van het bovenmes van de messenbalkmaaier. Een van de mesjes zit los en dat moet met klinknagels weer worden vastgezet. Dat kunnen we niet zelf en we zoeken iemand die dat kan repareren. We besluiten om vanmiddag met het defecte onderdeel naar een dealer in Deurne te rijden en te kijken of het daar gemaakt kan worden.

Bezoekertjes: Ondanks de kou hebben we weer aanloop van spelende kinderen. Broertje en zusje parkeren hun skelter buiten de poort. Mama had gezegd dat ze moesten kijken of de natuurtuin open was. Blijkbaar bevalt hen die tip. Nadat ze gevraagd hebben waarom ik de struiken snoei stappen ze vol ondernemingslust verder. Ik waarschuw ze om niet op het ijs te gaan. Natuurtuinwater zit vol biologische activiteit en relatief warm grondwater. Het moet lang vriezen voordat het ijs betrouwbaar is. Even later rennen ze achter elkaar aan over de brug. Er komt nog een jongetje binnen. Hij kent de andere twee en rent met ze mee. Ook een vader met kind komt een kijkje nemen.

Stoeptegels voor biodiversiteit: Terwijl Wil aan de messenbalkmaaier werkt graaf ik een rij stoeptegels uit de insectentuin. De stoeptegels dienden als opsluitrandje in de voormalige kruidentuin. Nu hebben ze geen nut meer en vormen een gevaar voor de maaimachines. Met een schop zijn de tegels makkelijk uit de grond te wippen. Wanneer dat klaar is sla ik ze doormidden en bouw verder aan het stapelmuurtje vlakbij de stenen muur. De tegels zijn opgeruimd en vormen nu een decoratief muurtje vol kieren en holtes waar van alles in gaat gebeuren. Ze zullen begroeid raken met mossen en gebruikt worden door allerlei kleine diersoorten. Betonafval kan soms prima dienen voor de biodiversiteit.

wintersfeer in de natuurtuin

Zaterdag 17 februari 2018: Gelukkig zijn we klaar met de buitenhaag want het heeft vannacht weer flink gevroren. De struikjes die we nog over hebben staan vastgevroren in de insectentuin. Die kunnen we niet verplaatsen. Eigenlijk komt dat goed uit omdat we nog niet weten waar we ze precies gaan zetten. Vandaag wordt een restklusjesdag. Er moet nog wat grond worden bijgevuld in de nieuwe buitenhaag. Drie kruiwagens blijken voldoende te zijn. Het laatste restje maaisel uit de insectentuin werken we ook tussen de nieuwe struiken. Wil is intussen de kettingzaag aan het schoonmaken. Het aggregaat wil niet starten dus kunnen we met de compressor geen perslucht gebruiken. Dan alles maar met de hand en wat doekjes schoonmaken. Dat neemt veel tijd in beslag.

Rommel opruimen: Ik steek grond weg uit de insectentuin. Die krui ik naar het pad langs het elzenbosje dat her en der moet worden bijgewerkt. De voormalige kruidentuin ligt vol met overbodig geworden tegelpaadjes. De betonklinkers stapelen we voorlopig tegen de stenen muur. Als iemand ze wil gebruiken kan die ze meenemen. Stoeptegels gebruiken we om een keermuurtje te maken. Ook achter de container liggen nog klinkers en restanten van de haardhoutopslag. Een paar plastic golfplaatjes neem ik mee om thuis in de vuilnisbak te gooien. Drie schotjes van onbewerkt hout gaan we nog uit elkaar halen en ergens offeren aan de paddenstoelen.

Wilde bijen: Voorzitter Kees komt langs en we nemen een kijkje in het achterste deel van de bijenstal. Over enkele maanden wordt de bijenstal afgebroken en overgedragen aan de imkersvereniging. De honingbijen in de natuurtuin maken plaats voor wilde bijen (hier meer info). Daarvoor moet de stal op tijd leeg worden gemaakt. In het achterste deel staat nog een voorraadje lege bijenkasten en vier grote stukken boomstam. De boomstammen zijn snel opgeruimd en liggen nu in het elzenbosje. De rest moet de imker nog verhuizen. In de sloot naast de bijenstal liggen de resten van een bijenkast. Ik scharrel ze met een hark bij elkaar en leg ze op een plank.

Bezoekers: Een jongetje is met zijn vader de tuin af aan het speuren naar dingen die ze thuis onder de microscoop kunnen bekijken. Even later komt nog een man met twee kleine kinderen de natuurtuin in voor een wandelingetje. Verder met het stapelmuurtje. Stoeptegels komen van nature veel voor in een stadsomgeving en dus is het niet raar om ze in de natuurtuin te hergebruiken. De gebroken en los gestapelde tegels hebben veel spleten en gaten waar van alles in gaat gebeuren. En het ziet er beter uit dan het gemetselde muurtje er achter. Wil komt me waarschuwen dat het al half een is. Alle wandelaars zijn de tuin uit en wij gaan volgende week verder met de klussen.

vrijwilligers op kettingzaagcursus

Zaterdag 10 februari 2018: De schop gaat zonder problemen de grond in. Raar is dat, de hele week is er nachtvorst geweest en overdag werd het niet warmer dan een paar graden. Je zou verwachten dat de grond hard bevroren was. Het plan voor vandaag was daarom snoeiwerk te doen en een stuk in de insectentuin af te plaggen. Toch maar verder met de buitenhaag. Ik begin te graven en net als bij de eerste sleuf gaat dit laatste stuk prettig snel. Er zitten nauwelijks boomwortels en de bodem is zacht.

Klein natuurverschijnsel: Uiteindelijk komt de sleuf tot aan de poort, het einddoel voor deze winter. Met Wil graaf ik de laatste struiken uit die we in de insectentuin hadden ingekuild. Gek genoeg is de bodem hier wel bevroren. Een opvallend verschil. Langs de hele voorkant van de tuin (10 meter verderop) is de bodem zacht. Hier en vlakbij de poort zijn de bovenste centimeters wel bevroren. Waarschijnlijk spelen kleine hoogteverschillen een rol bij dit verschijnsel. Voorlangs de tuin ligt de bodem een stuk lager en dus iets dichter bij het relatief warme grondwater. Bovendien ligt de strook voor de tuin beschut tegen de wind. Gelukkig zit de vorst niet diep dus met wat wrikken krijgen we de struiken toch los.

84 nieuwe struiken: We zetten het plantmateriaal in de geul, schuiven de grond aan en blijken nog een twintigtal sleedoorns over te hebben. Die gaan weer terug naar de insectentuin. Volgende week zoeken we uit waar we die gaan planten. Onverwacht en dus extra leuk dat dit project nu is afgerond. Vandaag hbben we 84 nieuwe struiken gezet. Her en der moet nog een extra kruiwagen grond komen en er ligt nog oud maaisel in de tuin dat tussen de stammetjes komt. Dat is volgende week zo gebeurd en dan kunnen we ons weer met andere klusjes bezig houden.

verzameld zwerfafvalZaterdag 3 februari 2018: De lage delen van de natuurtuin staan nog steeds mooi blank. Ook een deel van de nieuwe buitenhaag staat in een plas water. Ik ben benieuwd of alle soorten struiken daar tegen kunnen. Misschien moeten we volgend jaar een deel vervangen. Sleedoorns kunnen goed tegen nattigheid. Van Meidoorns en Hondsrozen weet ik dat niet zeker. We zullen het vanzelf merken. Ik begin met het verlengen van de tweede rij struiken. De eerste rij is helemaal klaar en deze tweede halverwege. Vandaag doen we een lastig stuk met veel boomwortels. Verderop naar de poort ga je door de grond als door boter maar hier moeten we regelmatig met de takkenzaag werken om voorbij een dikke wortel te komen.

Na een tijdje komt een dame de tuin ingelopen en vraagt naar het opruimen. Ik snap het niet meteen en leg uit dat we de stormschade al aan de kant hebben. Dan schiet me te binnen dat voorzitter Kees vandaag met een nieuw groepje zwerfafval gaat opruimen. Kees is er nog niet, we drinken een bekertje koffie en babbelen wat over zwerfafval en natuurbeheer. Haar man heeft in de begintijd van de natuurtuin nog gemetseld aan de muur bij de insectentuin. Kees komt aan en niet veel later nog twee andere deelnemers. Met hun vieren trekken ze de wijk in. Ik graaf verder aan de geul en Wil begint de nodige struiken te verzamelen in de insectentuin.

Een moeder met zoontje en een kinderwagen gaan de tuin in. Ze vragen of ze waterbeestjes mogen scheppen. Het jongetje heeft dat vaker gedaan en dat is hem blijkbaar goed bevallen. Wil geeft hen de spullen en strooit wat scherp zand over de brug tegen de gladheid. Ze gaan dapper aan de slag. Of eigenlijk vooral het jongetje dat ijverig met het netje heen en weer loopt over de brug om zijn vangsten aan moeder te laten zien. Wil heeft alle struiken in de geul gezet en we beginnen met aanaarden. Na een tijdje komen de beestjesscheppers weer naar buiten. Veel hebben ze niet gevangen, Wat slakjes een waterschorpioen en andere kleine dingetjes. Ze hebben het koud gekregen en gaan naar huis. Intussen komt de zwerfafvalgroep binnengedruppelt. Ze hebben verschillende vuilniszakken vol gekregen en hebben wel zin in een kop koffie. Wij doen mee. Na de koffie werken Wil en ik de sleuf verder af. Vandaag zijn we een dikke 16 meter verder gekomen en hebben 48 struiken geplant. Volgende week wordt vorst verwacht en kunnen we waarschijnlijk niets aan de haag doen. We bekijken welke klusjes we als alternatief zouden kunnen doen en sluiten af.

graslandjes lijken rijstvelden

Zaterdag 27 januari 2018: Het wil maar geen winter worden. Ook vandaag is het zacht en gelukkig droog. Er staat nog steeds veel water in en rond de natuurtuin. Doordat het iets is gezakt zijn de graspaden weer boven water. De lage graslandjes zelf staan nog blank en het geheel heeft wel wat van ondergelopen rijstvelden. Net als voorgaande jaren trekt al dat water wilde eenden aan. Een stuk of vijf dobberen op de grote poel en een ander groepje heeft de zuidelijke poel ontdekt. Wanneer je in de buurt komt laten ze weten dat zeer zijn. Met veel kabaal en gekwaak vliegt het hele gezelschap op van het water. Een veel grotere reiger vliegt verderop geluidloos weg.

74 nieuwe struiken: We kunnen weer verder met de buitenhaag. Vandaag wil ik de eerste rij doortrekken tot aan de poort. Het graven van dit laatste stuk gaat makkelijk. Ik kom weinig boomwortels tegen, de bodem wordt steeds zachter en na een dik uur heb ik bijna de hele geul klaar. Wil meet de afstand op en gaat de benodigde struiken uitgraven. Voorzitter Kees komt langs en we gaan aan de koffie. Wil en ik zijn drie dagen naar een kettingzaagcursus geweest. Een zeer leerzame onderneming. We bespreken wat dingen die we moeten kopen om helemaal bij te zijn met de uitrusting. Intussen komen twee jongedames met indrukwekkende camera's de tuin ingelopen. Ze willen rondkijken en foto's maken. Aan laarzen hebben ze niet gedacht maar een groot deel van de tuin is begaanbaar dus vertrekken de twee op half uurtje fotosafari. Intussen hebben wij de koffie op en gaan weer aan de slag. We planten de stuiken, kruien extra grond en maaisel vanuit de insectentuin en krijgen volop aandacht van nieuwsgierige peuters en speelse honden. Uiteindelijk hebben we vandaag 74 struiken geplant. De eerste rij is nu klaar. De tweede rij struiken is ongeveer halverwege. Wanneer we geluk blijven houden met het weer dan hebben we nog twee zaterdagochtenden nodig om deze klus af te ronden.

omgevallen wilgomgevallen wilg opgeruimd

Zaterdag 20 januari 2017: Het heeft een beetje gevroren en er is wat sneeuw gevallen vannacht. Ik vraag mij af of het verstandig is om vandaag aan de buitenhaag te werken. Wanneer de struikjes samen met bevroren grond en sneeuw de grond in gaan is de kans te groot dat ze kapot gaan. Bij de ingang van de natuurtuin zie ik dat we vandaag geen struiken planten. Afgelopen donderdag hebben we een flinke storm gehad. Een enorme schietwilg die pal naast de container stond ligt plat. Hij is vlak langs de container over de houtwal aan de voorkant gevallen. In zijn val heeft hij een es meegenomen. Beide stammen en een wirwar van takken liggen dwars over het wandelpad en tussen de struiken aan de andere kant. De stam van de dikke wilg balanceert op de stomp van de afgebroken es en hangt zo'n anderhalve meter boven het pad. Het ziet er riskant uit. Buiten de wilg is er eigenlijk weinig sensationeels naar beneden gekomen in de natuurtuin. Wat rotte takken en dode stammetjes.

Stiekeme zager: In de insectentuin ligt een meidoornboompje plat. Onwaarschijnlijk dat dat door de storm gebeurd is. Wanneer ik het van dichtbij bekijk zie ik dat de stam voor driekwart is ingezaagd. Een tijd terug hebben we een reeks vernielingen ontdekt rondom de bijenstal. Een stiekeme zager heeft toen allerlei boompjes die wij hadden laten staan vernield. Ook een oude gemetselde bank en een plantenbak moesten het ontgelden. Blijkbaar is de meidoorn toen ook ingezaagd en heeft de harde wind de rest gedaan. De bast is tot op de bodem ingescheurd dus het boompje zal waarschijnlijk niet meer uitgroeien.

Kettingzaag: Wil is er nog niet en ik kan niet in mijn eentje met de kettingzaag werken. Met een handzaag ga ik de kleinere takken te lijf en sleep ze naar de kant van het wandelpad. Wanneer ik daar zo'n beetje mee klaar ben arriveert Wil en kunnen we met de dikkere stukken beginnen. De kettingzaag start probleemloos en in een paar minuten tijd liggen de stammen die boven het pad hangen op de grond. Het onderste en dikste deel van de wilg ligt binnen de natuurtuin. Dat laten we liggen. We zullen nog jaren plezier van de kolos, die langzaam bewoond zal worden en in de loop der tijd zal vergaan. Alleen het stuk wat over de houtwal buiten de tuin steekt zaag ik af. Ik zie vonken. De ketting komt tegen prikkeldraad aan dat in de houtwal is verwerkt. Zaag bot.

Een maatje te groot: Tijd voor koffie en het slijpen van de kettingzaag. Voorzitter Kees is er ook en we bespreken de stormschade. Het heeft weinig gescheeld of de grote wilg was op het materiaalhok gevallen. Wanneer we de breuk nader bekijken zien we dat de binnenkant vermolmd is. Er staan veel van deze grote wilgen bij de container. Eigenlijk zouden we ze moeten omzagen maar ze zijn een maatje te groot voor ons. We zullen de gemeente vragen om ze weg te halen. Wil heeft de kettingzaag geslepen en hij zaagt in geen tijd de stammen door die nog over het pad liggen. We wrikken de lompe blokken naar de kant en aan het eind van de ochtend is het pad vrij. Volgende week is de buitenhaag weer aan de beurt.

bloeiende HazelaarZaterdag 13 januari 2018: Wil is geveld door de griep en voorzitter Kees gaat vandaag werken bij Natuurmonumenten in natuurgebied de Stippelberg. Ik heb de natuurtuin voor mijzelf. Het waterpeil is iets gezakt. Grote stukken tuin staan nog steeds blank en zijn moeilijk toegankelijk. Ik ga verder met de buitenhaag en na een lastig begin kom ik eindelijk bij een lang stuk met weinig boomwortels. Het graven schiet daardoor lekker op. Halverwege de ochtend heb 22 meter sleuf gegraven en begin ik struikjes te verzamelen in de insectentuin. 22 meidoorns, 22 sleedoorns en 22 hondsrozen.

Bezoekers: Intussen komt Theo binnengelopen. Hij heeft een appje van de imker gekregen dat er nog hout voor hem in de bijenstal ligt. Maar Theo heeft geen sleutel. Ik ook niet. We kletsen wat en Theo gaat naar de markt. Ik zet de struikjes in de sleuf. Het is droog en koel weer. Lekker om buiten te werken. Na een tijdje komen een paar vaste bezoekertjes aan lopen. Mehmet en Jakoep heten ze geloof ik. Ze komen op de open dagen in de zomer wel eens in de tuin. Ze zijn een hondje aan het uitlaten en vragen of de tuin open is. Dat is zo en ze gaan het hondje wegbrengen. Keurig, want honden mogen niet de tuin in. Er zijn vanmorgen verschillende honden langs gekomen en er ligt al weer een drol op het pad bij de ingang.

72 nieuwe struikjes: Ik heb de struikjes iets te dicht op elkaar gezet en moet er nog 6 bij doen om de 22 meter vol te krijgen. Toch mooi 72 struikjes gezet vandaag. Mehmet en Jakoep zijn intussen terug en wandelen door de tuin. Ik haal een paar kruiwagens grond uit de insectentuin om het plantgoed aan te aarden. Op een of andere manier komen we altijd grond tekort wanneer we een sleuf weer dicht gooien. Ik kom Mehmet en Jakoep weer tegen wanneer ik de laatste kruiwagen grond naar de sleuf krui. Mogen we beestjes scheppen? Nee dat kan nu niet, het is winter en dan zijn de beestjes in winterslaap. OK, ze snappen het maar lopen toch nog een rondje door de tuin. Ik gooi de laatste grond tussen de struikjes en ruim het gereedschap op.

noordelijke veldjes staan blank

Zaterdag 6 januari 2018: Het heeft flink geregend. Ik zie bij binnenkomst dat het water van de grote poel tegen de houten brug aan staat. De kleine bospoel in het wilgenbosje is niet meer te ontdekken. Het hele bosje is een poel geworden. Wanneer ik een rondje loop ben ik blij dat ik mijn rubber laarzen heb aangetrokken. De meeste graslandjes staan blank. Het pad langs de noordelijke veldjes ligt nu 20 centimeter onder water. Zelfs met laarzen moet ik voorzichtig lopen omdat het water anders naar binnen klotst. Een reiger breekt zijn landing af zodra hij mij ziet en maakt een doorstart. Ik weet niet of het door het zachte weer van de laatste dagen komt maar er is druk vogelverkeer vandaag. Een troep ganzen vliegt richting het westen. Twee zwanen zwoegen naar de stad en vanaf de zuidelijke poel vliegen twee eenden op. Een stuk of tien staartmezen fladderen tussen de takken van een grote schietwilg en aan de rand van het wilgenbosje is een hele groep koolmezen druk met elkaar achterna jagen. Het lijkt alsof ze de lente in de kop hebben maar daarvoor is het nog te vroeg. Komende week gaat de temperatuur naar beneden.

Wil is er vandaag niet. Ik plant een klein stukje buitenhaag erbij. De haag bestaat uit twee rijen struikjes. De buitenste rij is nu nog een aantal meters korter dan de binnenrij. Ik verleng de buitenste sleuf zodat ze nu weer gelijk liggen . Een meter of 7. Daarna haal ik plantgoed op uit de insectentuin plus wat grond en oud maaisel om de stammetjes af te dekken. De grond is doordrenkt. Op sommige plekken staat een laagje water in de sleuf. Hopelijk kunnen deze struikjes daar tegen want het is hier elke winter en soms ook in de zomer flink nat.

Ik ga niet verder met graven vandaag. In de insectentuin ligt veel straatwerk van de voormalige kruidentuin. Een deel daarvan halen we weg. Ik ga op zoek naar een plek om die stenen voorlopig op te slaan voordat ze worden afgevoerd. Een cirkelvormig muurtje waar ooit een pergola op stond is een geschikte plek. Ik breng er meteen een paar losliggende klinkers heen. Intussen is een jong stel met twee peuters de tuin ingetrokken. Erg ver komen ze niet want achter het berkenbosje staan de veldjes onder water. Ze proberen het nog eens via een andere route door de insectentuin en het elzenbosje. Voorzitter Kees komt binnen. Hij heeft met de imker afgesproken dat we een kruiwagen buiten laten staan zodat hij dit weekend kan beginnen met het ontruimen van de bijenstal. Dit jaar wordt de bijenstal afgebroken en verplaatst naar een andere plek. Door de kruidentuin op te ruimen en te stoppen met honingbijen kunnen wij ons nu volledig richten op natuurherstel en voorlichting daarover. Het stel is klaar met wandelen en we maken een praatje. Daarna sluiten we af. Voorzitter Kees maakt nog een rondje op de fiets om te zoeken naar zwerfvuil. In ga richting huis.

grondmonster nemen in insectentuinZaterdag 30 december 2017: De laatste zaterdagochtend van het jaar. En extreem zacht. Vandaag kan het tot wel 12 graden worden. Ik weet niet of we veel kunnen doen want het regent tot na negenen. Ik begin met het nemen van een serie bodemmonsters in de insectentuin. We hebben de voormalige kruidentuin opgeruimd en een nieuw beheerplan voor dit stuk natuurtuin gemaakt. Nu we onze handen vol hebben aan de nieuwe buitenhaag kunnen we de insectentuin eens nader onderzoeken en eventueel ons beheerplan bijstellen. Dat bijstellen gebeurt regelmatig. De oorspronkelijke indeling is al twee keer veranderd. Zo zijn er meer verbeteringen. We hadden eerst het plan om een hele lijst inheemse moerasplanten uit te zetten. Vanuit de gemeente kwam het advies daar voorzichtig mee te zijn. Goed beheer is belangrijker voor natuurherstel dan nieuwe planten uitzetten. Met de bodemmonsters die ik nu willen we achterhalen hoe natuurlijk de voormalige kruidentuin nog is. Kort geleden heb ik al wat testjes gedaan en daar kwamen hoge pH waardes uit. Waarschijnlijk is er veel kalk gestrooid voor de kruiden. Voor de moerasplanten die hier thuishoren is dat minder goed nieuws. Wanneer uit de nieuwe metingen weer abnormale waardes komen, sturen we een monster naar een laboratorium om het nader te onderzoeken.

zwammen op een boomstamAlweer 40 nieuwe struikjes: Ik graaf weer een stukje sleuf en ontdek dat een handzaagje makkelijker is om door dikke boomwortels te komen dan kappen met de schop. Wil haalt plantmateriaal op en zet de sleuf weer vol. Voorzitter Kees komt langs en we bespreken de insectentuin en het insectenhotel dat we willen bouwen. Komend voorjaar vertrekt de imker. De bijenstal wordt ook verhuisd zodat wij de handen vrij hebben om een nieuw insectenhotel te maken. Wil gaat het hotel voorbereiden. Na de koffie gaat Kees met een kruiwagen een stapel gedumpte folders opruimen. Wij werken het nieuwe stukje haag af.. Achter in de tuin lgt nog wat oud maaisel van afgelopen voorjaar. Dit komt op de bodem tussen de nieuwe struikjes. We zijn weer een kleine 40 struikjes verder en de haag is nu bijna ter hoogte van de container gekomen. Na nog een rondje genieten van de paddenstoelen in de natuurtuin gaan we naar huis om ons op de jaarwisseling voor te bereiden.

water op de noordelijke veldjes

Zaterdag 23 december 2017: Lekker zacht en droog vandaag. Afgelopen week is er flink wat regen gevallen. Het water in de poelen komt steeds hoger en de lage noordelijke veldjes staan gedeeltelijk blank. Een enorme zwerm vogels trekt over. Het zijn er honderden. Ongeveer zo groot als kauwen. Misschien zijn het wel kauwen maar die maken altijd een hoop kabaal. Gek genoeg houden al deze vogels zich stil. Ik hoor alleen het geruis van een paar honderd vleugels. De optocht trekt met ruime slingers naar het zuiden, richting centrum. Ik ga weer verder met de buitenhaag.

Buurt denkt mee: Verschillende hondenuitlaters zijn geïnteresseerd in wat we aan het doen zijn. Wanneer ik een van hen vertel dat de houtwal uiteindelijk zal verdwijnen is hij het daar niet mee eens. Hij vindt de haag met de houtwal juist een goede combinatie en een soort corridor voor allerlei beestjes. Daar hebben wij eigenlijk nog niet aan gedacht. Wanneer de haag goed aanslaat is de houtwal niet meer nodig als afscheiding en hoeven we hem ook niet meer bij te vullen. Na een paar jaar is hij dan verdwenen. Maar misschien is zo'n dubbele wal inderdaad nuttig als veilige doorgang voor allerlei kleine dieren. Wanneer we zo nu en dan wat takken op de houtwal gooien blijft zo'n groene tunnel ook in stand. De man moet verder en wij hebben er weer een idee bij.

50 nieuwe struikjes: Intussen is Wil begonnen de sleuf die ik heb gegraven vol te zetten met struiken. Ik graaf er nog een paar meter bij en ga dan maaisel ophalen waar we de stammetjes van het plantgoed mee afdekken. Voorzitter Kees en penningmeester Ton komen langs en we drinken koffie. Vanuit het niets komt een nieuwsgierige eekhoorn zich met onze gesprekken bemoeien. Vanaf de dikke wilg bij de container kijkt hij bij ons naar binnen. Wanneer we buiten komen is hij snel tussen de takken verdwenen. Ton en Kees vertrekken weer en ik haal nog twee kruiwagens grond uit de insectentuin waar we het nieuwe stuk haag mee aanaarden. Door alle geklets is er veel werktijd verloren gegaan maar de haag is vandaag toch met 50 struiken gegroeid.

winter bij de grote poel

Zondag 17 december 2017: Gisteren had ik maar even tijd voor de natuurtuin. Voorzitter Kees en Wil bleven langer en hebben onder ijzige omstandigheden snoeiwerk gedaan aan de voorkant. Vandaag loop ik mijn wekelijkse rondje om watermonsters te nemen. We hebben 14 plekken in de natuurtuin waar we de waterkwaliteit meten. We hebben allerlei sloten, greppels, poelen en veldjes die snel onderlopen wanneer het geregend heeft. Op sommige plekken blijft water lang staan, op andere plekken stroomt het weer snel weg. Het water in de natuurtuin komt niet Foto Frank Schulkes: Koolmeesallemaal uit de lucht vallen. Ook vanuit de bodem komt kwelwater naar boven. Al die zaken beïnvloeden de waterkwaliteit. Door elke week op zo veel mogelijk plekken te meten leren we stukje bij beetje meer over de verborgen processen die bepalen wat er in de natuurtuin gebeurt.

Stormschade? Langzaam maar zeker begint de winter de natuurtuin in zijn greep te krijgen. Komende week zullen de temperaturen weer wat omhoog gaan maar steeds vaker duiken we 's nachts een paar graden onder nul. Het is oppassen op de gladde bruggetjes en op de poelen ligt een dun laagje ijs. De laatste niet winterharde planten storten nu in. De harde wind van afgelopen week heeft een paar rotte boomstammetjes omgeduwd. Achterin liggen de half omgewaaide vogelkersen nu helemaal plat. Van de klimop op de muur langs de insectentuin is een flinke tak afgebroken. Ik betwijfel of dat door de wind is gekomen. Rond de bijenstal is de laatste tijd van alles vernield en een klimop die niet tegen de wind kan heb ik niet eerder gezien.

temperaturen grote poelInteressant natuurverschijnsel: Nu het winter wordt daalt de watertemperatuur. Ook de grote poel is nu koud genoeg om een laagje ijs te krijgen bij een paar graden vorst. Door de temperaturen van de oppervlakte en de bodem van de poel te vergelijken wordt een interessant natuurverschijnsel zichtbaar. Wekenlang zijn de temperaturen van de oppervlakte en de bodem bijna gelijk geweest. Wanneer de buitentemperatuur daalt wordt ook de poel kouder. Op de grafiek hiernaast zijn de temperaturen van de poel sinds week 34 te zien. De watertemperatuur boven en onder gaan de eerste tijd gelijk op naar beneden. Tot de laatste paar weken. De temperatuur bij de oppervlakte daalt steeds verder richting 0° Celsius. Bovenop ontstaat dus zelfs een laagje ijs. Maar de watertemperatuur bij de bodem blijft al weken hangen op 4º Celsius. Water heeft de merkwaardige eigenschap dat het op 4º Celsius de grootste dichtheid heeft. Een liter water van 4º is zwaarder dan een liter water van (bijna) 0º. Water van 4º blijft daarom op de bodem liggen. De bovenste waterlaag koelt steeds verder af en bevriest uiteindelijk. Organismen die onder in de poel overwinteren zullen niet bevriezen zolang die “warme” laag water over de bodem blijft liggen.

Gaat het slecht met de vogels? Bij het weggaan loop ik vogelfotograaf Frank tegen het lijf. Hij komt zo nu en dan in de natuurtuin om vogels te fotograferen. Hij is pas terug uit Bulgarije en heeft de indruk dat het overal, ook in Nederland, slecht gaat met de vogels. Hij schat dat hij er 50% minder heeft gezien dan in voorgaande jaren. De komende weken houdt hij het vogelleven in de natuurtuin in de gaten. Ik ben benieuwd en ook wat ongerust. 's Avonds krijg ik toch een paar foto's van Frank met vogels die hij vandaag in de natuurtuin heeft gezien.

zuidelijke poel

Zaterdag 9 december 2017: Er ligt sneeuw. Een laagje dikke plaksneeuw. De temperatuur is boven nul dus lang kunnen we er niet van genieten. Vandaag planten we geen haagstruiken. We willen geen sneeuw bij de wortels van het plantgoed krijgen. De struiken blijven vandaag veilig op hun parkeerplaats in de insectentuin staan. Ik loop een rondje en maak foto's van het sneeuwlandschap. Daarna begin ik met snoeiwerk. Vóór de houtwal,buiten de tuin, leggen we de haag aan. Aan de binnenkant van de houtwal staan veel Rode kornoeljes en brandnetels. Die zorgen er in de zomer voor dat de tuin verborgen is achter een groene muur. Net als bij de nieuwe insectentuin gaan we hier die ongezellige muur opruimen. Dat betekent afsnoeien tot op de grond en de komende jaren 2 of 3 keer per seizoen maaien.

Bosmaaier of heggenschaar: Ik loop met de heggenschaar heen en weer om brandnetels en dunne takjes af te knippen. Ik heb geen zin om zo vroeg al met de lawaaiige bosmaaier te gaan werken. Wil komt er bij en al zagend en knippend hebben we snel een flink deel van de voorkant gedaan. Er staan in deze strook een paar meidoorns, kardinaalsmutsen en vlieren. Die laten we staan. Daar kunnen we omheen maaien. Enkele bessenstruiken laten we nu staan maar gaan we komend voorjaar verplaatsen. De relatief kleine bessenstruiken sneuvelen nog al eens als ze in een van de maaizones staan.

Kinderen en sneeuw: Er zijn weinig mensen op de been. Zelfs de honden worden minder uitgelaten vandaag. Ik zie wel meer kleine kinderen die samen met hun ouders kennis maken met sneeuw en koude voeten. Een dame waagt een wandelrondje door de besneeuwde natuurtuin. Wat later komen twee meisjes met een slee. Om de beurt trekken ze elkaar door de sneeuw. In de tuin worden wat hellinkjes getest. Ondanks dat de smeltende sneeuw niet goed helpt bij het sleeën houden ze de moed er in. Na een tijdje houden ze het voor gezien en vertrekken weer.

Natuur opruimen is natuur vernielen: Wij houden er ook mee op. We drinken koffie en lopen nog een rondje. Gisteren zijn we met voorzitter Kees naar een symposium over biodiversiteit geweest. Een ecoloog had het over dood hout en dat ook daarbij variatie belangrijk is. Dus niet alleen gezonde bomen met daarnaast gekapte. Ook afstervende, zieke en kwijnende bomen zijn van belang voor biodiversiteit. Rommel is goed. Het zijn allemaal nieuwe kansen voor verschillende organismen. We hebben in onze kleine bosjes niet veel mogelijkheden om te variëren. Toch hebben we een aardige verzameling gekapte stammen, takkenhopen, gezonde bomen, jonge zaailingen, afstervende stammen en dood hout dat meer of minder afgebroken is. Zelfs oppervlakkig bekeken is te zien dat niets ongebruikt blijft. Spechten hebben gaten gehakt, paddenstoelen bezetten halve bomen en sommige stammen zijn verkleurd door het stof uit de boorgaten van insecten. We doen het zo gek nog niet in de natuurtuin.

zonsopkomst

Zaterdag 2 november 2017: Grijs en mistig. We hebben een beetje nachtvorst gehad. Het heeft niet hard gevroren. De vorst zit niet in de grond. We kunnen gewoon verder met de buitenhaag. Vorige week hebben we een proefsleuf gegraven en volgezet met struiken (meidoorn, sleedoorn en hondsroos). Het is de bedoeling om een dubbele haag te zetten. Dus 2 rijen met 3 struiken per meter. In totaal 6 struiken per meter. Ik graaf parallel aan de proefsleuf een tweede sleuf. Daarna ga ik verder met de eerste sleuf en graaf er nog een meter of tien bij. Ook vandaag kom ik veel wortels tegen van de bomen langs het wandelpad maar ze zijn makkelijk door te kappen met de steekschop. Verderop zullen we dichter bij de bomen komen en dan worden de wortels dikker. Misschien moeten we daar de haag dichter richting container aanleggen. We zullen het tegen die tijd wel zien.

Voorzitter Kees komt even langs. Hij gaat vandaag zwerfafval opruimen in de wijk. Wil en ik zetten struiken in de sleuven en gooien ze dicht. Extra grond die we nodig hebben halen we uit de insectentuin. In de nieuwe insectentuin moeten we nog flinke stukken afplaggen. Wat we er nu al uithalen is spaart later weer werk. De restjes maaisel die nog her en der in de tuin liggen gebruiken we om de bodem onder het nieuwe haagje af te dekken. Wanneer we klaar zijn hebben we een dikke 60 struikjes geplant.

ijslaagje boven waterAfgelopen jaar is droog geweest. Het waterniveau in de poelen is laag geweest. De laatste weken is het natter geworden. Het niveau in de poelen stijgt en er staat weer water in de drooggevallen bospoel en sommige greppels. Er ligt een dun vliesje ijs over een deel van de grote poel. Ook op het plasje water op het noordelijke veldje is vannacht een ijslaagje ontstaan. Het water op dat veldje is de afgelopen uren een centimeter of twee gedaald. Zo snel gaat dat dus. Stukjes ijs die op het water zijn ontstaan hangen netjes horizontaal in de grassprieten die boven het wateroppervlak uit steken.

Frank van de IVN-vogelwerkgroep is terug uit Bulgarije en heeft afgelopen weken een paar keer in de tuin vogels geobserveerd. Het viel hem weer op dat hij er weinig zag. Hij heeft dat eerder dit jaar ook al eens eerder gezegd. Hij vermoedt dat het een wijdverbreid verschijnsel is. Aan de andere kant bleek dat het merendeel van de nestkastjes die de vogelwerkgroep in de natuurtuin heeft nagekeken wel waren gebruikt. Frank heeft een paar vetbollen opgehangen om te kijken wat daar op af komt. Vandaag zie ik een reiger, wat overvliegende kraaien, een ekster en natuurlijk onze vaste werkbegeleider, het roodborstje. In het elzenbosje zie ik een boomklever of boomkruiper, ik haal die altijd door elkaar. We zien veel sporen van spechten. Veel meer dan in vorige jaren lijkt mij. Dode stammen zijn bezaaid met putjes die de specht er in heeft gehakt en veel stukken schors zijn losgetrokken. Blijkbaar zitten er veel lekkere hapjes in het dode hout. We krijgen koude voeten en sluiten af.

Opgekuild plantgoed

Zaterdag 25 november 2017: Het rijtje trieste vernielingen in de natuurtuin is weer wat langer geworden. Een bakstenen bank en plantenbak zijn kapot getrapt. Beide objecten staan al zo lang ik weet in de Natuurtuin. Een week of twee geleden waren ze weer tevoorschijn gekomen bij ons opruimwerk in de insectentuin. Ze waren overwoekerd door brandnetels en wilgjes. Ik vond ze wel aardig om te zien en het poreuze metselwerk is begroeid met allerlei mossen en plantjes. De spleten tussen de stenen worden vaak als overwinteringsplek gebruikt. In de sloot langs de insectentuin ontdekken we ook nog een afgezaagde Hulst. Die hadden we vorige week over het hoofd gezien en kan nu ook op het schadelijstje.

Aanvoer plantgoed: We verkwisten geen tijd aan het losergedrag want er is genoeg te doen vandaag. De struikjes die we hadden besteld voor het eerste deel van de buitenhaag waren deze week aangekomen bij de groenaannemer. Ik had donderdag 2 ritjes met ons kleine autootje nodig om alle 19 in mijn nek prikkende bundels plantgoed naar huis te rijden. Daarna heb ik tuinaarde gehaald en de kale wortels afgedekt en luchtig ingepakt in plastic. Vrijdag heb ik samen met mijn broer en zijn aanhanger alles naar de natuurtuin gereden. Bij de container liggen nu 475 struikjes te wachten om verwerkt te worden.

Proefsleuf: Ik graaf een proefsleuf van een paar meter op de plek waar de haag moet beginnen. Dat valt enigszins tegen. De wortels van de bomen langs het wandelpad blijken verder door te lopen dan ik had verwacht. Ik krijg ze met de schop makkelijk doorgehakt maar verderop zullen we dichter bij de bomenrij komen en verwacht ik problemen met dikkere wortels. Wil komt er bij en we zetten de proefsleuf vol met struiken. Drie per meter en afwisselend een meidoorn, sleedoorn en hondsroos. De een houdt de struiken op zijn plek, de ander gooit de sleuf dicht. Op een of andere manier zijn we grond kwijtgeraakt en is de sleuf niet goed vol. Terwijl Wil de sleuf bijvult begin ik met het opkuilen van de andere struiken. In de lege insectentuin is plek genoeg. We graven sleuf na sleuf en vullen die met rijen plantgoed. Het zijn er nog steeds bijna 475 en dat is veel.

Overwerken: Om twaalf uur twijfelen we. Zullen we de laatste bundels onder een stapel grond afdekken of alles toch netjes opkuilen? Het laatste dus. Het wordt na tweeën voordat we klaar zijn. Maar dan hebben we ook een goede basis gelegd voor het haagproject. De struiken zullen zo niet bevriezen of uitdrogen. We kunnen telkens zoveel struiken er uit halen als we nodig hebben en de rest blijft veilig geparkeerd. In het berkenbosje hangt een geringde eik half om. Hij wordt tegen gehouden door een vlierstruik. Het is geen dik boompje, hooguit 15 centimeter doorsnede maar we besluiten hem op de grond te laten zakken. Na een paar minuten zagen en trekken is dat geregeld. Verder door de tuin wandelend zien we een vuilniszak in de bomen langs de noordkant hangen. We trekken hem uit de boom en zien restanten van een stuk of tien hennepplanten. Blijkbaar een kwekertje dat klaar was met oogsten. We leggen de zak naast de container en gaan nu toch maar eens naar huis.

voorkant voor het maaienvoorkant na het maaien

 

Zaterdag 18 november 2018: Fris vandaag, dus meteen aan de slag. Ik hark het maaisel dat nog verspreid in de insectentuin ligt op rillen bij elkaar. Het is niet heel erg veel dus snel gedaan. Dat kunnen we later opruimen. Nu loop ik met de messenbalkmaaier een paar keer heen en weer langs de voorkant van de tuin. We hebben besloten de strook tussen de tuin en het wandelpad vaker te maaien en te zorgen dat hij er minder rommelig uit ziet. Ook daarom planten binnenkort de haag aan deze kant van de tuin. Bijkomend voordeel van zelf maaien is dat de hovenier die het plantsoen maait niet meer vlak langs ons infobord hoeft te rijden. Zijn maaimachine smijt gras, grond een steentjes in het rond en dus ook tegen het mooie bord. Voordat ik ga maaien sjouw ik de stammen bij de ingang die dienst doen als bankjes opzij. Het dode hout wordt intensief gebruikt door overwinteraars. Pissenbedden, wormen, duizendpoten, kevers, allerlei kleine kruipers en sluipers dachten hier de kou te ontwijken. Pech gehad, er moet gemaaid worden. Wil komt helpen en terwijl we de laatste uitstekende takken wegknippen komt oud-bestuurslid Agnes aangelopen. We babbelen wat en Agnes loopt een rondje door de tuin terwijl wij ons bezig houden met koffie en muffins.

?250 nieuwe bosanemonen: We gaan bosanemonen planten. Bosanemoon is de eerste plantensoort die wij in de insectentuin uitzetten. We verwachten dat hij zich hier thuis zal voelen. Maar hij groeit hier nog niet dus we weten het niet zeker. Om dat uit te vinden hebben we 250 wortelstokken besteld. Die planten we niet allemaal in de insectentuin. We willen de kans dat de plant aanslaat zo groot mogelijk maken. Daarom gaat een deel van de wortelstokken naar andere plekken in de tuin. Voedselrijke insectentuin: De bodem van de insectentuin is door jarenlang tuinieren overhoop gegooid. De bosanemonen zouden daar zeker worden overwoekerd door gras en brandnetels. Er zal hier eerst flink geplagd moeten worden. Aan de buitenrand van de insectentuin hebben we toch al een paar geschikte plekjes gevonden. Een deel van de bosanemonen komt aan het einde van de stenen muur en een deel aan de noordkant van de bospoel. De rest van de wortelstokken planten we op verschillende plekken in het berkenbosje. Op alle locaties wisselen we zoveel mogelijk af: drogere plekken en nattere plekken, schrale grond en humusrijke bodem. We willen zoveel mogelijk verschillende locaties vergelijken.

Nog meer experimenten: Intussen is ook voorzitter Kees aangekomen. Hij heeft een paar thuis voorgetrokken wortelstokken meegenomen. Zijn idee is om die te vergelijken met de wortelstokken die wij gekocht hebben. Nog meer experiment erbij dus. Kom maar op. We graven ze in op een natte humusrijke plek in het Berkenbosje en besluiten die te markeren met een ijzeren staaf. De rest van de bosanemonen planten we langs en in de greppel vlakbij de Mutsert. Agnes neemt afscheid en wij lopen nog een rondje.

Vernielingen: Tijdens het wandelen vallen ons ineens allerlei vernielingen op. Bij de stenen muur was ons al een bundeltje gesnoeide takken opgevallen. Het leek mij Sporkehout. Flinke takken ook. Raar want die hebben wij niet gesnoeid. De twee fruitboompjes die 2 weken geleden waren omgetrokken zijn nu ook nog bij de voet afgezaagd. Vlakbij de bijenstal ligt een Gelderse roos in de sloot. Ook afgezaagd en ook dit is niet door iemand van ons gedaan.

Door het geplant en gepraat is het laat geworden. We blazen vlug de messenbalkmaaier schoon met de compressor. We smeren de messen in met plantaardige frietolie. Een tip van de fabrikant van de machine. Het is een raar idee maar de frietolie smeert, beschermt tegen roest en is volledig biologisch afbreekbaar. Bij de poort rollen we nog snel de boomstammen van het pad af naar de houtwal. Volgende week zoeken we een nieuwe plek voor ze. Dan kunnen de overwinteraars weer hun intrek nemen.

uitzicht over insectentuin


Zaterdag 11 november 2017: Waterkoud en waarschijnlijk de hele ochtend miezerig weer. Ik verspil geen tijd en begin de laatste wilgjes en stukjes haag in de insectentuin op te ruimen. Pal voor de bijenstal staan enkele tientallen miniknotwilgjes. De boompjes staan minder dan een meter van elkaar en de stammetjes zijn ook ongeveer zo lang. Ze zijn ooit gezet met de bedoeling iets over het mandenvlechten van vroeger te kunnen vertellen. Daar is nooit iets van gekomen en nu staan ze op de zonnigste plek van de insectentuin in de weg te staan. We hadden het plan om een deel van de miniwilgjes te verplaatsen.. We zouden dan de snoeitakken gebruiken om de houtwal op de zuidgrens te onderhouden. We ruimen toch alles op. De wilgjes zijn zo kort dat we ze op de knieën zouden moeten knotten. Aan de andere kant van de natuurtuin staat een rij volwassen knotwilgen. Die hebben genoeg rechte dikke takken om een nieuw rijtje knotwilgen van te maken. Er staan veel ijzeren stangen langs de boompjes en er is veel kippengaas gebruikt om konijnenvraat te voorkomen. Ik verzamel een kruiwagen oud ijzer.


Opruimwerk klaar: Het knippen en zagen schiet weer snel op. Wanneer Wil aankomt heb ik alle wilgjes, een stukje vuurdoornhaag en een restje haagbeukenheg op de grond liggen. Ik pak de messenbalkmaaier en maai alle bedjes. Alleen de buitenrand moet nu nog gebeuren maar dat doe ik volgende week met de bosmaaier. Terwijl ik maai sjouwt Wil alle takken weg. Een deel in de bosjes en een deel op de houtwal. We kunnen nu pas echt zien wat een enorme vlakte dit eigenlijk is. Vanaf de stenen muur kun je nu voorbij de bijenstal de zuidelijke poel zien liggen. Vanaf het wandelpad is er doorkijk tot aan het elzenbosje. Wat een verandering.


paddenstoelen op omgevallen boomSporen van leven: Natuurlijk is het roodborstje er de hele ochtend weer bij geweest. Waar wij werken komt eten tevoorschijn. Nu scharrelen er twee over de plek waar de wilgjes stonden. Er is genoeg te vinden anders zouden ze elkaar wel wegjagen. Door de hele tuin komt verborgen leven tevoorschijn. Stronken die vorige week nog kaal waren zijn nu bedekt met een zee van kleine paddenstoelen. Op verschillende plekken laten mollen weten dat ze er zijn. Op een van de graspaden liggen meer dan tien molshopen. Afwisselend links rechts van het midden van het pad. Net olifantensporen. Blijkbaar is er onder het pad veel eten te vinden. Op een van de molshopen ligt een drol. Het lijkt een hondendrol maar er zitten veel zaadjes of insectenschildjes tussen en die worden niet zoveel gegeten door verwende huisdieren. We denken aan een vos. In het berkenbosje staan een paar geringde eiken. Ze zijn dood en de bast ligt er nu grotendeels af. Die is daar niet vanzelf afgegaan. Op de kale stam zien we gangen die door larven zij uitgevreten. Daar tussendoor putjes die door een specht zijn gemaakt toe er nog een bast om de boom zat en hij die larven zocht. Voor vandaag hebben we genoeg gedaan en gezien.

 


omgetrokken fruitboompjesZaterdag 4 november 2017:

De eerste zaterdag van de wintertijd. Het is een uur eerder licht vergeleken met vorige week. Er worden zon en mooie temperaturen verwacht. Dat mooie weer laat ik niet lopen en ik ga zodra het licht wordt naar de natuurtuin. Hé, de berg maaisel buiten de poort is opgehaald. Afgelopen week had ik de gemeente gemaild en gevraagd of we hun groenaannemer hier voor mochten bellen. Dat mocht en ik wilde dat maandag doen. Maar nu is alles al geregeld. Mooi zo.


Herfstrust: Het is een droog jaar geweest. Ook afgelopen weken is er weinig water gevallen. Het water in de poelen staat nog laag en op een enkel plasje na zijn de sloten leeg. Het is windstil, de lucht is mooi blauw en er komt een voorzichtig zonnetje op. Herfstrust. Hier en daar is ineens wat leven. Een paar kraaien vliegen over, een lachende groene specht en een reiger die ik stoor bij zijn jacht op een ontbijt. De natuurtuin ligt er geknipt en geschoren bij. De graslandjes zijn gemaaid. De ongemaaide ruigtestroken steken daar mooi tegen af. Die ruigtes zijn er niet alleen voor de mooiigheid maar worden ook serieus gebruikt. Tussen de wirwar van stengels en takjes scharrelen kikkers, padden en kleine zoogdieren op zoek naar iets te eten en een overwinteringsplek. De reiger komt hier niet zonder reden.


Insectentuin: Verder met de voorbereidingen voor de insectentuin. Aan de achterkant van de bijenstal zijn we klaar. We moeten hier alleen nog een keer maaien. Twee boompjes die we een paar jaar geleden verplaatst hebben liggen tegen de grond. Iemand heeft blijkbaar een hekel aan fruitboompjes. Vlak naast en pal voor de bijenstal staan nog veel wilgjes en andere struiken die weg moeten. We willen vandaag de zijkant doen. Sleedoorns, Sporkehout en Gelderse Roos blijven staan. Een paar boompjes zijn hun blad al kwijt. We weten niet welke soorten het zijn dus laten we die ook staan. Volgend jaar hebben ze nieuw blad en kunnen we zien of ze blijven of opgeruimd worden. Voorzitter Kees komt langs en we bespreken wat zaken bij de koffie.


scouts in de natuurtuinStekende bijen: Daarna gaan Wil en ik verder met het ruimen van de struiken. Het is meer werk dan we hadden gedacht. De kleine takken werken we in de houtwal aan de zuidkant van de tuin. De grotere sjouwen we naar het elzenbosje en de houtwal aan de voorkant. Het mooie weer speelt ons parten. De bijen gaan door de hoge temperatuur vliegen en ze hebben geen goed humeur. Misschien omdat ze niet genoeg nectar kunnen vinden of ergens anders door. We besluiten er mee op te houden. Binnenkort beginnen we met het aanplanten van een buitenhaag langs een stuk aan de voorkant van de natuurtuin. Met een lang meetlint meten we de afstand op zodat we precies weten hoeveel struikjes we moeten bestellen.


Flitsbezoek scouts: Al een paar keer vanmorgen zijn groepjes van de scouting langs de tuin gelopen. Blijkbaar hebben ze een of andere tocht door de Bundertjes. Tegen twaalven strijkt een groepje neer tegenover de ingang. Verschillende scoutjes willen in de tuin kijken. Ik zeg dat het mag. Er moet een programma worden afgewerkt maar gelukkig geeft de leiding toe aan de ontdekkingsdrang. Het klupje stapt naar binnen en blijft een minuut of vijf op Tinekes bank zitten. Deze bank staat in de buurt van de ingang en van daar heb je een mooi overzicht over een deel van de natuurtuin. Hij draagt de naam ter ere van Tineke, een trouwe vrijwilliger die enkele jaren geleden is overleden. De scouts vertrekken, wij lopen nog een rondje door de tuin en sluiten dan af.

 

voor het opruimen

na het opruimen

 

 

 

 

 

 

 

 

Zaterdag 28 oktober 2017: Het begint herfstig te worden. Wind, veel wolken en kil. We pakken het werk aan de insectentuin weer op. Achter de bijenstal staat een rij kleine haagbeuken. Die willen we vandaag opruimen. Ik begin op mijn gemak aan een kant van de heg. Sommige haagbeukjes zijn makkelijk af te knippen met een grote snoeischaar. De meesten moeten gezaagd worden. Tussendoor sjouw ik gerooide struikjes naar zwakke plekken in de houtwal rondom de natuurtuin. Tot mijn verrassing ben ik een dik uur later klaar met het heggetje. Ik had verwacht de hele ochtend zoet te zijn met dit klusje.

Opruimwerk: Ik ga met Wil de voormalige houtopslag verder afbreken. We halen de dakpannen er af en leggen die tegen de voet van de muur langs de insectentuin. Stapeltjes dakpannen zijn populaire overwinteringsplaatsen voor insecten en amfibieën dus die laten we graag ergens liggen. Voor de stenen klinkers die over zijn moeten we waarschijnlijk nog een keer naar de milieustraat rijden. Wat later komt voorzitter Kees langs Gezamenlijk breken we de houten resten af en ruimen alle rommel op. Een heel verschil met enkele maanden geleden toen hier nog een enorme houtopslag was. Dit ziet er beter uit.

Roodborstje: De hele ochtend bemoeit een roodborstje zich met het werk. Bij het opruimen van de haagbeukjes was hij er al. Telkens nieuwsgierig dichterbij komen wanneer er weer iets overhoop getrokken werd. Zeker in de winter hebben we vaak gezelschap van een of soms meerdere roodborstjes bij het werk. Ze profiteren van alle beestjes die tevoorschijn komen bij breek- en graaf-werk. Waar wij bezig zijn is makkelijk eten te vinden. Wanneer we vlakbij ons sloopwerk staan te praten gaat hij op de top van een paal zitten om van daar zijn voedselkansen te berekenen. Even later vliegt hij met een gevulde bek weg. Hij kan nog even ongestoord verder zoeken want wij pakken onze spullen laten de natuurtuin weer met rust.

 

de zuidelijke poel

Zaterdag 21 oktober 2017:

Succesvol maaibeheer: De eerste helft van de ochtend miezert het regelmatig. We hoeven alleen wat riet op te ruimen bij de zuidelijke poel. Dat is het laatste klusje van de maaicampagne. In september de graslandjes en in oktober de ruigtes. Een aantal jaren geleden maaiden we de graslandjes maar 1 keer per jaar en waren we vaak in de winter nog bezig met maaisel opruimen. Sindsdien hebben we geleerd over het hoe en waarom van maaibeheer. We hebben nu een maaiplan waarmee we de natuurtuin open en gevarieerd houden. Door twee keer per seizoen op de juiste tijd te maaien worden de graslandjes letterlijk en figuurlijk steeds levendiger. Door alle hulp die we dit jaar hebben gekregen is het maaisel veel sneller van de veldjes gehaald. Ook dat is beter voor de kwaliteit van de graslandjes.

IJsvogelwand: Morgen houdt het landbouwmuseum een open dag. Er wordt dan een wandeling georganiseerd door de Bundertjes die ook in de natuurtuin komt. Een goede gelegenheid om de graspaden nog een keer te maaien. Waarschijnlijk de laatste keer dit jaar. Daarna krui ik met Wil de laatste vrachtjes riet naar buiten. Bij de ijsvogelwand voeren wij het rietmaaisel niet af. We harken het aan de kant tegen een opgroeiende braamstruik. Vanuit de vogelwerkgroep was ons gevraagd om iets van een takkenhoop vlakbij de ijsvogelwand te leggen. Dat zou aantrekkelijk zijn voor kleine vogeltjes die snel alarm slaan wanneer een vos of zo in de buurt komt. Hopelijk geeft de wirwar van rietstengels en braamtakken hetzelfde effect.

Na het riet opruimen drinken we koffie en hebben we weinig zin om nog iets te doen vandaag. Volgende week ruimen we de voormalige houtopslag achter de container op. We bekijken of we daar nog extra gereedschap voor nodig hebben en bedenken plannen wat we doen met de klinkers die her en der nog liggen. Daarna lopen we een ronde en gaan naar huis.



riet langs grote poel

grote poel riet gemaaid

 

 

 

 

 

Zaterdag 14 oktober 2017:

Riet maaien: Lekker zonnig herfstweer vandaag. Paddenstoelen en nevel. Afgelopen maandag heb ik het riet langs de grote poel gemaaid. Het riet wordt gemaaid zodat het niet verder uitbreidt en om te voorkomen dat er struiken en bomen opkomen langs de poel. Ook deze keer maaien we niet alles. Het riet dat dit jaar blijft staan wordt door veel organismen gebruikt om in te overwinteren. Vogels als Meerkoet en Waterhoen kunnen volgend voorjaar meteen aan de slag met het bouwen van nesten tussen de oude rietstengels. Riet is veel makkelijker op te ruimen dan het andere maaisel. Het lijkt alsof er een enorme berg ligt maar de stengels wegen niets. Na 4 of 5 niet eens volle hooikruiwagens is het klusje alweer klaar.

IVN vogelwerkgroep: We zijn net aan de koffie wanneer de vogelwerkgroep van het IVN binnenkomt. Ze zijn vandaag met zijn vieren de nestkasten in de buurt aan het schoonmaken. Er is koffie en boterkoek genoeg en de IVNers hebben ook wel zin in een kleine pauze. Even later komt iemand van de buurtvereniging de generator terugbrengen die ze vorige week hadden geleend. Ze hebben hem goed kunnen gebruiken maar voor het springkussen leverde hij te weinig stroom. Na de koffie gaan Wil en ik de laatste restjes rietmaaisel opruimen. De IVNers gaan verder met hun ronde door de natuurtuin.

Opruimwerk rond bijenstal: Dorothé komt binnen en gaat met Wil de hooiruiters opruimen die er nog staan van ons hooi-experiment. Ze snijden de palen los en leggen die tegen de houtwal aan de noordkant. Ik ga intussen al wat opruimen bij de container. Daar was tot voor kort een opslag voor haardhout dat door de imkers werd gebruikt. Het bestuur heeft besloten die activiteit te stoppen. Open haardhout heeft niets met groenbeheer te maken. Het extra gebruik van de kettingzaag levert ook overbodige geluidshinder voor de buurt op. Het haardhout bij de container is opgeruimd maar de afdakjes en andere bouwseltjes staan er nog. Dat opruimklusje kan er ook nog wel bij. Wij hebben nog veel werk te doen rondom de bijenstal. Er is daar jarenlang getuinierd en dat is slecht voor de biodiversiteit. Nu er niet meer gespit, gewied en geplant wordt groeien er vooral brandnetels en gras. Voordat je hier een natuurlijke plantenvariatie krijgt moet de bodem weer “normaal” worden. Dat betekent de komende jaren flink maaien en een groot deel van de tuinaarde afplaggen. We hebben hiervoor een mooi plan gemaakt dat we met ondersteuning van de gemeente de komende jaren kunnen uitvoeren.

IJsvogel: Ik sta net Dorothé uit te leggen wat we volgende week nog willen maaien (een stukje bij de ijsvogelwand en het riet bij de zuidelijke poel) wanneer ik een oranje en blauwe flits boven de poel zie. Toch weer een ijsvogel in de tuin. We hebben afgesproken om de ijsvogelwand komend seizoen een paar keer extra te maaien. Een goed idee want deze vogelsoort heeft nog steeds belangstelling voor de natuurtuin.

Paddenstoelen op boomstronkZaterdag 7 oktober 2017:

Alle maaisel weg: Alle maaisel is van de veldjes en ligt buiten de poort te wachten om afgevoerd te worden. Alleen langs de rij knotwilgen aan de oostkant hebben we wat hopen laten liggen. Daar zijn flinke stukken begroeit met Late guldenroede. Een woekeraar die je niet in een natuurgebied wil hebben omdat je anders weinig natuur overhoudt. Die Late guldenroede gaan we hier verstikken door er een seizoen lang landbouwplastic over te leggen. Dat werkt goed maar ziet er natuurlijk triest uit. Daarom gaan we dat plastic afdekken met het maaisel dat we bewaard hebben.

Vele handen maken licht werk: Het graslandbeheer voor dit seizoen is nu voorbij. Dat gaat tegenwoordig veel sneller dan in voorgaande jaren omdat het hooiwerk nu door een losvaste groep gemotiveerde helpers gedaan wordt. Dat zijn mensen die het leuk vinden om een paar uurtjes in de natuur aan een nuttige klus te werken. Dat blijkt prima te werken. Het werk gaat vlot en iedereen heeft het goed naar de zin. Volgende week maaien we een gedeelte van het riet langs twee poelen en dan is de maaiselhoop buiten de natuurtuin ook “af”. Onze contactpersoon bij de gemeente is tot eind oktober op vakantie. Ik heb dus nog geen afspraak kunnen maken om het maaisel op te halen. Hopelijk is dat eind van de maand snel geregeld.

Bezoekers: Vanuit alle windstreken komen mensen de tuin binnen. Een man heeft over de natuurtuin gelezen en wil graag komen helpen. Jammer genoeg kan hij alleen op doordeweekse dagen. Rinus komt op het idee dat hij zich voor de IVN nieuwsbrief kan inschrijven. Dan komt hij vanzelf te weten wanneer de natuurwerkgroep van het IVN op weekdagen een activiteit heeft. Later op de ochtend komen twee mensen van de buurtvereniging binnen om het aggregaat te lenen. Zij hebben een marktje met een springkussen en ons apparaat kan daarvoor de elektriciteit leveren. Oud bestuurslid Agnes komt bijna tegelijkertijd binnen en even later wandelen een vrouw en een kind nieuwsgierig de tuin in.

Zwavelkopjes op boomstronkPaddenstoelen en reeën: We wandelen met Agnes door de tuin, bespreken de ontwikkelingen van de laatste tijd en kijken of we nog grote paddenstoelen. Die zijn er nog wel maar alweer ernstig in verval. Het leven van een paddenstoel gaat snel. Verderop bij de zuidelijke poel speuren we naar Aardsterren (ook een paddenstoel) maar vinden ze niet. Wil en Rinus zijn intussen het wilgenbosje ingetrokken en vinden daar enorme aantallen zwavelkopjes op een boomstomp. Vlakbij heeft een ree met zijn gewei tegen een boom geschuurd. Dat is met flinke kracht gebeurd want er zitten verbazend diepe slijpsporen in de boomstam. Op verschillende plekken zijn ook ligplaatsen te zien waar reeën hebben gerust. Ik heb de laatste weken geen ree gezien maar ze blijken dus nog steeds in de tuin te komen. Niet alle moois in de natuur wordt op een dienblaadje aangeboden. Geduld hebben en vaak eropuit!


Zaterdag 30 september 2017:

sprinkhaan in de natuurtuinMaaisel experiment beëindigd: Het regent weer. Het maaisel ligt nu 2 en op sommige stukken 3 weken op het land. Vroeger lag het er nog wel langer maar nu willen we dat niet meer. We hebben geprobeerd het te drogen om het als diervoer te gebruiken. Door het natte weer is daar weinig van terecht gekomen. Waarschijnlijk heeft het maaisel al veel van zijn voedingswaarde verloren. Ook voor de veldjes is het niet goed maaisel lang te laten liggen omdat dan steeds meer voedingsstoffen terug zakken in de bodem. En die willen we er juist zoveel mogelijk uit halen. We besluiten het hooi-experiment af te sluiten. We gaan alle maaisel buiten de poort kruien en doen volgend jaar een nieuwe poging. We gaan het dan anders aanpakken.

Nieuw hooi-experiment: De volgende maaibeurt is half mei volgend jaar. We proberen dan een clubje paraat te hebben dat meteen na het maaien aan de slag gaat met het keren van het maaisel. Na 2 of 3 dagen moet het maaisel droog en opgeborgen zijn. Dat betekent dat er enkele dagen achter elkaar een uurtje of twee maaisel moet worden gekeerd. Wanneer het hooi dan goed droog is kan het meteen naar de Helmondse Dierenparken gebracht worden. Maaisel dat blijft liggen wordt het weekend daarop buiten de poort gebracht. De hoeveelheid hooi die we zo maken zal variëren. Maar het zal wel van goede kwaliteit zijn. Maaisel dat niet droog is (of niet goed van samenstelling) blijft wordt na een week afgevoerd. Volgend jaar weten we af dit plan goed gaat werken.

jeugd-IVN in de natuurtuinJeugd IVN zoekt verborgen leven: Wil, Hester, Rinus en ik beginnen maaisel weg te kruien vanaf de heuvel en de overloop van de grote poel. Intussen trekt een opgewekte stoet kinderen en begeleiders door de tuin. Het jeugd-IVN is op verkenningstocht door de natuurtuin. Daarna gaan ze in groepjes opdrachten uitvoeren. De kinderen moeten op zoek naar het verborgen leven. Ze zoeken in de bodem, in rottend hout en op bladeren naar dieren en hun sporen. Te oordelen aan de enthousiaste geluiden wordt in alle hoeken van de tuin van alles gevonden. Rond half elf hebben we aardig wat maaisel opgeruimd en begint het weer te regenen. We gaan bij de container koffie drinken. Rinus zet een parasol op en gek genoeg houdt die ons even droog. Intussen komen de IVNertjes regelmatig langs en laten hun vondsten zien. Duizendpoten, larven, plantengallen, een salamander en een dikke pad. De regen schijnt de speurdertjes nauwelijks te hinderen. Na een pauze in de container gaan ze weer onverschrokken op pad. Er is nog veel verborgen leven te ontdekken. Wij zijn minder dapper en ruimen de hooiharken en kruiwagens op. Volgende week gaan we verder.

Zaterdag 23 september 2017:

paddenstoelen op boomstronkLoeiende koeien: Een dame die de hond uitlaat vraagt of ik weet wat er met de koeien aan de hand is. De hele nacht is er geloei geweest. Terwijl ze vertelt horen we inderdaad een nerveuze koe. Ik weet ook niet wat er aan de hand is en heb geen telefoonnummer van de boer of ander contactpersoon. Best wel een gemis merk ik nu. De ongeruste dame gaat kijken. Ik maak de poort open, zet mijn spullen binnen. De koe blijft loeien. Ik ga ook kijken. Vlakbij de natuurtuin staat een koe alleen in een wei. Ze loeit en nu hoor ik ook geloei van verder weg. In het gras zijn bandensporen te zien. Ik denk dat de koeien verplaatst zijn en dat om een of andere reden deze koe is achtergebleven. Ze is het daar niet mee eens.

Hooiwerk op de heuvelMaaiwerk klaar, hooi nog niet droog: Afgelopen maandag heb ik de laatste drie stukjes grasland gemaaid. We hoeven nu alleen nog enkele rietkragen te maaien en dan is het maaiwerk helemaal klaar. Op verschillende graslandjes ligt nu veel maaisel te drogen dat bestemd is voor de Helmondse Dierenparken. Echt lekker droog wordt het niet. Het weer zit niet mee. Komende week wordt warm en droog weer verwacht dus misschien kan het maaisel volgende zaterdag op de hooiruiters om na te drogen. Alles wat goed te drogen is gaat naar de dieren. De rest kruien we buiten de poort en laten we ophalen om compost van te maken. Het is duidelijk dat we iets beters moeten bedenken om het maaisel snel en goed gedroogd te krijgen. Het is niet altijd droog en zonnig in Helmond Noord. Ik begin het maaisel achter de bijenstal af te voeren. Wil en Rinus lopen langs de dijkjes met maaisel en gooien die weer om. Rond de bijenstal zitten veel voedingsstoffen in de grond. Voor het relatief kleine stukje zijn vier volle hooikruiwagens nodig. Wanneer ik het stukje bij de brug ga opruimen is alle maaisel op de veldjes al omgegooid. Dat omgooien gaat dus best vlug.

Het koeienprobleem blijft de wandelaars bezig houden. Buiten de poort vraagt nog een wandelaar wat ik er van vind. Hij heeft gehoord dat er een koe los loopt en vermoedt dat een koe en haar kalf uit elkaar gehaald zijn. Boerenzoon Rinus zegt dat er bij de koeien een stier in het spel is. De koe is waarschijnlijk tochtig en zou daarom afgezonderd zijn van de stier. Zo te horen is ze het daar nog steeds niet mee eens.

hooiwerk

Zaterdag 16 september 2017:

Nat maaisel: Het heeft afgelopen week flink geregend en het maaisel is nat. Rinus gaat met Theo van het IVN alle rijen die we vorige week hebben gemaakt omgooien. Zo kan het beter drogen. Een klusje dat we nu voor het eerst doen. In andere jaren sjouwden we het maaisel eenvoudig buiten de poort en lieten het ophalen. Nu willen we een deel gaan testen als dierenvoer voor de Helmondse Dierenparken. Daarvoor moet het goed droog zijn en dus zijn we aan het zoeken naar droogmethodes die werken en makkelijk zijn uit te voeren. Vorige week heb ik een deel van het natte maaisel op hooiruiters gelegd maar dat was geen goed idee. Rinus weet dat het maaisel eerst bijna droog moet zijn en pas dan op de hooiruiters kan om na te drogen. Dat kan kloppen want het maaisel op de ruiters is van binnen nog kletsnat.

Stinkzwammen en kikkers: Terwijl Rinus en Theo het maaisel keren ga ik met Wil en Hester op de helling bij de ingang werken. Afgelopen maandag heb ik dit stuk gemaaid. Het is niet geschikt als diervoer want er groeit veel riet en ik heb een plukje Jakobskruiskruid gezien. Allebei planten die je niet in het diervoer wil hebben. Het maaisel van deze helling kan op de hooikruiwagen en naar buiten. In de buurt van een oude boomstomp komen verschillende stinkzwammen op. Het blijkt de Grote stinkzwam te zijn. Die groeit vooral in de buurt van vermolmde (loof)boomstompen. Blijkbaar moet het hout precies vermolmd genoeg zijn voordat de Grote stinkzwam er van wil eten. Zoals wij vaak zeggen: Dood hout is springlevend. Ook nu valt het iedereen op hoeveel kikkers en padden er in de graslandjes verstopt zitten. Regelmatig zien we ze voor de hooiharken wegspringen. Het blijft droog en langzaam maar zeker wordt het zelfs wat warmer. Wanneer we koffie drinken komt ook Dorothé aanlopen. Met zijn zessen harken en kruien we alle maaisel van de helling naar buiten. Tegen twaalven is dit stuk helemaal klaar en alle maaisel op de gemaaide veldjes is gekeerd om te drogen.

Ervaring opbouwen: Dankzij de vele handen verloopt ook deze maaibeurt sneller dan in voorgaande jaren. Er zijn nu nog maar 3 kleine stukken die gemaaid moeten worden (de heuvel bij de grote poel, rondom de bijenstal en een smalle strook bij het elzenbosje). Wanneer ook die stukken klaar zijn bekijken we welke slootranden en rietkragen blijven staan of gemaaid worden. We leren veel bij over het drogen van maaisel. Dit is een nieuwe manier van werken voor ons en we moeten nog uitzoeken hoe we dit zo handig mogelijk aanpakken. Volgend jaar gebruiken we wilgentakken voor de hooiruiters in plaats van lompe palen. Misschien is het een idee om ons machinepark uit te breiden met een kleine hooikeerder. Het zal nog even duren voor we de beste hooimethode vinden.

Overloop na het harken

Zaterdag 9 september 2017:

Regen: Het regent en volgens buienradar blijft dat de hele ochtend zo. Geen goede start voor het hooiwerk. Ik wil iets uitproberen en denk dat ik daarna naar huis ga. Er zouden vandaag een paar mensen komen helpen maar nu het constant miezert en regent verwacht ik eigenlijk niemand. We hebben met de Helmondse Dierenparken afgesproken om dit jaar een paar aanhangers maaisel te leveren. Ze willen het graag uitproberen als dierenvoer. Hopelijk lukt dat experiment want dan kan voortaan het meeste maaisel naar de Dierenparken. Dat is veel beter dan afvoeren naar de composteerder. Maar we hebben een handige methode nodig om het maaisel goed te drogen. Daarvoor gaan wij nu iets uitproberen: Hooiruiters.

Hooiruiters: Hooiruiters zijn een oud middel om maaisel te drogen. Tegenwoordig wordt hooi op grote schaal geproduceerd en met machines veel efficiënter gedroogd. Maar voor de kleine natuurtuin zijn de hooiruiters in 2017 nog goed te gebruiken. Het zijn simpele bouwsels gemaakt van stevige takken. Eigenlijk een soort wigwamskelet. Bovenop dat skelet wordt het maaisel gelegd. Je krijgt dan een hol hooibergje waardoor het maaisel van alle kanten wordt gedroogd. We hebben een hoop palen liggen die niet meer worden gebruikt. Met wat sisaltouw is zo een hooiruiter in elkaar gesjord. Vlug wat maaisel stapelen en kijken hoeveel er eigenlijk op gaat.

Experimenteren om te leren: Tegen de verwachting in wordt het droger en komen een voor een de hulptroepen binnen. Vandaag worden we geholpen door Hester, Alexander en Rinus. Met Wil en mij erbij zijn we op topsterkte. Ik bouw nog een paar hooiruiters. Het maaisel wordt op dijkjes geharkt. Daar moet het eerst verder drogen voordat we het op de hooiruiters leggen. Twee ruiters zitten al vol met maaisel dat nog niet droog is. Aan de onderkant druipt het water er uit. Maar Rinus verwacht toch dat de binnenkant niet goed zal opdrogen. We zullen binnenkort zien welke methode het beste werkt. Het is weliswaar een oude techniek maar voor ons nieuw. We moeten hier nog ervaring mee op doen maar het principe bevalt ons nu al goed. En de hooibergjes vormen de komende weken een schilderachtig gezicht.

Vliegende start: Intussen is voorzitter Kees binnengekomen. Hij zoekt fotomateriaal om morgen te gebruiken. Er is dan een markt bij het wijkhuis. Wij gebruiken de gelegenheid om het werk te onderbreken en aan de koffie met vlaai te gaan. Na een half uurtje babbelen gaat de een na de ander weer richting de hooiveldjes. Het is intussen niet alleen droog geworden, de zon is zelfs gaan schijnen. Op ons gemak harken we het laatste maaisel bijeen. Ruim voor twaalf uur hebben we alles op dijkjes geharkt en zijn twee hooiruiters als test volgeladen. Ondanks het waterige begin hebben we een vliegende start gemaakt met deze tweede maaibeurt. Volgende week weer een etappe.

overloop voor het maaien

overloop na het maaien


Zaterdag 2 september 2017:


Minder mest geeft meer planten Vandaag beginnen we met de tweede, en laatste, maaibeurt van het seizoen. De graslandjes in de natuurtuin worden twee keer per jaar gemaaid. Het maaisel blijft een tijdje liggen om te drogen en wordt dan bijeen geharkt en afgevoerd. Door te maaien blijft de natuurtuin open en afwisselend. Met het maaisel voeren wij ook zo veel mogelijk voedingstoffen af. Dat klinkt voor veel mensen raar. Van voedingsstoffen krijg je toch sterke en mooie planten? Dat is maar voor een beperkt aantal planten waar. De meeste wilde planten doen het helemaal niet goed op bemeste grond. Veel voedingsstoffen betekent dat enkele plantensoorten (bijvoorbeeld grassen en brandnetels) het goed doen en de rest verpietert. Elk jaar wordt onze leefomgeving “verrijkt” met stikstofverbindingen die door het verkeer en de bio-industrie worden uitgestoten. Met ons maaibeheer werken we een deel van die vermesting weg en krijgen we vanzelf soortenrijke graslandjes.


Frituurolie voor beter maaiwerk Ik smeer de messenbalk van de maaimachine in met plantaardige olie. Een tip van de machinefabrikant die Wil gevonden had. Frituurolie van de Aldi om precies te zijn. Die is plantaardig, 100% biologisch afbreekbaar en de machine maait veel beter na een oliebadje. Na een paar uurtjes zijn de noordelijke graslandjes,de strook langs de wilgen en de overloop van de grote poel klaar. Volgende week komen er een paar mensen helpen met het hooiwerk. Als dat goed lukt hebben we meteen de helft van alle maaiwerk achter de rug. Hopelijk wordt het niet te nat deze week. Ik onderbreek het maaien twee keer omdat ik ineens planten tegenkom die ik nog niet op mijn lijst had. Vlakbij de noordelijke poel staan een paar plantjes Wilde bertram en in de overloop groeien enkele exemplaren Akkermunt.


Houtopslag wordt overwinteringsplek Tijdens het koffiedrinken komen er mensen van de zwerfafvalgroep binnen. Ze verzamelen zich hier en gaan dan, samen met voorzitter Kees de buurt opschonen. Ik maai het laatste stukje van vandaag en Wil begint een afdakje te slopen dat de imkers gebruikt hebben om hun haardhout droog te houden. We laten niet meer toe dat bomen die in de natuurtuin gekapt als stookhout worden gebruikt. Voortaan blijft alles in de tuin liggen en mag de natuur zich er over ontfermen. Afgelopen week is de enorme voorraad haardhout opgeruimd en nu mogen wij de achtergelaten bouwsels opruimen. De oude dakpannen die het haardhout afdekten stapelen we tegen de stenen muur bij de insectentuin. Allerlei amfibieën en ongewervelden gebruiken graag zulke stapels om zich te verstoppen en te overwinteren. Zo worden ze weer nuttig gebruikt.


ViervlekwebwielspinViervlekwielwebspin Tegen dat ik klaar ben met maaien zie ik een oranje bolletje in het gras. Het bolletje blijkt een grote dikke spin. Ik bekijk het beest en probeer het goed op de foto te krijgen. Hij is nogal beweeglijk dus echt goed lukt dat niet. Ik heb nog nooit zo'n spin gezien en hoop thuis op internet er achter te kunnen komen welke soort het is. Het blijkt een Viervlekwielwebspin te zijn. Hij kan allerlei kleuren hebben, waaronder dus oranje. Hij schijnt niet echt zeldzaam te zijn, behalve voor mij dan. De vlekken zijn dus typisch voor het beestje, net als de vorm van het web dat hij maakt. Ik lees ook dat hij vaak sprinkhanen vangt. Dan zit hij bij ons goed want ook die komen, zeker aan het eind van de zomer, veel voor in de natuurtuin.

 

Zaterdag 26 augustus 2017:

Dappere rups Een mooie zomerdag. Ik sta met Wim bij een paar Teunisbloemen en zie iets wat lijkt op een verdroogde zaaddoos. Maar dichterbij blijkt het een enorme rups te zijn. En verlegen is hij ook niet. Wanneer ik met mijn vinger in de buurt kom trekt hij zijn voorkant samen en richt zich dreigend op. Elke beweging die ik maak wordt beantwoord met een kom-maar-op-gebaar. Op de rug heeft hij schijnogen en zo lijkt hij sprekend op een slang. En zo gedraagt hij zich ook. Ik maak foto's en ga thuis proberen de naam van deze dappere rups op te zoeken.Wim gaat de Wilde Bertram in Gemert bezoeken. Daar kweken ze wilde planten en ik vraag hem om uit te kijken naar een soort prijslijst. Dan kunnen we kijken of er planten tussen zitten die wij in onze nieuwe insectentuin kunnen gebruiken. Misschien valt dat tegen omdat we vooral moerasachtige planten nodig hebben maar we zien het wel.

JacobskruiskruidDruk speuren Vandaag loop ik de veldjes na die we volgende week gaan maaien. Ik probeer zo veel mogelijk planten te noteren die ik in bloei aantref. Ook dit jaar krijg ik bij lange geen complete plantenlijst. Dat is jammer maar eigenlijk ook een goed teken. Er staan dus best veel verschillende planten in de natuurtuin. Ik ben net een stengel Gewoon struisgras aan het bekijken wanneer twee fotografen zwaar bepakt met apparatuur binnen komen. Ik hoor dat ze vandaag op Beekjuffers jagen en raad ze aan naar de zonnige veldjes in het midden van de tuin te gaan. Intussen is Wil weer aan de slag gegaan met de zoekkaarten voor insecten en komt libellenman Roel binnen. Het is eindelijk goed insectenweer en hij hoopt libellensoorten te spotten die laat in het seizoen vliegen. Er wordt druk gespeurd, genoteerd en gefotografeerd vandaag.

 

21 libellensoorten De fotografen trekken verder de Bundertjes in en er wandelen een paar mensen met kinderen door de tuin. Wanneer de zon door komt is het op de beschutte graslandjes meteen bloedheet. We raken aan de praat met Roel en hij wijst er op hoe belangrijk afwisseling is voor soortenrijkdom. Bij een paar eerdere bezoeken heeft hij 18 libellensoorten vastgesteld. Er zijn er die meestal direct bij water zijn te vinden. Sommigen vooral op drijvende bladeren. Anderen jagen vooral boven graslandjes, weer anderen bij ruigtes of stromend water. Kleine details zoals droge boomstammen in de zon worden gebruikt om op te warmen. Als om zijn woorden kracht bij te zetten vliegt een libel (de soortnaam ben ik alweer vergeten) die bosranden als jachtgebied heeft langs het berkenbosje. Aan het eind van de ochtend heeft hij weer drie soorten genoteerd die nog niet waren opgeschreven. Roel heeft nu een lijst van 21 libellensoorten die dit jaar in de natuurtuin zijn gezien. We zullen de lijst met foto's binnenkort op deze website publiceren.

Thuis google ik op rups met schijnogen en in een mum van tijd heb ik de goede naam te pakken. We hebben de rups van het Groot avondrood gezien. Een sensationeel mooie nachtvlinder waarvan de rups van verschillende planten eet die wij ook in de tuin hebben zoals Kattenstaart, Walstro en Teunisbloem. Wanneer de rups zich heeft volgegeten overwintert hij als pop in de strooisellaag en vliegt volgend jaar 's nachts rond.

Bruinrode heidelibel

Zaterdag 19 augustus 2017:

Rommel opruimen. Al een paar zaterdagen op een rij hebben we regenachtig en koel weer. Ook vandaag vallen er een paar buien, laat de zon zich maar een paar keer zien en wordt het nog geen 20 graden. Morgen is het de laatste open zondagmiddag van het seizoen en wordt er gelukkig droger weer verwacht. Hopelijk schijnt de zon dan ook. Veel bloemen gaan pas open in het zonlicht. Ook vlinders en libellen komen niet tevoorschijn bij slecht weer. Ik wandel met de gazonmaaier in de laagste stand nog een keer over alle paden. Daarna ga ik in de bijentuin maai- en snoeirommel van de afgelopen weken bij elkaar harken. Meer is er niet te doen vandaag. Vanaf volgende week gaan we aan de tweede maaibeurt beginnen. Daar zijn we de hele maand september mee bezig. Als we pech blijven houden met het weer misschien wel tot in oktober. Daarna kunnen we weer verder met de verbeterprojecten.

Stinkzwammen. Vlakbij het houtwalletje achter de bijenstal staan stinkzwammen. Enkelen zijn vandaag vers opgekomen en zitten meteen vol vliegen. Ze staan hier al veel langer. Al wekenlang hangt op deze plek de typische weeïge lucht maar ik kon ze niet gevonden krijgen. Nu deze strook gemaaid is zijn ze zichtbaar. Leuk voor de bezoekers morgen.

Boze imker. Wil komt binnen en heeft nieuwe bougies voor de machines. Hij verwisselt alle bougies en we proberen de bosmaaier uit. Die loopt merkbaar beter. We drinken koffie en verder wordt het een kletsochtend. Bij de container treffen we voorzitter Kees. We wandelen door de tuin en bespreken onze verbeterprojecten. Kees heeft gesproken met de huidige imker die niet wil dat zijn honingbijen plaats moeten maken voor een educatief bijenhotel. Begrijpelijk, maar een bijenhotel is een goede bijdrage aan het natuurherstel en een geweldige mogelijkheid om educatief te gebruiken. En daarvoor zitten we hier. Maar ja, vermeende privileges kwijtraken is natuurlijk vervelend en dan ontstaat er tumult. Dat hoort er ook bij.

Azuurblauwe waterjufferLibellen. Al filosoferend treffen we Roel. Hij weet veel van libellen en helpt ons in kaart te brengen wat er allemaal in en rond de poelen leeft. Hij heeft nu al een lijst met 17 libellensoorten. Maar de laatste weken speelt het koele en natte weer hem parten. Dan vliegen de libellen niet. Ook vandaag niet. We bekijken zijn foto's van aparte soorten die hij in de buurt heeft gespot. Dat zijn vandaag meteen de enige libellen die we te zien krijgen. Roel neemt afscheid en hoopt volgende zaterdag op goed weer. Wij ook.

Vogels. Vlak daarna komt onze vogelman Frank aanlopen. Hij maakt vaak foto's van vogels in de natuurtuin. We hebben hem al een tijdje niet gezien en we bespreken de vogels in de natuurtuin en zijn fotoreizen. Frank vindt dat het slecht gaat met de vogels en denkt dat dat komt door de achteruitgang van de insecten. Kees weet dat er afgelopen woensdag, tijdens de seniorenwandeling van het IVN, twee ijsvogels zijn gezien in de natuurtuin. Vroeg in het voorjaar vloog regelmatig een ijsvogel door de tuin en Frank dacht dat ze toen gingen broeden. Vanaf toen hebben we er geen meer gezien. Tot deze week dan.

Intussen zijn er twee keer ouders met kinderen door de tuin gelopen maar door de buien zijn dat geen lange wandelingen geworden. Het is twaalf uur en wij houden het ook voor gezien.


weer structuur in bijentuin

Zaterdag 12 augustus 2017:

Test nieuwe trimmerdraad. We hebben geen geluk met het weer de laatste weken. Het miezert en zo nu en dan valt er een heus buitje. Later wordt het wat droger maar het is alweer geen dag om veel werk te verzetten. Ik maai de paden met de gazonmaaier. Een klusje van een half uur. Afgelopen week heb ik nieuwe trimmerdraad gekocht. 2,3 mm dik en gedraaid. Ik ben benieuwd wat die draad in de praktijk presteert. Met wat moeite zet ik de draad op de kleine trimmer. Vooral rond de bijenstal is de bijentuin verwaarloosd en groeien de paden bijna dicht. De nieuwe trimmerdraad werkt geweldig. Hij gaat zelfs probleemloos door takken van braamstruiken en niet te dikke takjes van elzen. Ik heb de draad niet goed gewikkeld en na een kwartier vliegt hij er uit. Geen tijd om opnieuw te wikkelen, het is nu droog. Met de bosmaaier maak ik het karwei af en na een uurtje kan er weer fatsoenlijk links en rechts van de bijenstal gelopen worden.

dode spitsmuisVerbeterproject bijentuin. Theo komt binnengelopen en we praten over onze verbeterplannen. Theo is imker in hart en nieren en is het niet eens met ons besluit om de honingbijen te vervangen door een educatief bijenhotel. We steggelen wat over het nut van honingbijen en natuurbeheer. Intussen is Wil ook gearriveerd en drinken we koffie. Wil en Theo lopen naar Theo's huis om schroefjes te zoeken voor een kapje op de gazonmaaier. Wanneer Wil terug is bespreken we de plannen voor de bijentuin. Er komt langzaam meer overzicht en dus ontstaan nieuwe ideeën. Een idee is om het poeltje onder de wilgen vrij te kappen zodat het in de zon komt te liggen. Het lijkt ons beter om het voorste deel van de bijentuin open te houden en daar geen struiken te planten. Die zouden beter van pas komen in de strook achter de bijenstal, langs het pad. We denken ook aan het verplaatsen van de bijenstal. In de bijentuin zelf groeit her en der een opvallend dichte grasmat. Het lijkt ingezaaid. Na de maaibeurt van september zullen we hier eens goed naar kijken en ook de bodem onderzoeken.

Bijtende waterschorpioen.

Intussen is een vader met zijn zoontje aan komen lopen. Ze willen graag waterbeestjes scheppen en vermaken zich op de brug terwijl wij een buxushaagje opruimen. Vanaf de brug gilt het jongetje van pijn en schrik. Vader kalmeert de zaak en ze scheppen verder. Wanneer wij later gaan kijken wat ze hebben gevangen blijkt dat het mannetje gebeten of gestoken is door een beestje dat hij had gevangen. Ze denken aan een waterschorpioen maar het zou ook een ander beest kunnen zijn geweest. In de plastic bak zitten verschillende staafwantsen, waterschorpioenen, flink uitgegroeide kikkertjes die nog wel een staart hebben, stekelbaarsjes en torretjes. Wanneer vader en zoon opstappen sluiten wij de tuin af.

houtwal bijentuin

Zaterdag 5 augustus 2017: Watermonsters nemen in de regen

Regen, ik verwacht niet dat er vandaag nog iemand komt. Libellenkenner Roel had aangekondigd dat hij zou komen om libellen te spotten. Maar als de zon niet meedoet heeft dat weinig zin. Ik maak mijn rondje voor de watermonsters. Het heeft een paar keer geregend deze week maar het waterpeil is toch gedaald. Vier van de monsterplekken staan droog. In de sloot langs de wilgen heeft al 3 maanden geen water gestaan. Ik heb nog twee monsterplekken aan de binnen- en de buitenkant van het dammetje langs de wijkwatersloot. Tenminste, áls daar water staat want nu heeft het niet genoeg geregend. Ook op de noordoost hoek van de tuin staat geen water in de wijkwatersloot. Ik kan vier monsters nemen uit de poelen en een uit de pomp in de bijentuin.

Fietswrak

Intussen is het gestopt met regenen. In de bijentuin ruim ik nog een hazelaarstruik langs de waterpomp op. Daarna loop ik de buitenkant van de houtwal na met een heggenschaar en een kniptang. Eigenlijk alleen om een klein stukje te fatsoeneren maar knipwerk is verslavend. Eerst even dit stukje, dan dat erbij en dan ook maar dat stukje en zo verder. Langs het pad ligt een fietswrak. Een dame die de hond aan het uitlaten is weet dat het wrak er gisterenavond nog niet lag. Na nog een paar kleine stukjes brandnetels wegknippen ruim ik het wrak op en zet het achter de container. Er liggen al twee kapotte kruiwagens. Binnenkort moeten we maar een aanhangertje regelen en het oud ijzer wegbrengen.

Late guldenroede

Wil is toch komen opdagen en gaat de messenbalkmaaier open schroeven. Hij is een boodschappenlijstje aan het maken van onderdelen en onderhoudsmiddelen die we nodig hebben om de machines zelf bij te houden. Tot nu toe hebben we dat laten doen maar we zijn niet tevreden over de kwaliteit. Ik maai met de bosmaaier stroken in de buurt van de noordelijke poel waar Late guldenroede groeit. Deze plant is in het verleden door enthousiaste imkers aangeplant omdat het een goede plant voor hun honingbijen is. Maar het is een woekeraar die over de bloemrijke graslandjes trekt en ze verandert in eenzijdige plakkaten Late guldenroede. In juni hebben we de stroken afgedekt met maaisel. Dat helpt maar we moeten de meeste plekken met landbouwplastic een groeiseizoen lang verstikken. We weten dat dat werkt en de hoekjes die overblijven kunnen we behandelen met wat vaker maaien. Enthousiasme levert niet automatisch goed groenbeheer op. Tegen twaalven ruimen we alles op en gaan op bezoek bij voorzitter Kees. Die zit thuis te revalideren van een heupoperatie en we willen weten hoe het met hem gaat.

Bijentuin voor

bijentuin na

 

 

 

 

 

 

 

Zaterdag 29 juli 2017: apparatentest

Mooi afwisselend zomerweer vandaag. Ik heb van thuis een flinke luchtcompressor meegenomen. Handig om de maaimachines schoon te krijgen. Maar eigenlijk willen we bekijken hoeveel power onze kleine generator kan leveren. Als die geen problemen heeft met de 1400 watt die de compressor vraagt dan kunnen we er aan gaan denken om eens een elektrische kettingzaag te testen. Elektrische kettingzagen hebben minder vermogen dan onze motorkettingzaag maar het scheelt enorm in de uitstoot van dampen en vooral in lawaaioverlast. We werken nu eenmaal pal naast een woonwijk. Met minder machinevermogen duurt het langer voordat een boomstam door is. Maar dat beetje extra tijd is voor ons geen probleem. De lichtste elektrische kettingzaag die wij zouden moeten testen vraagt minder dan wat de compressor kan leveren. We sluiten alles aan, starten de generator en wanneer die loopt is de compressor aan de beurt. Blobberdeblobblob.... De generator valt stil. Daarna kunnen we proberen wat we willen maar hij wil niet meer aanslaan. Wil en Wim stropen de mouwen op, pakken de dopsleutels en al snel lijkt het gras bij de container op een kleine werkplaats.

strimmer

Ik knip ondertussen wat wilgen en rode kornoelje weg aan de rand van de bijentuin. Wanneer ik met de strimmer de overgebleven bramen en riet weg wil halen zit ik na een minuut zonder strimdraad. In de container ligt ook niets meer. Dan de bosmaaier maar. Die doet als vanouds dienst en al snel is weer een stukje bijentuin opgeruimd. De bijen zijn zenuwachtig vandaag want ik wordt twee keer gestoken terwijl ik toch niet in de buurt van de bijenstal bezig ben. Ik ben blij dat de honingbijen volgend jaar weg zijn.

De tuin barst van het leven

Terug bij de container hebben Wim en Wil de generator weer aan de praat gekregen. De filters zijn vuil en er moet een nieuwe bougie in. We hebben inmiddels een aardig boodschappenlijstje van onderdelen en biologisch afbreekbare smeermiddelen voor de maaimachines. Voorzitter Kees komt langs en we bespreken de afbouw van de bijenhouderij. Daarna lopen we nog een rondje door de tuin. Op de lage noordelijke veldjes komen steeds meer Kattenstaarten op. Paarse pluimen in het groene gras. Ook de Berenklauwen (witte schermen), Wederik (goudgeel) en het oud rose Koninginnenkruid geeft nazomerkleur aan de tuin. Overal waar je stilstaat zien we kleine gele, blauwe en witte bloemen. Overal kruipen jonge kikkertjes en padjes, overal scharrelen en vliegen insecten. De tuin barst van het zomerleven.

Noordelijke poel deze weekNoordelijke poel vorige week

 

 

 

 

 

 

 Zaterdag 22 juli 2017: Opruimklusje

Het wordt warm vandaag dus ik begin meteen aan het wekelijkse opruimklusje in de bijentuin. Elke week doen we hier wat voorbereidend werk voor het bijentuinproject. Dat project begint pas echt dit najaar, samen met nog enkele andere klussen. Maar nu we de tijd hebben maken we elke week alvast wat ruimte voor de mooie natuurlijke begroeiing die wij hier willen hebben.

Rijke bloei

Na een tijdje komt voorzitter Kees binnen. Hij heeft samen met Wil en penningmeester Ton een gesprek gehad met de gemeente over ondersteuning voor onze projecten. Het gesprek is gunstig verlopen en we zijn tevreden. We lopen een rondje door de tuin. Op de noordelijke veldjes bloeien meer Kattenstaarten dan ik hier ooit bij elkaar heb gezien. Ik denk dat ook dat komt doordat de veldjes vorig jaar lang onder water hebben gestaan. De zaden van veel planten zijn hierdoor goed verspreid. We hebben recordaantallen bloeiende Egelboterbloem, Pinksterbloem, Echte koekoeksbloem, Moeraswalstro en nu dus Kattenstaart in de tuin. En dat zijn alleen nog maar de opvallende bloeiers. Ook allerlei Russen, Zeggen en Biezen doen het goed.

Natuurverschijnsel in poel

Vorige week verwonderden wij ons over de noordelijke poel. Die kleine poel was daarvoor bijna droog gevallen. Door flinke regenbuien was hij in korte weer tot over de rand gevuld met regenwater. De drijvende plak begroeiing die normaal op de poel ligt was verdwenen. Overspoeld door het snel stijgende water. Nu is die drijvende begroeiing weer terug. Weliswaar gehavend door de dagen onder water maar toch bedekt hij nu weer de hele poel. Een natuurverschijnsel dat we nog niet eerder hebben gezien.

Rustige dag

Wil gaat kijken of de zoekkaarten die wij hebben goed te gebruiken zijn om wilde bijen en vlinders op naam te brengen. Intussen ga ik de plantensoorten noteren die in bloei staan. Een vader loopt met zijn dochtertje de tuin binnen en ze zwerven een uurtje op hun gemak door de tuin. Het is geen weer om je druk te maken. We drinken koffie en het laatste uurtje bestuderen we de messenbalkmaaier en wat er nodig is om zelf het onderhoud te doen.

pad langs natuurtuinZaterdag 15 juli 2017: Waterpeil gestegen

Mooi weer. Afgelopen week zijn er stevige regenbuien gevallen. Toch verbaasd het me hoe hoog het water in vooral de noordelijke poel staat. Vorige week stond er nog maar een bodempje water in. Nu is hij vol en staat is het water zelfs op het lage stukje ernaast. Ook in de zuidelijke poel staat weer water. Opvallend dat in allebei de poelen veel kroos ligt. De zuidelijke poel is er zelfs helemaal mee bedekt.

Een grazend ree

Ik zaag de laatste stammen van een Hazelaarstruik weg aan de voorkant van de bijentuin. Met de takken vul ik het houtwalletje aan. Vanaf het wandelpad langs de tuin kan nu vrij naar binnen worden gekeken. Ik wil aan de buitenkant van dat houtwalletje een strook van een meter of twee maaien met de messenbalkmaaier. Voor het natuurbeheer is dat niet noodzakelijk maar het oog wil ook wat. Vanuit de container waar de maaimachines staan zie ik ineens een ree. Op zijn dooie gemak staat het te grazen op een paar meter afstand. Ik probeer het op de foto te zetten maar krijg geen scherp beeld. Het ree heeft mij nog steeds niet in de gaten en ik schuifel voorzichtig naar een gunstige camerapositie. Mislukt. Hij ziet me en springt met reuzensprongen door het hoge gras weg, dieper de tuin in.

De bijentuin opruimen

Wim gaat verder met het opruimen van de bijentuin. De bijentuin staat vol planten en struiken die er in de loop der jaren door de imkers zijn ingezet. Gunstig voor de honingbijen maar funest voor de inheemse natuur. De nieuwe opzet van dit stuk natuurtuin bestaat dan ook voornamelijk uit omzagen en uitgraven. Gelukkig hebben we de tijd en hoeven we elke week maar een stukje te doen.

Gecultiveerde buitenkant

Aan de buitenkant van de tuin snoeit Wil de struiken terug die ver over de houtwal groeien. Ik wil daar beginnen maar de messenbalkmaaier weigert dienst. Dan de gazonmaaier maar. Met die maaier in de hoogste stand lukt het klusje ook. Wanneer Wil en ik klaar zijn ziet de natuurtuin vanaf de zuidelijke punt tot aan de poort er een stuk gecultiveerder uit. Zoals gezegd; voor het natuurbeheer is dit niet nodig maar hier sluit de tuin aan op de woonwijk. Wanneer we de houtwal een paar keer per jaar bijwerken is de overgang naar de nette tuinen wat minder groot.

Boze imker

Ik wil de rest van de ochtend bloeiende planten noteren. Voorzitter Kees komt aan en we bespreken bijenstal en de samenwerking met de imker. Die is het, begrijpelijk, niet eens met de omvorming van de bijentuin naar inheemse begroeiing en moppert op elke stap die wij zetten. Voorzitter Kees wil mijn mening hierover weten en wanneer we daarmee klaar zijn is het twaalf uur. Wil heeft intussen de messenbalkmaaier weer aan de praat gekregen. Een groepje van vijf jongetjes wil in de natuurtuin komen spelen maar we moeten ze teleurstellen. Volgend keer eerder komen.

BeekjufferZaterdag 8 juli 2017: Paden maaien

Na twee verregende zaterdagen hebben we vandaag mooi weer. Ik ga met de gazonmaaier over de graspaden. De aangroei van gras op de paden is onregelmatig. Op drogere stukken is het gras nauwelijks gegroeid. De plekken met meer vocht zijn onmiddellijk te herkennen aan de dichte begroeiing die centimeters omhoog is gekomen.

Bijentuin wordt vriendelijk

Na het maaien zaag ik nog een paar struiken en takken weg aan de voorkant van de bijentuin. De voorkant is nu bijna helemaal open en het ziet er nu al een stuk vriendelijker uit. Wandelaars kunnen nu direct bij ons binnenkijken. We kunnen elkaar zien en de meesten groeten terug.

Planten kijken

Ik begin weer van voren met het noteren van planten die in bloei staan. Dat gebeurt elke maand zodat we een idee krijgen hoe massaal en wanneer verschillende planten bloeien. Vandaag begin ik met de makkelijke soorten. Die kan ik zonder opzoeken opschrijven. Later doe ik de moeilijkere soorten waarvoor ik wat boekjes nodig heb. Helemaal op het eind probeer ik namen te vinden bij planten die ik niet goed ken. Zeker in het hoogseizoen, wanneer er veel in bloei staat, lukt het niet om alles op naam te brengen.

bijenzwermpjeInsecten kijken

Wim gaat verder in de bijentuin. Hij begint met het uitgraven van een buxushaagje, een merkwaardig overblijfsel uit de begintijd van de natuurtuin. Wil gaat met een zoekkaart de tuin in om wilde bijen op naam te brengen. Intussen is Roel de libellenspecialist binnengekomen. Ook hij trekt door de tuin en noteert weer 5 nieuwe soorten. Dankzij Roel hebben wij nu al een lijst van 18 libellensoorten die in de natuurtuin voorkomen. Even later komt insectenkenner Wil van Berkel aangelopen. Ik had hem gevraagd of hij insectenfoto's kon leveren voor onze open dag in augustus. Helaas heeft hij computerproblemen en moet hij nog zien zijn gegevens terug te krijgen. Zo is de tuin vandaag gevuld met speurders en opschrijvers.

Biodiversiteit aan het werk

Wil ontdekt een minizwermpje honingbijen. Aan een wilgentak hangt een kluitje bijen niet veel groter dan een vuist. We maken een foto en laten het zwermpje met rust. Het zwermpje zal een plek moeten vinden om een nest te bouwen. We verbazen ons over de aantallen vlinders en andere insecten die we zien. Het lijkt er op dat ons groenbeheer (biodiversiteit bevorderen) aardig begint te werken. Vooral tijdens warm en zonnig weer is dat te merken. Een paar jaar geleden moesten we zoeken naar vlinders. Op een dag als vandaag zien we op een rondje ruim 20 vlinders van verschillende soorten. Pal naast het pad zie ik een Kleine vuurvlinder die sloom bewegend op een Kattenstaart zit. Ik denk dat hij nog maar uit zijn cocon gekomen is. Anders zou hij allang weggevlogen zijn.

Kleine avonturiers

Tegen twaalven komt een moeder met kinderen de tuin in. Ze vragen of ze beestjes mogen scheppen. Door de droogte is er een stop op beestjes scheppen door grote groepen maar een paar kinderen kan geen kwaad. We leggen uit dat we nu gaan sluiten en op welke tijden ze wel kunnen scheppen. Het komt de laatste tijd vaker voor dat groepjes kinderen de tuin binnen wandelen. Ook nu moeten we even rondlopen om wat kleine avonturiers te zeggen dat we dicht gaan.

werk aan de bosrand

Zaterdag 1 juli 2017: Regen. Dit zal geen lange dag worden. In regenpak maak ik een rondje langs de poelen en neem watermonsters. Daarna knip ik wat takken weg aan de buitenkant van de bijentuin. Alle hoge begroeiing gaat hier weg. We willen dat vanaf het wandelpad langs de natuurtuin tot aan de bijenstal vrij zicht naar binnen is. Dit najaar beginnen we pas met het aanpakken van de bijentuin maar we hebben nu tijd genoeg en ruimen alvast kleine stukjes op. Vandaag doe ik niet veel. Na een half uurtje hou ik er mee op. Werken in een regenpak is best irritant.

Eigenlijk was mijn plan om vandaag planten te noteren. Een klusje dat het hele groeiseizoen doorgaat. Elke maand maak ik een nieuwe lijst en zo krijgen wij inzicht in wat er groeit en hoe de tuin zich ontwikkelt. Ik heb daarvoor een paar boeken nodig en met alle nattigheid gaat dat niet werken vandaag. Voorzitter Kees komt langs. We hebben een paar projecten (o.a. aanplant van een buitenhaag en uitbaggeren van de poelen) aangemeld bij de gemeente. Wij krijgen alleen geld voor het reguliere onderhoudswerk. Voor aparte projecten moeten wij extra geld aanvragen. De aanvraag is afgewezen omdat hij niet binnen de voorwaarden past of op de verkeerde manier is aangevraagd of zoiets.

Daarnaast bespreken we het idee om volgend jaar in de bijenstal een groot educatief bijenhotel te maken. We zouden met zo'n bijenhotel de natuurtuin een stuk interessanter en leerzamer voor bezoekers maken. Ondertussen komen we bij de bosrand langs het elzenbosje. Kees vindt de rij stammen die wij op anderhalve meter hebben afgezaagd geen gezicht. Mooi of lelijk is een kwestie van smaak. We hebben hier bomen gekapt en een deel van de stammen het bos in gesleept, Een ander deel van de stammen ligt vóór het bosje in het gras. Van een aantal stammen hebben we een stuk van ongeveer anderhalve meter laten staan. Door het hout op verschillende manieren (Nat of droog. Donker of licht. Liggend of staand) te laten afsterven wordt het voor verschillende organismen bruikbaar. Met weinig moeite maken wij veel variatie.

Kees gaat weg en tegelijk komt Wil binnen. Het wordt drukker dan ik had verwacht maar we hebben geen zin meer om nog te gaan werken. We wandelen rond en bekijken wat we nog willen veranderen in de bijentuin. Dan houden wij het voor gezien en sluiten af.

drie ooievaarsZaterdag 24 juni 2017: Het is al weken kurkdroog, afgelopen week was het bloedheet en nu een heerlijke koele twintig graden. Het ziet er zelfs naar uit dat we wat regen krijgen dus pak ik meteen de gazonmaaier. Nadat ik de paden heb gemaaid zet ik de gazonmaaier in de hoogste stand en probeer of ik het hoge gras van de bijentuin kan maaien. We hebben hier de laatste tijd niet zoveel gedaan. Wat struiken weggehaald en stroken met Late guldenroede (een schadelijke woekerplant) afgedekt met maaisel. De rest is behoorlijk uitgegroeid en dat kan ons komend najaar hinderen als we dit stuk opnieuw gaan inrichten. Tegen mijn verwachting lukt het vrij makkelijk om de hoge begroeiing te kortwieken. Ik pak er een paar stukjes bij waar ik nog Late guldenroede heb ontdekt. Ik denk dat we nog jaren bezig zijn om deze plant weg te krijgen. Daarna haal ik nog een paar meter brandnetels en struiken weg aan de voorkant. Er kan weer vanaf de buitenkant de tuin ingekeken worden. Eigenlijk gaan we dit najaar pas echt beginnen met de aanpak van de bijentuin. Maar omdat we zo goed bij zijn met ons onderhoud kunnen we nu elke zaterdag kleine stukjes vooruit werken. Zo hebben we het in de herfst makkelijker.

Wim loopt de paden na en knipt de bramen en brandnetels weg. Wil werkt intussen met een bijltje enkele boomstompen bij die opnieuw zijn uitgelopen. Wanneer hij merkt dat er vlakbij een wespennest in de grond zit houdt hij er maar mee op. De media hebben een tijdje terug een wespenplaag voorspelt maar dit is het eerste nest dat we dit jaar zien. Intussen miezert het een paar keer zonder echt door te regenen. Het waterpeil in de grote poel is erg laag. De noordelijke en de zuidelijke poel staan bijna droog. Ik heb moeite moeten doen om daar nog watermonsters uit te krijgen. Komende week komen twee groepen van 30 kinderen waterbeestjes scheppen. We besluiten dat we die twee groepen nog toelaten. Dan gaat de poel op slot tot het waterpeil weer flink hoger is. Het veld te noorden van de natuurtuin is deze week gemaaid. Wanneer we hebben afgesloten fietsen we er langs om ze eens te bekijken. Midden op het veld staan drie ooievaars. Ik heb de laatste jaren wel eens een ooievaar in de buurt van Helmond gezien maar hier nog nooit. En nu staan er ineens drie bij elkaar. Ook aan de andere kant van de tuin wordt er op dit moment gemaaid. Misschien zijn de ooievaars daar op afgekomen omdat er nu allerlei muizen en andere kleine graslandbewoners onbeschermd rondlopen. De drie ooievaars staan op een rij en doen verder niks. Wachten totdat er eten langs komt lopen denk ik.

grote poelZaterdag 17 juni 2017: Wat een kalmte. De afgelopen drie zaterdagen zijn we bezig geweest met hooien en we hebben veel bezoek gehad. Het IVN heeft een cursusdag in de tuin gehouden, vorige week hadden we een waterweekend en we hebben met allerlei mensen gesprekjes gehad en plannetjes gemaakt. Door de helpers bij het hooien is de eerste maaibeurt in recordtijd afgerond. We hebben nu meer tijd voor de monitoring. Naast het groenonderhoud kijken we wat er in de natuurtuin allemaal leeft. Die monitoring is belangrijk om het effect van ons onderhoud in de gaten te houden.

Ik ga planten noteren. Met de spullen op Tinekes Bankje zoek ik naar bloeiende planten, kijk welke soorten het zijn en schrijf ze op. Wanneer ik de naam niet (zeker) weet ga ik op het bankje zitten en pak de boeken en loep erbij. Het is bewolkt maar lekker warm en de vogeltjes fluiten. Wat mij betreft blijf ik hier tot 12 uur mee bezig. Wim komt binnen. Eigenlijk om zich af te melden want hij heeft straks een bijeenkomst met het zangkoor. We lopen een rondje door de tuin. Bij de Vogelkersen zijn alle Stippelmotjes verdwenen. Vorige week heb ik nog honderden motjes op de foto gezet die net waren verpopt. Het spinsel dat de bomen nog helemaal bedekt zal de komende weken weg regenen. De kaalgevreten Vogelkersen hebben al weer nieuw blad gemaakt.

Wim is naar het zangkoor en ik zoek weer naar plantennamen op het bankje. Een dame komt binnen met een vraag. Ze volgt een cursus met planten en vraagt of zij in de natuurtuin kan komen oefenen in planten determineren. Wil is er ook en we kletsen wat over de cursus en de natuurtuin. Uiteindelijk spreken we af dat ze kan oefenen wanneer ze wil. Ze zal de boeken die zij gebruikt een volgende keer meebrengen. Ik loop ook met Wil nog eens rond. Bij het elzenbos zien we dat enkele gekapte Elzen weer uitlopen. We willen de begroeiing hier open houden dus gaat Wil op zoek naar een kapmes. Hij vindt er een en gaat de boomstompen bijwerken. Intussen staan twee jongetjes op de brug waterbeestjes te scheppen. Ze vangen niet veel maar ik zie toch Stekelbaarsjes en allerlei larven en kevertjes. Ik noteer nog een paar planten en iemand komt nog een paar potten honing halen. Dan loopt het al aardig tegen twaalven. De jongens gieten de gevangen beestjes terug en wij sluiten af.

SalamanderlarveZaterdag 10 juni 2017: Vandaag wordt het weer druk in de tuin. We moeten het laatste restje maaisel van de eerste maaibeurt opruimen en het IVN gebruikt de tuin voor de jaarlijkse slootjesdag. Maandag heb ik de heuvel bij de grote poel en het stuk achter de bijenstal gemaaid. Ik haal vlug het maaisel weg aan de poelkant van de heuvel. De IVN-jeugd gaat straks vanaf die plek waterbeestjes scheppen. Het hooi is ook deze keer goed gedroogd. Na een half uurtje heb ik zelfs alle maaisel op een hoop geharkt.

We helpen het IVN met het klaarzetten van de spullen bij de poel. Daarna gaan we het maaisel achter de bijenstal opruimen. We zijn met zijn vieren vandaag. Wil, Wim, ik en Rinus die ons vandaag helpt met hooien. Niet zo'n grote club als de vorige twee zaterdagen maar het gaat om de laatste restjes van deze maaibeurt. Het is te merken dat er veel voedingsstoffen in de grond zitten waar de oude afvalhoop was. Van de relatief kleine oppervlakte komt een flinke vracht maaisel. We gooien het op de strook in de bijentuin waar de de Late guldenroede hebben gemaaid en proberen weg te houden.

We zijn snel klaar en gaan naar de heuvel om de berg maaisel op te ruimen die daar nog ligt. De IVN slootjesdag is in volle gang. De brug en de heuvel zijn bezet door enthousiaste jonge en oude beestjesscheppers. Er zit een indrukwekkende verzameling waterdieren in de plastic bakken. Wij rijden de berg maaisel naar de strook langs de wilgen om ook daar Late guldenroede af te dekken.

We zijn net klaar wanneer iemand van de Helmondse Dierenparken binnen komt. Hij komt kijken of het maaisel van de natuurtuin geschikt is om als diervoer te gebruiken. Het maaisel dat wij niet kunnen gebruiken (vooral in de nazomer is dat veel) wordt nu afgevoerd en gecomposteerd. Als dat door de Helmondse Dierenparken gebruikt kan worden is dat een veel betere bestemming dan compost die ergens op een plantsoen terecht komt. We bekijken het maaisel en de graslandjes waar het van af komt. Uiteindelijk spreken we af om in september twee of drie aanhangers gedroogd maaisel te leveren en te bekijken of de beesten het willen eten.


ivn cursisten aan het werk

Zaterdag 3 juni 2017: We boffen met het weer. De hele week is het droog en warm geweest. Het maaisel van vorige week is goed gedroogd. Dat scheelt veel sjouwwerk bij het hooien. Het wordt vandaag druk in de tuin. De regionale natuurgidsenopleiding van het IVN komt met een kleine 30 cursisten een praktijkdag houden in onze tuin. En er komen, net als vorige week, een paar extra vrijwilligers helpen bij het hooiwerk. Ik maai snel de graspaden. Dat hebben we een paar weken geleden voor het laatst gedaan en nu is het echt nodig. Na een half uur liggen de paden er weer netjes bij. Niet veel later komen de eerste IVN-ers binnen lopen en na een half uurtje is het aardig druk bij de container.

Rond negenen begint de cursus. Er worden wat welkomstwoordjes gesproken en dan wordt de groep in vieren gedeeld. Om de beurt voeren de groepjes cursisten opdrachten uit op verschillende plekken in de natuurtuin. Er worden waterbeestjes geschept op de grote houten brug. Een andere groep is dan bij de zuidelijke poel bezig met het bestuderen van waterplanten. De derde groep bekijkt met verschillende technische hulpmiddelen de waterkwaliteit. Een vierde groepje krijgt een korte rondleiding door de natuurtuin waarbij wat wordt vertelt over het hoe en waarom van het beheer. De verwachte onweersbuien blijven uit en de natuurtuin is vandaag het meest intensief bestudeerde Helmond. Ik leid twee keer een groepje cursisten rond. Daarna wordt dat overgenomen door een cursusbegeleider en kan ik naar de hooiers om te kijken wat er nog te doen is.

Ik tref de hooiers bij de container terwijl ze bezig zijn hun spullen op te ruimen. Er valt niks meer te helpen want ze zijn al klaar. Net als vorige week heeft het ploegje fantastisch doorgewerkt en Wil, Wim en de drie helpers van deze week gaan aan de koffie. Ik doe mee en we babbelen wat in de container. De meesten stappen na de koffie op en ik loop met Wil nog een rondje door de tuin. We hebben nu alle tijd en de IVN cursus is na een korte pauze weer in volle gang.

Onderweg naar de houten brug treffen we Roel. Hij komt dit seizoen een aantal keren in de tuin kijken welke libellen hij kan vinden. Vandaag is de eerste keer en hij is niet ontevreden. Tot nu toe heeft hij 13 verschillende soorten libellen gezien. Hij komt terug wanneer het wat minder druk is bij de waterkant en er waarschijnlijk nog meer libellen zijn te zien. Bij de grote poel is het inderdaad druk. Mensen lopen rond met schepnetjes en meetinstrumenten. Op de houten brug staan plastic bakken waarin de vangsten worden bewaard. Ik zie een aardige verzameling waterbeesten variërend van slakken en insectenlarven tot stekelbaarsjes en een salamanderlarve. We krijgen later een uitvoerig verslag zodat we de gegevens bij die van ons kunnen voegen. Zo krijgen we een steeds gedetailleerder beeld van het waterleven. Dat is belangrijk omdat we de poelen willen laten uitbaggeren. We willen dan goed in de gaten houden wat het effect van die ingreep op het waterleven is.

Dit is een superdag voor onze tuin geweest. Dankzij de extra vrijwilligers is het hooiwerk in recordtijd klaar. Volgende week hoeven we alleen nog maar de heuvel bij de grote poel en een stuk bij de zuidelijke poel te doen. Dan is de eerste maaibeurt van het jaar helemaal klaar. Roel heeft een vliegende start gemaakt met het inventariseren van de libellen. Bovendien is de tuin vandaag intensief gebruikt door de regionale IVN opleiding. De natuurtuin heeft zijn functie als open lucht klaslokaal vandaag helemaal waar gemaakt.

hooiwerkZaterdag 27 mei 2017: De hele week is het al droog en warm. Vandaag wordt het tropisch. Afgelopen maandag heb ik de eerste veldjes gemaaid. De helling bij de ingang, het veldje achter de heuvel, het lage noordelijke veldje en de strook bij de knotwilgen. In de kruidentuin heb ik een paar stroken met Late guldenroede gemaaid. Vandaag beginnen we die stroken af te dekken met maaisel. Eigenlijk was ik van plan om vanmiddag na het hooien de andere veldjes te maaien. Vanwege de verwachte hitte doe ik dat niet en begin extra vroeg. Om 6 uur start ik de messenbalkmaaier. Twee uur later heb ik de overloop van de grote poel (inclusief de randen), het veldje daarnaast en een stuk aan de zuidkant van de houten brug klaar. Onderweg terug naar de container begint de messenbalkmaaier te sputteren. De benzine is op. Ik heb alle maaiwerk tot nu toe met één tank benzine gedaan. Ik schat dat deze maaibeurt in totaal minder dan 5 liter benzine gaat kosten.

Net als voorgaande jaren sla ik stukken over die net volop in bloei staan. De planten hebben dan tijd om zaad te produceren en zich verder te verspreiden over die delen die wel gemaaid zijn. Ook voor insecten die afhankelijk zijn van de planten is het beter om niet alles in een keer plat te maaien. De stukken die goed in bloei staan worden steeds groter. Een teken dat de graslandjes zich goed ontwikkelen en steeds bloemrijker worden.

Kort na 9 uur druppelen de helpers binnen. We hebben rondgevraagd of er mensen waren die het leuk vonden om een handje te komen helpen bij het hooien. Vandaag maken we een vliegende start met maar liefst 6 hulpkrachten. Het is zelfs even zoeken naar gereedschap omdat ook nog een van de hooiharken kapot blijkt te zijn. Samen met mijzelf, Wil en Wim werken we op een gegeven moment met 9 mensen tegelijk. De ene na de andere kruiwagen wordt op de dumpplekken met Late guldenroede geleegd. Op het ongelooflijke tijdstip van 11 uur is het werk af. Het maaisel dat ik vanmorgen geproduceerd heb blijft nog een week drogen. We nemen afscheid van onze lieve helpers en hopen dat ze het leuk genoeg vonden om nog eens terug te komen.


 


 
Stichting Natuurtuin Helmond

Cookies helpen ons onze services te leveren. Door onze services te gebruiken, geeft u aan akkoord te gaan met ons gebruik van cookies. OK